Ad Valvas 1967-1968 - pagina 37
^\^J>,'S't^>.
ad valvas
WEEKBLAD VAN D E CIVITAS ACADEMICA DER VRIJE UNIVERSITEIT
de rectorale rede
Citaten uit „De lotgevallen van de Vrije Universiteit gedurende het academisch jaar 1966I196J", rede door de rector magnificus mr. W. F. de Gaay Fortman, uitgesproken op 20 september 1967.
I
Het is niet eenvoudig in dagen als wij beleven zich te zetten tot een beschouwing van de lotgevallen onzer universiteit in het jaar, dat met de klokslag van half vier deze middag eindigde. Bij wat er om ons heen gebeurt schrompelen onze eigen lotgevallen in tot een „tres petite histoire". De oorlog in Vietnam - de verkeerde oorlog op de verkeerde plaats, zoals C. L. Patijn hem eens treffend genoemd heeft - woedt voort. Voor de toestand in het Midden-Oosten klinkt het woord wapenstilstand als minder dan een eufemisme. De Nigeriaanse federatie dreigt ten onder te gaan aan een stammenstrijd. In Griekenland is een militaire dictatuur gevestigd, die het waagt de dag, waarop zij optrad, op de poststempels de „rebirth of the nation" te noemen. Ernstiger nog is de toestand in de Verenigde Staten. Daar wordt thans nl. de politiek van een waarachtig samenleven van zwarte en blanke burgers niet meer alleen bedreigd door een betrekkelijk kleine groep van blanke segregationisten, maar ook door een nieuwe ideologie, die van „black power", die oproept tot strijd voor een zelfstandige zwarte macht. Men kan de noodlottige betekenis van wat Rap Brown en zijn medestanders voorstaan moeilijk overschatten. Immers, hier wordt van zwarte zijde apartheid gepredikt en aldus aangestuurd op een verdeling van de wereld naar de lijnen van ras en kleur. Wie de diepe betekenis van de eenheid van het menselijk geslacht gezien heeft voor het streven naar een rechtvaardige internationale orde kan over dit verschijnsel niet anders dan zeer bezorgd zijn. Die rechtvaardige internationale orde vraagt de inspanning van alle mensen. Het streven haar te bereiken wordt zinloos, wanneer ras en huidskleur de principiële scheidslijnen in de wereld zouden worden. Vaak zijn in deze dagen onze gedachten bij onze eredoctor Martin Luther King, die zijn ideaal een waarachtig vreedzaam samenleven der rassen blijft hoog houden. Ik ben mij bewust, dat u vanmiddag niet hier gekomen zijt om beschouwingen over de politieke en maatschappelijke situatie in de wereld aan te horen. Toch meende ik een verwijzing daarnaar niet te mogen nalaten. Als kinderen van onze tijd houden de daarachter liggende vragen ons bezig. Soms dreigen zij ons af te houden van ons werk. Ik heb nog eens nagelezen wat V. H. Rutgers in zijn rectorale oratie van 1940 zei over de invloed van de wereldoorlog op de wetenschappelijke arbeid. Ik meen, dat dit ook in onze omstandigheden van toepassing is. Wij
15e JAARGANG
Nr. 3
6 oktober 1967
hebben de roeping ons aan de wetenschap te wijden en de waarheid te zoeken. Die roeping behoren wij te vervullen, ook al is er veel in de wereld om ons heen, dat ons aangrijpt en benauwt. Met ons onderwijs en onderzoek willen wij land en volk, ja de wereld in haar geheel dienen. Wij mogen ook hopen op vrucht, soms spoedig, vaak eerst in verre toekomst, mits wij doen wat ons opgedragen is. promoties Het vorige jaar heb ik van bezorgdheid blijk gegeven, toen ik verslag deed van de promoties. Ik ben toen te haastig geweest. Blijkbaar wordt het aantal promoties door grillige factoren bepaald, want dit jaar steeg het van 16 op 33. De verdeling was theologie 7 (i), rechtsgeleerdheid geen (3), geneeskunde 5 (2), wiskunde en natuurwetenschappen 8 (5), letteren 3 (o), economie 4 (3), sociale wetenschappen 6 (i), wijsbegeerte o (i). onderzoekingswerk De proefschriften brengen een deel van het aan de universiteit verrichte onderzoek in de openbaarheid. Er geschiedt natuurlijk en gelukkig veel meer. Ik kan niet nalaten een voorbeeld te noemen het onderzoek van de afdeling politicologie van ons Sociaal-Wetenschappelijk Instituut, De Nederlandse kiezers in igój, een rapport, dat niet in de laatste plaats de aandacht heeft getrokken door zijn snelle en degelijke afwerking. Men heeft het rapport ook geprezen om zijn objectiviteit. Met die lof ben ik niet erg ingenomen. Dat wetenschappelijk onderzoek objectief geschiedt en dat de gegevens objectief worden bewerkt, spreekt vanzelf, want het gaat in de wetenschap om de waarheid. Ik weet wel, dat bij onderzoek persoon, karakter, intuïtie en levensbeschouwing van de onderzoeker meespelen, zoals H. R. Hoitink in een debat met J. P. Kruyt een 15-tal jaar geleden zo meesterlijk heeft uiteengezet. Maar wanneer men een onderzoek als objectief roemt, bedoelt men in de regel, dat de onderzoeker bepaalde feiten niet heeft weggeïnterpreteerd. Dat nu is geen deugd, maar een praemissie voor ieder onderzoek, dat zich met de naam wetenschappelijk tooit. Daarin is geen verschil tussen een openbare en een bijzondere universiteit. Iemand, die meent, dat wij bij ons onderzoek uit zijn op het bereiken van resultaten, die in bepaalde wijsgerige, theologische, staatkundige of maatschappelijke schema's passen, overschrijdt de grenzen der betamelijkheid. Ik moet hieraan helaas nog iets toevoegen over een betreurenswaardige ervaring met de pers. Het is voorgekomen, dat een dagblad door een indiscretie een voorlopige versie van een rapport van bij ons verricht onderzoek in handen kreeg en dat publiceerde als ware het een voor publicatie vrij gegeven rapport. Ik acht dat onbehoorlijk, even onbehoorlijk als het gedrag van de tipgever, die het concept terecht onder zich had, doch tevens wist, dat het een niet voor publicatie bestemde eerste proeve van een rapport was. Ons onderzoekingswerk zou nog verdiept en uitgebreid kunnen worden. Te veel geschiedt het nog in de beslotenheid van een of van enkele onderzoekers. Nodig is coördinatie, opdat onderzoekers, die vanuit verschillend gezichtspunt met hetzelfde vraagstuk bezig zijn, met elkaar in contact kunnen worden gebracht. Vervolgens zou een zeker centraal dienstbetoon in verband met onderzoek kunnen worden georganiseerd, vooral nu zoveel onderzoek met ingewikkeld rekenwerk gepaard gaat. Tenslotte
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1967
Ad Valvas | 356 Pagina's