Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 190

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 190

6 minuten leestijd

punten) als vertikaal (dus studierichtingsgewijze) met alle geledingen wordt doorgesproken.") AV: Ga je er vanuit dat curatoren dat met opzet hebben gedaan? L: Nee, niet met boos opzet. AV: Heb je het idee dat deze procedure een doodlopende straat is? L: De gevolgen zijn nogal fataal. Als de nota wordt uitgewerkt en als pas daarna de discussie over de uitgangspunten plaats heeft, dan is het toch logisch dat de adviezen uit de faculteitsgewijze discussie niet uitgaan van een duidelijk omschreven begrip van de doelstellingen van de universiteit. In een normale discussie praat je eerst over de doelstellingen en pas daarna ga je ze uitwerken. Daarbij komt dat minister Veringa de discussietermijn te kort houdt; vóór 1 juni verwacht hij de faculteitsadviezen. Daarom is er geen tijd meer je op de uitgangspunten te concentreren. AV: Wat is daar nu nog aan te doen? L: De discussie, die helemaal op Posthumus is geconcentreerd, moet daar nu nog van losgemaakt worden. Je kunt de discussie over onderzoek, onderwijs en bestuur niet los van elkaar zien. Neem nu de faculteit van Wis- en natuurkunde: de consequentie van Posthumus' voorstellen is dat er geen student-assistenten meer zullen zijn, dat bemoeilijkt zowel onderzoek als bestuur, omdat de hoogleraren nog weer zwaarder worden belast.

AV: Is een discussie zoals jij die op het oog hebt nog vóór juni te voeren? L: Nee, natuurlijk niet, zoiets heeft jaren nodig. Het standpunt van minister Veringa is dat hij nu beshssingen wil nemen en in dit kader voelt hij blijkbaar niets voor experimenten, om aan te tonen dat studieduurverkorting en handhaving van een hoog onderwijspeil bijv. best kunnen samengaan. Tot nu toe is er altijd zonder voorafgaande overweging van de doelstellingen geëxperimenteerd. Een ideale voorbereiding van de herstructurering zou in drie fasen moeten verlopen. De eerste zou inhouden dat alle faculteiten zich grondig beraden over de doelstellingen van onderwijs en onderzoek, met behulpvan studie en debatten. De tweede fase zou zich richten op uitwerking daarvan in reéle experimenten, die zoveel mogelijk de doelstellingen benaderen. Dat zou moeten gebeuren onder deskundige leiding van een bureau onderwijsresearch. Want dan pas kunnen de resultaten, die in de experimentele fase worden verkregen, werkelijk zinvol worden verwerkt. ^ De derde fase behelst dan de werkelijke herstructurering van de studie- en onderzoekprogramma's. De experimenten krijgen een definitiever karakter. En dat kan dan ook, omdat uit de resultaten van de experimentele periode conclusies getrokken kunnen worden. Het uiteindelijk doel van de herstructurering moet niet zijn een veranderde structuur, maar een veranderlijke structuur. jy

Promotie A. J. Hoff „De Relaxatie van DNA in het overgangsgebied tussen helix- en kluwenconformatie" is de titel van het proefschrift, waarop drs. A. J. Hoff vandaag promoveert tot doctor in de wiskunde en natuurwetenschappen. Zijn promotor is prof dr. Joh. Blok. De dissertatie is als volgt samengevat: Een oplossing van DNA verkeert bij een bepaalde temperatuur in een evenvdchtstoestand, waarbij de moleculen gedeeltelijk van de helix- in de kluwenfase zijn overgegaan. Wordt de temperatuur van de oplossing in deze toestand sprongsgewijze verhoogd, dan neemt de extinctie bij 260 nm van de oplossing toe en bereikt na geruime tijd een nieuwe evenwichtswaarde. Dit relaxatieverschijnsel, waarbij het dubbelstrengige molecuul zich gedeeltelijk ontwindt, werd bestudeerd bij DNA van de bacteriofagen T4 en T7. Voor beide soorten DNA kon de relaxatie van de extinctie beschreven woden door een som van slechts twee e-machten. De twee relaxatietijden waren afhankelijk van de mate waarin het DNA bij de aanvang van de temperatuursprong was gedenatureerd. Enkelen dubbelstreng breuken bleken slechts geringe invloed te hebben op de grootte van de relaxatietijden. Bij afkoeling tot de begintemperatuur keerde de extinctie van het DNA niet volledig tot de uitgangswaarde terug.

2

De gevonden verschijnselen kunnen niet worden verklaard met de bestaande theorie over de relaxatie van DNA. Een nieuw, fenomenologisch model werd ontwikkeld, waarbij werd aangenomen dat de toeneming van de extinctie na een temperatuursprong voor een deel wordt veroorzaakt door een vermindering van de wisselwerking tussen de basenparen in helixgedeelten van het gedeeltehjk gedenatureerde molecuul. Het model leidt tot een beschrijving van het relaxatieproces, die kwalitatief in overeenstemming is met de experimentele resultaten. stellingen 9. De conclusie van Niel, dat voor het transport van de grote menhir van Locmariaquer in Bretagne meer dan 3000 man nodig zijn geweest, berust op een onvoldoende begrip van de mechanica. Niel, F. (1961). Dolmens et Menhirs; Presses Üniversitaires de France, p. 32. 10. Science Fiction literatuur heeft vooral waarde wanneer zij de verhouding mensmachine aan de orde stelt. Het valt echter te betreuren, dat Asimov met het introduceren van de drie wetten der robotica zich tot die gevallen beperkt, waarin de machine volkomen ondergeschikt is aan de mens. Asimov I. (1968). I, Robot; Panther Books, London. personalia Arnold Jan Hoff werd op 30 april 1939 te

Amsterdam geboren. Hij studeerde natuurkunde aan de Universiteit van Amsterdam en legde het doctoraalexamen in 1963 af. Daarna trad hij in dienst van de Stichting Fundamenteel Onderzoek der Materie en was hij werkzaam op het Institut de l'Electronique van de Universiteit van Parijs te Orsay, Frankrijk, alwaar een onderzoek werd verricht naar de kernspinresonantie in verdunde loodlegeringen. Voor dit onderzoek werd hem een NATO-beurs verleend. In 1964 ging de heer Hoff in mihtaire dienst, waar hij o.m. was gedetacheerd op het Medisch Biologisch Laboratorium der Rijksverdedigingsorganisatie TNO te Rijswijk; hier werd onder leiding van prof. dr. Joh. Blok het in het proefschrift beschreven onderzoek uitgevoerd. Sinds 1966 is de heer Hoff verbonden aan de Rijksuniversiteit te Leiden als wetenschappelijk medewerker. Zijn adres is: Bosboom Toussaintplein 230, Delft.

WERKGROEP VU VOOR HET WERELD NATUUR FONDS Uit de Haagsche Courant van 5 febr. 1969: Opnieuw spreken cijfers de duidelijkste taal: havik, buizerd, ruigpootbuizerd, kiekendief en sperwer zijn de afgelopen 5 tot 10 jaar 80 procent in aantal teruggelopen, de slechtvalk 90 procent, veld- en steenuilen 50 procent. Roofvogels zijn dé opruimers van zwakke en zieke dieren dus nuttig. Hun prooi was echter zwak en ziek geworden door vergiftiging, die optrad bij het ontsmetten van voorjaarsgranen. Gif hoopte zich op in de vetweefsels van de roofvogels en maakte hen onvruchtbaar. Niet alleen roofvogels dreigen in Nederland uit te sterven. Het ongebreideld te keer gaan met de spuitbus, de verstedelijking en industrialisering zijn de grootste vijanden van de natuur. Zijn er dan geen dieren die zich hebben aangepast? Jawel, de rat, de muis, de spreeuw en de mus. Met de planten idem: ook niet de edelste soorten die zich handhaven. Verarming over de hele linie. Rectificatie: In het bericht over de samenstelling van het bestuur ontbrak de naam van G. Ernsting (biologie), coördinator van de werkzaamheden binnen de studiegroepen. AANVRAGEN RIJKSSTUDIETOELAGEN 1969-1970 Als dit nummer van Ad Valvas u in de eerste dagen van maart bereikt, moet u zich even afvragen of uw aanvraagformulier voor een rijksstudietoelage tijdig, d.w.z. vóór 1 maart, in Den Haag (het witte) en bij het Bureau Studentenbelangen (het groene) hebt doen belanden. Mocht dit niet het geval zijn, dan is uiterste spoed geboden, omdat u anders niet op tijd het zgn. B-formulier krijgt en bij de Universiteit geen adviesformulieren zuUen arriveren waarvan uw faculteit voor de zomervakantie gebruik zal moeten maken. Het gevolg van een en ander zou zijn dat dit najaar niet tijdig een toelage kan worden toegewezen en dat wilt u waarschijnlijk niet aan u zelf te wijten hebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968

Ad Valvas | 330 Pagina's

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 190

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968

Ad Valvas | 330 Pagina's