Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 208

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 208

6 minuten leestijd

stellingen: I. Burenhulp is een bruikbaar nederlands equivalent voor „anchimeric assistance". XI. Denadruk die bij het afleggen van de openbare geloofsbelijdenis valt op de toelating tot het Heilig Avondmaal is niet in overeenstemming met het nodigend karakter van dit sacrament. FormuUer voor het afleggen van de openbare belijdenis des geloofs in de Gereformeerde kerken in Nederland, Assen, 1957/1958.

pleterende feestelijke strik zorgt. De dikke bovenrand om de bergruimte van de mand stelt de oorspronkelijke ring voor, waaraan deze brug werd gehecht en is al naar gelang het aantal geledingen (koolstofatomen) min of meer flexibel. Deze flexibiliteit van de ring oefent ofwel een directe invloed uit op de daarboven zwevende zuurgroepen, of een indirecte via de spanning in de brug door middel van een soort schaarbeweging. Deze intereactie is uit de zuursterkten af te lezen; deze waarden laten omgekeerd conclusies toe omtrent de ruimteUjke vorm (conformatie) van het systeem.

XII. In de Sonaten und Partiten voor soloviool van Johann Sebastiaan Bach is, met name in de sonate nr. 3, het klankeffect niet evenredig aan de graad van virtiositeit die het accoordspel vereist; het verdient in dit verband aanbeveling met de traditie te breken en naar andere uitvoeringsvormen te zoeken. personalia: Heter Adriaan Verbrugge werd in 1936 te Kruiningen geboren. Hij studeerde van 1955 tot 1961 chemie aan de VU, waarna hij als wetenschappelijk ambtenaar bij de afdeling organische schiekunde van onze werd aangesteld. Na de promotoe hoopt hij in dienst te treden bij het Koninklijke/ Shell Laboratorium te Amsterdam. Zijn adres luidt: Abbenesstraat 20', Amsterdam.

HEitsiiniaiiitEiriKi; De verschijning van de tweede aflevering van het bulletin „informatie over herstructurering" heeft iets langer op zich laten wachten, dan in het vorige nummer werd vermeld. Op dit moment kunt u er echter in elk aantal over beschikken. Voorzover u uw exemplaar niet via de faculteit krijgt, kunt u het aanvragen bij Bureau Voorlichting, Provisorium. Volledigheidshalve wordt de gang van zaken hieronder nog even vermeld: De eerste fase van de discussie dient nu te zijn afgesloten: alle faculteitsadviezen zijn binnen bij het secretariaat van Curatoren, als men tenminste enigszins zijn best heeft gedaan om in het schema mee te draaien. De tijdsfactor gaat in dit verband werkelijk een rol spelen: de tweede fase van de discussie, nl. die binnen de categorieën bestuurlijke college's, senaat, wetenschappelijke staf en studentenorganisaties is nu ingegaan. Daarom zult u binnenkort beschikken over een samenvatting van de faculteitsadviezen en een opgave van de be- ' langrijkste probleemstellingen, die in de verticale discussie-fase naar voren zijn gekomen. Daarna vindt opnieuw een samenvatting plaats (door Bureau Voorlichting) waarna, naarde bedoeling is, in een universiteitsvergadering de hoofdlijnen van het definitieve advies aan de Minister van Onderwijs en Wetenschappen worden vastgesteld. Aangezien de datum voor het advies aan de Minister vast ligt (vóór 1 juli) hebt u voor de horizontale discussie anderhalve maand de tijd. Dat is niet veel, maar er is tenslotte geen enkele reden waarom de discussie in september niet met verdubbelde energie zou worden voortgezet. Posthumus is een aanleiding om elkaar op faculteitsniveau te treffen, niet meer, maar zeker niet minder: praten om wakker te blijven, of de filistijnen zullen ook over u komen! In de discussies over de herstructurering valt regelmatig het woord onderwijsresearch, en dan meestal in een context, die doet verwachten dat onderzoek van onderwijs ons vah alle vermoeiend geredekavel over vernieuwingen zal verlossen, omdat de wetenschap wel een antwoord zal geven. Daarom wordt deze week in de serie Wetenschaps- Wetenwaardigheden het antwoord gevraagd van prof. dr. P, J. D. Drenth, voorzitter van de stuurgroep Onderwijsresearch. Prof. Drenth: „Er zijn nu nóg faculteiten die de noodzaak van onderwijsreseaich niet inzien". Ad Valvas: Wat verstaat u onder onderwijsresearch? Prof. Drenth: Onderwijs-research is

2

research die betrekking heeft op het onderwijssysteem als geheel. Dat is weliswaar een vage omschrijving, maar dat komt omdat men vaak de neiging heeft om te denken dat onderwijs-research zich beperkt tot zaken als geprogrammeerde instructie en objektieve studietoetsen. De opdracht aan het

op te richten centrum aan de VU is onderzoek naar het hele onderwijssysteem, ook naar het sociale systeem, waarin zich het onderwijs afspeelt, zoals de verhoudingen tussen docenten en studenten, de verhoudingen tussen de studenten-groeperingen onderling en de onderUggende sociale structuren. Natuurlijk wordt er dan ook aandacht besteed aan het engere didactische systeem, de concrete overdracht van het onderwijs en de hulpmiddelen. Maar door bijv. aan geprogrammeerde instructie te werken, wordt men automatisch gedwongen om zich rekenschap te geven van de formulering van de doelstellingen van het onderwijs. In dit verband komt vaak de vraag op of dit onderzoek dan niet door de sub-faculteit van de psychologie kan worden gedaan. Maar het werk van de a fdeling onderwijs-research is zgn. appUed research, dat wil zeggen research waarbij de vraagstelling uit de praktijk komt. Natuurlijk is een goede verstandhouding tussen de afdeüngen leerpsychologie en didactiek van onze faculteit en de afdehng onderwijs-research erg belangrijk, maar wij hebben in de commissie gekozen voor een opstelling, waarin de afdeling onderwijsresearch helemaal onafhankeüjk is. Dan worden ook de problemen vermeden die ontstaan als de ene faculteit zich door de andere moet laten zeggen wat er veranderd zou moeten worden. Ad Valvas: Hoe is nu de stand van zaken m.b.t. de oprichting van de afdeling onderwijs-research aan de VU? Prof. Drenth: In februari 1968 is een commissie gevormd met de opdracht de wenselijkheid en de mogelijkheid van oprichting te bekijken. In juni van hetzelfde jaar was ons rapport klaar, en na een amendement door het CoUege van Directeuren, waren we het erover eens dat het een bureau zou zijn dat helemaal zelfstandig zou werken, alleen verantwoording verschuldigd aan de Raad van Bestuur (samengesteld uit vertegenwoordigers van alle faculteiten), en administratief direct onder de Rector geplaatst. Die opzet werd zowel door Curatoren als door Direkteuren geaccepteerd. De grote stagnatie is opgetreden toen we naar de bezetting gingen zoeken. Het is nu eenmaal zo dat de VU erg laat op het idee van onderwijsresearch is gekomen, zodat er niet veel goede kandidaten meer waren. Er zijn überhaupt weinig goede onderwijs-research mensen, want er waren tot voor kort ook geen opleidingsmogelijkheden. Maar we hebben nu iemand gevonden waar we vertrouwen in hebben, zodat we hopen dat hiermee de zaak kan starten. Ad Valvas: Het lager pnderwijs doet al tientallen jaren aan onderwijsresearch, waarom heeft het wetenschappehjk onderwijs zo lang gewacht? Prof. Drenth. In de eerste plaats was het wetenschappelijk onderwijs minder klassikaal en veel meer individueel, waardoor niet gauw institutionele problemen ontstonden. Pas toen het onderwijs massaal werd moest men categoraal in plaats van individueel gaan denken. Daardoor komt pas de laatste tijd de vraag naar optimalisering van het onderwijs, naar rendement, naar voren. Een tweede oorzaak is wellicht de attitude

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968

Ad Valvas | 330 Pagina's

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 208

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968

Ad Valvas | 330 Pagina's