Ad Valvas 1968-1969 - pagina 212
met deskundigen en organisaties Eerst daarna zal de commissie zijn werkzaam heden afronden Aan het studenten periodiekenscala is een driemaandehjks te verschijnen blad toegevoegd A ll Round
getiteld De studie van het Fries zal op 29 maart het onderwerp zijn van een in Utrecht te houden landehjke studie conferentie n De beide VÜdocenten in deze taal, mej drs A Feitsma en drs
COLLECTIEVORMING BIJ DE BIBLIOTHEEK DER VRIJE UNIVERSITEIT Opmerkingen naar aanleiding van een enquête Wie de ontwikkeling van de boek en tijdschriftproductie vergehjkt met de groei van collecties in algemene wetenschappehjke bibho theken, ontdekt een steeds groter wordende discrepantie tussen deze twee Beide ontwikkelingen vertonen het bekende beeld van een exponentiele groei, maar de groeicoefficient van de productie IS aanzienhjk groter dan die van de collecties Van de totale produc tie van pubhcaties komt dus slechts een (per bibhotheek wisselend) deel in de collecties terecht Dit deel nu is het resultaat van selectie Collectievorming is m hoge mate een selectieactiviteit Welke criteria worden echter voor die selectie gebruikt, tegen welke achtergronden en met welk doel wordt de collectie opgebouwd'' Collectievorming is niet alleen een zaak van de bibliothecaris en zijn staf BIJ een universiteitsbibhotheek, die m haar functioneren vooral gericht is op onderwijs en onderzoek aan de eigen universiteit, komen m dit opzioht belangrijke initiatieven uit de faculteiten Hoe dienen bij de collectievorming de belangen van de verschillende faculteiten tegenover elkaar te worden afgewogen, hoe die van onderwijs tegenover onderzoek'' Welke maatregelen kunnen genomen worden om continuïteit van bepaalde collectieonderdelen te waarborgen'' Wat zijn de conse quenties voor de collectie, ook retrospectief, van het instellen van meuwe studierichtingen'' Om meer inzicht te krijgen in deze en andere vragen betreffende de collectievorming, in het bijzonder bij de bibhotheek der Vrije Universiteit, werd in april 1968 begonnen met een onderzoek naar een aantal meningen en wensen die terzake bij het wetenschappelijk corps bestaan Daartoe werd een schriftelijke enquête gehouden onder de hoogleraren, lectoren en wetenschappehjke medewerkers van alle faculteiten, met uitzondering van die der geneeskunde De resultaten van deze enquête zijn thans neergelegd in een nota*), waaruit hieronder een aantal conclusies wordt besproken
H D Meijering, zullen twee van de vijf inleiders zijn Een NIPOonderzoek heeft aangetoond, dat men ook buiten Limburg, Maastricht aantrekkehjk acht als universi teitsstad D B D B D
Enkele beleidsoverwegingen die ten aanzien van dit punt m de nota genoemd worden, zijn de vorming van een aparte studentenboekerij, die buiten het normale bibhotheekappaiaat blijft en waarvoor een extra budget beschikbaar komt, het eventueel gratis verstrekken van bepaalde studieboeken, stabilisering van de hjsten van ver phchte tentamenhteratuur, meer gebruik maken van in de handel zijnde 'readers', voor massale tentamens meer gebruik maken van door de facultiet geschreven en vermenigvuldigde tentamenstof Literatuur ten behoeve van het wetenschappelijk onderzoek. Tijdschriften en reeksen worden in alle factoren als de belang njkste hteratuurcategorie voor de collectievorming aangewezen Op de tweede en derde plaats komen respectievehjk handboeken en gespeciahseerde monografieën Taakverdeling tussen bibhotheken ten aanzien van de collectie vorming IS voor de meesten alleen aanvaardbaar als deze plaats vindt op locaal ( = A msterdams) niveau Sterke nadruk werd gelegd op de eis van nabijheid en bereikbaarheid der collecties, sterker naarmate het betreffende vak zich meer oriënteert op actuele en cijfermatige informatie De nota merkt hierbij op dat A msterdam vele bibhotheken bevat met belangwekkende collecties en pleit voor een nader onderzoek van de mogelijkheden van taakverdehng of samenwerking op locaal niveau Ruim 55% van het bij de enquête betrokken gedeelte van het wetenschappelijk corps doet regelmatig voorstellen voor de collectie vorming, 35% doet dit incidenteel, zodat gesproken kan worden van een brede en soms intensieve relatie tussen de faculteiten en de groeiende collectie In alle faculteiten blijken recencies de grootste waarde te hebben als bron voor de collectievorming Ook verwijzingen m vakliteratuur en uitgeverscatalogi worden hiertoe veelvuldig gebruikt Ook werd de wens geuit naar intensiever gebruik van bepaalde bronnen voor de collectievorming, waaronder referaatbladen en aanwinstenhjsten van andere bibhotheken
Literatuui ten behoeve van tentamens en examens. Veel studieprogramma s zijn tegenwoordig zo ingericht, dat door grote aantallen studenten gelijktijdig eenzelfde tentamen of examen moet worden afgelegd Het gevolg daarvan is dat de vraag naar pubhcaties, die op de betreffende hteratuurhjsten voorkomen, sterk is toegenomen De aandrang tot het aanschaffen van meer exemplaren van eenzelfde pubhcatie wordt steeds groter en strekt zich ook over steeds meer publicaties uit De nota constateert dat hierdoor tussen de belangen van de researchcollectie en de belangen van de collectie van hteratuur voor examens en tentamens een duidehjke spanning is ontstaan De budgetten zijn ontoereikend en het aantal personeelsleden in de bibliotheek is te klein om de belangen van beide coUectieonder delen optimaal te behartigen De resultaten van de enquête weerspiegelen de bestaande spanning Enerzijds wil men het aantal beschikbare exemplaren van tentamen boeken uitbreiden, anderzijds is een meerderheid van mening dat de uitbreiding van de researchcollectie voorrang dient te hebben In de meeste faculteiten overheerst ook de mening dat studenten meer tentamenhteratuur zelf dienen aan te schaffen *j De nota is op beperkte schaal verspreid over de verschillende instanties en sectoren van de universiteit Voor belangstellenden is nog een klem aantal exemplaren beschikbaar bij de centrale bibliotheek, tel 482613 (Provisorium)
6
De taalbarnète en de collectie. Wetenschappehjke hteratuur verschijnt in een grote verscheidenheid van talen In het frequentiepatroon van voor wetenschappelijke communicatie gebruikte talen zijn de laatste decennia belangrijke verschuivingen opgetreden Het Russisch is naar de tweede plaats opgerukt, terwijl Chinees, Japans en Spaans sterk in opkomst zijn Dit heeft ingrijpende gevolgen voor de wetenschappelijke com municatie in wereldverband Naast de enorme groei van het aantal pubhcaties vormt de barrière van een groeiende differentiatie m het aantal wetenschappehjke voertalen de kern van het moderne mformatieprobleem De talenkennis in de westerse wetenschappehjke wereld is sterk door de traditie bepaald en sluit steeds minder aan bij de behoeften op dit gebied Een aantal vertalingen is relatief klem, de kwaliteit daarvan vaak weinig bevredigend Ruim 62% van de deelnemers aan de enquête noemde (naast Engels, Frans en Duits) talen waarin in toenemende mate belangrijke wetenschappehjke pubhcaties verschijnen Bij theologie en letteren werd vooral gewezen op Itahaans en Spaans, bij economie en sociale wetenschappen op Russisch, bij wis en natuurkunde op Russisch en Japans Niet meer dan 35,4% gaf op pubhcaties in een of meer van deze talen te kunnen lezen Er is een duidehjke tendentie aanwezig van meer belangstelhng voor Russisch en Japans Het aantal personen dat deze talen passief beheerst zal waarschijnhjk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968
Ad Valvas | 330 Pagina's