Ad Valvas 1968-1969 - pagina 298
hoogleraar wijlen prof. Post in 1968 aan de beeldengalerij toegevoegd. In het laatste deel van zijn oratie keerde hij met de vele gegevens uit het historiografisch onderzoek verkregen terug naar zijn uitgangspunt en trachtte hij een nieuw beeld van Geert Groote te vormen, waarbij opviel dat dit nieuwe beeld van oude sier ging missen: Groote's karakter toonde veel onaangename trekken, veel van wat vroeger als originele gedachte van Groote werd gezien blijkt bij hteraire analyse ouder Christelijk cultuurgoed te zijn geweest, zijn verdiensten voor het onderwijs zijn nauwelijks vermelding waard en de term „voorloper der Hervorming" is minstens zeer dubieus. Interessant was in dit laatste deel de principiële vraag wat de historicus bij de beeldvorming doet met het gegeven van Groote's bekering. Prof. Roehnk wees de poging van Van Ginneken „de vinger Gods" in de geschiedenis van Groote te willen aantonen af, maar moest toegeven dat de beeldvorming een dimensie zou missen als de historicus voor het feit van die bekering geen oog zou hebben omdat het goddelijk geheim in de geschiedenis hier het menselijk geheim raakt. Uit de toespraken stippen wij aan de raad van de nieuwe hoogleraar aan zijn studenten zich bij de beroeringen in de universitaire wereld niet afzijdig te houden, maar bij die maatschappelijke activiteit wel als goed historicus de betrekkelijkheid ook in deze tijdsverschijnselen te onderkennen.
Palestina-week Van 29 mei tot en met 5 juni wordt in Amsterdam een Palestina-week georganiseerd door het pas opgerichte palestina-comité, de Studenten Vak Beweging-Amsterdam, de Studenten Raad van de Vrije Universiteit en de amsterdamse cine-club. Er zal een anderhalf uur durende franse film over Palestina gedraaid worden, een teach-in worden gehouden met binnen- en buitenlandse sprekers, terwijl gedurende de hele week een permanente tentoonstelling wordt ingericht van; a. foto's over het Midden-Oosten, b. schilderijen van een vrouw die een tijd in de vluchtelingenkampen heeft geleefd, c. tekeningen, vervaardigd door „children under stress", kinderen uit de vluchtelingenkampen, deze laatste tentoonstelling gaat vergezeld van psychiatriese rapporten over deze kinderen, opgesteld door medewerkers van de UNRWA. Incidenteel zullen bij deze tentoonstellingen ook korte films gedraaid, o.a. de film van Roelof Kiers over El Fatah, Aftermath van de UNRWA, die handelt over het vluchtelingenprobleem, en nog enkele andere films. De definitieve plaatsen en tijden waar deze gebeurtenissen zullen plaats vinden, zullen nog nader bekend worden gemaakt. Wel staat nu al vast dat de franse film over Palestina op 29 juni gedraaid zal worden ergens in Amsterdam: dat de teach-in op 5 juni zal wezen en dat de Palestina-film ook gedraaid zal worden in de V.U. en de G.U. Enkele nadere informatie over deze film: Deze film geeft een beeld over de geschiedenis van de palestijnen na 1945. Het antisemitisme wordt behandeld uit de vorige jaren. Dan gaat de film over op de zes-daagse
6
juni-oorlog en het hedendaagse Israël. Het toont beelden van de bezette gebieden en van verwoeste dorpen en de vluchtelingenkampen. In de film zitten opnamen van een israehsche gevangenis waarin arabieren gevangen zitten. Een zestien-jarig jongetje zit er vier jaar voor het gooien van een handgranaat. De film geeft een verslag over El Fatah, als politieke bevrijdingsbeweging. Alle palestijnen stellen zich achter deze beweging omdat voor hen maar één ding belangrijk is, ze wil-
len terug naar hun land waar ze al zo lang gewoond hadden. Aan het eind van de film kommentaar van een joodse schrijver, die de hedendaagse politiek van Israël aanvalt, omdat hij zelf heeft meegemaakt hoe de palestijnen behandeld zijn geworden. Hij stelt dat het geen oplossing was voor de joden om in een land te trekken waar al sinds duizenden jaren andere mensen woonden, omdat niet de arabieren moeten lijden voor het anti-semitisme van de andere wereld.
75 JAAR
boeken en tijdschriftartikelen, die hij daaraan wijdde. In 1948 werd hij door Curatoren benoemd tot hoogleraar in de bedrijfseconomie aan de Vrije Universiteit, om samen met prof. dr. Z. W. Sneller en prof. dr. J. Zijlstra, de grondslag te leggen voor de oprichting van een Economische Faculteit aan deze universiteit. Van deze taak heeft hij zich voortreffelijk gekweten. Zijn afkomst verklaart waarschijnlijk ook, dat hij steeds de eenvoudige hartelijke man gebleven is, wars van onnodige conventies, hoewel hij naast zijn hoogleraarschap, tal van belangrijke functies in het bedrijfsleven vervulde. Zijn wetenschappeUjke arbeid strekte zich vooral ook uit op het gebiea.jan; de kostenberekening, in het bijzonder op dat der vervangingswaardetheorie. Zijn artikel over ,,schoonheidsgebreken der vervangingswaardetheorie" was het begin van een levendige discussie tussen hem en bijv. prof. dr. H. J. van der Schroeff en prof. dr. J. L. Meij. Het resultaat was, dat op een aantal punten de zo zeer gewenste helderheid werd verkregen. In verband met zijn hdmaatschap van de commissie Economische Mededinging, schreef hij enige waardevolle artikelen over het kartelwezen en de daaraan verbonden kostprijsvraagstukken. Zijn diesrede in oktober 1968 over „Loon, Winst en Vermogen" deed veel stof opwaaien. Van Muiswinkel zelf verdeelde de reakties in twee grote rubrieken: rancuneuse kritiek, doorkruid met persoonlijke insinuaties en overdreven lof, gemengd met leedvermaak over de reakties van de werknemersvakcentrales. Spreker haalde tal van persoonlijke herinneringen aan zijn overleden collega op, en besloot met een enkel woord tot de famiUe, naar aanleiding van de tekst: „maar ten tijde van den avond zal er Ucht zijn".
prof. dr. ir. J. Coops, van 1929-1964 hoogleraar in de scheikunde, is op 27 mei 75 jaar geworden.
HERDENKINGS COLLEGE Woensdag 28 mei 1969 werd door prof. dr. H. Thierry een college gegeven ter nagedachtenis van prof. dr. F. L. van Muiswinkel. Allereerst gaf de spreker een korte schets van zijn levensloop. Zijn geboorte in 1904 te Zwammerdam als zoon van een graanhandelaar, heeft in zekere zin een stempel op zijn persoon en leven gedrukt. Zijn liefde voor de graanhandel kwam o.a. tot uitdrukking in de VS, Canada en Argentinië. Ook in zijn wetenschappelijke arbeid nam de organisatie en techniek van de handel een belangrijke plaats in. Dit blijkt uit enige
CORVU In Ad Valvas van 9 mei j.1. werd een artikel geplaatst over de oprichting, het doel en de taken van het onlangs opgerichte Centrum voor Onderwijs Research aan de V.U. Hier naast is een foto opgenomen van drs. H. M. van Strien, die is belast met de leiding van dit centrum.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968
Ad Valvas | 330 Pagina's