Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 272

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 272

6 minuten leestijd

KONINKLIJK ONDERSCHEIDEN Bij Koninklijk Besluit zijn benoemd tot:

ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw: prof. dr. C. C. Jonker.

ridder in de orde van Oranje-Nassau: mejuffrouw zr, J. C. Groneman.

A.G.O.P. (AKTIEGROEP ONTWIKKELINGSPROBLEMATIEK) Deze groep is opgericht in november 1968 en bestaat uit een kerngroep van 6 leden, allen studerend aan de Interfaculteit der Aardrijkskunde en Prehistorie, afdehng Sociale Geografie. Deze studierichting staat vrij centraal in de gehele ontwikkelingsproblematiek, omdat in deze studie de mens in zijn omgeving het middelpunt is. Omdat in feite de sociale geografie raakvlakken heeft met de economie, sociologie (ook de niet-westerse-), culturele anthropologic en bepaalde aspecten van de fysische geografie in zich herbergt zal de centrale positie een ieder duidelijk zijn. Het is dan ook bijzonder vreemd, betreurenswaardig zelfs, dat er tot november 1968 aan onze faculteit nooit een groep, in welke vorm dan ook, geweest is die zich expliciet heeft beziggehouden met de ontwikkelingsproblematiek. De oprichting van de A.G.O.P. kwam tot stand, mede in samenwerking met NESBIC-Leiden en het VU-aktiecomite Hulp Ontwikkelingslanden. Het doel dat de A.G.O.P. zich stelt is een teweegbrengen van een mentaliteitsverandering inzake ontwikkelingsproblematiek, voorlopig binnen de sociaal geografische faculteit en in de nabije toekomst meer uitgebreid onder middelbare scholieren en verenigingen. Dit willen we doen, in samenwerking met de ARVOS (Amsterdamse Raad voor Ontwikkelingssamenwerking) d.m.v. lezingen, publicatie van rapporten en artikelen en het in kontakt treden met opiniebladen, met name de Nieuwe Linie. De lezingen kunnen gehouden worden door personen, die door ons worden uitgenodigd of door ons zelf. Vanwege de korte tijd, dat wij werkzaam zijn hebben wij ons moeten beperken tot voorbereidende werkzaamheden. Toch hebben wij al resultaten geboekt. Het idee een centraal lichaam in het leven te roepen, dat zich bezighoudt met het coördineren van akties en het verzamelen van alle mogelijke informatie over ontwikkelingsproblema-

Verschijningsdata Ad Valvas No. Verschijnt op: Kopij inleveren vóór:*) 30 30 mei 22 mei 31 13 juni 5 juni *) Korte berichten kunnen ook nog op bovenstaande data worden ingeleverd, doch vóór 10.00 uur.

6

tiek hebben we, voornamelijk met medewerking van het Aktiekomite, de vorm zien aannemen van de ARVOS. Verder is kort geleden het rapport Kruithof verschenen (zie Ad Valvas no. 25 onder Aktiekomite Hulp Ontwikkehngslanden). Kontaktpersoon van de A.G.O.P. is J. Leenders, Van Tuyll van Serooskerkenplein 42'", Amsterdam. Namens de A.G.O.P. D. de Groot / J. Leenders

exposorium Vanaf 2 mei eksposeert Paul Peet in de kantine van het provisorium, tegelijkertijd echter zal er ook werk van hem worden getoond in de kantine van de sporthal op Uilenstede. Hierdoor krijgt deze exposé een tweedelig karakter, namelijk op Uilenstede hangt het werk wat wij kunnen bestempelen met materieschilderijen en die de voorlopers zijn van de in het provisorium tentoongestelde assemblages. Paul Peet werd geboren in 1941 en ontving een gedeeltelijke opleiding aan Akademie Minerva te Groningen. Het eerste gedeelte van de ekspositie speelt zich af in de kantine op Uilenstede, daar hangen de ekspressionistische materie schilderijen. Deze herinneren aan het werk van Alberto Burri, Tapies en Jaap Wagemaker, die in de vijftiger jaren de gangmakers van deze stroming waren. De materieschilderijen zijn samengesteld uit onorthodoxe materialen bijv. boomstronken, jute en rubber inplaats van enkel verf. Dit werk ademt een romantische sfeer uit, die verpakt is in een driedimensionaal kader, waardoor ze aan kracht en ekspressiviteit winnen. Dionysisch als noemer voor dit werk lijkt ons wel op zijn plaats, met Dionysisch bedoelen wij door vervoering bewogen zijn, uitbundig van uit een roes de dingen benaderen. Men zou kunnen zeggen door de —. toverkracht van het Dionysische wordt niet alleen de band tusseryieX"^ mensen onderling weer hecht: ook de vervreemde, vijandelijke en onderworpen natuur viert weer een feest van verzoening met haar verloren zoon: de mens. Het werk wat in het provisorium hangt is logischer van opbouw, konstruktie en uitwerking, waardoor het een zeer evenwichtige indruk op ons maakt, dit in tegenstelling tot veel van het oudere werk. Zeker is hier sprake van ontmythelogisering ten opzichte van het overtollige aan romantiek en uitbundige ekspressiviteit die zo kenmerkend was voor de hiervoor genoemde Dionysische periode. Nu echter maakt Paul Peet esthetische assemblages, die ons in kontakt willen brengen met de problematiek over de polariteit tussen mens en techniek. Steeds echter blijkt de mens de belangrijkste schakel in dit proces. Dit nu probeert Paul Peet in zijn werk tot uitdrukking te brengen. Vaak zien wij de herhaüng van één en dezelfde vorm waarvan er opeens één anders van kleur, omgedraaid of weggelaten is. Zoiets wekt soms irritatie bij ons op, wat ook de bedoeling van de maker is. Want juist hierdoor bewijst de mens dat hij letterlijk en figuurlijk steeds degene is die de richting bepaalt aan de dingen om hem heen. De beweging die uit de werken spreekt is vaak te danken aan het feit dat tien meer is dan één. Door de herhaling van steeds dezelfde vorm ontstaat er een beweging die essentieel is voor het technisch-esthetische ritme in zijn assemblages. Paul Peet licht zijn materialen, die tevens zijn uitgebeelde gegevens zijn, uit het technische produktieproces waarin ze thuishoren, hierdoor is bijv. ontstoringsprint geen ontstoringsprint meer, daar het uit zijn wezenlijke funktie gelicht is. De ontstoringsprint is ondergeschikt geworden aan Paul Peet's kreativiteit waardoor het een nieuwe betekenis gekregen heeft en in een ander verband thuishoort dan voorheen. De laatste werken die op de ekspositie hangen en welke het meest architektonisch van aard zijn, maken een evenwichtige indruk op ons. Door hun zwart-wit tegenstelling die een bepaalde polariteit in zich meedraagt durven wij te stellen dat dit voor al het tentoongestelde werk geldt. Maar dan de polariteit tussen het Apollinische en het Dionysische. AppoUinisch betekent evenwichtig en beheerst. Als we dan aan deze tegenstellingen denken, onbeheerst en beheerst, evenwichtig en onevenwichtig en we houden dit in onze gedachten dan kunnen er voor ons veel dingen duidelijk worden in het werk van Paul Peet. Tevens kan men tot de konklusie komen dat beide tegenstellingen niet buiten elkaar kunnen en er alleen vanuit dit spanningsveld gewerkt kan worden. Want juist vanuit de polariteit werkt de kunstenaar en zoekt hij naar nieuwe wegen. Wie interesse voor het werk van Paul Peet heeft, kan via de boekhandel nadere gegevens verkrijgen. Deze tentoonstelUng is van 2 mei tot 2 juni in het provisorium en op Uilenstede geeksposeerd. Jaap W. Brouwer

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968

Ad Valvas | 330 Pagina's

Ad Valvas 1968-1969 - pagina 272

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1968

Ad Valvas | 330 Pagina's