Ad Valvas 1969-1970 - pagina 472
I I I . T A K E N V A N DE U N I V E R S I T E I T S R A A D EN HET DAGELIJKS BESTUUR; DE REGELING BIJ K O N F L I K T E N : De Stuurgroep formuleerde de volgende drie mogelijkheden: Mogelijkheid A (zie model A) De verdeling van de taken tussen Universiteitsraad en Dagelijks Bestuur w o r d t vastgesteld in het Reglement van de V U . Dit Reglement w o r d t vastgesteld of goedgekeurd door de Vereniging. De Universiteitsraad kan uitspraken doen over het beleid van het Dagelijks Bestuur. Als deze uitspraken zaken betreffen, die volgens het Reglement tot de bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur horen, dan kan d i t Bestuur die uitspraken naast zich neerleggen. Bij konflikten tussen Universiteitsraad en Dagelijks Bestuur moet een onafhankelijke instantie bemiddelen: (het Bestuur van de Vereniging of een speciale "ombudsraad"). Mogelijkheid B (zie model B) Het Dagelijks Bestuur heeft de taak om het door de Universiteitsraad vastgestelde beleid uit te voeren. De Universiteitsraad kontroleert het Dagelijks Bestuur . Bij konflikten tussen Universiteitsraad en Dagelijks Bestuur bemiddelt een speciale "ombudsraad".
iV. SAIMENSTELLING V A N DE UNIVERSITEITSRAAD: Het gaat hier om de vraag, welke groepen in de Universiteitsraad vertegenwoordigd moeten zijn en in welke verhouding. De Stuurgroep kwam tot de volgende vier mogelijkheden.
Mogelijkheid /^ (zie model A) De Universiteitsraad telt minimaal 25, maksimaal 50 leden, die volgens de volgende verhoud ingscijfers verkozen c.q. benoemd worden: Wetenschappelijk corps 2 Studenten 1 Administr. en Techn. Staf 1 De Vereniging 1 Mogelijkheid B. 1 (zie model B) De Universiteitsraad telt 45 leden en is als volgt samengesteld: Hoogleraren en Lektoren 10 Wetenschappelijke Staf 10 Studenten 15 Administr. en Techn. Staf 10 De Universiteitsraad kiest één van de leden van het hooglerarencorps tot voorzitter. De voorzitter van de Universiteitsraad is tevens Rector Magnificus.
Mogelijkheid C (zie model C) Het Dagelijks Bestuur heeft de taak om het door de Universiteitsraad vastgestelde beleid uit te voeren. De Universiteitsraad kontroleert het Dagelijks Bestuur. Bij konflikten tussen Universiteitsraad en Dagelijks Bestuur heeft de Universiteitsraad het laatste beslissende w o o r d .
Vraag 6: Aan welke van deze drie mogelijkheden geeft u de voorkeur?
Voorkeur voor A
Voorkeur voor B
Voorkeur voor C
Geen voorkeur
Geen opgave
Totaal
Studenten
8 %
781%
62%
1 %
-
100% (2854)
T.A.S.
19%
56%
21%
3 %
1 %
100% (360)
Wet. Staf
12%
40%
47%
1 %
-
100% (348)
HooglJ Lektoren
42%
42%
14%
1 %
1 %
10%
33% (1217)
55% (2035)
1 % (47)
Totaal .- ' -
"v--~.
J358)
-r^^--,^.
Mogelijkheid^. 2 (zie model B, variant-Ubbink) De Universiteitsraad telt 50 leden en is als volgt samengesteld: Hoogleraren en Lektoren 10 Wetenschappelijke Staf 10 Studenten 10 Administr. en Techn. Staf 10 De Vereniging 10 De Universiteitsraad kiest één van de leden van het hooglerarencorps t o t voorzitter.
__ (15)
100% (137) 100% (3699)
Mogelijkheid C (zie model C) De Universiteitsraad is samengesteld uit vertegenwoordigers van de werkeenheden, (d.w.z. fakulteiten of indien mogelijk subfakulteiten en de centrale dienst) met een gelijk aantal vertegenwoordigers per werkeenheid. Vraag 7: Aan welke van deze vier mogelijkheden geeft u de voorkeur?
Voakeur voor A
Voorkeur Voorkeur voorB. 1 voorC
Voorkeur Geen voor B. 2 voorkeur
Geen opgave
Totaal
Studenten
6 %
23%
55%
14%
1 %
-
100% (2854)
T.A.S.
13%
27%
18%
38%
3 %
1 %
100% (360)
Wet. Staf
14%
32%
26%
27%
1 %
-
100% (348)
Hoogl./ Lektoren
28%
20%
11%
37%
2 %
1 %
8 % (310)
24% (897)
47% (1743)
18% (680)
1 % (55)
(14)
Totaal
V. DE V E R K I E Z I N G VAN DE LEDEN VAN DE U N I V E R S I T E I T S R A A D :
100% (137) 100% (3699)
Vraag 8: Aan welke van deze mogelijkheden geeft u de voorkeur?
Het gaat hier om de vraag, op welke wijze de vertegenwoordigers in de Universiteitsraad gekozen moeten worden.. De Stuurgroep kwam t o t de volgende drie mogelijkheden: Mogelijkheid A + B (zie modellen A en B) De verkiezing van de leden van de Universiteitsraad vindt uit en door de geledingen plaats. D.w.z.: Elke geleding stelt zijn eigen kandidaten. Bij deze kandidatenstelling moet worden gestreefd naar een voldoende spreiding over de werkeenheden (d.w.z. fakulteiten of subfakulteiten en centrale diensten). De kandidaten worden gekozen door de eigen geleding.
10
Mogelijkheid C De verkiezing van de leden van de Universiteitsraad vindt plaats uit en door de werkeenheden (d.w.z. fakulteiten of indien mogelijk subfakulteiten en de centrale dienst). D.w.z.: De vertegenwoordigers worden gekozen door de eigen werkeenheid, waarbij iedere werkeenheid vrij is om zijn eigen verkiezingsprocedure vast te stellen.
Voorkeur voor A+B
Voorkeur voor C
Geen voorkeur
Geen opgave
Totaal
Studenten
30%
55%
4 %
11%
100% (2854)
T.A.S.
62%
22%
5 %
12%
100% (360)
Wet. Staf
55%
33%
3 %
9 %
100% (348)
Hoogl./ Lektoren
69%
15%
2 %
15%
100% (137)
Totaal
37% (1383)
48% (1777)
4 % (154)
11% (405)
100% (3699)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1969
Ad Valvas | 502 Pagina's