Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1969-1970 - pagina 237

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1969-1970 - pagina 237

4 minuten leestijd

4 DE 10r.-WET EN DE NOTA VERINGA De nota-Veringa betreft de "bestuurshervorming van universiteiten en hogescholen". Samengevat komt de nota op het volgende neer: -"Horizontaal" wordt de universiteit opgedeeld in 5 verschillende geledingen, te weten: hoogleraren en lektoren/ wetenschappelijke staf/ studenten/ administratief en technies p e r s o n e e l / de v e r t e g e n woordigers van de maatschappij. Hiervan mag geen enkele op de voorhand uitgesloten worden van het leveren van vertegenwoordig e r s voor de verschillende bestuursorganen op de diverse nivoos. Vastgelegd is dat alle 5 geledingen in de universiteitsraad vertegenwoordigd dienen te zijn. De 'juiste' getalsverhoudingen dienen nog nader uitgewerkt te worden; dit geldt voor elk nivo. - " V e r t i k a a l " wordt de universiteit globaal opgedeeld in drie tot vier nivoos: universitair (bestuur en universiteitsraad) (sub)fakultair kleinste eenheid (vakgroep, instituut, laboratorium). -De kleinste eenheid heeft een grote mate van organisatoriese vrijheid. Echter een formeel j u r i dies vastgelegd "one man one vote" systeem wordt ook hier onjuist geacht. De autonomie van de kleinste eenheid wordt begrensd doordat haar beleidsbeslissingen t. a. v. het onderwijs en onderzoek geplaatst moeten worden in de samenhang van het beleid op het nivo van de studierichting of (sub)fakulteit. -De (sub)fakulteit kent ongeveer een opbouw als het - nog te beschrijven - hoogste nivo; n . 1 . een raad van vertegenwoordigers uit de diverse geledingen, "geflankeerd" door een (sub)fakulteitsdirekteur en een dagelijks bestuur. -Het hoogste nivo kent een universiteitsraad en een dagelijks bestuur. De bevoegdheden van beide zijn (nog) niet geheel duidelijk, m a a r lijken - formeel - het grootst te zijn bij het dagelijks bestuur. a. De universiteitsraad 1) De universiteitsraad stelt het beleidskader vast. Er is geen bezwaar tegen openbaarheid van haar vergaderingen als beginsel. Geheimhouding moet gewaarborgd worden voor wat betreft persoonlijke aangelegenheden en andere eventueel door de minister aan te geven onderwerpen. De u n i v e r s i teitsraad moet de definitieve struktuur van de universiteit in studie nemen. Zij houdt het midden tussen een kollege van algemeen bestuur en een universiteitsparlement. b. Het bestuur. Het bestuur zal klein van omvang moeten zijn. De bestuurders zullen gedeeltelijk van binnen en g e deeltelijk van buiten de universiteit moeten komen. 2) zij zullen een volledige dagtaak hebben. Het bestuur zal zijn bevoegdheden ten dele zelfstandig kunnen uitoefenen binnen het beleidskader dat door de universiteitsraad wordt vastgesteld, ten dele slechts in overeenstemming met de u n i v e r s i teitsraad. Wat laatstgenoemde betreft is met name gedacht aan: De vaststelling van de interne organisatie (het bestuursreglement). De begroting en het financiële schema, alsmede de opstelling van het ontwikkelingsplan. Voorts zal het bestuur moeten optreden als uitvoerend beheersorgaan. Het moet in beslotenheid kunnen vergaderen, doch wel openbaar maken wat in vergaderingen is en wordt behandeld. Het heeft externe verantwoordelijkheid tegenover de minister en interne tegenover de universiteitsraad. Uit de nota-Veringa blijkt r e e d s dat de Universiteitsraad (U.R.) weinig reële invloed heeft. Ze kan i m m e r s niet kontroleren of haar besluiten werkelijk (en op de door haar bedoelde wijze) w o r den uitgevoerd, want - het bestuur- de uitvoerders -vergadert besloten, " onderhoudt het kontakt met de minister, " kan voor een groot gedeelte het beleidskader, dat de U.R. vaststelt op haar eigen w i j ze interpreteren. Ze voert het dagelijks beleid en zal dus veel van haar daden door 'de praktijk' laten bepalen. Voor wat betreft de punten waarop het bestuur in overeenstemming met de besluiten van de U.R. moet handelen (interne organisatie, begroting, financieel schema en ontwikkelingsplan): De werkelijke beslissingsbevoegdheid van de U.R. in deze wordt ontkracht door de bepalingen van de 100%-wet. — Begroting, fin. schema en ontw. plan moeten volgens de richtlijnen van de minister worden opgesteld (een soort - ingewikkeld - invulspelletje voor de U . R . ) en behoeven de uiteindelijke goedkeuring van de minister. 1) De universiteitsraad kan zijn samengesteld op Ijahis van gclodmKcn of \an (hub)falsulteiten, 2) Benoeming van hel bestuur van de rijksuniversiteiten j^csoliiedt door do Kioon. Hoe de benoeming bij de bijzondere universiteiten zal plaatsvinden, us nog met duidelijk.

15

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1969

Ad Valvas | 502 Pagina's

Ad Valvas 1969-1970 - pagina 237

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1969

Ad Valvas | 502 Pagina's