Ad Valvas 1970-1971 - pagina 104
3e bedrijfsarts Per 1 oktober 1970 is dokter P. Ouwehand als bedrijfsarts in dienst getreden. In verband met de afwezigheid wegens ziekte van dokter P.Vermeulen zal dokter Ouwehand voorshands hem als bedrijfsarts bij het Academisch Ziekenhuis vervangen. Binnenkort zullen nadere berichten volgen over de taakverdeling van de drie bedrijfsartsen.
TWEE mMcriES Vandaag vindt de promotie plaats van ds. SUTARNO te Amstelveen tot doctor in de godgeleerdheid op een proefschrift getiteld: "Het Kuyperiaanse model van een christelijke politieke organisatie. Een onderzoek naar zijn doelmatigheid als middel om het politiek-staatkundige leven vanuit het christelijk geloof te beïnvloeden." Promotor is prof. dr. H.M. Kuitert. korte samenvatting proefschrift Kuyper en de zijnen waren ervan overtuigd, dat de hele Nederlandse samenleving, die volgens hen altijd christelijk-calvinistisch was geweest en nog steeds was, een geweldig proces van vervlakking en ontkerstening onderging. Dit proces werd h i. veroorzaakt vooral door de invloedwinnende denkbeelden van de antigoddelijke Franse Revolutie, hetgeen zich vooral manifesteerde in de overmachtige dominatie van het liberalisme. Het christelijke karakter van de Nederlandse staat en natie moest weer functioneel gemaakt worden en de herkerstening van de samenleving moest worden aangevat. Dit laatste sloot i n , dat 1) de revolutionaire denkbeelden radicaal moesten worden bestreden en de liberale overmacht moest worden verbroken, 2) de christehjk-calvinistische beginselen voor het sociaal-politieke leven vastgesteld moesten worden en de toepassing daarvan op de samenleving nagestreefd moest worden Zo zweefde Kuyper bij de oprichting van de ARP als uiteindelijk doel voor ogen de beïnvloeding van de samenleving vanuit het christelijk geloof. Om dit alles te kunnen realiseren ontwikkelde Kuyper zijn 'methode en strategie de machtsvorming en -aanwending door geestverwanten te organiseren in een afzonderlijke christelijke politieke partij. Zo begon hij de "kleyne luyden", die z I het trouw geblevene calvinistische deel van het volk vormden, te consolideren en te mobiliseren. Deze groep mensen was echter sociaal-politiek zeer zwak en had daarom geen invloed van betekenis Om tot een reële sociaal-politieke factor te kunnen worden moest zij eerst geëmancipeerd worden. Er zijn drie voornaamste theologische constructies, waarop Kuyper zijn politieke organisatie heeft gebaseerd, nl. de gemenegratieleer, de antithese-gedachte en Kuyper's kerk begrip De keuze voor de christelijke politieke partij IS een doeltreffende keuze gebleken voor het realiseren van bepaalde doeleinden het verbreken van de liberale overmacht op het sociaal-politieke leven en het vervullen van de emancipatie van de kleyne luyden. Hiermee was de sociale context en de politieke constellatie, waarin de ARP bij haar oprichting zich bevond, m feite radicaal veranderd. In deze nieuwe en gewijzigde situatie werd het bestaansrecht van de ARP nog steeds ver dedigd. Ons is gebleken, dat de motivering, die hiervoor werd gebruikt, in wezen dezelfde bleef. De hoofdgedachte, waarop het bestaan
en de doelstellingen van de partij is gebaseerd, bleef in wezen ongewijzigd. Ter verdediging van de noodzaak van het voortbestaan van hun partij herhalen de leiders van de ARP telkens weer, dat de respectievel ijke situaties waarin zij zich bevonden en waarmee zij geconfronteerd werden, m principe dezelfde zijn gebleven als die van de vorige eeuw ernstig bedreigd door het gevaar van ongeloof en ontkerstening Op grond hiervan meenden WIJ te mogen concluderen tot een sterker accent op zelfhandhavmg en zelfcontmuering bij de voormannen van de ARP Er zijn in dit verband in het politieke optre den van de ARP duidelijk moeilijkheden en problemen constateerbaar, die ons een vraagteken doen plaatsen achter het functioneren van de uiteindelijke bedoeling in het doen en laten van de ARP. Wij noemen deze moeilijkheden en problemen knelpunten, omdat zij ons laten zien dat de oorspronkelijke uitgangspunten waarop haar politieke denken en activiteiten zijn opgebouwd niet goed kunnen functioneren, zodat de uiteindelijke bedoeling, die men bij de oprichting voor ogen had, daardoor in de knel is gekomen Onder die knelpunten noemen wij 1) het probleem van interne onenigheden en versplinteringen, 2) het probleem van verstarring en conservatisme, 3) het probleem van afgeslotenheid en gettoisme. BIJ het onderzoek van deze knelpunten is ons duidelijk gebleken, dat genoemde knelpunten niet zijn ontstaan ten gevolge van confrontatie tussen de ARP en haar tegenstanders Ze vormen een interne problema tiek, voortvloeiend uit standpunten en ideeën van de ARP zelf. Er zijn m.a.w. bepaalde disfunctionele elementen in het leven van de ARP opspoorbaar, t.w. de christelijke be ginsel-idee, de antithese-gedachte en de organisatievorm als zodanig De handhaving van de christelijke beginselidee is niet alleen moeilijk en aanvechtbaar, maar zelfs disfunctioneel is in die zin dat ze onvermijdelijk de verschijnselen versplintering en conservatisme met zich meebrengt, verschijnselen, die de uiteindelijke bedoeling in de weg stonden. De antithese-gedachte, met al haar nadruk op de speciale kwaliteit van de eigen groep, leidt namelijk regelrecht tot afgeslotenheid en gettoisme, gepaard gaande met gebrek aan inzicht m de realiteit, met elitaire pretenties en problemen m de communicaties met andersdenkenden. Wie de christelijke zaak aan een organisatie bindt, moet wel bedenken dat hij daarmee de problemen oploopt die aan een organisatie als zodanig vastzitten.
Met het organiseren als zodanig zijn disfuncties gegeven, zo leert ons de sociologie. De ziekte-verschijnselen van iedere organisatie zijn dus ook die van de ARP Ze worden ech ter bij de ARP nog aangewakkerd door haar basisconcepties. De antithese gedachte leidt ertoe de eigen groep tot doel in zichzelf te maken en de christelijke beginsel-idee leidt tot vereeuwiging van de groepsideologie Maar behalve dat deze concepties leiden tot de versterking van bestaande tendenties, brengen ze ook mee dat deze tendenties niet kunnen worden herkend als ziekteverschijnselen. Vanuit deze concepties ontvangen deze ziekteverschijnselen namelijk een religieuze wijding en legitimering. Een reduplicatie van het kuyperiaanse model van een politieke organisatie in Indonesië is onverantwoord, niet alleen op grond van het verschil m context tussen Nederland en Indonesië, maar vooral ook op grond van de ingebouwde disfunctionele elementen. Dit leidt echter nog niet tot het bij voorbaat afwijzen van iedere vorm van christelijke politieke organisatie. Dat zou een kortsluiting in de gevolgtrekkingen zijn. Gezien de bestaande context waarin de christenen zich bevinden is de oprichting van een christelijke politieke organisatie in Indonesië o.i. niet ondenkbaar, mits men een sterk besef heeft, dat de oprichting van zulke organisatie geen onveranderlijke principiële eis is, doch alleen een praktische noodzakelijkheid van voorbijgaande aard. Dit betekent dat zo'n organisatie getoetst moet worden op effectiviteit en doeltreffendheid In Indonesië zou zo'n organisatie o.i op dit moment de volgende doelstellingen moeten hebben 1. inzet voor een democratisch pluralistische samenleving, ten behoeve van zichzelf en anderen, 2. optreden als pressure-groiup, die kritischbouwend het welzijn van de hele samenleving probeert te dienen, 3. inzet voor een rechtvaardig evenwicht in de bestaande politieke constellatie. stellingen 1 Het verdient geen navolging de christelijke beginsel idee en de antithese-gedachte te maken tot uitgangspunten voor de oprichting van een christelijke politieke organisatie. 2 De keuze voor of tegen een christelijke politieke organisatie dient gemaakt te worden op grond van praktische politieke overwegingen 17 Het IS dringend gewenst, dat de correlatie tussen "Erkenntnis und Interesse" (Habermas) in de theologie door sociologisch onderzoek wordt opgehelderd. 18. De interrelatie tussen wereldzending en werelddiakonaat en ontwikkelingssamenwerking 21. Ook de Islam kent zijn verontrusten 22. De geschiedenis van de Indonesische kerken is te lang beschouwd als onderdeel van de westerse zendingsgeschiedenis, waardoor te weinig aandacht werd geschonken aan inheemse figuren en de interne problemen van de Indonesische kerken zelf. 23. Voor de bestudering van de geschiedenis en de situatie der Indonesische kerken zijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1970
Ad Valvas | 484 Pagina's