Ad Valvas 1970-1971 - pagina 273
9(3 vdivds WEEKBLAD V A N DE C I V I T A S ACADEMICA DER VRIJE U N I V E R S I T E I T
5 FEBRUARI 1971 18e JAARGANG Nr. 19
CRATIE [1F1.GA HOEKVELQ Dr. G. A. Hoekveld, benoemd tot hoogleraar in de sociale geografie, in het bijzonder de urbane en rurale geografie der westerse landen, heeft op 29 januari zijn ambt aanvaard met het uitspreken van een rede getiteld: "Geleding en ontleding van de stad, problemen van synthese en analyse in de stadsgeografie"
korte samenvatting Een ieder k o m t op grond van zijn alledaagse ervaringen t o t een bew/ustvi^ording van de differentiatie van steden. Het is echter bijzonder moeilijl< het "eigen karakter" van dergelijke stadsdelen in een wetenschappelijk verantwoorde geleding van' een stad vast te leggen.
PFOFESSOFl hOOYKMS 25 dAAfi hOOGLERAAfl op 1 februari was het 25 jaar geleden dat prof. dr. r. hooykaas zijn ambt als hoogleraar aan de vrije universiteit aanvaardde Professor Hooykaas, op 1 augustus 1906 te Schoonhoven geboren, studeerde chemie aan de Rijksuniversiteit te Utrecht. Hij promoveerde in 1933 op een proefschrift getiteld: " H e t b ^ r i p Element in zijn historischwijsgerige o n t w i k k e l i n g " . Van 1930 - 1948 was hij als scheikundeleraar verbonden aan lycea te Amsterdam en Zeist. In 1945 werd hij benoemd tot buitengewoonhoogleraar in de geschiedenis der natuurwetenschappen (de eerste leerstoel van dien aard in Nederland) aan de Vrije Universiteit. Professor Hooykaas aanvaardde op 1 februari 1946 zijn ambt met het uitspreken van een rede getiteld: "Rede en ervaring in de natuurwetenschap der X V I I I eeuw " . In 1948 volge zijn benoeming tot gewoon hoogleraar aan de V U . Dit duurde t o t 1967 toen professor Hooykaas een gewoon hoogleraarschap aanvaardde aan de Rijksuniversiteit te Utrecht. Hij bleef aan de V U verbonden, maar nu weer als buitengewoon hoogleraar.
Professor Hooykaas, die met zijn wetenschappelijk werk in brede kring de aandacht heeft getrokken, is vice-president voor Europa van het I nternationale Comité voor de Geschiedenis der Geologische Wetenschappen; lid van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (klasse der Letteren); lid van de Académie Internationale d'Histoire des Sciences (Paris); lid van de Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen te Haarlem; lid van de Academia da Cultura Portuguesa te Lissabon en buitenlands lid van de Koninklijke Vlaamse Akademie van Wetenschappen (klasse der natuurwetenschappen) van België. In 1965 werd hij benoemd t o t Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw, in 1966 in Polen tot Commandeur in de orde van Polonia Restituta en in 1969 tot eredoctor aan de universiteit van Coihibra ( Portugal ). Ter gelegenheid van die ere-promotie werd hij tevens benoemd t o t Groot Officier in de Orde van Don Henrique.
In de worsteling met deze problematiek vertoont de stadsgeografie eenzelfde ontwikkeling als de sociale geografie in het algemeen. Genoemd kunnen o.m. worden een toenemende oriëntatie op het gedragswetenschappelijke denken, op een proces- en systeemdenken, op een kwantificerend en generaliserend denken en op het verwerken van theorieën en methoden van andere (maatschappij) wetenschappen. Aan de hand van grepen uit de geschiedenis van de duitse en de franse stadsgeografie alsmede van de amerikaanse human ecology en de invloed daarvan op de amerikaanse stadsgeografie en enkele onderdelen van de stadssociologie, wordt getracht duidelijk te maken dat de holistische concepties van waaruit het onderzoek naar " d e " geleding begon, steeds tot een ontleding van de stad voerden. Deze
ontleding is zowel een gevolg van de maatschappelijke werkelijkheid in de westerse landen als van de ontwikkeling van het geografisch denken. Het gebruik van verschillende " m o d e l l e n " bij de beschouwing van de ruimte, verschillende "ingangen" en verschillende "schalen" is vrucht van deze ontwikkeling en leidt t o t zo verschillende gelijktijdige geledingen van de veelzijdige stedelijke werkelijkheid. Juist omdat de geografische geledingen een veelvuldige toepassing vinden in het planologisch onderzoek is explicitering van de aard van die geledingen een eerste vereiste.
VATCK iN BRCeiL
AKSIE
»M.
-.<?^=S|t^
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1970
Ad Valvas | 484 Pagina's