Ad Valvas 1971-1972 - pagina 233
een 'ongekontroleerde toezen ding', dwz toezending a a n ieder een. O m d a t het blad niet alleen feiten m a a r ook opinies van a n d e ren moet weergeven, staat zij enigs zins huiverig tegenover toezen ding a a n alle betrokkenen.
Akadesiische Raad wil een landelijk universitair weekblai De oprichting van een landelijk interuniversitair weekblad is h e t onderwerp van een rapport dat n a twee j a a r voorbereiding door een ad hoc ingestelde kommissie van de Akademische Baad, a a n de voorzitter v a n datzelfde kollege is verzonden. Het blad, dat indien de plannen ook in daden omge zet worden, mogelgk "Nederlands Academisch Weekblad' gaat h e ten, zal niet in de plaats komen van al bestaande universiteitsbla den en andere organen die zich met onderwüs, universiteit, onder wijsbeleid en wetenschappelöke ontwikkeling bezighouden. Het lijkt de kommissie voor de hand te liggen dat een landelijke vooiziening wordt getroffen. "De ingrijpende ontwikkelingen Im mers met betrekking tot het we tenschappelijk onderwijs, welke /ach n a a r verwachting in de k o mende jaren voor zullen doen, ver gen meer d a n ooit een relevante nieuwsvoorziening.' E n : 'In toe
7
AD VALVAS
10 MAART 1972
nemende m a t e bestaat niet alleen de behoefte a a n zakelijke infor matie m a a r ook a a n een forum voor aktuele opinievorming be treffende de universitaire proble men.' Naar het oordeel van de kommis sie voorzien de huidige universi teitsbladen en voorlichtingsmedia niet In deze behoeften. Naar h a a r mening komt de huidige situatie 'veel relevante informatie van al gemene of aktuele a a r d niet op de sneLste wijze, of in het geheel niet, binnen het beieik v a n de belang hebbenden, die geacht kunnen worden d a a r v a n kennis t e willen en ook te moeten nemen. 'Voorzo ver,' aldus nog steeds h e t rapport, 'uiformatie wel aanwezig is, is deze zo incidenteel, willekeurig, ongelijkmatig van verspreiding en kwaliteit, moeilijk bereikbaar e n onoverzichtelijk, dat het u i t e n n a t e tijdi'ovend en om.slachtig is de ge wenste gegevens te achterhalen.
Doelmatig I n het rapport wordt zo vooral de n a d r u k gelegd op een doelmatiger oiganisatie. Naast het opvullen
Het blad zal wekelijks verschij nen, heeft h e t formaat van de Haagsche Post en Elsevier's Maga zine, m a a r is aanmerkelijk dun n e r : 14 pagina's tekst.
van gaten die n u nog in de nieuws voorziening zouden vallen, acht men het eveneens onjuist, 'dat de talrijke plaatselijke universitaire en overige mededelingenorganen zich genoodzaakt zien hetzelfde nieuws evenzovele malen over te nemen en/of te verwerken. Aanne melijk lijkt dat, wat t h a n s per u n i versiteit of landelijk niveau wordt verricht, in gezamenlijk verband beter k a n worden gedaan en ver houdingsgewijs tegen minder kos ten.' Niet helemaal duidelijk wordt voor wie h e t blad bestemd zal zijn. De kommissie stelt a a n de ene k a n t niet alleen de leden v a n de verschillende beleids en bestuurs organen, m a a r ook de overige le den van de universitaire gemeen schap in gedachten te hebben. D a a r n a echter blijkt ze geen dui delijk beeld over de oplage te h e b ben en wankelt tussen de 200.000 belanghebbenden bij h e t weten schappelijk en hboonderwijs a a n de ene, en een minimale o p laag van 15.000 a a n de andere kant. De meerderheid v a n de kommissie verzet zich wel tegen wat zij noemt
Advertenties zullen het blad wel dikker maken. De zfes leden s t a a n positief tegenover het opnemen van advertenties, niet alleen door dat hiermee meer geld in het laatje zou komen, m a a r ook omdat 'ad vertenties uit de verschillende sek toren van het onderwijs, van be drijfsleven en overheid, een w a a r devolle ondersteuning vormen voor de doelstellingen van het blad'. Het blijft echter oppassen geblazen: aangetekend wordt dat h e t blad niet een 'advertentie fuik' mag worden. E n dat de a d vertenties qua genre dienen te p a s sen by het karakter van het blad.
onderzoek n a a r die behoefte overigens niet uitgevoerd.
is
Voor het invullen en verwerken van h e t tekstgedeelte worden drie redakteuren aangetrokken. Tweeëntwintig bestuursleden, die, aldus het vooi'stel, a a n universitei t e n e n hogescholen. Akademische raad, de Nederlanse vereniging van journalisten, de R a a d v a n voorlichtingsambtenaren en het ministerie van O.W. verbonden zijn, zullen het blad begeleiden. BART IMMINK
Overheid Enige bron van inkomsten vormen die advertenties, mocht de kom missie h a a r zin krijgen, niet. Voor zover advertenties en eventuele abonnementen niet een voldoende grondslag bieden, lijkt h e t de kom missie, gezien de doelstelling v a n het blad, redelijk een beroep te kunnen doen op de overheid. E é n van de leden merkte zelfs op dat, n u de regering h e t kollegegeld zo sterk wU verhogen, 'met meer recht gevraagd k a n worden dat een zeer klein gedeelte v a n de geïnde bedragen in deze vorm a a n de studenten ten goed komt'. Een
De rektor magnifikus m a a k t be kend, d a t op 2!«^ februari 1972 u i t de kring der universiteit werd weggenomen Adrianus Klootwijk, kandidaat in de rechtsgeleerdheid. 6 maart 1972.
KRITISCHE RE AKTIE VAN WE RKGROE P ALGE ME NE TAALWETENSCHAPPEN OP DIE SRE DE PROF. BIANCHI Hoewel de hier geplaatste r e aklie op diesrede van prof. mr. H. Bianchi over 'Stigma tisering' gehouden op woens dag 20 oktober de 91ste ver jaardag van de Vrije Univer siteit, ons veel te l a a t n a h e t uitspreken van die rede b e reikt en bovendien veel t e specialistisch is, heeft de r e daktie gemeend ditmaal over deze onoverkomelijke bezwa ren heen te moeten stappen en h e t stuk toch te moeten publiceren omdat h e t de eer ste maal is d a t in dit blad op een diesrede wordt gerea geerd.
(In dit artikel is grotendeels de spelling van de auteurs aangehou den). De werkgroep psichoUngwistiek in de subfakulteit der algemene t a a l wetenschap heeft de diesrede van prof. mr. H. Bianchi, getiteld 'Stigmatisering', voorzover deze zich begeeft op h e t vakgebied der subfakulteit (p. 50 t e m 55), krities bestudeerd en meent, ter voorko ming van misverstand bü h e t ver der doordenken over deze proble matiek, h e t volgende te, moeten opmerken. 1. De SapirWhorf hipotoze, ' d a t de wereldaanschouwing van indi viduen binnen een bepaalde kui tuur voor een belangrijk deel af hankelijk is v a n de struktuur en de karakteristieken v a n de t a a l die zij spreken,' is niet 'tot op vrij grote hoogte geverifieerd,' zoals prof, Bianchi stelt (p. 50). I n t e gendeel, deze hipoteze is In de lingwistiek reeds lang geleden als onhoudbaar opgegeven en vindt nog slechts a a n h a n g onder niet lingwisten die zich met t a a l be zighouden. (Voor een duidelijk overzicht zie: J. Thlelemans, 'Taal en Relativiteit; de hypotese van SapirWhorf, dertig Jaar later.' Hand. Kon. ZNed. Mij. v. T a a i en Letterk. e n Gesch. X X I I I , Brussel 1969, p . 357375). De onderzoekingen op dit gebied blijken geenszins ' a a n te tonen d a t proefpersonen de grootste moeite hebben om kognitieve onderschei dingen a a n te brengen, indien him t a a l er geen bijzonder woord voor heeft' (p. 51); h e t tegendeel is gebleken voor alle kognitieve onderscheidingen die In een b e paalde kuituur v a n belang zijn. Een Nederlander heeft geen e n kele moeite om de kleuren v a n 'rood licht', 'rood h a a r ' e n 'rode kool' te onderscheiden, e n als by de Zuni Indianen, die prof. B i a n chi a a n h a a l t , h e t rype koren op zekere dag oranje te velde zou
ittfc
s t a a n zouden zy h i m verbazing daarover zeer goed met een ver geiykende omschryving weten uit te drukken, evenals wy met ons ene woord 'groen' toch nog best 'mos', 'oiyf', 'zee' en 'appel groen' kunnen onderscheiden. Het merendeel van alle lekslkale woor den is meerduidig; p a s zinsver band, kontekst, en situatie voe ren een woord tot z'n eenduidige interpretatie; dit is een universeel taalprinsiep. 2. 'Het woord "vaars" . . . z e g t . . . heel weinig over de koe in h e t al gemeen' (p. 51); hetzelfde geldt voor h e t woord 'koe'. Een woord 'zegt' nooit iets 'over' de zaak die het benoemt: een woord is een konven tioneel geluidsteken om een zaak mee a a a t e duiden. Eerst is er de zaak, d a n m a a k t m e n pas (soms) een teken daarvoor. Dit tekenkarakter van de taal is een kardinaal p u n t d a t door Whorf en in Bianchi's 'linguïstisch model' (p. 50) geheel over 't hoofd wordt gezien. D a t mensen door h u n k u i t u u r 'in h u n kognitieve en per ceptieve wereld gedwongen worden om bepaalde dingen te zien en a n dere niet te zien, en (dat) zy daardoor als hot ware de absolute gevangene kunnen worden v a n h u n eigen kuituur of sutakiütuur' (p. 52) is waar, m a a r dit komt niet door h u n t a a l : zie onder 1. ' O n geluk dat m e n niet in t a a l ver woorden kan, bestaat niet' (p. 52) , . . was 't m a a r w a a r ! 3. Prof. Bianchi zegtr 'woorden met een hoge codabiliteit' —le nen— zich er uitstekend toe' (trouwens niet alleen zy!) . . . 'om by de stigmatisering gebruikt t e worden' en . . . leveren 'soms a a n de informatieontvangers een di rekt geheel van connotaties op . . . die meteen door de negatieve klank de aangewezen individuen op de andere k a n t van de stigma lijn plaatsen' (voorbeeld: 'dief'; 'tbrklant'; p . 52). Inderdaad; m a a r h e t gaat hier d a n ook om •connotaties', om de gevoelswaarde van de woorden, niet meer om h u n betekenis. Die konnotaties krygt een woord door onze hou ding tegenover de betekenis, of beter: tegenover de zaak die er mee aangeduid wordt, door de ge voelens die die zaak by ons o p wekt. Die gevoelens k u n n e n v a n kontekst t o t kontekst en v a n i n dividu tot individu verschillen. Zo is h e t woord 'zand' pozitief gela den in 'kilometerslange zand stranden' e n negatief in 'we a t e n op 't s t r a n d onze b o t e r h a m m e n m e t zand.' Zo zou 'grote dief' by een dievenbende een erenaam kvmnen zyn. Zo is iemand ook geneigd een voornaam mooi t e vinden als h y 'n aardig persoon kent die die n a a m draagt, en le lyk als h e m 'n onaardige eigenaar van die n a a m voor ogen staat.
genwoordig veel moordenaars t o t 'psichies gestoord' worden ver klaard en in zo'n inrichting b e landen inplaats v a n i n d e g e v a n genis, is er ongetwijfeld de oor zaak v a n dat h e t nieuwe scheld woord 'psichopaat!' een erger scheldwoord is d a n het oudere 'gek!' (zie hierboven, noot 2); vgl. ook h e t kortstondige leven van de speciaal als nietdiskrimuierend bedoelde aanduiding 'gastarbei der', die m e n n u officieel alweer heeft moeten vervangen door 'b.w.' = 'buitenlandse werknemer). Nog m a a l s : onze houding tegenover de aangeduide zaken geeft de woor den h u n gevoelswaarde, niet a n dersom. 4. Prof. Bianchi zegt: 'De achter Uggende gedachte van Chomsky is geweest dat is de g r a m m a t i c a zo als hy zich die voorstelt, niet meer sprake is v a n een prescriptiemo del. Een grammatica is d a n niet meer een systeem om vast t e s t e l len welke zinnen grammaticaal verantwoord zyn en welke niet. Integendeel, in dit nieuwe model is er een grammatica die een o n eindig a a n t a l zinnen mogelijk m a a k t (genereert)' (p. 54). I n Chomsky's g r a m m a t i k a wordt er inderdaad voor h e t eerst ekspli siet rekening mee gehouden d a t de g r a m m a t i k a v a n een t a a l in staat moet zijn h e t oneindige a a n tal zinnen v a n die t a a l eksplisiet op te sommen ( = 'genereren'). Deze zinnen zullen echter, in t e genstelling tot wat prof. Bianchi meent, per definitie ' g r a m m a t i kaal verantwoord zyn.' Voor Chomsky is een g r a m m a t i k a die grammatikaalnietverantwoorde zinnen genereert ondeugdeiyk: zo'n g r a m m a t i k a dient door een betere vervangen t e worden. By Chomsky is er dus Juist wél spra ke van een 'prescriptiemodel' dat moet 'vaststellen welke zinnen grammatikaal verantwoord zyn en welke niet.' (Voor de huidige diskussie is deze vereenvoudigde weergave van Chomsky's denken voldoende). Prof. mr. H. Bianchi, hoogleraar rechten, op wiens diesrede 'Stigmati sering' door een werkgroep uit de fakulteit der letteren kritiek wordt geleverd. Er zyn geen woorden die 'geen stigmatiseringseffekt k u n n e n h e b ben' (p. 53), eenvoudig omdat de stigmatisering Inherent is a a n on ze houding tevenover de benoem de zaak. D a a r verandert een ge wyzigde terminologie niets aan, evenmin als er iets zou verande r e n door over de zaak te zwegen (dwz h e m niet te verwoorden, vgl. 2 hierboven). P a s als onze nega tieve houding tegenover de b e noemde zaak (b.v. een daad of een dader) zich wyzigt, of als de betekenis v a n een woord veran
dert, in casu: als 'n woord een voor ons gevoel betere zaak gaat aanduiden, zal dat woord zyn n e gatieve gevoelswaarde verliezen. En d a n is h e t niet langer nodig h e t te vervangen.2 Vóór die tUd helpt veranderen niets, getuige b.v. de geschiedenis van de a a n duidingen voor 'n krankzinnigen gesticht, v a n 'dolhuis' via 'gek kenhuis' e n 'krankzinnigenge sticht' t o t 'psichiatrise inrichting' en 'psichiatries ziekenhuis', steeds met terugkeer van de negatieve gevoelswaarde. Het feit d a t er t e
Prof. Bianchi's 'vertalen (van) h e t model van Chomsky. voor de problematiek in h e t stigmatise ruigsveld' (p. 64) is dus geen ver talen v a n d a t model: het berust op een onjuiste interpretatie er van. H e t heeft daarom geen zin verder op details van de/^e inter pretatie op p. 54 en 55 in te gaan. ' Prof. Bianchi bedoelt woorden met meer algemene betekenis. ' Vgl. de ontwikkeling van Eng. 'nice', d a t in Shakespeare's t y d nog 'losbandig' kon betekenen, en Ned. 'maarschalk' uit 'marescalc' =: 'paardeknecht'; en de zeer r e sente uitdrukking 'lekker gek'. Namens de werkgroep, P. Th. van Reenen B. Siertsema.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1971
Ad Valvas | 330 Pagina's