Ad Valvas 1972-1973 - pagina 237
AD VALVAS ^
Vier nieuwe buitengewoon hoogleraren Tot buitengewoon hoogleraar in de forensische spychlatrie a a n de faculteit der rechtsgeleerdheid is benoemd dr. N. W. de Smit te Amsterdam (Prinses Marykes t r a a t 34). Dr. N. W. de Smit werd op 18 juli 1930 te Medan in Indonesië geboren. Hij studeerde medlcynen a a n de Universiteit v a n Amsterdam, legde in 1953 h e t doctoraal examen af en in 1955 h e t a r t s examen. I n 1963 promoveerde bij op een proefschrift getiteld: 'From Person into P a t i e n t ; a SocialPsycliiatric Exploration of t h e R e ferral Phenomenon'; z;Jn promotor was prof. dr. A. Querido. Dr. de Smit specialiseerde zich in de psychiatrie a a n de Universiteit van Michigan te Ann Arbor (U.S.A.), (1955-1958) en (19581961) a a n de tTniversiteit van Axfisterdam. Van 1961-1963 was h y waarnemend hoofd van de sectie Geestelijke Gezondheidszorg der Koninklijke Landmacht. Z y n h u i dige functies zijn o.a.: buitengewoon lector in de forensische psychiatrie a a n de VU, wetenschappeiyk hoofdmedewerker psychiatrische kliniek van h e t Wilhelmina Gasthuis t e Amsterdam; districtspychiater van h e t Ministerie van Justitie, Arrondissement Amsterdam; voorzitter DageUJks Bestuur van de Stichting voor de Geestelijke Volksgezondheid in N.H. en correspondir^ Fellow in t h e American Psychiatrie Association. De heer De Smit is r e d a c teur van het m a a n d b l a d G«esteUjke Volksgezondheid en secretaris van de Ned. Ver. voor Psychiatrie en Neurologie.
Tot buitengewoon hoogleraar in de klinische neurofysiologie a a n de faculteit der geneeskunde is benoemd dr. S. L. Visser te Abcoude (Koningsvaren 87). Dr. S. L. Visser werd op 10 Juni 1927 t e R o t t e r d a m geboren. Hy studeerde geneeskunde a a n de R.U. te lieiden en legde in 1954 het arts-examen af. Hy promoveerde in 1959 op een proefschrift getiteld: 'Correlaties tussen de g e conditioneerde reactie van h e t a l fa-ritme en kenmerken van h e t routine E.E.G. bij normale proefpersonen en psychiatrische p a t i ënten', z y n promotor was prof. dr. L. van der Horst. Zyn specialisten-opleiding ontving h y in de
Psychiatrische Inrichting 'Wolfheze' te Wolfheze en in de 'Valeriusklinlek' te Amsterdam. I n 1960 volgde zyn inschryving in h e t specialistenregister. Dr. Visser is hoofd van de afdeling E.E.G. en klinische neurofysiologie v a n de Valeriuskliniek en h e t Academisch Ziekenhuis en is sinds 1967 als buitei^ewoon lector in de Elektro-encefalografie en Klinische Neurofysiologie verbonden a a n de Vrije Universiteit.
Tot buitengewoon hoogleraar in de informatica a a n de faculteit der wiskunde en n a t u u r w e t e n schappen is benoemd dr. J. W. de Bakker te Amsterdam (Van Brees t r a a t 147). Dr. De Bakker werd op 7 m a a r t 1939 te Ede geboren. Hy studeerde wiskunde en natuurwetenschappen a a n de Vi-ye Universiteit en legde in 1964 h e t doctoraal exam e n af. I n '1967 promoveerde h y op eèn proefschrift getiteld: 'Formal Definition of Programming Languages'. De heer De Bakker is sinds 1964 verbonden a ä n de Stichting M a t h e m a t i s c h C e n t n m i (Rekenafdeling), vanaf 1970 als souschef van de sectie non-numerieke research.
Tot buitengewoon hoogleraar in de informatica (admlnistratieforganisatorische richting) a a n de faculteit der eccmomische wetenschappen is benoemd de heer J. M. van Oorschot te 's-Gravenhage (Prinses Beatrixlaan 16). De heer Van Oorschot is 54 j a a r en directeur van de Rykskantoormachinecentrale. Sedert april 1972 is hy bovendien directeur van h e t Directoraat voor Automatisering by de P.T.T. I n 1962 behaalde h ü h e t diploma van de Stichting Interacademiale Opleiding voor Organisatiekunde. Hy is auteur van h e t boek 'Inleiding tot het gebruik van a d m i n i stratief-technische hulpmiddelen en systeemanalyse'. Sins 1969 is de heer Van Oorschot voorzitter van de Onderwys Adviescommissie van de Stichting Studiecentrum voor Informatica.
BEZEHING WEER OP TAFEL In het vorige nummer tmn Ad VaU belang dienen. In de tweede plaats moet je je bij het besluit om te tms werd in extenso de brief van gaan bezetten toch wel het volhet CvB naar aanleiding van de gende realiseren: is het hanteren met de SRVU gevoerde gesprekvan een middel dat zo diep inken afgedrukt. Deze gesprekken grijpt in het universitaire leven zijn gehouden naar aanleiding van wel te rechtvaardigen als het gede bezetting van het hoofdgebouw hanteerd wordt door een betrekvan 7- tot 12 februari j.l. Ook in kelijk kleine groep? Wij menen de Ü.R.-vergadering van 2 m^i dat als je principieel het middel werd aan deze brief aandacht bevan een bezetting denkt te kunsteed. De SRVU leverde op deze nen hanteren, het besluit hiertoe vergadering commentaar bij de gesteund, moet worden door minsbrief. Zowel ir de brief als in het tens de helft van de bij de bezetcommentaar daarop vallen een ting betrokkenen. Gezien het feit aantal zaken op die nadere bedat hiervan bij de laatste bezetschouwing behoeven. ting beslist geen sprake was is deze Het CvB stelt dat de SRVU onbezetting ook op deze grond af te zorgvuldig zegt te hebben gehanwijzen. Het is intolerant en autodeld door niet tot het uiterste te ritair bij het bereiken van je doeproberen het gesprek open te houlen middelen te gebruiken waarden. Het gaat hierbij om het feit door niet geïnteresseerden of tedat de eisen op grond waarvan genstanders gedwongen worden bezet is niet eerder dan tijdens de zich met de zaken te gaan bezig bezetting aan het universiteitshouden. bestuur ter kennis zijn gebracht. Ook de financiële consequenties Dit geeft de SRVU toe waar zij zegt: 'de eisen waarop bezet werd, van de bezetting schijnt de SRVU weinig doordacht te hebben. De zijn noch expliciet tijdens de U.R.vergadering naar voren gebracht, rekening die het CvB heeft aangeboden kan namelijk niet betaald noch woensdag 7 februari aan het worden. Deze rekening bedraagt CvB overgebracht.' De SRVU zegt f12.000 waarvan f 10.000 voor dat zij dit 'slechts" betreurt, terwijl overwerk, terwijl de niet gewerkte er door middel van een gesprek maar wel doorbetaalde wen nog misschien een kans, hoe klein ook, niet zijn opgevoerd. In de brief voor een oplossing aanwezig was. van het CvB wordt gesproken van De SRVh stelt ook dat andere structurele remmen die moeten actiemiddelen niet adekwaat wer- -voorkomen dat het middel van den geacht en dat de bezetting een bezettinff ongelimiteerd toordt noodzakelijk was als antwoord op gehanteerd. De voornaamste rem de opstelling van het CvB en de die bestaat bij de vakbonden, — U.R. de SRVU wil een studentenvakEnerzijds dus een voorbij laten bond zijn — ts van financiële gaan van een kans op een oplosaard. Precies dezelfde rem kon bij sing. Een onzorgvuldigheid die ons de SRVU uiteraard niet van toeinziens niet te rijmen valt met het passing zijn, maar het lijkt wel behartigen van het belang van de terecht dat voor een studentenuniversitaire gemeenschap, wat de vakbond ook een financiële barSRVU pretendeert te doen. rière bestaat tegen het te pas en Anderzijds een actiemiddel dat de structuren binnen de universiteit negeert en dat de gang van zaken totaal frustreert. Ons inziens is dit middel alleen dan toelaatbaar als de structuur die op deze wijze doorkruist wordt geen waarborgen kan bieden voor een democratisch bestuur. De huidige structuur kan dit echter volgens ons wel degelijk. De pretentie van het behartigen van het belang van de universitaire gemeenschap door middel van een bezetting, kan de SRVU volgens ons niet waarmaken. In Het I n s t i t u u t voor Praktische de eerste plaats stelt de SRVU Theologie a a n de Vrije Universi'dat tenslotte honderden studenteit^ concentreert zyn werkzaamten het erover eens moeten worheden op h e t ogenblik op twee den dat een bezetting noodzakelijk onderzoekingen, t e weten een o n is'. Het lijkt ons meer juist dat je derzoek n a a r de kerkdienst en als je over liet belang van de unieen onderzoek n a a r geloofsbeleversitaire gemeenschap spreekt ving. ook anderen dan studenten betrekt I n verband met h e t kerkdienstbij het besluit welke middelen dit onderzoek heeft h e t instituut vo-
H e t I K O R z a l o p w o e n s d a g 16 m e i e e n t v - p o r t r e t u i t z e n d e n v a n prof. D o o y e w e e r d , m e d e in v e r b a n d m e t h e t 25-jarig jubileum v a n de Stichting Bijzondere Leerstoelen voor Calvinistische Wijsbegeerte. D e u i t z e n d i n g z a l zijn o m 22.05 u u r , n a K e n m e r k - K o r t o v e r N e d e r l a n d - 2 . Regie: P h i l i p Engelen. P r o d u k t i e : Prof. dr. G . K . L a m m e n s .
Voor d i e g e n e n d i e prof. d r . H . D o o y e w e e r d n i e t k e n n e n v o l g t h i e r e e n c i t a a t u i t e e n a r t i k e l v a n d r . G . P u c h i n g e r i n ' P e r s p e c t i e f ' K a m p e n 1961, p p . 69, 7 0 ) :
Aan dit internationaal contact kwam ook zeer t e n goede de verschyning v a n de wysbegeerte der Wetsidee i n een herziene en
te onpas gebruik maken van bezettingen. In het stuk van het CvB wordt ook gesproken van de dubbelfunctie van de SRVU: enerzijds algemeen belangen beJiartigen, anderzijds politieke vakbond. De SRVU maakt hierbij misbruik van zijn monopoliepositie op het gebied van andere dan politieke belangenbehartiging. Wij zullen trachten, indien de SRVXJ dat niet zelf doet, hier een eind aan te maken. Deze positie van de SRVU brengt namelijk met zich mee dat studenten die om financiële redenen gebruik moeten maken van de SRVU een politieke stem wordt opgedrongen die misschien totaal niet de hunne is. Namens de VUSO W. G. Aldershoff K. E. J. Dijk
TAS-raadsvergadering M a a n d a g 11 mei 1973 09.00 u u r kamer l a l 9 Hoofdgebouw. Agenda: 1. Opening en mededelingen 3. Notulen vorige vergadering Verslagen v a n CRAD, ITO en Bibliotheekraad 3. Ingekomen stukken 4. Verkiezingen 5. VM. agenda e. Commissie vorming 7. Rondvraag 8. Sluiting V
ONDERZOEK NAAR GELOOFSBELEVING
T.V.-PORTRET VAN PROF. DR. H. DOOYEWEERD
Vast s t a a t d a t Dooyeweerd's betekenis is uitgegroeid tot één die ver uitrijst boven h e t belang d a t h y bezit voor de specifiek gereformeerde kring, waaruit h y is voortgekomen. Dit vond ook erkenning in zyn benoeming in 1948 tot lid van de Koninkiyke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, waarvan h y al spoedig tot bestuurslid werd gekozen. By de herdenking v a n h e t 150-jarig bestaan der Akademie werd h e m verzocht een rede van meer algemeen wetenschappelyk karakter uit t e spreken. Dooyeweerd is daarmee een gesprekspartner geworden in de t r a n t zoals Kuyper en Bavinck wenseiyk achtten, m a a r waartoe dezen de gelegenheid n i m m e r in die m a t e is geschonken geweest. W a n t h y heeft ook a a n verschillende belangryke buitenlandse universiteiten zyn denkbeelden over een bybels gefundeerde wysbegeerte k u n n e n voordragen. Zo gaf h y hierover voordrachten a a n de Universiteiten van Aix en Provence en Marseille, a a n de Sorborme te P a r y s , a a n de Universiteit t e Leuven, a a n de Universiteit van Philadelphia, de Mac Gill University t e Montreal, de Universiteit van Toronto, de Universiteit t e Princeton en de H a r v a r d University t e Boston (Cambridge), terwyl h y reeds eerder a a n b y n a alle universiteiten van ZuldAfrika lezingen over de Wysbegeerte der Wetsidee gaf.
H MEI 1973
belangryk uitgebreide Engelse editie onder de titel: A new Critique of Theoretical Thought (4 vol.). Dooyeweerd s t a a t n a a s t h a n d h a v i n g van eigen p r a e g n a n t e overtuiging een nauw contact m e t andersdenkenden voor; h y veroordeelt alle starheid van denken en optreden, en wenst geen Isolement met als offer de doorwerkingskansen van de Christeiyke Boodschap. W a n t wat zou h e t schoonste wapenarsenaal in wetenschappelyk opzicht baten, zonder d a t h e t dienstbaar werd gesteld a a n de doorwerking van h e t Evangelie, ook in de wetenschap! I n Dooyeweerd's viymscherpe betoogtrant treft uiteindeiyk h e t meest de nodigende kracht. Meer nog d a n in Kuyper en Bavinck t r a d in Dooyeweerd de s p a n ning op tussen de religieuze antithese en de gemeenschapsoefening m e t allen die de Christus beiyden. De scherpte äier antithese en de b a n d dier Christeiyke gemeenschap wist Dooyeweerd in zyn leven tot een zeldzame en bezielde synthese te doen samengroeien. Aan deze t a a k heeft Dooyeweerd c ^ h e t hoogste wetenschappelyk niveau zyn leven besteed, en alleen zy mogen en k u n n e n zich in engere zin zyn leerlingen achten, die ook hierin a a n zyn arbeid willen gemeenschap hebben. I n h e t leven van Dooyeweerd kreeg h e t Solt Deo Gloria een nieuwe gestalte, die beantwoordt a a n de Bybelse Boodschap en de eisen die in de Twintigste Eeuw gesteld worden a a n allen die willen optreden b i n n e n h e t kader der Christeiyke wetenschap.
rig j a a r via een bericht in de p u bliteitsmedia gevraagd of m e n zyn (positieve of negatieve) ervaringen m e t betrekking tot de kerkdienst a a n h e t instituut wilde meedelen. Hierop is een groot a a n t a l reacties binnengekomen, op grond waarvan h e t instituut t h a n s bezig is de probleemstelling voor een verdergaand onderzoek n a a r de kerkdienst uit te werken. De resultaten zullen t.z.t. gepubliceerd worden. Het onderzoek n a a r geloofsbeleving is gericht op de veranderingen die met betrekking tot het geloofsleven plaatsvinden. Van veel k a n t e n is te horen dat er inzake h e t geloof grote veranderingen optreden, zowel in de wyze waarop mensen h e t geloof verwoorden en beleven als wat b e treft de plaats die h e t geloof in h e t leven irmeemt. Vanwege h e t fundamentele belang van wyzigingen op dit gebied is h e t I n stituut t h a n s van plan nader o n derzoek hiernaar te verrichten, in overleg met prof. dr. P. G. van Hooydoijk (r.k.) en dr. R. G. Scholten (n.h.). De belangrykste vragen waarom h e t hlerby gaat z y n : — W a t verstaan we onder geloof? — Welke plaats neemt het geloof in ons leven in? — Welke wyzlgingen hebben zich In ons geloofsleven voorgedaan? Eén v a n de mogelykheden om tot meer inzicht in deze vragen te komen is d a t degenen die wel eens over deze zaken hebben n a gedacht of die by zichzelf b e paalde veranderingen constateren h u n meningen en ervaringen m e e delen a a n h e t Instituut. Op basis hiervan kan men dan weer verder onderzoek verichten). Een ieder, die op dit p u n t wil helpen wordt gewaagd te s c h r y ven wat zyn of h a a r ervaringen en gedachten met betrekking tot het geloof en de veranderingen daarin zyn. Vermelding van leeft y d en kerkgMiootschap wordt op p r y s gesteld. Uiteraard k a n op vertrouweiyke behandeling van de gegevens gerekend worden. D e brief k a n ongefrankeerd word e n verzonden a a n : Instituut voor Praktische Theologie a a n de Vrye Universiteit, Antwoordn u m m e r 2941, Amsterdam-1011.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 augustus 1972
Ad Valvas | 284 Pagina's