Ad Valvas 1973-1974 - pagina 50
AD VALVAS — 12 OKTOBER 1973
2
AFSCHEID
''M^y
PROF. BERKOUWER
Vandaag 13 oktober 1973 neemt prof. dr. G. C. Kerkouwer, zoals men ook elders in Ad Valvas kan lezen, afscheid van de Theologische Fakulteit en de Theologische Fakultclt van hem. Er zal een enkel woord ' gesproken worden, Berkhouwer zelf zal een afscheidscollege geven, er is een receptie en er zullen veel, erg veel mensen zijn. Dat alles om te markeren wat mei recht een gewichtig ogenblik mag heten in de geschiedenis van de Vrije Universiteit: een van haar meest prominente vertegenwoordigers vertrekt uit de actieve dienst. Ik druk mij niet zonder reden in deze termen uit. Berkouwer werd in 1940 aan de Theologische Pakulteit verbonden en het is op geen enkele manier overdreven om te zeggen dat hij tot de mensen behoort die het gezicht van de Theologische Faculteit, en daarmee van de Vrije Universiteit, gemaakt hebben tot wat het vandaag is. Natuurlijk, de Vrije Universiteit had ook in de jaren vóór de Tweede Wereldoorlog aanzien en gewicht, maar men moet daarbij wel in rekening brengen dat de miiversiteit klein was, weinig faculteiten kende, en nog m sterke mate samenviel met de groep waaruit ze was voortgekomen, de gereformeerden. Dat laatste — de beslotenheid van de eigen groep — was welliclit nog üi de Theologische Faculteit het sterkste merkbaar. Ik kan de betekenis van Berkouwers entree in deze faculteit moeilijk anders zien dan als een opening van allerlei tot dan toe gesloten deuren. Met Berkouwer begon in de Theologische Faculteit een nieuwe periode. Hij was anders en deed anders dan men van gereformeerde theologen gewend was zonder dat zijn gereformeerd zijn daarby inboette. De discussie met kerk- en gezindte-genoten werd niet afgebroken, maar tegelijkertijd kwamen er andere, bredere dialogen op gang, en daardoor kwam bij hem ook het binnenhuis gesprek op een ander plan. Berkouwer knoopte, wat dat betreft, bij H. Bavinck aan; hü maakte zichzelf en daarmee de gereformeerde theologie tot gesprekspartner in plaats van (vanzelfsprekende) maatstaf over anderen. Op deze manier ging de Theologische Faculteit ook buiten de gereformeerde kring aan betekenis winnen. Of het bij andere nederlandse universiteiten zo gebeurt, weet ik niet, maar by de Vrije Universiteit is het effect geweest dat mede door de Theologische Faculteit een stuk respect gegroeid is voor de universiteit als geheel. Dat dankt deze miiversiteit in grote mate aan de persoon van Berkouwer. Tot op de dag van vandaag speelt hy een rol in allerlei interconfessionele en Internationale relaties waarby de
nederlandse theologie is betrokken. Ik stip hier slechts zUn contacten met rooms-katholieke theologen aan, die reeds vanaf de 40iger jaren dateren, en die hun hoogtepunt bereikten tydens het Tweede Vaticaanse Concilie dat door Berkouwer als officiële gast van reformatorische huize werd meegemaakt.
Vakmanschap Al deze jaren door is Berkouwer daarby op een merkwaardige wyze zichzelf gebleven als oerreformatorisoh theoloog. Op den duur wat minder geharnast, allengs ook minder in termen van stryd en verdediging zich uitend - waarom zou men ook - en daardoor misschien zelfs: zodoende aan overtuigingskracht en diepte winnepd, niet vastgebakkenaan eenmaal ingenomen posities en daardoor in staat met zyn theologie als wegwyze te fungeren, zyn Dogmatische Studiën zyn een reeks met een eigensoortige theologie, gidsend opgezet, en op eigen methodiek en vooronderstellingen opgebouwd. De enorme invloed van deze studies heeft niet alleen te maken met de thematiek die ze behandelen, maar ook met het vakmanschap waarmee ze schynbaar onontwarbare theologische knopen uiteen weten te rafelen in voor iedere student verstaanbare taal. Berkouwers vakmanschap heeft hem trouwens het lidmaatschap van de Koninkiyke Akademie van Wetenschappen bezorgd. Hy is daarmee in by zondere zin tot een sieraad van de universitaire gemeenschap geworden. Dat is hy trouwens in meerdere opzichten. Om het maar even letteriyk te nemen: Berkouwer is een mooie man op te zien, jong en beweeghjk geweest en gebleven. Het zal niet bij de jongere generatie bekend zyn, maar hy is bovendien rector magnificus geweest en heeft dat — tot veler verwondering, misschien ook die van hemzelf — goed en kundig gedaan, n y heeft echter al die jaren door vóór alle dingen zyn best gedaan een boeiend docent te zyn, en dat is hem gelukt. Stelhg door zyn kennis, dat allereerst. Maar daarnaast door zyn inneriyke betrok-
NGEZONDEN BRIEF In het verslag over de diskussie tussen de SRVU en de heren Klein en Vermaat, schrijven de heren Bos en Verdam, dat bij de SRVU kennelijk een gebrek aan oratories talent heerst en dat Klein als ervaren politicus gemakkelijk de vloer kon aandweilen met de vragen en opmerkuigen vanuit de zaal. Hadden Bos en Vermaat geïnformeerd by de SRVU, wat toch een goede journalistieke gewoonte is, dan hadden zy geweten dat de beleidsraadleden van de SRVU bewust rustig en zakelijk te^ werk zijn gegaan. Het ging de SRVU erom dat de studenten zelf konden zien waar ze aan toe zijn met de ARP en met staatssekretaris Klein. Daarmee heeft zij bereikt dat Klein en Vermaat inderdaad hun toevlucht moesten nemen tot demagogiese trunks en dat zij enkele essentiële zaken voor de SRVU-studenten volmondig of met stilzwijgen toe moesten geven. Dat waren: 1) Vermaat weigert een positief standpunt in te nemen mbt. de ƒ 500,— maar laat doorschemeren, dat het profijtbeginsel waarschijnlijk dermate zwaar gehanteerd zal worden dat tegenover de verlaging van de koUegegelden een ernstige xerslechtering van de studiefinansiering moet staan. 2) Klein kan zich niet beroepen op de goede wil van de konfessionelen, waannee liij herhaaldelijk gepoogd heeft de akties te diskwalificeren. 3) Klein is zelf nog vaag in zijn plannen, zodat de studenten nog niet weten waar ze geheel aan toe zijn. 4) Klein, maar vooral Vermaat moeten erkeimen dat zij de winsten van de grote ondernemers en vermogenbezitters niet fundamenteel willen aanpakken, zodat gegeven deze 'randvoorwaarde' uiteraard schaarse middelen overblijven voor de grote meerderheid van de bevolking i.e. de studenten. Bovendien vonden zy de verhoging van defensiekosten geen bezwaar. Bos en Verdam menen echter, dat valt uit hun verslag op te maken, dat de studentexi zo dom zyn dat zy door goedkope stemmingmakerü te beïnvloeden zijn. Hieruit spreekt een volstrekte minachting bij de heren Bos en Verdam voor hun medestudenten. De SRVU, die opkomt voor de belangen van de studenten wenst zich daarom niet te laten opjutten tot demagogen die de massa niet respekteren maar manipuleren. Zij protesteert daarom ook tegen deze elitaire journalistiek van een paar individuen die zich niet om de belangen van de studenten bekommeren en daarom meedoen aan de stemmmgmakerij van , Klein en Vermaat. (ongeeorrlgeerd) • de beleidsvaad 'van de SRVU
kenheid by de zaak van de theologie, die van de weeromstuit dg studenten niet alleen fascineerde maar de theologie voor hen ook tot een fascinerende aangelegenheid maakte. Daarom wil ik tenslotte twee dingen uitspreken. In de eerste plaats: wij, dat wil zeggen: de hele gemeenschap van de Theologische Faculteit — en als ik mij tot spreekbuis van de universitaire gemeenschap mag maken: heel de universiteit — zullen hem werkelijk missen, als vakman, als man van gewicht, als gids en als mens temidden van zijn medemensen. Daarnaast wil ik hem hier in het publiek ook graag danken voor alles wat hij voor ons als faculteit en als universiteit heeft betekend. Hij moet de theologie met vreugde hebben bedreven en niet als een last hebben aangevoeld. Het bemoedigt op meer dan een manier om met zo'n wetenschapper te leven en te werken. Zeker, men behoort God daarvoor te danken, maar juist Berkouwers theologie is er altijd van uitgegaan dat de verwijzing naar God en Zfln werk niet in mindering komt op wat mensen denkeu en doen. Daarom danken wij óók Berkouwer hier, in alle vrijmoedigheid, voor de manier waarop hij zijn grote gaven in dienst van onze universitaire gemeenschap heeft gesteld, voor de vriendelijkheid waarmee hij met allen — docenten en studenten — al die jaren is omgegaan, en voor het profijt dat wij allen op die manier van zvjn persoon en werk hebben getrokken. Wij hopen slechts — ook voor ons zelf — dat alles nog niet op is. H. M. KUITERT, Decaan van de Theologische Faculteit
VERSLAG MEETING Dinsdagavond 2 oktober haastten wy ons, daartoe aangespoord door een luid sprekende luidsprekerwagen, naar het Hoofdgebouw teneinde een door de politieke studentenvakbond georganiseerde 'grote meeting' zynde de zoveelste byeenkomst in het kader van de 1000-gulden stryd met als hoofdschotel een optreden van het College van Bestuur (Kaaveebee) te kumien bywonen. Het voorprogramma bestond uit een evaluatie-van-de-situatie alsmede een preparatie op de konfrontatle met de antichambrerende delegatie van het CvB. De situatie bleek zorgwekkend: de boycotbeweging is door het CvB middels het fameuze artikel 83 stevig in de houdgreep genomen, de faculteiten en de staf schynen genegen om aan de zogenaamde inschrijvingsregellng uitvoering te geven, de staf ziet voortzetting van de boycot niet zitten, bezetten helpt waarschynlyk ook al n i e t . . . Wat te doen? Kleine regiefoutjes van de overigens goed leidende vergaderingsvoorzitter Victor Rutgers leidden ertoe dat het besluit dat genomen had moeten worden (bemiddelen) niet genomen werd. Het konyn Boukema bleef dus nog even in de hoed zitten: eerst zou de confrontatie met het CvB plaatsvinden. Voorstellen om de beuk erin te zetten werden overigens, met name vanwege de onduideiykheid waar en hoe te beuken, al evenmin aangenomen. Het College van Bestuur in de vorm van voorzitter Van Nes (vader van een die dag verjarende Jongste zoon, naar hy mededeelde) en lid Bi-inkman trad binnen en ging koelbloedig de discussie met de roerige zaal aan. Het College verloor in die discussie duidelyk op punten: Brinkman, slechts beschikkend over een zwakke argumentatie moest er zyn toevlucht toe nemen, de argumentatie van zyn tegenstanders niet te begrypen, er althans in het geheel niet op in t-e gaan: een voor iemand van zyn kaliber ongeloofwaardige manoeuvre. Het College kan overigens, moest geconstateerd worden, Van Nes beter maar niet hi uitwedstryden opstellen: hy doet het er erg slecht in tegenstelling tot Brinkman, die het vry goed doet
en het bovendien best alleen af kan. Veel leverde de. discvissie aldus niet op, behalve de uitsmyter van Brinkman: wie Ihet niet met ons eens is neme zyn toevlucht tot de U.R. Een wyzen op een achterdeur waaruit t.z.t. een compromis tevoorschyn kan komen, of een wyzen op een weg waarvan hy overtuigd was dat die toch dood loopt? De vergadering besteedde na het vertrek van het Gezag geruime tyd aan het bespreken van deze en soortgelyke vragen en de op grond daarvan te hanteren tactieken. De Universiteit zal van de Beweging spoedig meer horen. Ohservator
TEKENINGEN In verband met de beperking van vryheden in de Sowjet-Unie zyn 700 handtekeningen van studenten, wetensohappeiyke en nietwetenschappeiyke medewerkers aan de Vry e Universiteit toegezonden aan de Russische ambasade in Nederland met het verzoek de ondertekende protestbrief aan het moederland door te zenden. De protestbrief luidt als volgt: Aan de sekretaris-generaal Leonid Brezjnew van het centraal comité der communistische party in de SowjetUnie. Met verontwaardiging vernamen wy, wetenschappelyk en nietwetenschappelyk personeel en studenten van de Vrye Universiteit te Amsterdam, dat tegen de kernfysicus Andrei Sacharow op het ogenblik een hetze gevoerd wordt die klaarblykelyk ten doel heeft heeft hem wetenschappelyk en menseiyk te isoleren, w y protesteren heftig tegen deze mensonwaardige behandeling en dringen er by de Sowjet-Russische regering met klem op aan, om Sacharow en met hem vele anderen, in hun rechten die zy als mens en geleerde hebben, te eerbiedigen, en hen niet te verhhideren kritiek uit te oefenen op sociale misstanden, w y geloven, dat ieder geleerde slechts kan werken in een sfeer van vryheid en openheid.
DAG REITSMA, HET GA JE GOED Wat niemand had gedacht, dat gaat gebeuren: Mink Reitsma vertrekt van de V.U. Zijn rijzige gestalte en zijn met blonde krullen omkranste gelaat verdwijnen uit de V.U.-gemeenschap, zijn karakteristieke stem sal hier straks niet meer klinken. Hij heeft heel wat jaren, om precies te zijn ruim 16 jaren — mei een korte 07iderbreking — bij de V.U. gewerkt. Aanvankelijk op het bureau van de LaTidelijke Organisatie, waar hij al grondig kennis maakte met de zorgen en de vreugden die een goede faamversorging en een passende reputatie-behartiging voor de V.U. met zich meebrengen. En toen er binnen de Universiteit een nieuwe afdeling moest komen — 'Pers en Voorlichting' werd die (later) genoemd — was Reitsma de aangewezen man. Hy heeft de fundamenten voor die afdeling gelegd, hy heeft er een eerste vorm aan gegeven, hy heeft erkenning gevonden voor dat werk, niet alleen binnen de V.U. maar ook by zijn collega's erbuiten. Dat zyn 'tent' nog in opbouw is, weet hyzelf ook; als 't alleen van hem had afgehangen was de groei sneller en omvangryker geweest. Wie hem wat beter keiit, weet dat de beslissing om te vertrekken hem moeilyk is gevallen. Dat hy zin voor avontuur heeft en dat hy de moed heeft om een .sprong te wagen, wisten wy al uit zyn werk. Dat hy nu wegspringt van de V.U. komt nogal onverwacht. By wie hem na staan is bekend dat ook privé-faotoren hierby een rol hebben gespeeld. Toen Reitsma zyn fimctie als hoofd Pers en Voorüchting begon, was er nauwelyks enige traditie waarop hy kon bouwen. Het werd een functie midden in het leven van de Universiteit en onbeschut. Mink Reitsma bleef gewoon zichzelf: hy spreekt niet de taal van de reclame, maar heeft een goed woord voor een goede zaak; hy hanteert niet het spraakgebruik van het am^usement, al hou(Jt hy van een grap-
'Slijtend beroep'. je; hy voert geen diplomatie, maar zegt gewoon waar het op staat.
Slijtend beroep
Als voorlichter hanteerde lüj de vermenigvuldigingsfactor, hy gaf door wat er leefde aan anderen die wilden lezen of luisteren. Temidden van de aan een universiteit zo variante verzameling van opinies heeft hy op zyn nietbeschutte ppsl ' wél eens zware '
t
!
'
lasten te dragen gehad. Chef voorlichting zyn is wat je noemt een 'siytend beroep' en dat heeft hy ervaren. Dat Je eigen .standpunt, in die functie, ondergeschikt moet worden gezien aan dat van anderen, heeft hem wel eens pyn gedaan. Maar hy is, met de hem eigen bescheidenheid, zyn werk met een herkenbare menselykheid bhjven doen. Ieder die zich verdiept in de functie chef voorlichting zal zich de zorgen ervan kunnen indenken. Geen dag is gelyk aan de andere. Nu eens zal hy de wanhoop naby raken om een niet gehaald tydschema, dan weer is er een scribent, die faalt in het nakomen van een belofte. En hoe vaak niet moet hy het V.U.-belang vóór laten gaan op zyn persooniyk belang. In de tyd waarin Reitsma chef Voorlichting was, is aan de V.U. een proces op gang gebracht waarby — zy het dan langzaam en fragmentarisch — begrip groeit voor communicatie en massamedia. Hy heeft dat proces begeleid en op een geheel eigen wyze, met grote persoonlyke inzet, een zéér gewaardeerde bydrage daaraan geleverd. Nu hy vertrekt staat hy zelf in de krant van de V.U. die hem zoveel zorgen gaf en die hy zó eerlyk diende. Reitsma heeft in een moeilyke tyd een markante start gemaakt voor de afdeling Pers en VoorUchting. w y zyn hem daarvoor dank verschuldigd. Wy weten dat hy terugziet op een goede tyd by de V.U., in zyn werk en in de omgang met anderen. En dat geeft ons reden om met volle vrymoedigheid onze beste wensen mee te geven voor hem, zyn vrouw en zyn kinderen. i ^ '»K, van Nes
, <
'
, J 'iS S )t ï
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973
Ad Valvas | 370 Pagina's