Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1973-1974 - pagina 111

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1973-1974 - pagina 111

12 minuten leestijd

AD VALVAS — 30 NOVEMBER 1973

OVER EEN LIJVIGE MEMORIE VA N A NTWOORD EN KORTHEID VA N MEMORIE Op 7 november verscheen het langverwachte antwoord van de minister van OW op vragen en kritiek vanuit de 2e Kamer n.a.v. de wet herstrukturering weten­ schappeUjk onderwas (naar haar peet­vader ook wel de wet­Pos­ thumus genoemd). Wie gehoopt had dat de nieuwe ploeg op het ministerie van OW wat meer zou luisteren naar de kritiek van de betrokkenen zal moeilijk een gevoel van teleurstelling kunnen onderdrukken. Het wetsontwerp wordt In hoofdlijnen gehand­ haafd. Dit heeft iedereen kunnen lezen in Ad Valvas van 9 nov. ^3 waarin Kees Jan Snüders, de as­ sistent van wijlen prof. K. Pos­ thumus een korte samenvatting geeft van de lyvige Memorie van Antwoord. Wie enigszins op de hoogte Is van de discussies uit de afgelopen Jaren, krijgt de indruk uit het verhaal van Snijders, dat het Ministerie van OW geen wezeniyke argumentatie hanteert, maar slechts schijnbare argumen­ ten gebruikt. Dit wordt bevestigd by het lezen van de Memorie zelf, waarin bij wezenlijke kritiek tel­ kens teruggegrepen wordt op her­ haling van standpunten In de zin van 'wij geloven', 'wij verwachten', zonder de samenhang tussen ar­ gumentaties en konklusies syste­ pipficfh uit te werken. Ten b'^hoeve van de lezer zullen we pch*­n­ in deze eerste (voorlo­ pige) rcaktie ons bepalen tot het genoemde stuk in Ad Valvas. We willen niet dirf^kt de kritiek her­ halen, die de PPVU en het LOG nl 1arfn naar T'oren b'""'icrt Daar­ voor verwltzen we naar ha«ir pu­ blikaties over deze materie*). Hifr willen T\ra vooral stilzit!»an bi1 pnkele zcrn ivn^.ig­ingen. die S'TI­ ders in navoMng van het persbe­ richt si£;naleert. De propedeuse

Het ministerie is er uiteindelijk 'achtergekomen' dat de prope­ deusp tooh moeilijk een voorspel­ lende waarde kan hebben. Daar­ om volstaat ze er simpelweg mee te poneren, dat de selektie na één jaar moet gebeuren, omdat dan pas een 'effektief advies' mogelijk Is. Met effektief wordt feitelijk bedoeld dat er snellere doorstro­ ming plaats vindt. Dit zou in zijn fllgemeenh^id van belang zijn '"""^"^ iTof verschil in aanleg, motivatie e.d. by de studenten. Wat bewezen moet worden, wordt dus feiteiyk voorondersteld; want er wordt niet nagegaan hoe zo­ veel mogeiyk studenten effektief wetenschappeiyk onderwys gege­ ven kan worden, wat hen moti­ veert en wat past by hun studie­ tempo. Wie niet slaagt wordt zon­ der enig bewys gebrek aan aan­ leg of belangstelling toegedicht. En dit durft ze nog 'positieve se­ lektie' te noemen door niet over afwyzen, maar over verwyzen te praten, alsof de student niet naar de universiteit ging om weten­ schappeiyk onderwys te krygen, maar naar een soort veredeld be­ roepskeuzebureau met éénjarige test'­perlode. Behalve verandering in de ideo­ logische verpakking van de selek­ tie wordt ook nog een speciale regeling voorgesteld om de eerste­ jaars te verplichten aan het eind van het eerste inschrüvingsjaar het propedeutisch examen af te leggen. Zogenaamd om te voorko­ men dat de student van het begin af aan zyn propedeuse plant over Iwee Jaar. De angel moet gezocht worden in regulering van de on­ derwyskapaciteit. Hoewel de an­ tl­doubleerbepaling is vervallen is daarmee niet het recht tot her­ kaling van onderwijs gegeven! (aldus een opmerking by artikel 77 ter, op pag. 19 van de derde Nota van wyzigingen). Men kan dus de dupe worden van grove be­ zuinigingsmaatregelen, waarby b]jv. wachtiysten worden inge­ steld of 'überhaupt de toegang wordt geweigerd voor het tweede !aar'. Hetzelfde geldt voor de zgn. 'verwyzing' naar het HBO, ter­ wijl daar de numeri fixi blUven bestaan.

IDDAGGEBED Elke donderdag van 12.45—13.15 uur Kerkzaal 16e verdieping hoofdgebouw 6 december 1973: voorbereid door Bert Pleysant en Elze van VUet IEDEREEN IS VAN HARTE WELKOM.

Korte kursusduur en pott­akademies onderwijs

Sinds in OESO­kringen de term 'wederkerend onderwys' (recur­ rent education) bedacht is,*» duikt het regelmatig op als alibi om de kursusduur te verkorten. Omdat de akademikua later toch moet byscholen zou hy geen goede we­ tenschappeiyke opleiding nodig hebben. Daar komt het verhaal op neer. Weliswaar suggereert het ministerie dat het wetenschappe­ iyk gehalte bewaard zou moeten biyven, maar zy bewyst op geen enkele manier dat dat mogeiyk is. We komen daarop terug by de bespreking van de varianten. In feite wordt door het Ministerie een wisseltruc toegepast. Ze er­ kent nameiyk dat veel byscholing gewenst is, (negeert de vraag of dat niet erger wordt by een lager gekwalificeerde opleiding) en kon­ stateert zelfs dat voor een aantal beroepen het verplicht moet wor­ den dat de afgestudeerde direkt postakademische kursussen by­ woont (liefst part­time). Zy noemt met name de arts, de le­ raar, de (klinische) psycholoog en de manager (M.v.A. pag. 151). De scheidüig tussen doktoraal onderwys en postakademisch on­ derwys wordt hiermee niet be­ paald door de zgn. behoefte aan een 'korte initiële basisopleiding', maar door de behoefte om een deel van de huidige onderwys­ kosten af te wentelen op de ge­ bruikers. In dat licht vormen de oomerkingen over de 'wisselwer­ king' van de theoretische verdie­ ping met de eisen van de beroeps­ praktyk' een schrynende misken­ ning van de betekenis van de kar­ rlèreplanning van de akademici door het bedrijfsleven en de over­ heid. Er dreigt naast verplichting tot zelfbotaling ook nog verlen­ ging van 4e arbeidsdag door min of meer gedwongen studie, die bovendien weinig keuzevrijheid toelaat, laat staan kritische re­ flektie op het bestudeerde, wat nog wel op de universiteiten mo­ geiyk is. Het is toch werkeiyk te gek dat het ministerie over de rechtspositie en zekerheid van de akademikus weinig meer weet mee te delen, dan dat ze daar nog onvoldoende inzicht in heeft. Varianten

'By de opzet van deze varianten moet de wetenschappeiyke basis gegarandeerd biyven'. Ra, ra hoe kan dat? Door de student kontakt te laten hebben met het onder­ zoek, aldus de M. v. A. In de prak­ tyk echter wordt Juist voorgesteld een scheiding aan te brengen tus­ sen de doktoraalstudle en de één­ jarige opleiding voor een re­ search­aantekening. Hier is dus sprake van flauwe Wetspraat waarby de proklamaties niet ge­ toetst worden aan de werkeiyk­ held. Ergeriyk is het dan ook te lezen dat studenten die niet de onderzoek­variant gevolgd heb­ ben, niet mogen worden uitgeslo­

ten van de opleiding tot research­ assistent of assistent­onderzoeker, terwyi niet het formele recht voor iedereen gewaarborgd wordt. Im­ mers door kapasitedtsgebrek en beoordeling naar geschiktheid ontstaan felteiyk toch selektie­ drempels voor het merendeel der studenten. Wonderiyk is ook te lezen dat de keuzevryheid van de student door de indeling in varianten zou wor­ den vergroot. Want hoe kan men meer vryheid hebben als men zich eerder moet vastleggen en minder mogeiykheden heeft om zich in meer 'accenten' te ont­ wikkelen in het kader van een breder opgezette studie? Er is geen sprake van keuzevryheld, maar keuzedwang! En dan zien we nog maar af van de beperkin­ gen die zullen voortvloeien uit de kapasiteitsproblemen en de dreigende imiformering van stu­ diepakketten. Memorie van A ntwoord of Antwoord zonder memorie?

De kritiek in het voorgaande is eigeniyk niet zo nieuw. Wat er ook gewyzigd wordt, in wezen wordt niet tegemoetgekomen aan de opvattingen die leven binhen de universitaire wereld over wat een goede wetenschappeiyke op­ leiding en vorming moet Inhouden en welke betekenis moet worden gehecht aan de verbetering van de externe demokratisering door opruiming van selektledrempels die puur financieel van aard zyn, met welke 'onderwyskundige' ver­ zinsels ze ook gelegitimeerd wor­ den. Vergeten is de kritiek die massaal naar voren is gebracht op de hoorzitting in mei 1972. Ver­ zwegen wordt de kritiek op de va­ rianten van de kommissie Wie­ gersma in vele (sub)fakulteiten en sekties van de Akademiese Raad. Vergeten is kenneiyk ook hoe eensgezind de verschillende geledhigen hun protest hebben laten horen. We zullen de ministers hun ge­ heugen moeten opfrissen door op­ nieuw massaal ons protest te la­ ten horen. Kommissies als die van Wlegersma zün niet de Juis­ te vertolkers van de meningen die heersen binnen de universiteit. We moeten dus zelf onze kritiek en onze eisen onder de aandacht van het parlement brengen en openiyke manifestaties van onze wil en vastberadenheid naar bui­ ten brengen. De fakulteitsgroepen en de beleidsraad gaan zich de komende maand op akties bera­ den. Namens de sektie onderwijs van de SRVU, NIKO SC HOUTEN. * 'Achtergronden van een vak­ bondspoUtiek aan de fakulteit' ­ Sept. '72. 'de maatregelen­brosju­ re' ­ nov. '73. " 'Equal educational Opportunity I, a statement of the problem with special reference to recurrent education, OSSO, 1971'.

informatiecentrum hnutcfgobnuw kamer 10­03

« Wetenschapsbudget 1974. 118 biz. Dit is een gestencilde uitgave, binnenkort verschynt by de Staatsuitgevery de gedrukte editie. Een samenvatting, gemaakt door de voorlichtingsdienst van het Ministerie van onderwys en wetenschappen kimt u by ona aan­ vragen. * Organisatie van de wetenschapsbeoefening in Nederland 88 blz. Deze publikatie van de Voorlichtingsdienst van O W bevat een aantal min of meer recente, reeds eerder afzonderiyk ver­ schenen rapporten, nl. — Het universitair onderzoek in het kader van het wetenschaps­ beleid; nota van de gespreksgroep imiversitair onderzoek 1972. — Examiners' rapport; het rapport van de OESO­exanüners over het Nederlandse wetenschapsbeleid 1972. * Onderzoek inzake de doelmatigheid van de besteding van overheidsgelden ten behoeve van het wetenschappeiyk onderzoek, verricht by de Nederlandse universiteiten en hogescholen; rap­ port van de Algemene rekenkamer 1971. * Voorlopige nota inzake de meest doelmatige wyze van finan­ ciering van het wetenschappeiyk onderzoek aan de universiteiten en hogescholen; uitgebracht door de Raad van advies voor het wetenschapsbeleid 1972. * Innovatie­adres van de Raad van advies voor het wetenschaps­ beleid 1972. — Beschouwingen over de organisatie van het onderzoek in Nederland door de Nationale Raad voor Landbouwkundig on­ derzoek TNO 1973. Informatiecentrum Hoofdgebouw kamer lD­03, telefoon (48) 3711.

LANX

A L NX Herengracht 384. Telefoon 242620 of 64587.

MENSA; goedkoop + meeste sfeer. BAR JONA; weekencd café­dancing voor iedere studerende. VERHUUR; borrels, bruiloften, feesten en jubilea

NATIONALE CURSUS BEVOLKINGSGROEI EN GEZINSPLA NNING De Werkgroep Transculturele Ge­ boortenregeling heeft het Initiatief genomen tot het organiseren van een 'Nationale Cursus Bevolkings­ groei en Gezinsplanning' te Am­ sterdam. Een voorlopige oriëntering over­ tuigde ons van de bestaande grote belangstelling voor dit onderwerp onder studenten van verschillen­ de studierichtingen, terwyi tot op heden in ons land geen cursus op universitair niveau gegeven werd waarby de in de titel van de cur­ sus genoemde onderwerpen inte­ graal werden behandeld. De Cursus bestaat uit de volgen­ de onderdelen: 1. Algemene oriëntatie bevol­ kingsproblematiek. 2. Demografie, vooml. met be­ trekking tot fertiliteit. 3. Technieken van geboortenre­ geling. 4. Gezondheidszorg en geboor­ tenregeling. 5. Bevolkingsgroei en gezinsplan­ ning in relatie tot ontwikke­ üngsproblematiek. 6. Motivatie en receptie. 7. Organisatiestructuren van ge­ zinsplanning. 8. E^raluatie van gezinsplanning. De Ciuïus, zoals boven cwnschre­ ven wordt in de periode van 7—18 januari 1974 gehouden in het Ko­ ninkiyk Instituut voor de Tropen te Anisterdam en is gericht op: a. post­doctoraal studenten in de geneeskunde, 6e Jaars en ouder b. post­candidaats studenten in

PROMOTIE DRS. J.R. POELMA N In dit proefschrift zyn de resul­ taten weergegeven van een om­ vangrüke studie over een betrek­ keiyk zeldzaam voorkomend ge­ zwel, waarvan klinisch het gedrag kwaadaardig is, in tegenstelling tot het histologisch beeld dat een goedaardig aspect toont. Er is een relatie tussen de timior en be~ paalde cellen, die o­a. verspreid in het siymvlles van het maagdarm­ kanaal en de luchtwegen voorko­ men. Deze cellen tonen specifieke histoohemische kleurreactles en electronenmicroscopische kenmer­ ken, die ook In het tumorweefsel tot uiting komen. Bovendien heeft de tumor het vermogen om hor­ monale stoffen te produceren o.a. serotonine, bradykinine, Prosta­ glandinen en waarashyniyk ook andere nog onvoldoende aange­ toonde 2n. vasoactieve peptiden. Sommige van deze gezwellen zyn ook in staat gebleken tot produc­ tie van ojn. ACTH, insuline, his­ tamine. Met betrekking tot het serotonine speelt tryptofaan, één van de voor de mens onmisbare aminozuren, voor de pathofysiolc^e een be­ langryke rol. Eén van de eindpro­ ducten van de serotoninestofwis­ seling is het 5­hydroxyindolazyn­ zuur (5­HIAA), dat in de urine kan worden bepaald en door de tumor in verhoogde hoeveelheden wordt uitgescheiden, en als zoda­ nig voor de diagnostiek van be­ lang is. Hoewel de carcinoide tu­ mor in 1907 al als een byzondere vorm van gezwelgroei werd her­ kend, was het ziektebeeld als uiting hiervan zo ongerymd, dat het tot begin vyftlger jaren duurde aleer het klinisch syn­ droom meer algemene bekendheid kreeg. In zyn klassieke vorm wordt het ziektebeeld gekenmerkt door 'opvliegingen', waterdunne diarree, buikpynen, paarsrode ver­ kleuring van het gelaat en de bo­ venste Uchaamshelft, astmatifor­ me verschynselen en hartklepaf­ wykingen, terwyi op de duur huid­ afwykingen optredeia die op pella­ gra lyken. In een apart hoofdstuk worden aan de hand van de verschillende stadia in de tryptofaanstofwisse­ ling de therapeutische mogeiyk­ heden besproken, waarmee men de ziekte kan trachten te beïnvloe­ den. De laatste tyd zyn enkele belangryke behandelingsmethoden mc^eiyk geworden, die hoopge­

de gedragswetenschappen (by voorkeur niet­westerse sociolo­ gie en culturele anthropologic). Aatmielding schrifteiyk of tele­ fonisch by het Koninltiyk Insti­ tuut voor de Tropen, Afdeling Tropische Hygiëne, telefoon (020)­ 924949, toestel 338, mw N. Puks. Aan de C^irsus zyn voorlopig geen andere kosten verlx)nden dan de kostprys van de syllabi.

Bespeling Cauperin^ orgel Op elke woensdag van 12.45— 13.00 uur door EWAliö KOOI­ MAN. Frogranun» voor DECEM­ BER 1973: 5 december:

1. J. Keeble 2. Improvisatie Voluntary: Andante, Largo, Fugue 12 december:

1. L. C. Daquin Noel étranger 2. L. C. Daquin Noel X 3. L. C. Daquin Noel Suisse De bespelingen worden voortgezet met ingang van 16 januari 1974.

vend zyn gebleken by deze vorm van kanker. De verschillende orgaanlokalisa­ ties werden aan de hand van uit de literatuur verzamelde gege­ vens van 1845 gezwellen aan een kritische bespreking onderworpen. Hierby bleek o.m. dat de tumor vooral in de blinde darm en het laatste gedeelte van de dunne darm kan voorkomen. Ook in de long zün deze tumoren niet onge­ woon. Tenslotte worden in de diss«i;atie uitvoerig gedocumenteerde ziekte­ geschiedenissen van 23 patiënten weergegeven, waarvan er 19 onder­ zocht en behandeld werden in het Academisch Ziekenhuis der Vrye Universiteit. Personalia: J. R. Poelman werd op 1 februari 1930 te uithuizen geboren. Hy stu­ deerde medicynen aan de RU te Groningen en legde in Juli 1957 het arts­examen af. Tydens de ver­ vulling van de militaire dienst­ plicht tot Januari 1959 werd hy te werk gesteld op de Sectie Geeste­ lyke Gezondheidszorg Insp. Mil. Gen. Dienst te Den Haag en op de afdeling Neurologie van het <5en­ traai Mil. Hospitaal te Utrecht. Daarna deed dokter Poelman sta­ ges Inwendige Geneestomde en Röntgenologie in de Ned. Herv. Diaconessen Inrichting te Am­ sterdam. Sinds Juni 1962 is hy in dienst van de fakulteit der ge­ neeskimde van de VU (Pieter van Foreestklinlek). Op 1 maart 1964 werd hy ingeschreven als inter­ nist. Tot november 1969 was hy hoofd van de Polikliniek Inwen­ dige Geneeskunde AZVU met een onderbreking van november 1966 tot 15 Juli 1967, gedmrende welke periode dokter Poelman de fimk­ tie van waarnemend hoofd van de Pieter van PoreestkUniek ver­ vulde. Korte samenvatting van het proef­ schrift: HET CARCINOID Bijdrage tot de kliniek van de car­ cinoide tumoren, waarop drs. J. R. Poelman te Amsterdam vorige weck donderdag promoveerde tot doctor in de geneeskunde. Promo­ tor was prof. dr, G. A. Lindeboom. Vanaf 1 november 1969 is hy werkzaam als Chef de Clinique Afd. Inwendige Geneeskunde AZVU. Daarnaast is hy lid van de Personeelsraad van het AZVU en tevens penningmeester van de Vereniging 'Wetenschap en Evan­ gelie.' Het adres van de promovendus luidt: Overtoom 4001 te Amster­ dam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973

Ad Valvas | 370 Pagina's

Ad Valvas 1973-1974 - pagina 111

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973

Ad Valvas | 370 Pagina's