Ad Valvas 1973-1974 - pagina 94
2 paragraaf in de toelichtende nota die de opleidingscapaciteit behandelt (bis. 14-15) lijkt echter allereerst vanuit het financiële gezichtspunt geschreven. Op zich bestaat daartegen bij ons geen bezwaar omdat de financiering van het hoger onderwijs in relatie tot de financiering van andere onderdelen van het onderloijs {kleuter- en lagere school) en van andere overheidstaken (huisvesting, cultuur, recreatie, milieu, vervoer, derde wereld, etc.) tot een crisis lijkt te leiden. Het is echter uit de toelichtende nota niet duidelijk op welke wijze de opleidingscapaciteit zal gaa,n functioneren. Bepalen de financiële mogelijkheden de opleidingscapaciteit van het h.h.o. en het w.o. en daardoor het aantal studenten die daar een opleiding kunnen gaan volgen of wordt de capaciteit voortdurend aangepast aan de individuele vraag (en de maatsch. behoefte red.) Is het de bedoeling dat de opleidingscapaciteit in de eerste plaats gebruikt wordt voor een afzwakking van de financiële groeilijnen door een afremming van de opleidingscapaciteit voor het w.o. 2) en een toename van de opleidingscapaciteit van het
h.b.o.? Het feit dat alleen wordt gesproken over een vergroting van de capaciteit van het h.b.o. lijkt veelbetekend. En is de vergroting van de opnamecapaciteit van het h.b.o. ten koste van het w.o. op langere termijn iets anders dan een verschuiving van de financiële problemen? Het lijkt ons niet juist dat de verantwoordelijke ministers hier alleen maar verwijzen naar het toekomstig planningsysteem voor het post-secundair onderwijs (T.N. blz. 15, l.k. onderaan). Wij zijn daarom van mening dat alvorens dit voorontwerp en het wetsontwerp 07idrwijsplanning wet mogen worden er door de ministers en het parlement duidelijke uitspraken gedaan dienen te worden over de opleidingscapaciteit in het h.b.o. en het w.o. in relatie tot de individuele vraag naar onderwijs. Het blijven werken met noodwetten (zoals de machtigingswet inschrijving studenten) inag niet te lang duren. Bij een hanteren van de opleidingscapaciteit in het h.b.o. en w.o. gullen garanties vereist zijn voor het recht op onderwijs overeenkomstig aanleg, levensbeschouwing en belangstelling.
Paander vooruit te witten lopen op de uitkomsten van bovengenoemde stellingname, willen wij opmerken dat indien de opleidingscapaciteit van het lo.o. beperkt en die van het h.b.o. uitgebreid wordt, het van groot belang is dat er gelijkwaardigheid is tussen de beide opleidingen en dat de verschillen reëel en expliciet (profielen) zijn. Anders wordt de toelating tot het hoger onderwijs een race om de meest waardevolle w.o.-opleiding en wordt het h.b.o. het reservoir van diegenen die afvallen in het w.o. Objectieve studietoetsen sullen dit niet verhelpen.
geschapen moeten worden. Bij deze ontwikkelmgswet zijn de geboden mogelijkheden duidelijk te klein. Allei-lei samenwerkingsverbanden moeten mogelijk zijn en een samenwerkingsovereenkomst mag alleen getoetst worden aan de beperkingen zoals die voortvloeien uit de verschillende, gewenste in de wet juist niet genoemde profielen van h.b.o. en w.o. Maar er zijn nog een aantal problemen waarover de ministers geen uitspraak doen en die, volgens de commissie, eerst opgelost moeten worden om een goede doorstroming van studenten te waarborgen n.1.
Deze studietoetsen bepalen namelijk niets over de aanleg en de motivatie van de student. Dus: samenwerkmg is juist, maar niet op deze manier, die te weinig flexibel is om van onderaf samenwerking mogelijk te maken. Vanuit de onderwijsinstellingen kunnen andere samenwerkings- en beheerstrüöturen naar voren komen die voor dezen veel aanti-ekkelijker en efficiënter zijn dan de te enge administratieve kaders waarbinnen, volgens de ministers, de samenwerkingsverbanden
1. Voor veel ID.o.-programma's bestaan geen reële h.b.o.-alternatieven (b.v. de medische sector). 2. Ook daar waar men zou kunnen verwijzen naar bestaande met elkaar corresponderende programma's, is het zeer dubieus of deze programma's reële alternatieven zijn. Zo hebben b.v. de sociale en zeker de pedagogische academies zeer specifieke doelstellingen: wie sociale wetenschappen had willen studeren is niet noodzakelijkerwijs ook geinteresseerd in een opleiding tot
sociaal werker of onderwijzer. 3. De opleidingscapaciteiten van de corresponderende programma's. 4. De afwezigheid van andere opleidingsmogelijkheden buiten het reguliere systeem om (b.v. open universiteit).' Het zal een ieder duidelijk zijn dat het voorontwerp van de ministers niet bepaald in overeenstemming is met de opvatting van de commissies en, zoals de laatste UR vergadering heeft uitgewezen, ook niet met die van de UR. Het opmerkelijke van deze reactie op het voorontwerp is dat er nu eindelijk eens aangegeven wordt hoe het wél zou moeten. Echter, het voorontwerp, gegeven de aanvullingen, is pas dan zinvol als de wet herstructurering onderwijs (Posthumus) doorgevoerd wordt. Dat het verband hiertussen nog niet iedereen duidelijk is blijkt wel uit de begeleidende brief die de UR, tesamen met het advies, aan de Akademische Raad heeft gestuurd, en waarin o.m. nadere toelichting op dit punt wordt gevraagd. A.V.
A. C. C. BROODJE CULTUUR met:
LEREN. KENNEN EN HERKENNEN Met het uitspreken van zijn inaugurele oratie onder de titel: 'leren, kennen en herkennen' aanvaardde dr. ir. J. H. van Bemmel afgelopen vrijdag zijn ambt als buitengewoon hooglel-aar in de medische informatica. Hij zei in zijn oratie: In een eeuwenlange technische
ontwikkeling kan men zien dat na onze handen en zintuigen ten laatste ook onze hersenen van hulpmiddelen werden voorzien. Voor de geneeskunde is een computer niet alleen een werktuig bij automatisering of een hulp by het rekenen, maar vooral ook gereedschap voor denken en beslissen.
TOki FOSSEN V^INNAAR OHCEI-WEDSTIIIJD In aanwezigheid van een geanimeerd publiek hebben de beide finalisten Tom Fossen en Jan Dekker hun kunnen gedemonstreerd tijdens de laatste ronde van de wedstrijd op het Couperin-orgel der Vrije Universiteit. Tom Fossen, theologisch student en assistent van prof. dr. M. J. Mulder in de faculteit der letteren, werd winnaar en ontving de oorkonde en zal in een later stadium nog de daarbij behorende Couperinmedaille ontvangen. Tweede werd Jan Dekker, student geneeskunde aan de VU. Omdat het niveau van de prestaties der beide deelnemers vrijwel gelijk lag, mogen zij beiden een lunchpauze-concert verzorgen. Elke deelnemer speelde gedurende twintig minuten: Jan Fossen bracht behalve het verplichte werk de Suite van D'Agincour en enkele andere composities van Couperin ten gehore, terwijl Jan Dekker werken speelde van Prescobaldi en Erbach.
Het is een fabeltje te menen dat mensen door computers kimnen worden ge-evenaard of vervangen in hun meest unieke functies: de menselijke vrijheid verzet zich ertegen en aan de verantwoordelükheid van de mens wordt tekort gedaan. Diagnostiek en therapie blijven — gelukkig — een menselijke aangelegenheid. Wel valt te verwachten dat computers in inter-actie met de arts voor de geneeskunde van steeds groter nut zullen worden. Met de invoering van computers ten behoeve van de zieken- en gezondheidszorg dient voorzichtigheid betracht te worden. Het is nog maar nauwelijks het geval dat zulke omvangrijke en meestal kostbare systemen een uitgebreide evaluatie ondergaan alvorens voor klinisch gebruik te worden ingezet. Artsen kunnen hun verantwoordelijkheid pas ten volle dragen indien zy zelf de mogelijkheden en grenzen van hun nieuwe denkslaaf kunnen overzien. Het is daarom dringend geboden dat bij de opleiding van artsen hiermee wordt rekening gehouden. Training van artsen in deze nieuwe mogelijkheden voor de geneeskunde is noodzaak, omdat in de toekomst elke huisarts of specialist steeds meer met moderne informatieverwerking zal worden geconfronteerd. Het valt te verwachten dat vele taken in de zieken- en gezondheidszorg door computers zullen worden ondersteund. Bi) steeds stijgende kosten in de volksgezondheid zullen het vooral economische motieven zijn waarom computers te hulp worden geroepen ten behoeve van preventie, diagnostiek en een optimale patiëntenzorg. Het is inderdaad goed als patiënt en arts kunnen profiteren van de vele mogelijkheden van de hedendaagse computertechnologie, maar wel dienen we ervoor te waken meester over deze macht te blijven omdat anders — het duurt nog maar goed 10 jaar en dan is het '1984'! — Orwell's dreiging weleens in vervulling zou kunnen gaan en de macht meester over 'ons wordt.
TEKSTPIEREMENT en MARJOL FLORE Dat het Algemeen Cultureel Centrum naast de combinatiegebouwactiviteiten (pottenbakken etc, bel maar 48 45 33) zoekende is naar een mogelijkheid om diverse leemtes op cultureel (wat dat ook is) gebied binnen de VU op te vullen is misschien niet iedereen duidelijk. Naar ons gevoel is de puur dienstverlenende functie die er nu door het ACC in het combinatiegebouw Uilenstede wordt verricht wel een belangrijk deel van de totale taak, maar het mag daar niet mee ophouden. De eerste stap is indertyd gezet door Broodje Cultuur op gang te brengen als een soort pauze-ontspanningsprogramma annex kennismaking met wellicht onbekende (klein) kunstenaars. Als tweede stap hebben we gemeend er goed aan te doen het Couperinorgel de plaats te geven dat het verdient. In de nabije toekomst hopen we, zeker niet zonder de goede samenwerking met vooral Ewald Kooiman en Bureau Pers en Voorlichting, tot goede resultaten te komen. Onze volgende stappen zijn nog niet zeker. Wel hopen we binnen niet al te korte tyd tot een samenwerkingsverband met de Disputorenraad (DRVU) te komen om zodoende naast het vervullen van de cultureelconsumptieve genoegens van het VU-volk ook aandacht te gaan besteden aan bijv. subsidiebeleid en andere vlakken waarop cultuur met politiek in aanraking komt. Om niet op verwachtingen vooruit te lopen zien we ons uiteraard genoodzaakt Broodje Cultuur trouw te continueren: vrijdag 23 nov. 12.30—13.30 uur, Kc-07, Cabaret TEKSTPIEREMENT. Dit betrekkelijk Jonge cabaret dat dit seizoen in theater Tingel Tangel met hun nieuwe programma 'Biyf Zitten Waar Je Zit' van start is gegaan en door de pers over het algemeen gunstig is ontvangen, bestaat uit Lia Karon, Guuske Kotte, Frank Sanders en Jos Brink. Voor 75 centen geheel en al de uwe! Wat betreft december zijn we bijzonder bly dat we MARJOL FLORE hebben kunnen krijgen. Deze door Ramses Shaffy ontdekte ras-chansonnière, begeleid door het trio Nico v. d. Linden, heeft de afgelopen 2 jaar naam gemaakt met haar optredens in het Shaffy-theater. Laat deze kans je neus niet voorbijgaan! Kom uit college es een cultuurtje scheppen! HENK SCHULTE NORDHOLT
NIEOW HOOFD FEHS I N VOORÜOHTING Met ingang van 15 november is de heer G. R. Knoop benoemd tot hoofd van de afdeling pers en voorlichting. De heer Knoop is 46 jaar, gehuwd en vader van 5 kinderen. Hij was achtereenvolgens werkzaam bij de RAP, een medisch-chirurgische instrumentenhandel en de Engelse farmacetische industrie. De laatste Jaren was hij productmarketing manager bij de Nederlandse Pharmaceutische Industrie.
VEILING GESLAAGD Voor wie ooit eens een veiling bezocht heeft zal het bijwonen van de door de bibliotheek georganiseerde boekenveiling een onwerkelijke ervaring zijn geweest. Hoewel de zogenaamde biedkoorts, ondanks de stuntelige opwekking daartoe van de bibliothecaris Stellingwerff, volop aanwezig was, ontbraken toch vele andere essentiële bestanddelen voor een 'echte' veiling. Na hamerslag mocht rustig doorgeboden worden en wilde men zich het volledig eigendom van een boek zeker stellen, dan deed men er het beste aan zijn eigen laatste bod zekerheidshalve nogmaals te verhogen. Ouderdom der werken en van school bekende auteurs waren de grote trekpleisters voor het publiek en de steunpilaren voor de Stichting Vrienden VU bibliotheek die uitermate tevreden was met de 4000 gulden die deze veiling opbracht. ü begrijpt het de gebreken stonden borg voor een gezellige confrontatie tussen bibliotheek en universitaire gemeenschap. De redelijk grote belangstelling was terecht, het initiatief geslaagd en voor herhaling vatbaar. Kortom: wie zich door onverstand bekocht, heeft voor de VU iets goeds gewrocht! ' T.V.
BEDRIJFSOENEESKUNDIGE DIENST Als arts bij de bedrijfsgeneeskundige dienst is op 16 november 1973 dr. S. A. Go in dienst van de Vrije Universiteit getreden. Na introductie en inwerkperiode zal nader bericht volgen over de taakverdeling der BGD-artsen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973
Ad Valvas | 370 Pagina's