Ad Valvas 1973-1974 - pagina 206
2
ERHALLEN NEEMT UILENSTEDE ER DE LOUPE: Geen rampgebied, maar wel voor verbeteringen
Tn april vorig j a a r is door de Raad Studentenaangelegenheden <RSA) a a n de sociaal psycholoog H. J. G. Verhallen opdracht gegeven voor een onderzoek, gericht op h e t leefklimaat onder de bewoners van Uilenstede en op de mogelijkheden tot verbetering daarvan. De eerste fase van het project bestond uit een vergelij kend onderzoek tussen een a a n t a l kamerbewoners in de stad en een a a n t a l Uilenstedebewoners, waarbij de voornaamste vraag stelling luidde: 'kennen Uilenstedebewoners andere en/of zwaardere problemen dan andere VUstudentenkamerbewo ners?' De tweede fase, die nu is afgesloten, betrof uitsluitend de problemen van Uilenstede e n h e t daaruit voortvloeiende te voeren beleid van de Uilenraad. Hoewel in Ad Valvas van 21 sep „ember 1973 reeds de conclusies \an het eerste gedeelte van het onderzoek gepubliceerd zijn, wil len wij hier toch nog wat dieper ingaan op de enquête, en op de conclusies waartoe die heeft ge leid. Bij het trekken van de steekproef werd gewerkt met gegevens uit de studentenadministratie, hetgeen wel enkele problemen met zich mee bracht, aangezien veel adres sen verouderd bleken en boycot tende studenten, die vaak niet in Ie administratie zün opgenomen, „en onrechte buiten het onderzoek gehouden werden. Toen dan ook na het trekken van de namen bleek, dat de Uilenstedebewoners duidelyk ondervertegenwoordigd waren, leek de conclusie op zyn plaats, dat boycotstudenten in grotere mate op Uilenstede aan wezig zijn dan elders. Ten einde iezs ondervertegenwoordiging op e heffen zijn een aantal namen it de kaartenbak van de Uilen edeadministratie getrokken, lie niet in de studentenadmini '• ratie voorkwamen. Het bleek nu, iat een kleine 50% van hen in Iprdaad tot de boycotters behoor len, ^odat de aanvankelijke on ervcrtegenwoordiging maar voor "en deel is opgelost. Gekozen is voor een enquête met 'oornamelijk subjectieve vragen, ^abjectief, omdat de klachten )ver woon en leefklimaat nau velijks te objectiveren zijn en jmdat de vergelyklng van vele subjectieve antwoorden toch ob ectieve gegevens kan opleveren.
Parallellen Bij vele vragen bleek, dat er wei aig of geen verschil bestond tus sen Uilenstedebewoners en ka nerbewoners, zoals bij vragen over het al dan niet samenwonen, jehuwd zyn, regelmatig, inciden teel of geen sexueel contact heh ben, de grootte van de kamer, stromend water, privacy, kookge '"gonheld, druggebruik, eenzaam 'leid, contacten met anderen, re atie met thuis <ouders), etc. Het s dus meteen wel duidelijk, dat 'Tllonstede beslist geen rampge )ied is, waar iedere student aan l2 drugs verslaafd is, eenzaam is 1 met zelfmoordplaimea rond lopt. Er zijn natuurlük iJtüd wel "vallen te noemen, maar niet zo ^3l, dat het typerend zou zijn )or Uilenstede. ' nei'bewoners Jn de stad moe 1 in de regel niets hebben vaa lenstede: 'te ver van de stad, veel studenten hy elkaar, de uieid dringt zich aan je op, oiivacy, veel geluidshinder ar. laag overkomende vliegtui i', walgelijk, rotzooi, onroman ih, te massaal!!' De studenten o op Uilenstede wonen schijnen
Guus Herbschleb die meningen niet te delen: zij noemen vooral het comfort, vaak in combinatie met de prijs, ver der de grote vrijheid (geen lastige hospita), mogelijkheden tot con tact, lekker dichtbü de VU. Drie personen noemen de privacy, twee het hebben van telefoon, twee het veraf zijn van de drukte van de stad. Twee studenten laten zich in negatieve zin uit en zeggen zich een ongeluk te zoeken naar een kamer in de stad.
Verschillen Hoe zit het met de verzorging bü ziekte? Het blijkt dat dit op Ui lenstede op de een of andere ma niet wel gebeurt, gezien het grote aantal studenten, dat zegt, bü ziekte zeker verzorgd te zullen worden. De kamerbewoners in de stad zijn op dit punt heel wat pes simistischer. Op Uilenstede is men vaker op zijn eigen kamer dan in de stad: vluchten stadbewonera van hun kamer of sluiten Uilen stedebewoners zich op? Gezien de stand van de studie (op Uilen stede liggen de resultaten duide lijk beter) zou men kunnen zeg gen, dat de kamerbewoners vaak de stilte in hun huis ontvluchten en dat de Uilenstedestudenten meer op hun kamer blijven stu deren. 81,9% van de stadbewoners brengt de avond met één of meer anderen door; op Uilenstede is dit percentage 76,6. De wijzigingen in opvattingen over allerlei zaken gedurende de laat ste jaren lopen niet veel uiteen, behalve wat de godsdienstige op vattingen betreft: 32% van de stadbewoners en 53% van de Ui lenstedestudenten veranderden op dit gebied van mening.
'EEN RAMPGEBIED'
Conclusie De hypothese, dat op Uilenstede meer eenzaamheid zou voorkomen is ongegrond, evenals de hypo these, dat Uilenstedebewoners in hun sociaal gedrag meer Invloed van hun medestudenten zouden ondervinden, dan het geval zou zijn bü stadbewoners. Uilenstede bewoners zijn niet apathischer dan stadbewoners. Het leven op Uilenstede behoeft professionele begeleiders uit het oogpunt 'ge lijke monniken, gelijke kappen' geen zorgen te baren.
Tegenvaller? Bij de behandeling van de enquê te in een B.S.A.vergadering zei Klaas Tanis, dat de uitslag eigen lijk is tegengevallen. Als er geen verschillen geconstateerd worden, kun Je je afvragen of er wel goe de vragen zijn gesteld. De heer Verhallen was van mening, dat hier en daar het resultaat mis schien niet helemaal een exact beeld geeft, maar dat in ieder ge val een aantal mythes doorbroken ziJn. Bovendien zijn de vragen ontleend aan gesprekken met di verse mensen over Uilenstede, zo als decanen, psychologen en con suls.
Tweede fase De tweede fase was specifiek toe gespitst op de problemen van de Uilenstedenaren; in het rapport van deze tweede fase wordt een aantal problemen uitgediept. Al is de toestand op Uilenstede niet
Het lid zijn van een of meer ver enigingen bUjkt geheel onafhan kelijk te zijn van het al of niet op Uilenstede wonen. Over de mate van invloed die men heeft op de gang van zaken bij univer siteit, faculteit en studentenvoor zieningen zijn de stadbewoners duidelijk meer tevreden dan 4e studenten op Uilenstede. Bü de vraag of men ook invloed wilde uitoefenen bleek merkwaardiger wijs, dat er een aantaJ ontevrede nen toch geen invloed wilde uit oefenen. In het algemeen wil men meer Invloed uitoefenen op de faculteit dan op de universiteit als geheel. De studentenvoorzieningen nemen hier een tussenpositie in. Uit de vraag of men zich actiever dan wel passiever achtte dan ver gelijkbare anderen resulteerden geen aantoonbare verschillen.
S'H^
Foto E. de Kam
$Tup€NreN HtueeN eC N
ANOERE
' problemen specifiek Uilenstede betreffen (zoals de huur boycot).
Uilenstede als woon bebouwing Uilenstede is voor een bepaalde categorie mensen bestemd, is vrij geïsoleerd, dicht bebouwd en zeer gehörig door de ligging onder de 'bulderbaan'. Het gevolg is een gebrekkige ruimtelijke integratie met de maatschappij, waardoor het individu nog meer geïsoleerd wordt, de contactproblemen toe nemen, en het studentzijn nog verder een elitair karakter krijgt. Het vinden van een eigen identi teit wordt moeilijker gemaakt; de geluidsoverlast versterkt in hoge mate de irritabiliteit, die toch al hoog is door de eerder genoemde punten. De Uilenraad kan hier weinig aan veranderen, maar wel pleiten voor een beter huisves tingsbeleid in het algemeen. De studentenhuisvesting zou niet on der het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen moeten vallen, maar onder dat van Volkshuisves ting. Op korte termijn zou een verbetering ziJn ook niet stude rende vrijgezellen op Uilenstede
T>)tóiMpeum»
besteden aan voorzieningen als sport, studie, kunst, ontspanning, voorlichting. Daarnaast zou de raad verbanden moeten leggen met bewonersraden van andere studentencentra in ons land ten einde van eikaars ervaringen te kunnen leren en zo gemeenschap pelijk actie te kunnen voeren. Wellicht ten overvloede merken wi) tenslotte op, dat men uit bo venstaande niet mag concluderen, dat de Uilenraad niets doet en al leen maar dingen 'zou moeten doen', integendeel, men werkt wel degelijk reeds aan een interne en externe integratie, o.a. door aan sluiting te zoeken bü andere cate gorale organisaties, zoals werken de jongeren, bejaarden en buurt comité's. Dit rapport van drs. Verhallen, dat bekende problemen nog eens op een rütje zet, ze van een andere kant belicht, nieuwe problemen ten tonele voert en ook laat zien dat vermoede problemen helemaal niet bestaan, biedt u genoeg stof om over te discussiëren, niet al leen op vergaderingen, maar ho pelyk ook bü de studenten thuis op hun kamer. Uiteindelük is het de bedoeling dat de Uilenraad op den duur een duidelijk beleidska der verkrügt, dat gebaseerd is op de inbreng van alle bewoners en belanghebbenden.
POTCHEFSTROOM
Vervolg van pagina 1
DE UILEN RAAD
Aktiviteiten
if m. '.} ^
vatbaar
alarmerend, er blijven toch pro blemen, die deels wel, deels niet opgelost kunnen worden. Vele problemen betreffen niet alleen Uilenstede, doch de gehele studen tengemeenschap. De vraag is nu in hoe verre de Uilenraad iets kan doen. Daar is in de eerste plaats de leeftijdsproblematiek, het zich losmaken van het waarden en normensysteem, de contactproble matiek, hetgeen nog eens ver sterkt wordt door de meestal ab rupte overgang van het gestructu reerde thuismilieu naar het bijna ongestructureerde milieu in de studentenwereld.
Tijd^ ijdsindeling De tiJdsindeUng ligt in de studen tenwereld anders: de meeste stu denten gaan later naar bed en staan later op dan andere groepe ringen in onze maatschappij en zün meer baas over eigen tijd dan de meeste werknemers. Tenslotte kennen ziJ een jaarcyclus met korte, hevige werkopeenhopingen (tentamentijd), maar eveneens met extreem lange vakanties. Pro blemen die hiermee verbonden zijn liggen voornamelijk op het gebied van de integratie met an dere bevolkingsgroepen: voor an dere groeperingen is de afwijken de dagcyclus vaak storend en le veren de grote vrijheid en de lan ge vakanties een basis van jalou zie. Om financieeleconomische pro blemen van de studenten te be strijden, dient de Uilenraad voor al de daartoe geëigende studen tenorganisaties te stimuleren bij hun werk. Het is versnippering van krachten als de raad hier eigen acties gaat voeren, tenzi) de
Foto E. de Kam te huisvesten (gezinnen is niet mogelijk, daar de bouw hier niet op berekend is). De categorie blijft dan nog steeds een catego rie, ziJ het een iets ruimere.
kader moest de brief van het College van Bestuur dan ook gezien worden. Het was de opening van een nieuwe, echte dialoog.
Resultaat
En zo ging men door, soms met het gebruiken van bübelteksten en analogiën hiervan die betrek king zouden hebben op het ver Integratie drag en de apartheid. Mozes, We dienen onderscheid te maken Paulus, Pariaoeën werden gebruikt tussen ruimtelijke integratie, re om het standpunt pro of contra lationele integratie en integratie te verdedigen. Ook bleek deze van voorzieningen. Zelfs als stu en gene direkt of indirekt kóntakt denten verspreid door de stad wo gehad te hebben met ds. Beyers nen (ruimtelijke integratie), wil Naudé, uiteraard met ver dat nog niet zeggen, dat zij ook schillende resultaten. Voorwaar, met alle bevolkingslagen contact een heilloze discussie. hebben (relationele integratie). Bovendien doet zich de vreemde De mogelijkheid daartoe is uiter situatie voor dat nu de UBLS aard wel groter dan nu op Uilen ongewild in de discussie gemengd stede het geval is. Voor een rela is terwijl deze door middel van tionele integratie is eerst een een (vertrouwelüke) brief heelt ruimtelijke integratie noodzake laten weten hier geen prijs op te lijk. De moeilijkheden die zich stellen zolang de VU nog kon voordoen bü relationele integratie, takten onderhoud met de PU. door de verschillende tijdsinde De brief werd als vertrouwelijk lingen zijn reeds eerder genoemd. bestempeld omdat de UBLS Wat kan de UUenraad hieraan toch al in een kwetsbare positie doen? De voorzieningen moeten verkeerde. Deze vertrouwelükheid voor iedereen zijn, vrijgezellen is wel goed geschonden door de moeten op UUenstcde kunnen wo aanwezigheid bü deze vergadering nen. Het bouwen van nieuwe cate van prof. van der Walt, hoog gorale gemeenschappen moet af leraar aan de PU. Wat de ge geremd worden! Het blijft voorlo volgen hiervan zullen zün zullen pig natuurlijk een gebrekkige in we moeten afwachten. Vandaar tegratie: werkelijke ruimtelijke in dat men de beslissing van de tegratie betekent niet, dat anderen UR om de dialoog gaande te de studenengemenschap binnen houden in dit kader met enige moger, komen, maar dat de stu Skepsis moet bezien. Natuurlük, denten in de ruimere gemeenschap in theorie is het nog mogelük dat worden geïntegreerd. En dat is, ge de PU na deze brief zelf actie zal geven Uilenstede, geen haalbare ontplooien, of misschien zelfs kaart! negatief zal reageren. De kans daarop lukt klein. De UR Momenteel zal de voornaamste heeft geprobeerd een C hristelüke taak van de Uilenraad nog Uggen beslissing te nemen. Of dat bij de interne integratie, dus de in Inderdaad het geval is is de tegratie tussen de studenten on vraag waarmee voor en derling. Opdat de bewoners elkaar tegenstanders zün blüven zitten. ontmoeten en meer contacten leg gen, dient men meer aandacht te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973
Ad Valvas | 370 Pagina's