Ad Valvas 1973-1974 - pagina 259
5
AD VALVAS — 5 APRIL 1974
GRONINGEN BEVESTIGT CONCLUSIES VAN VERHALLEN
FLATSTUDENTEN DIEPGA A ND VERGELEKEN MET OVERIGE STUDENTEN
Stemgedrag op Uilenstede I n een extra (gestencilde) uitgave van Uilenpraat, h e t blad voor de bewoners van Uilenstede, werd nog op de avond van de verkiezingen, een overzicht gegeven van h e t stemgedrag van de studenten op Uilen stede. Hierbij dient nog opgemerkt te worden dat, om onbegrijpelijke redenen, de op Uilenstede woonachtige verpleegsters geen gebruik mochten maken van h e t studentenstembureau, doch elders in de ge meente moesten stemmen. Bovendien zijn de uitslagen van GUUilenstede enigszins vertekend doordat een groot a a n t a l VUstudenten hier woonachtig is.
D e s o c i a a l p s y c h o l o o g H a n V e r h a l l e n , d i e zoals b e k e n d e e n v e r g e l i j k e n d o n d e r z o e k h e e f t v e r r i c h t t u s s e n s t u d e n t e n , die w o n e n o p U i l e n s t e d e e n s t u d e n t e n o p e e n k a m e r i n d e s t a d (wij h e b b e n h i e r r e e d s a r t i k e l e n a a n gewijd i n A d V a l v a s v a n 1 e n 23 m a a r t ) b l i j k t n i e t d e e n i g e t e zijn, die e e n d e r g e l i j k w e r k heeft gedaan. In Groningen hebben twee psychologiestudenten. F r a n k B r o k k e n e n M i k v a n E s t h a n s e e n lijvig v e r s l a g v a n e e n onderzoek afgerond, d a t getiteld is: 'Fiatstudenten vergeleken m e t o v e r i g e s t u d e n e n ' . U i t e r a a r d zijn wij n i e u w s g i e r i g i n hoeverre het onderzoek en de'conclusies v a n Brokken en van V a n E s o v e r e e n k o m e n j? iet d i e v a n V e r h a l l e n . Om^ veel schrijfwerk en onnodig papiergebruik te vermijden, zullen wij verder h e t onderzoek van Ver hallen aanduiden met 01; h e t onderzoek van de twee Groningers als 02. De aanduidingen 01 en 02 zijn willekeiu^g en bete kenen niet, dat 02 minder is dan of in de schaduw s t a a t bij 01. Wü zouden misschien het omgekeerde kunnen zeggen, als we de twee rapporten naast elkaar leggen, in ieder geval kwantitatief gezien: 01 een stencil van 11 kantjes, 02 een syllabusachtig boekwerk van 129 bladzijden. Zo'n groot kwantitatief verschil zal misschien ook wel resulteren in een kwalita tiel onderscheid. Er is echter een essentieel verschil tussen beide onderzoeken. Brokken en Van Es h a d d e n als doelstelling n a t e g a a n of studenten op studentenflats inderdaad verschillen ten opzichte van andere studenten. Hier draait het hele onderzoek om! Voor Ver hallen echter was dit werk slechts een aanloopje of een springplank voor h e t verdere werk: namelijk de problematiek op Uilenstede als zodanig te analyseren en van hieruit te komen tot een discussie n o t a over h e t t e voeren beleid door de Uilenraad. K o r t gezegd komt h e t hier op neer, dat bij Brokken en Van Es de student centraal staat, by Verhallen is dit de flatstudent. Bi) h e t verge lijken van de werkstukken zullen wij ons dat steeds moeten reali seren. DOELSTELLINGEN I n 02 worden enkele veel gebe zigde negatieve uitlatingen over studentenflats genoemd, maar, zo wordt gezegd, deze berusten niet op systematisch verworven empe risch feitenmateriaal, doch op toevallige subjectieve indrukken, die op niets berusten. Dit feiten materiaal moest n u m a a r eens komen. Ook bij de bouw en ex ploitatie van studentenflats k a n dit materiaal van pas komen. 'Te kenend in dit verband is wellicht, dat er van de zijde der bouwers en exploitanten, de verschillende SSH's nog nimmer enig soortge lijk onderzoek is gedaan.' Bij Verhallen, en hier zien we al direct h e t eerder genoemde essen tiële verschil gaan spelen, gaat het er om, n a a s t natuurlijk het o n t zenuwen van allerlei geheimzin nige mythes, de welzijnswerkers (artsen, decanen, psychologen, pastores) gerust te stellen en h e n op een andere manier tegen Uilen stede te laten aankijken, z y moe ten op een efficiënte manier met Uilenstede omgaan, en niet van uit een a a n t a l ongetoetste hyjw theses. VRAGEN Bij 02 werden er vragen gesteld op de gebieden sociale contacten, vereenzaming, psychische proble men, geluidsoverlast, woonsatis factie, studieresultaten, houding ten opzichte van de studie, en verder biografische vragen (leef tijd, geslacht, e t c ) . Zaken dus, die bij Verhallen ook a a n de orde komen. Verschillend is echter h e t a a n t a l vragen. I n 02 s t a a n er veel meer, hetgeen t e verklaren is, als m e n ziet hoe de vragen over één onderwerpje uiteengera feld worden. Vraagt H a n Verhal len b.v. n a a r de stand van de studie (achter, bü of voor) bij F r a n k en Mik moet men antwoord geven op de volgende vragen: Vindt U uw studie wel leuk? B e valt de studie U? Vindt U uw studie vervelend? Hoe zijn uw stu dievorderingen? G a a t h e t slecht met uw studie? Bent U tevreden met de resultaten? Zakt ü vaak voor t e n t a m i n a ? Baalt U wel eens
Door Guus Herbschleb AV van uw studie? B a a l t U vaak van uw studie? E n we zouden nog even door kuimen g a a n ! We mogen dus wel stellen, dat hieruit meer i n formatie te distilleren is, zodat de conclusies van 02 op meer feiten berusten dan die van 01, hoewel ze in de meeste gevallen het zelfde zijn. Verhallen had voor zijn opdracht niet meer gegevens nodig: 'Mijn opdracht was niet promotierijpe onderzoeken t e doen, m a a r er voor te zorgen, d a t h e t op Uilenstede beter gaat dan tot n u toe.' ONDERZOEK Door het grote kwantitatieve ver schil a a n informatie, zijn ook de onderzoekmethodes niet a a n el kaar gelijk. 01: Voor zover de antwoorden op de vragen voorgecodeerd waren, werden ze op de V.U. op pons kaarten overgenomen, waarna Verhallen zelf een a a n t a l sorte ringen uitvoerde, aangezien dit in vergelijking m e t h e t schrijven van een sorteerprogramma een aanzienlijke tijdwinst opleverde. De kwalitatieve antwoorden wer den door de onderzoeker gerubri ceerd. Verder wordt er h a a s t niet meer gerept over de gevolgde m e thodiek. 02: Veel informatie (bovendien van meer respondenten) is moei lijker te verwerken. Men dient d a n nog systematischer t e werk t e gaan. WiJ lezen over item en lijstanalyses, de factoranalyse, de vaiiatieanalyse, correlatieta bellen, regressieanalyse, partiali satieanalyse, zaken die voor inge wijden zeker interessant zijn, m a a r die we t h a n s niet nader zullen l>e schouwen. Interessanter is het nu eens n a a r de conclusies te gaan kijken. CONCLUSIES F r a n k Brokken en Mik van Es zijn van mening, dat uit h e t on derzoek is gebleken, d a t er on miskenbare verschillen bestaan tilssen studenten uit studenten flats en overige studenten, hoe wel die verschillen niet groot zijn. Als men de gegevens van een stu dent weet blijft h e t altijd moeilijk te voorspellen of deze op een flat woont of niet. De verschillen b e troffen vooral de oorsprong van sociale contacten, de woonsatis factie, de studieattitude en voorts alle biografische vragen. Uit dit laatste volgt dat studentenflats enigszins een bepaalde categorie studenten aantrekken en hieruit zijn dan deels weer de andere verschillen t e verklaren. I n de flats is m e n wat ontevredener over ziJn kamer. De onderzoekers merkten hierbij op d a t h e t niet gaat om een oorzakelijk verband, m a a r om een samenhang. Aller lei factoren spelen mee: uit vragen bleek ook d a t mensen ver van h e t centrum ontevredener zijn dan studenten, die meer cen t r a a l wonen. D a a r de studenten flats meestal vrij ver van h e t centrum gesitueerd zijn, zou m e n de ontevredenheid aldaar op deze manier kunnen verklaren. De on tevredenheid komt dan dus los t e s t a a n van het al of niet op een flat wonen. Een studentenflat hoeft dus lang niet altijd de oor zaak van verschillen te zijn. Geen verschillen werden gecon stateerd op de p u n t e n : hoeveel heid sociale contacten, vereen zaming, psychische problemen, studieresultaten, etc. 'Kennelijk hebben de populaire opmerkingen over vereenzaming en psychische problemen meer waarde als sociale
leuterkoek, dan als feitelijk juiste uitspraken.' PARALLELLIE Degenen die de twee overige a r t i kelen over Verhallen hebben gele zen, weten dat deze tot piactisch dezelfde conclusies kwam. N a t u u r lijk blijven er verschilletjes, of dat n u komt door toeval, verschil in a a n p a k of omvang van h e t werk; of door werkelijke verschil len: Amsterdam is t e n slotte iets anders dan Groningen. Hij, die h e t verslag van F r a n k Brokken en Mik van Es bij h e t informatiecentrum (lD03) door kijkt zal misschien geneigd zijn te denken, d a t Verhallen, die zich een beter en diepgaander onder zoek dan het zijne kon voorstellen, gelijk heeft gekregen. D a t dit gro ningse werkstuk diepgaander is, lijkt een onbetwistbaar feit. Gezien de grote parallellie tussen de conclusies echter, valt er nog wel over t e discussiëren of h e t ook beter is dan het werkstuk van H a n Verhallen, en zo j a in welke mate. Gegeven de verschillende uit gangspunten en doelstellingen, zal die discussie toch wel moeilijker zijn, d^n op h e t eerste gezicht lijkt. '
Opvallend is in ieder geval h e t geringe a a h t a l steiflgerechtigden op VU Uilenstede. Er waren 2 stemburo's: h e t ene met alleen VUstudenten, h e t a a n t a l stemgerechtigden was d a a r : 1421; de opkomst was 1182 (83,1%). Het andere stemburo bestond overwegend uit GUstudentea. Aantal stem gerechtigden 1413. Opkomst 1084 (76,7%). I n totaal zyn dus 2266 stem men uitgebracht. D a t is 79,9%. Partij Pr Staten verkiezingen '74
Kamerverkiezii^en '72 Uilenstede P'ï?
Bur. V.U.
PvdA CDA WD CPN' D '66 PPR PSP BP SGP GPV D S '70 BKPN
%
sq'B
197 176 102 66 35 402 173 1 6 4 20 O
16,7 14,9 8,6 5,6 3 34 14,6 0,1 0,5 0,3 1,7
Bur. V.U. abs %
Totaal abs %
268 64 123 75 47 311 175 2 1 3 14 1
465 240 225 141 82 713 348 3 7 7 34 1
24,7 5,9 11,35 6,9 4,3 28,7 16,15 0,2 0,1 0,3 1,3 0,1
d
d
S w
S f
20,5 15,8 10,6 14,3 9,9 9,3 6,2 . 5 3,6 5,5 31,5 34,8 15,4 11,0 0,15 0 0,3 0,2 0,3 0,7 1,5 3,4 0,05 0
23,5 6,1 9,1 7 8 28,1 14,6 0 0,1 0,5 3 0
15
ca 'S w
20,1 10,4 9,1 6 6,2 31,7 12,7 0 0,1 0,6 3,1 0
UILENPRAAT EXTRA IHLENPRAAT EXTRA UILENPRAAT
A. V.
VOORSTEL NIEUWE BEHEERSSTRUCTUUR UILENSTEDE
Door een commissie van de RSA, bestaande uit de heren C. Lamers, W. H. Schram en A. van der Zweep, is een r a p p o r t uitgebracht waarin vergaande voorstellen worden gedaan over h e t beheer van Uilenstede. DE BESTUURSSTRUCTUUR I n navolging van de zgn. com missie De Roos wordt voorgesteld de 'ichting Combinatiegebouw Uilenstede op te heffen en de stichting Studentenhuisvesting te belasten met h e t beheer van h e t gebouw. Wanneer de SORU en de Stichting Sociëteit Uilenstede tot fusie besluiten, zal de horecasec tor zelfstandig k u n n e n blijven. T e n aanzien v a n de Uilenraad wordt door de commissie opge merkt, d a t a a n de bestaande con structie enkele nadelen zijn ver bonden: a. h e t beheersapparaat heeft twee opdrachtgevers. b. de mogelijkheid van compe tentiekwesties op randgebieden is niet uitgesloten. Uit h e t oogpunt van organisato rische duidelijkheid verdient h e t de voorkeur slechts één beheers instantie boven h e t uitvoerende a p p a r a a t te plaatsen en de Uilen r a a d een adviserende functie toe te kennen. HET BEHEER VAN UILENSTEDE Uit een r a p p o r t van h e t Gemeen schappelijk Overleg S t u d e n t e n huisvesting blijkt, d a t de SSHVU één van de duurste stichtingen in Nederland is. Uit een vergelijking v a n de jaarrekeningen van de SSH van de Rijksimiversiteit van U t r e c h t en van de SSHVU over 1972 blijken de volgende verschil len: Loonkosten VU Utrecht (per eenheid) ƒ 260,— ƒ 145,— Onderhoud (per eenheid) ƒ230,— ƒ 165,— Inventaris (per eenheid) ƒ 55,— ƒ 4 0 , Personeel ƒ 25,— ƒ 1 6 , Bij deze verschillen moet worden opgemerkt, d a t Utrecht één van
de goedkoopst werkende stichtingen is. De commissie acht zich niet b e voegd een uitspraak t e doen over eventuele verschillen in de kwaliteit van h e t onderhoud. Zoekend n a a r oorzaken van de verschillen wordt t.a.v. de efficiency van h e t beheersapparaat gewezen op h e t grote a a n t a l leiding-gevende functionarissen. Voorts wordt h e t n a a s t elkaar bestaan van een technische dienst, een huishoudelijke dienst en een huishoudelijke dienst combinatiegebouw weinig efficiënt geacht. De huidige werkwijze van de t e c h nische dienst m a a k t een weinig kostenbewuste indruk, terwijl h e t service-niveau wat overdadig a a n doet. Op grond van deze overwegingen worden de volgende aanbevelingen gedaan: 1. de driehoofdige leiding wordt vervangen door één directeur. 2. de technische en huishoudelijke diensten worden samengevoegd. 3. h e t SSH-bestuur zou kunnen overwegen de bewoners een a a n tal werkzaamheden zelf te laten doen of h u n hiervoor de kosten in rekening brengen. 4. h e t takenpakket v a n de b e heerder combinatiegebouw wordt ondergebracht bij de SSH. 5. integratie m e t de I B D is niet a a n te bevelen. 6. bekeken moet worden of bij verdere samenwerking met de universiteit van Amsterdam ook Uilenstede I I I door de VU beheerd k a n worden. I n de voorgestelde organisatiestructuur berust de leiding bij een directeur en bestaat h e t uitvoerende a p p a r a a t uit twee afdelingen: een technische en huishoudelijke dienst en een bureau SSH. Het rapport is voorgelegd a a n h e t dagelijks bestuur van de SSH, d a t van mening was, dat h e t rapport op langere termijn een redelijk
advies bevat, m a a r d a t h e t op sociale gronden niet a a n g a a t op korte termijn alle aanbevelingen door te voeren. Wel heeft h e t dagelijks bestuur v a n de SSH zich uitgesproken voor h e t op korte termijn a a n trekken van een directeur. Als één van de belangrijkste m o tieven hiervoor wordt door h e t dagelijks bestuur aangevoerd de noodzaak om te beschikken over iemand, die h e t bestuur kan o n t lasten v a n een a a n t a l beleidsvoorbereidende werkzaamheden. REACTIES Op donderdag 21 m a a r t heeft h e t dagelijks bestuur een bijeenkomst belegd m e t h e t personeel. Een groot a a n t a l kritische vragen werd gesteld. Eén van de belangrijkste kritiekpunten was, d a t h e t personeel p a s ingelicht werd, n a d a t h e t rapport gereed was en h e t dagelijks bestuur een standpunt h a d ingenomen. Van h e t bestuur werd geëist, d a t h e t personeel voldoende gelegenheid zou krijgen om zün s t a n d p u n t n a a r voren te brengen. Ook in h e t bestuur van de SSH werd nogal kritisch gereageerd op h e t rapport. Eén van de p u n ten was: waimeer een vergelijking wordt gemaakt m e t de goedkoopste stichting (Utrecht) en de kwaliteit van h e t onderhoud wordt niet beoordeeld, gaan we dan niet in de richting v a n een onverantwoorde verlaging van h e t servicepakket? Van de commissie werd gevraagd nader uiteen te zetten wat de voordelen zijn van een eenhoofdige leiding boven een driehoofdige leiding. Ook zal nader moeten worden aangegeven welke taken de eventueel te benoemen directeur moet overnemen van resp. het bestuur en de commissie v a n beheer. De RSA hoopt h e t rapport in zijn vergadering van 13 mei a.s. te behandelen en d a n t e beschikken over een pre-advies van de SSH. .A. V. d. ZWEEP
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973
Ad Valvas | 370 Pagina's