Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1973-1974 - pagina 347

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1973-1974 - pagina 347

11 minuten leestijd

5

AD VALVAS — 21 JUNI 1974

VEILIGHEID, EEN KWESTIE VAN MOTIVATIE PROEFSCHRIFT OVER VEILIGHEID IN BEDRIJVEN I n de Nederlandse bedrijven gebeurt elke 2 seconden een licht bedrijfsongeval; elke halve minuut een ernstig bedrijfsongeval (meer d a n 2 dagen verzuim) en elke vier uur een dodelijk ongeluk. Deze cijfers tonen zonneklaar a a n , d a t de veiligheid in bedrijven nog heel wat te wensen overlaat en dat het hoognodig tijd wordt, dat er eens iets a a n gaat veranderen. Op de Vrije Universiteit is op 24 april jl. gepromoveerd drs. J. H. T. H. Andriessen tot doctor in de sociale wetenschappen op zijn proefschrift 'Veiligheid, een kwestie van motivatie'. Bij zijn onderzoek ging Andriessen steeds uit van de s i t u a t i e op het werk en dus niet v a n al dan niet statistisch vastgelegde ongelukken. Over deze problematiek h a d A.V. een gesprek met dr. Andriessen. PROBLEEMSTELLING De probleemstelling was: te zoeken naar aspecten waar een man in een werksituatie mee te maken heeft en die zjjn motivatie tot een bepaald gedrag beïnvloeden. Dat kunnen persoonlijkheidskenmerken zün, maar er zijn ook een aantal externe aspecten te noemen. De psychologie gaat tegenwoordig in zijn onderzoek naar het gedrag van een mens beïnvloedende factoren steeds meer de nadruk leggen op bijv. de situatie, waarin iemand zich bevindt, de verhou- ding met andere -mensen, de wijze waarop leiding gegeven wordt, algemene kenmerken van het bedrijf en werk, etc. Hoewel altyd wel het karakter van een individu diens gedrag zal beïnvloeden, zijn er dus heel wat meer factoren te noemen, die van buitenaf komen en een mens er toe brengen op een bepaalde wijze te handelen. De hele problematiek is steeds bekeken van uit de arbeider: wat is zijn gedrag? Op welke manier werkt hij, wat voor soort handelingen verricht hij? Hoe reageert hü op zijn omgeving? Waarom of door welke factoren werken sommige mensen veiliger dan andere? Waarom -zyn sommige mensen voorzichtiger? Dit is de vraagstelling; er wordt dus niet onderzocht in hoeverre onveiligheid tot ongelukken leidt, of in hoeverre onvoorzichtige mensen vaker het slachtoffer worden van bedrijfsongevallen dan voomchtige. Andriessen: 'Dat is ook practisch onmogelijk, in ieder geval erg moeUiJk! Als nou in een groep van tien man in een heel jaar één vent een keer een ongeluk krijgt, moet je dan zeggen dat deze typisch een onveilige figuur is en dat de andere negen allemaal veilig werken? Dat hoeft helemaal niet: iemand kan het slachtoffer worden door de fout van een ander of gewoon door technisch mankement aan een machine.' Bovendien moeten wiJ nog bedenken, dat ongevallencijfers uit statistieken heel slecht met elkaar te vergelijken zijn. Het VU-magazine van februari, waarin ook een artikel aan dit onderwerp gewijd is: 'De EHBO-posten op bedrijven waar het werk nu niet direct van dien aard is, dat het de arbeider veel bevrediging kan schenken, hebben het drukker dan in andere gevallen. Men loopt er bij het minste of geringste heen, om even een onderbreking van de sleur te bewerkstelligen. Is zo'n post bemand door beminnelijk personeel, dan zal aandacht worden geschonken aan de (geringe) blessure; zit er een wat barser iemand, dan zal de animo hem een bezoek te brengen niet zo gi-oot zijn. Dat drukt de statistiek. Daarbij komt nog dat wan-

l^ pfmr

neer Janssen een fout maakt, waardoor Pleterse gewond raakt, piet Janssen maar Pieterse in de statistiek komt.' Voor het onderzoek hebben we dus weinig aan ongevallen-cijfers en kunnen we beter uitgaan van het gedrag van de arbeider. FACTOREN Als één factor, die bepalend is voor het handelen van een werkman, is te noemen: de leiding; streeft deze naar een zo groot en snel mogelyke produktie, dan bestaat de kans dat de veiligheid verwaarloosd wordt. Uit het onderzoek kwam naar voren, dat hoe meer men meende dat veilig werken het werktempo vertraagde, hoe minder veiUgheid men bij het werk in acht nam. Stond de produktie voorop dan was men geneigd veiligheid te beschouwen als hinderlijke flauwekul, afgezien van de vragen of het nu feitelijk juist is, dat veiligheid tijd en dus geld kost. De leiding kan strakke regels opstellen, die de veiligheid bevorderen, maar hoeft dit niet te doen. Staat de leiding open voor ideeën van arbeiders of hebben dezen niets te vertellen? Geeft de leiding een man die uit zichzelf veiligheidsmaatregelen treft een pluim, of zegt ze: 'man stel Je niet aan, werk liever en verdoe je tijd niet met veiligheidsmaatregelen.'? Een arbeider heeft natuurlijk ook altijd te maken met zijn directe collega's. Hebben al zijn collega's een broertje dood aan veiligheid, dan is het moeilijk zelf wèl daarnaar te streven. Als de man een helm opzet, wordt hij misschien wel uitgelachen of uitgemaakt voor brave hendrik. Andriessen: 'Arbeiders kunnen op verschillende manieren veilig ziJn. Daar is de persoonlijke veiligheid: sommige mensen zijn voorzichtiger (voor zichzelf) dan anderen. Een geheel ander soort veiligheid is het initiatief nemen om te zorgen dat de werkplek ook voor anderen veiliger wordt: controleert men bijv. de hijsstrop; waarschuwt men de leiding wanneer er iets niet in orde is. Mensen die op deze manier veilig werken, hoeven nog niet zelf voorzichtig te zijn en andersom.' Dat heeft duidelijk ook te maken met iemands persoonlijkheid: is iemand een egoist, dan zal hij alleen op zich zelf letten en niets doen aan een constructie die op het punt staat om te vallen; hij zal er alleen met een grote boog omheen lopen. Een ander zal proberen het ding te stutten en misschien juist daardoor bedolven worden. Is men nonchalant en vindt men een helm dragen lastig of belemmerend, dan zal die helm

de wUersport geweest?

gewoon near

gewoon aan de kant gelegd worden, als de leiding tenminste geen regels heeft voorgeschreven, die het niet dragen van een helm verbieden. Uit het onderzoek bleek, dat de belangrijkste invloed uitpraat van de leiding^, minder invloed van de groep waarmee men dagelijks werkt, _ en het minst van belang bleken de persoonlijkheidsfactoren, VEILIGHEID BIJ VU-BOUW Heeft dr. Andriessen de indruk, dat er op de VU veilig gebouwd wordt? Andriessen: 'Daar kan ik eigenlijk geen oordeel over vellen. Ten eerste, omdat ik niet per bedrijf geanalyseerd heb; het werk biJ verschillende bedrijven en op verschillende bouwterreinen is haast niet met elkaar te vergelijken. Het risico, dat men loopt by het bouwen van een torenflat of bij het aanleggen van een weg, is duidelijk van verschillende aard. Ten tweede is het aantal bedrijven beperkt, zodat een vergelijking haast altijd mank gaat. Ik heb bewust gekeken naar individuen, ruim 200; dit is een redelijk aantal, maar als je een stuk of tien bedrijven moet gaan vergelijken, dan ontbreken gewoon bepaalde gegevens.' Is uit het onderzoek naar voren gekomen welke groepering van bouwvakkei-s het meeste ongelukken krijgt? Men kan zich namelijk voorstellen, dat gastarbeiders, die vaak moeilijkheden hebben met het Nederlands, ook moeite hebben met het begrijpen van veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen. Dit zou een categorie kunnen zijn, die door het hebben van een bepaalde handicap vaker een ongeluk krijgt. Andriessen: 'Neen, daar heb ik verder niets aan gedaan. Ik weet van een onderzoek in Duitsland, waaruit gebleken is, dat het aantal ongevallen bij gastarbeiders relatief zeer hoog Ugt vergeleken met Duitsers. Het verschil tussen bepaalde groepen heb ik niet onderzocht. Ik heb ook wel een keuze gemaakt uit mensen en bedrijven om een aantal factoren, die het onderzoek en de conclusies zouden bemoeilijken buiten schot te houden. Dit onderzoek is één van de eerste en in zo'n beginfase kim Je onmogelijk alle factoren die een rol kunnen spelen er bij slepen. Je moet gewoon zoeken naar de belangrijkste.' OPLOSSINGEN Wat zou er nou moeten gebeuren om de situatie te verbeteren? Andriessen: 'Ik heb een rapportje gemaakt, dat een soort samenvatting is en bedoeld is voor mensen uit de praktijk, vooral voor veiligheidsfunctionarissen en instanties. Daarin heb ik hier en daar wat aanbevelingen gedaan en wat conclusies geformuleerd die dichter by de praktyk zitten. Veiligheidsactiviteiten zouden niet op een Individu gericht moeten zyn, maar op een hele groep. Anders bestaat het gevaar dat één individu veilig wil werken, maar dat anderen zeggen: 'Doe niet zo kinderachtig'. Veiligheidsactiviteitenmoeten ontplooid worden met de hele groep betrokkenen tegeiyk. In gezameniyk groepsoverleg dient over dit soort zaken gepraat te worden. Het is gebleken, dat mensen vaak een verkeerde veronderstelling hebben van de meningen van collega's, zodat niemand een hehn durft op te zetten, omdat iedereen denkt: 'De anderen vinden het kinderachtig', maar dat hoeft dus helemaal niet het geval te zijn. Leidinggevende functionarissen moeten Ieren met mensen over dingen te praten en suggesties van mensen los te krijgen.* ONGEVAL Andriessen: 'We waren een keer in een bedrijf waar 5 minuten voor onze aankomst een grote stalen wand was omgevallen, niet helemaal, hij was net boven de grond blijven hangen. Een aantal mensen moest per ziekenauto worden afgevoerd met gebroken benen, bekkens of sleutelbeenderen. Toen wy zaten te praten met die uitvoerder werd er door de pers opgebeld, die wat inlichtingen wilde over het ongeluk, waarvan men gehoord had. Zegt die man: 'Ik zou niet weten; da's niet by ons gebeurd; hoe komt V erby.' Er bestaat dus een neiging om de zaak te verdoezelen. En vooral tegenwoordig is dat gemakkelijk.

ip

I

I- I

-l

'

I

'Bedrijfsongevallen worden vaak verdoezeld'. omdat sinds een paar jaar de wetgeving op de aanmelding van dit soort zaken veranderd is. Vroeger moest je ongevallen en ziekte apart melden, maar thans is dat samen gevoegd. Je meldt dus alleen, dat Jansen in het ziekenhuis Ugt. Het is in de bouwwereld dan ook een bekend feit, dat er heel wat meer ongelukken gebeuren dan er in de pers komen.' Andriessen: 'Een ander probleem is dit: in sommige bedrijven moeten uitvoerders of hoofduitvoerders van de topleiding een papiertje tekenen, dat zq verantwoordelyk zyn bij een eventueel ongeval. Dat is natuuriyk heel aardig, maar

dan moet de leiding zelf ook wel naar veiligheid streven. Laat de leiding de produktie vóór veiUgheid gaan, dan is dat laten tekenen door uitvoerders geen delegatie van verantwoordeiy kheid, maar een afschuiven van verantwoordely kheid. Die uitvoerders komen zodoende tussen twee vuren in te zitten: letten zy op veiUgheid, dan z ^ t de leiding: 'Daar hebben we niks mee te maken; het moet snel klaar.'; letten ze niet op veiligheid en gebeurt er een ongeval, dan krygen zy ook weer op hun donder, omdat zy immers verantwoordeiyk zün! Dat is natuuriyk een krankzinnige situatie.'

DEMOKRATISERING Z>e schouwburgsaal van de universiteit was gemM met oproerige studenten. Op het toneel zaten de hoogleraren en de senaat. Achter de schermen luisterden direkteuren en kuratoren mee. Er trad een kwiek professortje voor het voetlicht met een sierlijk puntbaardje en twinkelende brilleglazen, die energiek de m,ikrofoon begon toe te spreken. — Demokratiserinj, zo betoogde hij, daar ben ik vierkant voor. En ik kan u wel verklappen (hij gebaarde op de wassenbeeldengroep achter hem) daar zijn al mijn kollega's het van harte mee eens! Uit de gordijnen stapte een boer op zijn zondags, bekend om de wijse waarop hij een zeepfabriek leidde. — Als president-kurator, verklaarde hij plechtig, schaar ik mij met mijn ganse gevolg gaarne achter dit standpunt. Er moet meer en meer gedemokratiseerd worden... — Net als bij de zeepfabrieken! loeide een student. — Wij zullen de demokratie binnen de universiteit institutionaliseren, beloofde het professortje nu. Een langharige jongeman betrad het podium. — Wat voor instituut krijgen we nou weer? informeerde hij. — Er komt geen instituut, legde de hoogleraar uit. Maar wij sullen de demokratie binnen de universiteit inbouwen. — Nou zeg je het wéér! stoof de jongeman op. Wat voor gebouw komt er dan? — Als iemand bijvoorbeeld een bureau nodig heeft, verklaarde de professor zich nader, of een schemerlamp, dan mag hij daar in de toekomst zélf over meebeslissen. — Ik wil meebeslissen over mijn salaris! schreeuwde iemand. Net oL de tweede-kamerleden! E i schrale grijsaard nam het woord. — Een universiteit is mooi, meende hij, maar dan zonder studenten. Iedereen wil maar mondig wezen. Maar de mens is niet mondig! n^ — Hou je mond dan! riep een student snedig. Ik dacht aan mijn leraar op de middelbare school. — Waarom deed je dat, jongen? — Nou, meneer... — Hou je mond, sr^otneus, ik vraag je niks! — Wy moeten elkaar meer vertrouwen, deelde een bejaarde professor mee met de dierbare glimlach van een televisiedagsluiter. Het boertje van de zeepfabriek kwam op. — Demokratie is ifienstbaarTieid van dé universiteit aan de maatschappij, legde hy uit. Als een zeepfabriek bij voorbeeld een bepaalde scheikundige formule nodig heeft, moet hij daarom bij de universiteit kunnen aankloppen. — Om te weten wat scheikunde ia, moet je wijsbegeerte studeren, stond een professor in de filosofie op. Want het gaat hier om de goddelijke oorsprong. — Hé-hé! stoof een koltega op. Als het over God gaat, moet je bij m,ij wezen! Daar weet ik aUes van! — Ja, leer een bc.kher hoe je brood bakt, hoonde een derde, hoogleraar in de scheikunde. Op liet podium dreigde handgemeen. Uit alle hoeken van de zaal schoten plotseling rechercheurs te hulp, die de weerspannige elementen verwijderen. Binnen enkele minuten teas het hele toneel ontruimd, voor en achter de schermen. De universiteit was gedemokratiseerd. Murk A. J. Popma, verbonden aan de bibliotheek van de VU

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973

Ad Valvas | 370 Pagina's

Ad Valvas 1973-1974 - pagina 347

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 augustus 1973

Ad Valvas | 370 Pagina's