Ad Valvas 1974-1975 - pagina 207
3
'
AD VALVAS — 17 JANUARI 1975
PROF. DR. G. BRENNINKMEYER (NIEUWE VOORZITTER A R):
egering laat wetenschappelijk on zeer vrij
Prof. dr. G. Brenninkmryer 'De A cademische zijn die steeds meer geld vraagt.' Voor prof. Brenninkmeyer was h e t niet zo bezwaarlyk om i.p.v. hoog leraar, toch een aardig rustig baantje, topbestuurder voor de Academische R a a d t e worden. 'Die keus is niet onheiToepelijk, n a vier j a a r k a n je in mijn vak, zeker n a een sabbatical year, wel weer in liet vakgebied terecht.' De combi natie onderwijs en onderzoek én bestuur is bij bètavakken h e t moeilijkst. By sommige vakken, zoals experimentele fysica onmo gelijk. H e t voortdurend bijblijven en creatief zijn is een snelle o n t wikkeling steJt d a n zeer hoge eisen; een periode v a n afwezigheid geeft een te grote achterstand. J e ziet d a n ook volgens prof. Brenninkmeyer slechts een b e perkte groep mensen op de u n i versiteit voor bestuurlijke t a k e n beschikbaar. D a t speelt zelfs by de vakgroepen een rol. E r Is een groep die heel geschikt lijkt voor bestuurlijke taken, m a a r die toch niet opneemt. POPULAIE Hü heeft als nieuwe bestuurder toch niet h e t meest populaire b e drijf uitgekozen. Neem staatsse cretaris Klein die onlangs nog in Vrij Nederland tamelijk laatdim kend over de R a a d sprak. Prof. Brenninkmeyer heeft daar wel begrip voor. Het imago wordt voor een deel bepaald door d e enorme stroom v a n wetsvoorstel len en nota's, waar de r a a d mee belaagd wordt door de regering. Veelal gevolgd door eindeloze p r o cedures. Op buitenstaanders m a a k t dat, aldus prof. Brennink meyer d a n vaak de indruk v a n eindeloos gezanik en gezeur. Daarbij komt d a t de R a a d nogal eens heeft dwarsgelegen, m a a r nog vrijwel nooit ruimte heeft k u n nen vinden om zelf met initiatief voorstellen te komen. Om de A cademische R a a d slag vaardiger te laten werken stelt prof. Brenninkmeyer voor, d a t de plenaire r a a d zich m e t de grote lijnen en m e t de toekomst gaat bezighouden. D a t is ook al eens in de R a a d opgemerkt. Er zal meer n a a r de secties gedelegeerd moe t e n worden, die ter afdoening a a n de dagelijkse R a a d zouden moeten rapporteren. Ook zullen verschil lende wetenschappen meer ge ïntegreerd moeten worden. Clus ters v a n secties, waardoor de ver schillende vakgebieden beter op elkaar worden afgestemd. Eenstemmigheid in de R a a d t u s sen alle universiteiten over een bepaald onderwerp wordt soms bij de afzonderlijke universiteiten vreemd bekeken. Bü sommige af zonderlijke universiteiten bestaat die eenstemmigheid (nog) (hele maal) niet. En wat te denken v a n h e t afzonderlijke overleg d a t u n i versiteiten met h e t ministerie voeren, of h e t overleg tussen h e t ministerie en de gezamenlijke col leges v a n bestuur. WIEGERSMA Het komt n u nog, aldus prof. Brenninkmeyer, teveel voor, d a t colleges v a n bestuur, de_ universi teitsraden e n de A cademische R a a d het ministerie tegenstrijdig adviseren. Er zullen duidelijkere m a n d a t e n moeten worden vast gelegd. Voor h e t gevaar d a t com missies v a n de R a a d een eigen b e
Raad moet geen
vakbond
leid gaan voeren, d a t niet meer gevolgd wordt door de R a a d weet prof. Bremiinkmeyer geen oplos sing: 'Tja, wat wilt u. J e k u n t ze ook niet afschaffen. Zou je d a t doen, d a n krügt h e t ministerie h e t nog meer voor h e t zeggen. H e t is h e t algemene probleem van de deskundigheid in de demokratie.' Als voorbeeld komt d a n n a a r voren de commissie Wiegersma, die doorging m e t werken a a n de herprogrammering op basis v a n een wetsontwerp, terwijl de A ca demische R a a d zich steeds ster ker tegen d a t wetsontwerp afzette. 'Je k u n t niet zeggen', aldus prof. Brenninkmeyer,' dat de commis sie in h e t geniep werkt. De com missie is controversieel, omdat h e t onderwerp controversieel, is. J e zult commissies zo moeten instel len d a t ze van het begin af ver trouwen hebben. Wel werden de mensen verrast door d e commis sie Wiegersma, omdat ze niet wa ren meegegroeid. Toch moet er respect zijn voor deskundigheid. E n d a t zeker op universiteiten, want deskundigheid is toch h e t enige artikel d a t de universiteit de maatschappij k a n bieden.' Prof. Brenninkmeyer onderkend vervolgens ook h e t gevaar d a t de Academische Raad ontkracht wordt door de voorkeur v a n de minister en de staatssecretaris rechtstreeks zaken te doen m e t één of meer colleges van bestuur. D a n gaat h e t z.i. wel vaak om beheerstechnieche zaken, waar colleges v a n bestuur bij uitstek de gesprekspartners zijn. Hy zou wel
' H e t A c a d e m i s c h S t a t u u t i s e e n l a c h e r t j e a l s j e d e e x a m e n e i s e n b e k i j k t ' , a l d u s prof. d r . G. B r e n n i n k m e y e r , d i e o p 11 j a n u a r i j l . w e r d g e ï n s t a l l e e r d a l s v o o r z i t t e r v a n d e A c a d e m i s c h e R a a d . 'De regering l a a t h e t wetenschappelijk onderwijs i n vergelijking m e t a n d e r e onderwijsvormen en ook i n vergelijking m e t h e t b u i t e n l a n d onvoorstelbaar vrij.' Rob D e t t i n g m e y e r ( U U t r e c h t ) e n Hein Meijers (Quod Novum, R o t t e r d a m h a d d e n e e n gesprek m e t d e n i e u w e v o o r z i t t e r v a n d e R a a d , ' d i e m e e r p r o c e s s e n wil s t i m u l e r e n d a n zijn e i g e n m e n i n g i n d e R a a d e e n b e l a n g r i j k e r o l wil l a t e n s p e l e n , ' o v e r d e m a c h t , of liever d e o n m a c h t v a n d e z e overkoepelende universitaire organisatie. graag bij d a t soort gesprekken aanwezig willen zijn. CENTRALISME I s prof. Brenninkmeyer beducht voor een sterker centralisme v a n uit D e n Haag, d a t de studievrü held zou aantasten? 'De regering in Nederland laat de universiteiten in h e t algemeen onvoorstelbaar vrij', meent de nieuwe voorzitter. Indirect k a n de minister door de geldkraan toe te draaien ingrijpen. Prof. Breimink meyer zou h e t overigens niet b e t r e u r e n als er w a t strictere kwa liteitseisen a a n h e t onderwijs wer den gesteld: 'een betere definië ring van de eindtermen zou wen selijk zyn.' Een werkelijk ingrijpen in studie programma's wijst h y af. Zelf weet hy nog niet w a t h y zou prefereren: programma's p e r stad sterk t e laten verschillen of in vergeiykbare curricula te struc tureren, 'Het eerste heeft als voor deel een grotere studievryheid e n een programma d a t meer reke ning houdt m e t een creatievere en meer persoonlüke oriëntatie. Het tweede m a a k t echter een onderlinge vergeiykbaarheid en een uitwisselbaarheid mogeiyk, zodat studenten mobieler zyn. Wanneer de regering tegen d e consensus op dit p u n t by een b e paalde studierichting i n zou gaan, d a n zou ik vinden d a t de regering wel buiten de kaders gaat. D a n zou ze t e sterk de autonomie aantasten.
We p r a t e n verder over de toene mende kritiek v a n zowel links als rechts op h e t wetenschaps e n onderwysbeleid. H y heeft daar geen problemen m e e : 'Politieke issues worden n u op universitei t e n wat nadrukkeiyker uitgevoch ten d a n voorheen. Op zich hebben ze altyd al gespeeld.' H y vindt h e t niet erg d a t m e n een s t a n d p u n t moet bepalen en vindt de o p vatting d a t d a t niet thuishoort p p universiteiten erg gevaariyk. Wel m a a k t h y bezwaar tegen 'in tolerantie en totalitair optreden.' 'Ik vind d a t j e in h e t onderwys en zeker in Nederland een grens overschrydt, wanneer je je door geloofs of politieke overtuiging laat leiden by de wetenschaps beoefening zelf. Die overtuigin gen kurmen wel een rol spelen by de keuze v a n h e t onderwerp zelf. De inhoudeiyke vormgeving v a n de studie moet bestuuriyk op zo laag mogeiyk niveau plaatsvinden. De hogere organen moeten alleen de kaders aangeven. Maar tegen dogmatisch en totalitair denken k a n m e n in Nederland niet fel genoeg stelling nemen.' HBO We p r a t e n verder over h e t hoger beroeps onderwys d a t als soort p e n d a n t v a n de universiteiten en de A cademische R a a d zelf een HBO R a a d a a n h e t krygen Is. Prof. Brenninkmeyer noemt die R a a d psychologisch noodzakeiyk. Het H B O k a n er een eigen iden titeit door krygen. Wel heeft h y
twüfels over het opzetten van een geheel nieuw ambteiyk a p p a r a a t voor deze nieuwe Raad. Het be vreemdt h e m d a t de A cademi sche R a a d niet is geraadpleegd en niet meteen v a n h e t begin af tot samenwerking is uitgenodigd. De integratie of de samenwerking v a n h e t HBO e n h e t wetenschap peiyk onderwys k a n volgens prof. Brenninkmeyer juist een onder werp zyn waar de A cademische R a a d m e t eigen voorstellen k a n komen. Het gevaar voor h e t uit spelen van h e t hoger beroepson derwys en h e t wetenschappeiyk onderwys onderkent h y , m a a r hij is er niet al te bang voor. VAKBOND Aan h e t einde v a n h e t gesprek weten we h e m te verleiden tot een uitspraak die h y zeU zeer onverstandig noemt voor een voorzitter v a n de A cademische R a a d : 'Wanneer je uitgaat van een gefixeerd deel v a n h e t over heidsbudget voor h e t totale on derwijs, d a n ben ik h e t wel m e t de minister eens d a t h y h e t we tenschappeiyk onderwys relatief minder geld toeschuift.' 'Wel zullen we' aldus prof. Bren ninkmeyer' een zo'n breed moge lyk front moeten vormen, w a n neer de doelstellingen v a n h e t wetenschappeiyk onderwys in ge vaar komen. M a a r de A cademi sche R a a d moet geen vakbond zyn die steeds meer geld vraagt.' (GUPD)
PER 1 SEPTEMBER HUURVERHOGING 8<fo
Studentenhuisvesting UvA onder curatele Het uitgavenbeleid van de Stichting Studentenhuisvesting van de Universiteit van A msterdam komt dit jaar onder direkt toezicht te staan van een accountant; de ruim zeven miljoen die de SSH dit jaar is toegewezen kan niet zonder zijn toestemming worden uitgegeven. Die zeven miljoen is trouwens minder dan gevraagd was; in het totaal liad de SSH van de UvA om 8,3 miljoen subsidie gevraagd. Er is dit jaar door alle SSH's sa men om 23 miljoen subsidie ge vraagd voor het jaar 1975, terwijl er maar 21 miljoen beschikbaar is. Amsterdam GU en Delft zullen grotendeels voor dit verschil moe ten opdraaien. A msterdam G U moet ruim 1 miljoen bezuinigen, Delft ± 700.000. Deze bezuinigingen hangen volgens het ministerie niet samen met de huurboycot, het onder curatele stel len echter wel degelijk. Deze maat regel moet gezien worden als een poging van het ministerie om een eind te maken aan de al meer dan twee jaar durende huurboycot; al eerder was door het ministerie met een dergelijke maatregel gedreigd. De gelden voor de studentenhuis vesting staan op de begroting van
O W op een zogenaamd par keerartikel. Zij kunnen door de SSH slechts met goedkeuring van een accountant worden uitgegeven. Om de twee maanden zal deze ac countant (van O W of van Fi nanciën) het uitgavenbeleid moeten goedkeuren, mede met het oog op de stand van zaken met betrekking tot de huurboycot. Op dit moment bedraagt de totale achterstand ten gevolge van de boycot bij de UvA 450.000 gulden en iedere maand komt daar zo'n 20.000 gulden bij. Achtergrond van de bezuinigingen is de overgang van de Stichtingen Studentenhuisvesting van het mi nisterie van O W naar het mi nisterie van Volkshusvesting. Bij volkshuisvesting hanteert men na melijk een lagere norm voor het
bedrag dat voor onderhoud be steed mag worden. De korting van ruim 1 miljoen die het ministerie bij de SSH van de UvA heeft aan gebracht zal vooral ten laste komen van de post onderhoud omdat dat de enige variabele post op de be groting is. Men is aan de UvA niet zo blij met het feit dat de SSH onder curatele gesteld is, men wacht echter nog op schriftelijke bevestiging van een en ander. De heer H. M. Ver stegen, hoofd van de Dienst Stu dentenhuisvesting van de UvA liet desgevraagd weten dat hij wel graag wat eerder had vernomen dat het ministerie van zins was te gaan bezuinigen. "Nu kunnen allerlei afspraken met bewonersverenigingen wat betreft het aanbrengen van verbeteringen voor dit jaar waarschijnlijk niet doorgaan". Naar zijn mening zal de bezuini ging vooral ten koste moeten gaan van de woningverbetering en niet ten koste van het onderhoud.
Overigens zijn er nog wel andere posten waarop bezuinigd kan wor den volgens de heer Verstegen. Wat een en ander gaat betekenen voor de boycotters is op dit mo ment nog niet te overzien. De ASVA heeft in ieder geval nog geen standpunt bepaald ten aan zien van deze nieuwe ontwikkelin gen. REKENKAMER De rekenkamer concludeert dat de universiteit indertijd ten on rechte heeft besloten t o t de bouw van een nieuwe mensa op de fou tieve prognose d a t de behoefte aan mensamaaltyden zou groei en. Voorbereiding v a n d a t plan heeft de universiteit 275.000 gul den gekost. D a a r v a n ging byna 45 mille n a a r een architectenbu reau voordat de opdracht werd Ingetrokken.
Vervolg op pagina 5
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 augustus 1974
Ad Valvas | 404 Pagina's