Ad Valvas 1974-1975 - pagina 159
AD VALVAS — 29 NOVEMBER 1974
SERIE AKTUELE COLLEGES VOOR STUDENTEN WIS- EN NATUURKUNDE
Wetenschap bestuderen als so i^iO aktiviteit Door prof. dr. M. J. S. Rudwick In h e t eerstvolgende semester zal er voor tweedejaars- en doctoraalstudenten wis- en n a t u u r k u n d e gelegenheid zijn om in de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen nieuwe colleges te volgen, georganiseerd door de nieuwe vakgroep 'Geschiedenis en Maatschappelijke Aspecten der Natuurwetenschappen'. Er wordt tegenwoordig veel gesproken over de noodzakelijkheid voor wetenschappers om zich beter bewust te zqn van h u n verantwoordelijkheid t.o.v. de maatschappq. Maar w a t betekent d a t eigenlijk? Hoe kan een individuele wetenschapper verantwoordeläk zjjn voor de netenschap die h ü beoefent, als hij geen idee heeft van de wyze waarop deze wetenschap 'werkt'? Hoe komt men in de eerste plaats a a n nieuwe wetenschappelijke kennis? Is dit alleen m a a r een kwestie van het ontdekken van 'feiten' a a n g a a n d e de n a t u u r of speelt de wetenschapper als mens hier een rol bfl en zo ja, hoe d a n ? I n hoeverre zijn van te voren de gevolgen van een nieuwe ontdekking te overzien? Dergelijke vragen moeten beantwoord worden door het bestuderen van wetenschap als een s o c i a l e aktiviteit en dit is het uiteindelijke doel van de beide nieuwe colleges. Doctoraalstudenten zullen de gelegenheid hebben een van de problemen op dit gebied grondig te bestuderen, wanneer zy het nieuwe bijvak 'Maatschappelyke i n vloeden op natuurwetenschappelijke kennis' voor h u n doctoraalexamen kiezen. Is h e t mogelijk, dat wetenschappelyke theorieën en zelfs wetenschappelijke feiten, beïnvloed worden door h e t type maatschappü waarin wetenschappers leven en werken? Ze isijn tenslotte mensen.' De vraag is belangryk, o m d a t als er dergelijke invloeden zyn, wetenschappeiyke kennis niet eenvoudigweg een objectieve beschrijving van de n a t u u r kan zijn, m a a r gedeeltelyk een weerspiegeling moet zijn van onze eigen m a a t s c h a p py. Het is duidelijk, d a t dit de manier beïnvloedt waarop we wetenschappelijke conclusies voor praktische doeleinden toepassen. Dit is een zeer gioot probleem, vooral omdat we zelf tot deze hedendaagse maatschappij behoren en h e t büzonder moeilijk iB om buiten onszelf te treden en onze eigen onbewuste vooroordelen kritisch onder de loupe te nemen. Als we echter het wetenschappelijk denken van a n d e re samenlevingen bestuderen, in andere perioden der geschiedenis, dan kunnen we duidelijk zien, hoe nieuwe theorieën en zelfs nieuwe feiten, waarschynlyk beïnvloed zijn door de m a a t s c h a p pij waartoe de ontdekkers behoorden. ENIGE VOORBEELDEN De Werkgroep voor dit nieuwe vak zal dus enige voorbeelden studeren van research op het bied Van de geschiedenis der tuurwetenschappen, waarvan
bijbegenabe-
Advertentie
weerd is d a t zulke invloeden belangrijk waren. Er zullen voorbeelden gekozen worden uit verschillende n a t u u r wetenschappen, zodat studenten van iedere subfaculteit over h u n eigen onderwerp een speciaal project kunnen maken. Het is voorlopig het plan, om te beginnen met een samenleving, die zeer verschilt van onze moderne tijd en waar deze sociale invloeden het duidelijkst k u n n e n worden aangetoond — de 17e eeuwse maatschappij, waarin voor h e t eerst werd geopperd d a t h e t bloed in h e t lichaam circuleert. W a s d a t eenvoudig een juiste ontdekking t.a.v . het menselijk en dierlijk lichaam of waren er speciale redenen waarom d a t denkbeeld voor h e t eerst in die tvjd werd gelanceerd? Vervolgens zouden wij de oorsprong van de atoomtheorie in de chemie in de 18e eeuw k u n n e n bestuderen en h e t denkbeeld van een indeling in zeer lange tijdperken in de geologie in het begin van de 19e eeuw. Het is de vi-aag, of dit wetenschappelijke ideeën waren, aansluitend a a n sociale en politieke denkbeelden van die tijd en wanneer dit h e t geval was, hoe kwamen ze dan tot stand? Nog een goed biologisch voorbeeld is de 19e eeuwse evolutietheorie: Was deze ook beïnvloed door de maatschappelijkpolitieke ideeën van het vroegkapitalisme? Natuurlijk moeten we ook onze eigen eeuw bestuderen, omdat sommige mensen zouden k u n n e n denken d a t deze maatschappelyke beïnvloeding beslist niet in de moderne wetenschap plaats vindt! Men heeft echter n a a r voren gebracht, d a t h e t o n t s t a a n van de quantumfysica na de eerste wereldoorlog zeer sterk was beïnvloed door h e t speciale sociale klimaat van die tyd. Tenslotte zullen we bespreken of er soortgelijke voorbeelden bes t a a n in de wétenschappelyke theorieën van vandaag en zo ja, wat voor conclusies hieruit getrokken moeten worden. START De Werkgroep voor dit bijvak sal in februari 1975 en sal 3 of 6 maanden in beslag nemen, afhankelijk van de keuse van de student. Opgave vóór 20 december a.s. bij de secretaresse, Centrum Algemene Vorming, kamer 0-548, tel. 48 41 29, tussen 10 en 17 uur. TWEEDEJAARS
NCBO doeltreffend bel: 712709 of:070-514051
Voor tweedejaars zal er een inleidende cursus gehouden worden met dezelfde titel als de nieuwe Vakgroep; 'Geschiedenis en maatschappelijke aspecten der natuurwetenschappen.' Deze cursus zal op een uitgebreid gebied problemen behandelen over de beoefening der natuurwetenschappen als een menselijke, sociale bezigheid. Er zullen voorbeelden genomen worden uit de verschillende natuurwetenschappen, die echter besproken worden op een eenvoudige, niet-teclmische manier, zodat dit voor de studenten van alle subfaculteiten begrijpelijk zal zijn. De problemen die h e t beoefenen van de wetens(*iap met zich meebrengt, moeten gezien worden in
een historisch perspectief, omdat h e t o n t s t a a n van de n a t u u r w e tenschappen beslist niet een kwestie van één dag is. Er is hier sprake van een sociale aktiviteit, die langzamerhand binnen een veranderende maatschappij tot ontwikkeling is gekomen. Ieder probleem zal dus besproken worden, zowel in relatie tot de wetenschap van vandaag, als in relatie tot zijn historie en o n t wikkeling. VRAGEN Hieronder volgen enige vragen die besproken zullen worden: Hebben de natuurwetenschappen gedurende de 20ste eeuw radikale veranderingen ondergaan, d.w.z.
De Universiteitsraad heeft in zijn jongste vergadering de meerjarennota van de staatssecretaris Klein en een aantal voorstellen van het CvB over deze problematiek besproken. Voor deze kwestie bleek grote belangstelling te bestaan, gezien de bevolking op de publieke tribune. Een groep studenten had zelfs spandoeken meegenomen om van hun ongenoegen kennis te geven. Een verzoek om spreekrecht voor het SRVU-aktiekomitee „Goed Onderwijs voor Iedereen" werd met minimale meerderheid (17-16) door de raad afgewezen. In de eerste ronde wees Gerard van de Lagemaat op de beleidsindtcatie van de plannen van de staatssecreatris, een blijvend besnoeien op het wetenschappelijk onderwijs. Hij kon dit niet rijmen met de regeringsplannen ter verbetering v.h. kleuter-, het lager en het middelbaar onderwijs. Immers, er is een discrepantie tussen deze twee beleidsvoornemens te konstateren. Door verschillende raadsleden werd erop gewezen dat verschillende uitgangspunten door het parlement nog niet zijn aangenomen, zoals de invoering van de herstrukturering. Tevens werd gewezen op enkele noodsituaties. De heer Van Baars wees op het gevaar dat de normen van het meerjarenplan niet het beleid mogen bepalen. ^ Namens het CvB antwoordde de heer Brinkman met de vraag of de universiteit zelf niet moet gaan bezuinigen bij het opstellen van be-
k u n n e n we iets leren van de geschiedenis der natuurwetenschappen vóór de huidige eeuw? Op welke manier zijn de n a t u u r wetenschappen beroepen geworden? Hoe en waarom worden mensen wetenschappers? S t a a n wetenschappers open voor nieuwe ideeën? Hoe worden wetenschappelyke argumenten gebruikt voor maatschappelijk-politieke doeleinden? Komen de n a t u u r w e t e n schappen alleen tot bloei onder een liberaal bewind? Hoe r a a k t de staat betrokken bi) de wetenschap? Hoe is de Industrie gekomen tot een natum-wetenschappelyke basering? K a n de ontwikkeling van de n a t u u r w e tenschappen vooruit worden vast-
grotingen en de jurering niet alleen aan Den Haag overlaten en gebruikte daarbij het kritische universiteitsidee, waarop hij door Gertjan Schuiling werd aangevallen. TWEEDE R O N D E In de tweede ronde sprak de heer Planta over de moeilijkheden die een interne verdeling van formatieplaatsen op de fakulteit met zich mee brengt. Vele formatie-plaatsen zijn vaste aanstellingen. Hij betoogde verder dat men niet de verantwoordelijkheid af moest wentelen. Na deze twee diskussieronden kwamen de verschillende voorstellen aan de orde. De PKV bracht het voorstel in om deze nota niet te gebruiken voor de opstelling van een financieel schema voor de jaren 1977—1980. Dit vooistel evenals een motie van de PKV over deze kwestie haalden geen meerderheid. De voorstellen van het CvB om te komen tot een financieel schema op middellange termijn vonden in de raad geen overwegende bezwaren.
gelegd of geregeld? Neemt een wetenschapper 'objektieve feiten' w a a r over de n a t u u r ? Hoe komt een wetenschappelijke ontdekking t o t stand? Heeft er een grote revolutie p l a a t s gehad in het n a tuurwetenschappelijke geloof? Hoe en waarom heeft de moderne wetenschap zich het eerst o n t wikkeld in h e t Westen? W a a r o m heeft de wetenschap zich nooit zelfstandig en onafhankelijk in b.v. China ontwikkeld? K a n de Westerse wetenschap vergeleken worden met 'primitief' denken? W a t voor soort 'vooruitgang' brengt de wetenschap met zich mee? Heeft de maatschappij Invloed op de Inhoud van wetenschappelijke theorieën? I n hoeverre heeft de wetenschap i n vloed op h e t geloof van niet-wetenschappelük gevormde mensen? Brengt de ontwikkeling van de natuurwetenschappen met zich mee d a t de mensen en de n a t u u r erdoor overheerst worden? K a n er een 'alternatieve wetenschap' bestaan? Op welke wijze hebben de natuurwetenschappen invloed gehad op de ideeën over de zin van het menselijk bestaan en het Godsbesef? De inleidende cursus voor tweedejaars studenten zal eveneens in februari 1975 beginnen. Meer informatie hierover in het eerste j a n u a r i - n u m m e r van Ad Valvas.
Studenten uiten hun ongenoegen Foto Eduard de Kam het CvB erin toegestemd had tegelijkertijd met de introduktie het hoofdgebouw „bezet" zou zijn met een kongres. Eddie Dijkstra pleitte ervoor om de kommissie grotere bevoegdheden te geven. Een kleine woordenwisseling tussen de VUSO-afgevaardigden en leden van de kommissie sociale introduktie ontstond over het al dan niet benaderd zijn van deze organisatie voor een bijdrage. Vanzelfsprekend brachten enkele leden hun verontrusting naar voren over de abortuspassage in het RSA-boekje, waarop een van de leden uit de RSA-kom missie opmerkte dat men bij beoor deling uit moet gaan van de populatie voor wie de voorlichting is bedoeld. {G.B.-A.V.}
SOCIALE INTRODUKTIE Ter tafel lagen de rapporten van de RSA-kommisie voor de sociale introduktie en van de raadskommissie van de raad voor de introduktie. Een van de problemen, waarvoor deze kommissie's geplaatst zijn, is de lauwe medewerking van de fakulteiten, welke in sommige gevallen zelfs de introduktie doorkruisen door reeds te beginnen met onderwijs. Vanuit de raad sprak men zijn verwondering uit over het feit dat
Voorkomen dient te worden, dat natuur- en milieubeschermingseducatie om politieke redenen wordt bedreven. (M. F . I. J. Bijleveld - V.U.) Het kan een troost zijn voor de Nederlander dat, waar hoogspanningsleidingcn staan, geen flatgebouwen neergezet kunnen worden. (M. F. I. J. Bijleveld - V.U.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 augustus 1974
Ad Valvas | 404 Pagina's