Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1975-1976 - pagina 195

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1975-1976 - pagina 195

4 minuten leestijd

AD VALVAS — 16 JANUARI 197«

W. A. de Smit: 'Weinig aandacht voor bestudering

11

futurologie'

'W^wé

Nieuwe collectieve futurologieen milieuvraagstuklcen •

Sinds enige tyd zijn er op de VU twee nienwe bibliotbeekcollecties: een collectie toekomstvraagstukken en een collectie milieuvraagstukken. Beide collecties (totaal samen op h e t ogenblik ongeveer 1300 titels en 60 tijdschriften) staan opgesteld in zaal 6B-06 van de bibliotheek van het hoofdgebouw. Men kan hier de boekeu raadplegen, terwyl men tevens via de centrale uitlening van de bibliotheek (begane grond van het hoofdgebouw) ook titels kan lenen. 'Hoewel voor afzonderlijke toekomstvraagstukken bg de Nederlandse •W.O.-instellingen een snel groeiende belangstelling bestaat, wordt er wei>nig gedaan aan een systematische bestudering van de futurologie. D a t is •de mening van de heer W. A. de Smit, dagelijks beheerder van de nieuwe 'bibliotheekcollecties toekomstvraagstukken en milieuvraagstukken. De heer D e Smit, die vanaf 1968 aan de VU verbonden is, heeft al enige ervaring met het werken met een interdisciplinaire collectie na de documentatie afdeling Sociale Wetenschappen, een krantenknipsel documentatie. Wij vragen hem uit te leggen, waarom hij vindt, dat er in Nederland weinig wordt gedaan aan systematische bestudering van de futurologie. De Smit: „Er wordt momenteel wel veel gedaan aan bijv. grondstoffenvraagstukken, die ook toekomstvraagstukken zijn. Het zelfde geldt voor energievraagstukken, arbeidsvraagstukken, enz. A i dit soort problemen wordt per stuk wel bestudeerd. Aan de andere kant is er een gebied, dat zich bezighoudt met het opbouwen van ^ o te systemen, waarin al deze variabelen ingevoerd worden, om dan trijv. een model te schetsen van een toekomstige wereld. Op grond van deze modellen of verwachtingen kunnen we kijken wat er nu gedaan moet worden. Als de menscai in de toekomst aan die en die eisen n » e Êen voldoen, dan moeten we ze n » zo en zo opleiden. In Amerika heet dit de „future-oriented education". Wat gebeurt er nu in Nederland op het gebied van futurologie?

Vervolg van pagina 5. tussentijdse oplossing (men stelde o.a. een parttime functionaris voor de cursus aan), maar eiste, dat op korte termijn een definitieve oplossing zou komen. Dit was niet mogelijk, wegens het interfacultaire karakter van het bijvak. Volgens het Bureau Buitenland moet het bijvak een bredere terrein van interfacultaire organisatie beslaan, zoals uitbreiding van de problematiek tot ontwikkelingsproblematiek en toekomst van de samenleving. Ondertussen is een subfaculteit druk doende de institutionalisering me6r gestalte te geven. De cursus ontwikkelingsproblematiek had de volgende doelstellingen voor ogen: „Het verduidelijken van de relatie tussen onderontwikkeling en de maatschappelijke structuren in arme en rijke landen; verbreiding van de belangstelling voor deze problematiek en inzicht geven in de relatie tussen onderontwikkeling en een aantal aanverwante probleemgebieden, zoals de milieuproblematiek, viaagstukken van oorlog en vrede." De cursus (214 maand werk in totaal) bestond uit hoorcoll^eges (o.a. algemene kenmerken van ontwikkelingslanden, internationale economische machtsstructuren) en werkgroepen (o.a. 'werkgroep Latijns-Amerika, werkgroep Afrikaanse literatuur). Voor het tentamen moest men naast de collegestof literatuur), van ± 1250 pagina's bestuderen. Hiervoor kreeg men een cijfer, terwijl men ook een cijfer kreeg voor een werkstuk; beide cijfers moesten voldoende zijn. Aan het eind van de cursus namen 30 studenten aan het tentamen deel. Eenentwintig studenten slaagden reeds in de eerste gelegenheid. Uit een enquête is naar voren gekomen, d a t dankzij de cursus ruim 50 % van de studenten een algemeen beeld van de ontwikkelingsproblematiek heeft gekregen. Men vond evenwel dat aan verschillende aspecten, zoals politieke bewustwording en de verhouding socialistische wereld — dei-de wereld te weinig aandacht werd geschonken; het ontbreken van sprekers uit de ontwikkelingslanden ondervonden ze als een gemis. Aldus enige gegevens uit het jaarverslag 1974/1975.

(R.AT'

De Smit: „In Nederland hield de Werkgroep 2000 zich met algemene futurologie bezig; thans specialiseert die zich echter vooral op de twee deelgebieden, namelijk medezeggenschap van patiënten in de gezondheidszorg en inspraakprocedures bij de ruimtelijke ordening. De enige instelling waarvan ik weet dat zij zich systematisch met futurologie bezighoudt, is de vakgroep Sociologie van planning en beleid van de R U Utrecht waaraan drs. Bart van Steenbergen als medewerker is verbonden. Wel houden allerlei instellingen zich met specifieke toekomstvraagstukken hezig, zoals b.v. de Raad van Advies voor het Wetenschapsbeleid, het Ministerie van Verkeer en Waterstaat,' de Nederlandse Spoorwegen enz. Van de vele internationale futurologische instellingen zijn b.v. IRAD E S in Rome <dat een documentatie bijhoudt van futurologische activiteiten), en vooi-al de World Future Society in Amerika van feeD e imichting van de bibliotheekcollectie toekorastvraagstukkcn werd mogelijk gemaakt door Vrouwen-Vn hulp. Ter ondersteuning en ter aanvulling van bestaande labliotheek-activiteiten werd door de VUVrouwen geld beschikbaar gesteld voor een aantal projecten in de bibliotheek. Eén van deze projecten waaraan, naar de bibliotheekcommissie na een rondvraag in de faculteiten constateerde, behoefte bestond was de inrichting van een bibliotheekcollectie waarin naast elkaar literatuur te vinden zou zijn over bekende toekomstvraagstukken als die van energie, grondstoffen, voedsel en wereldbevolking, maar ook literatuur over b.v. modellen voor een toekomstige politieke en economische wereldorde, over normen en waarden in de toekomst, over verwachtingen en voorspellingen omtrent mensen, hun samenleven, hun techniek, hun gebruik van ruimte, hun milieu enz. in de toekomst. Deze literatuur, die soms tussen de wal en het schip valt en helemaal niet aangeschaft wordt, of anders over veel verschillende collecties verspreid raakt, wordt thans bijeengebracht in één breed opgezette collectie die in zijn geheel vrij toegankelijk is. Deze brede collectie verhindert uiteraard specialisatie (behalve voor de vakliteratuur op futufologisch gebied) maar het is dan ook een collectie, ingericht zoekt over een bepaald toekomstvraagstuk ontdekt, al lezende en speurende, verwante gebieden, verbindingen, waarbij een eerste oriëntatie in de collectie zelf mogelijk is, terwijl men voor verdergaande studie terug kan vallen op een vakcollectie, mogelijk één die men anders nooit geraadpleegd zou hebben.

Evenwichtig

zen, het inrichten van een zeitvoorzienende leefgemeenschap; naast de „Encyclopédie de l'utopie et de la science fiction" enige „utopische" literatuur zoals „Christianopolis 1619" van Andreae, „Fields, factories en workshops" van Kropotbkin of „Fables for a cybernetic age" van Stanislaw Lern. De collectie toekomstvraagstukken bevat ook een bescheiden documentatie over een aantal bekende en minder bekende futurologische instellingen in binnen- en buitenland. Omdat milieuvraagstukken ten dele ook toekomstvraagstukken zijn, staat deze collectie bij de vorige opgesteld. Is de futurologie-collectie een beetje een experiment in de bibliotheek, de milieuvraagstukkencollectie is gewoon een gebruikerscollectie, o.a. ten behoeve van het Instituut van milieuvraagstukken bij de VU en van de commissie die zich met het eigen VU-milieu bezighoudt. Deze mUieu-colIectie telt ongeveer 500 titels. Hoewel de collectie eveneens een interdisciplinaire opzet heeft is zij toch speciaKstischer van karakter. Toeh bevat deze collectie Veel titels die ook voor leken, die geïnteresseerd zijn in milieuvraagstukken, toegankelijk zijn. Het is eencollectie die voor wat betreft de specialistische literatuur vooral gebruikers vanuit de vakgebieden scheikunde, medicijnen, economie en politicologie zal aantrekken. Overigens verwijst de heer D e Smit voor meer gedetailleerde informatie over het zieh vormende vakgebied „milieukunde" n a a r het Instituut voor milieuvraagstukken, dat voor het geven van antwoorden meer competent is. (G.H.)

II

1 x^. #^.t^^'* \'^wwM^ïiJf^j^V^fW^^l^fT^ ^^^^^»^^^

wt

­'jf^^fy

**

De commissie zal zich g a a n bezig­ houden met zaken als de h e r ­ structurering w.o., de problema­ tiek van de numerus fixus, de vaststelling van richtlijnen en r e ­ gels voor de organisatie van on­ derwijs en onderzoek etc. D e universiteitsraad besloot de commissie t e b e m a n n e n met zeven leden uit of n a m e n s de ur, twee leden uit of n a m e n s h e t college v a n bestuur en vier leden uit of n a m e n s h e t college van decanen. D i t opdat de commissie snel en gekoördlneerd adviezen k a n u i t ­ brengen. De commissie heeft hier­ door een unieke structuur gekre­ gen. De commissie heeft als belang­ rijkste t a a k gevraagd of onge­ vraagd adviezen uit te brengen a a n de universiteitsraad, h e t col­ lege van bestuur en h e t college v a n decanen, a l t h a n s voorzover h e t zaken betreft die krachtens reglement of gewoonte tot de be­ voegdheid van alle di­ie organen behoren. T o t de leden van de commissie zijn benoemd: T. Baai­da, W. van den Bei^, F . BickeHiaupt, R. C. E. K a p t e y n , J . R. Kraan­Wielinga, C. M. Labroisse, P . Lanser, R. J . P l a n t a , P . Potuyt, I. A. Diepen­ h o r s t (reetor­magnificus), P . de Roos, P . R o s en R. H . Rozendal. Secretaris is P . J. A. van den Ak­ ker. De commissie zal de univer­ siteitsraad een voorstel doen voor de benoeming van een onafhan­ kelijke voorzitter.

i^^^ ^*^^^\|^'^f*^^H^3lè~J^

^^^^ät^^^@^ •iii\i.^SWré^«j^t^^^te4ï^rai!A

im

"^^^^^^^^Ä :::*i^

:­*»•

^BfïL'êL*

Rumoer rond benoeming gastdocent Zuid­Af rtka D e benoeming van prof. eir, K. P . Botha, hoogleraar a a n de Zuid­ afrihaanse Universiteit v a n Stel­ lenboseh, tot gastdoeent a a n de sttbfakulteit Algemene e n Toege­ paste Taalwetenschappen heeft nogal wat stof doen opwaaien. D e subfakuHeitsraad meent d a t h e t beter is om geen relaties a a n te knopen m e t docenten van blanke universiteiten in Zuid­Afrika. De r a a d vindt d a t er op die m a ­ nier een betere bijdrage geleverd k a n worden a a n de r­eaUsering v a n de sociale en radicale gerechtig­ heid in Zuid­Afrika. Men betreurt h e t d a n ook d a t de uitnodiging a a n de Universiteit van Stellen­

Installatie commissie onderwijs en onderzoek De commissie onderwijs en onder­ zoek, a a n het o n t s t a a n waarvan nogal w a t diskussie vooraf is ge­ gaan, is dan n u ook geïnstalleerd. D a t gebeurde op m a a n d a g 15 de­ cember door de voorzitter van h e t college van bestuur, dr. K. van Nes. De universiteitsraad h a d kort tevoren — op 2 december — h e t instellingsbesluit genon»en.

^* /^^

Tl

zich af in een commissie a d hoc, waartoe de ur 00 voorstel van de progressieve kiesvereniging (PKV) op 10 september twee j a a r geleden besloot. De commissie ad hoc h a d t o t t a a k met een instellingsvoor­ stel op tafel te komen. Tijdens de installatie van de commissie o n ­ derwijs en onderzoek werd de t o t ­ standkoming ervan als een zeer positief verschijnsel gewaardeerd en werd de hoop uitgesproken dat de commissie met belangrijke a d ­ viezen n a a r voren zal komen.

bosch w e r d verzonden. Volgens de subfakulteitsraad werd er t e weinig a a n d a c h t besteed a a n de benoeming van een gastdocent a a n de subfaculteit door de vorige subfaloilteitsraad en daarom k w a m de benoeming volgens de r a a d als een verrassit^. De subfakuHeitsraad legde beide s t a n d p u n t e n neer in twee moties, die in de vergadering v a n 12 d e ­ cember v a n h e t vorig j a a r werden aanvaa.rd. Inmiddels is er door ATW­studen­ t e n een foriHnavond georganlseei­d op dinsdag 20 j a n u a r i om meer duidelijkheid over de kwestie v a n dergelijke benoemingen te verkrij­ gen. Als forumleden z^n uitgeno­ digd: prof. dr. B. Siertsema, hoog­ leraar a a n de subfakulteit; prof. dr. R. P . Botha (voor drie trimes­ t e r s gastdocent); drs. V. Februari, medewerker Afrikaanse Letter­ kunde, Leiden; en H. van DlJk, student. A a n v a n g : 20 uur. P l a a t s : Hoofdgebouw 6A­05. Intussen heeft prof. Botha laten weten van deelname af t e willen zien. (JvdV)

MIDDAGPAUZEDIENST Elke dinsdag om 13 uur in de kerkzaal op de 16e verdieping van het VU­hoofdgebouw. Iedereen is van harte welkom.

Ook voor de komende cursus 'gewogen loting' Ook voor h e t komende studiejaar zal het systeem van de 'gewogen loting' gehanteerd worden voor studierichtingen waarvoor een studen­ tenstop zat worden afgekondigd. Deze gewogen loting werd ook i n h e t studiejaar 1975­1976 toegepast en houdt in dat de kans op een plaats voor eerstejaars studenten groter wordt n a a r m a t e h e t gemiddeld eind­ examencijfer hoger is.

Voor de inrichting van deze collectie is door de VU-Vrouwen Bij de gewogen loting worden de ƒ 160.000,— beschikbaar gesteld. D i t is bepaald door de staatssecre­ gegadigden ingedeeld in zes lo­ Om een evenwichtige opbouw van taris van Onderwijs en W e t e n ­ tingsklassen, t.w. kandidaten met de collectie te krijgen wordt de beschappen dr. Ger Klein. Voorrang een gemiddeld eindexamencDfer steding van dit bedrag gespreid over krijgen zü, die in 1973 of eerder groter of gelijk a a n 8è; kleiner een periode van ongeveer vijf jaar, h e t vereiste diploma h a a l d e n en d a n 8J en groter of gelijk a a n 8; waarna de bibliotheek de collectie onmiddellijk d a a r n a in militaire kleiner d a n 8 en groter of gelijk verder voor eigen rekening zal ondienst gingen en niet in 1974 en a a n 7 i ; kleiner d a n 71 en groter derhouden. 1975 m e t h u n studie konden b e ­ of gelijk a a n 7; kleiner d a n 7 en ginnen en zich ook voor h e t lo­ Naast de gedegen kost van auteurs pende studiejaar niet hebijen a a n ­ ­groter of gelijk a a n 65; kleUier als Bell, Kahn, Toffler, Polak, Ced a n 61. gemeld. Ook 24 gegadigderi uit tron en anderen vindt men in de Aspirant­studenten die door o m ­ Suriname ,en _de^ Nederlandse A n ­ collectie b.v. ook een kleurboek standigheden buiten h u n schuld tillen zullen voorrang krijgen. dat moej Jielpen. by hetf „futurezich t e l a a t aanmelden en d a a r ­ Toekomstige studenten, die in het oriented" opvoeden van kinderen of door niet a a n de loting hebben studiejaar 1976­1977 in mUitaire het spel „futuribles" dat gebruikt deelgenomen, k u n n e n alsnog kans dienst moeten, k u n n e n gewoon kan Tvorden in werkgroepen die op een p l a a t s krijgen. Een b e ­ meeloten. Loten ziJ in, d a n krijgen zich met toekomstvraagstukken beroepscommissie beoordeelt of er zij een zgn. schaduwplaats toege­ zig houden. Naast gedegen werken inderdaad sprake is van o w r ­ wezen: zij kunnen dan aansluitend o p het gebied van energie of ruimteVoorgeschiedenis ^ . ^ c ­ . ­ a a n h u n «militaire dienst directe . Jnapht. Is dit h e t geval dan | a n lijke ordening ook boeken over het de toekomstige student a l ^ o g ^ ^ a n van de toegewezen ^ s t u d i e p l a a t s ^ebrtiik^Van metha^n ajs brandstof, De lange disknssies voor de g e ­ * Be loting deelnemen. 'over het t o u w e n van papierewhw^* ­"boorte v a n ^ e ccmmwssje­ speelden ­gebruik m a k e n . ^ ' " —

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1975

Ad Valvas | 396 Pagina's

Ad Valvas 1975-1976 - pagina 195

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1975

Ad Valvas | 396 Pagina's