Ad Valvas 1975-1976 - pagina 287
AD VALVAS — 26 MAART 1978
Brochure over vrouwenemancipatie
'papierverspilling^?
Vrouwen aan universiteiten nog steeds in verdomlioel(je „studentes vinden dat de Universiteit een mannelijk stempel draagt; vrouwen worden er slechts geduld." Dit is te lezen in de brochure „Emancipatie van de vrouw" die verzorgd is door een groep doctoraalstudenten politikologie aan de VU. Zg hebben zich vorig jaar in het kader van hun onderwgsprogramma beziggehouden met een onderzoek naar de positie van vrouwen in het onderwijs in Nederland. Dat er iets mis is met die positie blqkt o.a. hieruit, dat van alle studenten slechts iets meer dan een kwart vrouw is en dat het voor vrouwen erg moeilijk is, zo niet onmogelijk, een goede functie te krqgen aan een universiteit. Het percentage vrouwelijke hoogleraren bij voorbeeld ligt rond de twee! De idee dat, als vrouwen eenmaal een academische opleiding genoten hebben, er dan van emancipatie sprake zou zgn, blijkt dan ook niet juist. „De sexistische houding van docenten en studenten t.o.v. vrouwen willen we aan de kaak stellen," zeggen Henriette Loogman en Harry Puite, twee studenten van de groep politikologen, met wie ik een gesprek had. Wie mocht denken, dat de bestaande wanverhoudingen aan de universiteiten enkel en alleen een gevolg zijn van de hele maatschappelijk structuur en dat de mensen aan de universiteiten zelf heus wel anders willen, komt bij lezing van de brochure bedrogen uit. Het blijkt namelijk (uit onderzoek in Duitsland) dat 65 procent van het docentencorps min of meer afwijzend staat tegenover vrouwelijke studenten; maar liefst 80 procent van het docentencorps ziet vrouwelijke docenten helemaal niet zitten! Uit onderzoek is bovendien gebleken, dat de houding van mannelijke studenten wat dit betreft niet veel verschilt van die van de docenten. Universiteiten zijn dus nog steeds „bolwerken van vrouwendiscriminatie". (Onder deze titel verscheen een artikel in Ad Valvas van 5 december j.1.). In de brochure staat dat „de emancipatie van de vrouw niet in de eerste plaats emancipatie is t.o.v. da man, maar samen hangt met de bevrijding van man èn vrouw van de beperkingen, die hen worden opgelegd door de vigerende produktiewijze." Men pleit dan ook voor een verandering van produktiewijze. Aan de andere kant blijkt dat de positie van de vrouw binnen één soort produktiewijze verschillend kan zijn, terwijl de positie van de vrouw in verschillende economische systemen veel overeenkomsten vertoont. Hieruit zou men kunnen afleiden dat de produktiewijze niet zo veel invloed heeft op de discriminatie van vrouwen. Is een mentaliteitsverandering niet belangrijker? Deze vraag legde ik voor aan Henriette en Harry. Zij antwoorden: , j ) e vraag wat het eerst moet veranderen of wat het belangrijkste is, mentaliteit of produktiewijze, is die van de kip en het ei. Dit was in onze groep ook steeds een punt, waarbij geen eenduidigheid bestond. Als algemeen uitgangspunt hebben we het marxistische gehanteerd, uit de scriptie van Elli Izeboud. Het gaat daar om de achterstelling van de vrouw, beter gezegd van vrouw èn man door d« bestaande produktieverhoudingen. Men kan zich niet optimaal ontplooien. De scriptie van Elli laat een duidelijke samenhang zien tussen de positie van ,de vrouw en de arbeidsverdeling die er is, de economische situatie. Haar conclusie is dan, dat de vrouw niet kan emanciperen, als niet de samenleving structiu-eel gewijzigd wordt. Emancipatie is niet dezelfde rechten krijgen als een man. De samenleving moet vrij gemaakt zijn van het mechanisme van onderdrukkers en onderdrukten, anders kunnen man en vrouw zich niet optimaal ontplooien. Maar dit uitgangspunt was dus niet eenduidig. Dat is ook niet zo belangrijk, omdat we beslist geen juiste theoretische uitgangspunten wilden aangeven. We wilden slechts aangeven wat we ongeveer vinden. Verder is het belangrijkste dat de mensen er over gaan nadenken en praten."
Vooroordelen We volgen weer even de brochure: »Velen zien de onderdrukking en achterstelling van de vrouw als een onvermijdelijk en onveranderlijk natuurverschgnsel, waarmee ook de vrouw maar moet leren leven." De brochure noemt dit een vooroor» deel. Henriette en Harry geven toe, dat de meeste mensen die theorie zullen aanhangen (de zgn. theorie van „het wezen van de vrouw"). Is er dan toch nog sprake van een vooroordeel? Henriette: „Niemand kan aantonen, dat een vrouw'wezenlijk verschilt van een man, ^.afgezien de biolo-
Door Guus Herbschleb gische verschillen. Er is namelijk nooit een gelijke situatie geweest voor man en vrouw. Eerst dan kan je zien of er nog andere verschillen zijn dan alleen de biologische. Het is echter uiterst moeilijk zo'n situatie te creëren; het zou een soort grote commune moeten zijn. Als je zegt dat vrouwen in wezen anders zijn dan mannen, dan kun je beter ophouden met dit werk." Hoe zit dat nu, nu de meeste mensen vinden dat er een wezeniyk verschil is tussen man en vrouw. Kan men dus maar beter ophouden met praten over vrouwenemancipatie? Henriette: ,Natuurlijk niet. Het kan heel moeilijk zijn, maar je moet proberen te laten zien, dat vrouwen ook andere dingen kunnen doen. Je moet niet zeggen, dat de situatie van de vrouwen niet goed is en dat ze zo onderdrukt worden. Niet zeggen: „Wat zijn wo ongelukkig en minderwaardig." Wo moeten eerst nieuwe mogelijkheden creëren voor de ontplooing van de vrouw. En dat kan eigenlijk alteen gebeuren door mensen die macht hebben." Volgens Henriette zal het wel erg moeilijk blijven om alle vrouwen „emancipatie-bewust" te maken. Harry ziet minder moeilijkheden. ,De ,vrouwen in Nederland vormen de best georganiseerde groep van ons land", zegt hij. De vrouwenorganisaties (verenigd in de Ned. Vrouwen Raad) hebben — en hier doet hij een gok — zo'n 1.500.000 leden. Deze zitten bepaald niet alleen op breikransjes, maar ondersteunen ook eisen als „recht op w.w." en „betere kinderopvang". De vraag is, of vrouwen die het over emancipatie hebben, ook dezelfde „lasten" willen als de man-
Broodje
nen. Harry vindt dit echter geen goede vraag. Hij zegt: „Je moet voor het woord vrouw eens neger invullen. Je zit dan vragen te stellen van de blanke onderdrukker, die de situatie zo houden wil. Dat is niet eerlijk." Henriette maakt minder moeilijkheden over deze vraag en zegt ook de lasten te aanvaarden. „Als de lasten maar eerlijk met de man gedeeld worden," is haar visie. Zij zegt verder: „Het is erg moeilijk je helemaal te ontworstelen aan de klassieke ideeën over de rol van de vrouw. Men wordt steeds in een bepaalde rol gedrukt. Het kost erg veel inspanning om uit een bepaalde rol te komen; daarvoor zijn er te veel vooroordelen."
'Straks studeren' De vrouwendiscriminatie op de universiteiten blqkt overduidelijk uit diverse tabellen en cijfers. Het blijkt dat het percentage vrouwen, dat onderwijs volgt op een bepaald niveau, lager wordt, naarmate dit niveau hoger wordt. Op de kleuterschool zijn de vrouwen het best, op de universiteit het slechtst vertegenwoordigd. Op de lagere scllpol worden de kinderen al bedorven door stereotype leesboekjes, waarin moeder de vrouw de kinderen baart en de afwas doet en vader het voor het zeggen heeft. Jongens behoren flink te zijn en stoer, meisjes mogen emotioneel zijn, passief en lief. Omdat slechts een kwart van de studenten vrouw is, heeft de werkgroep politikologie-studenten nagegaan in hoeverre het voorlichtingsblad „Straks studeren", dat bestemd is voor zesde-klassers van het VWO, iets doet aan de positie van de vrouw op de universiteit. In iedere jaargang blijkt een artikel opgenomen te zijn dat gaat over „deelname van het meisje aan het W.O.". Als voorzichtige conclusie schrijft de brochure: „In haar studievoorlichting zegt de overheid om allerlei redenen geen verschil te willen maken in specifiek mannelijke en specifiek vrouwelijke studierichtingen.; Deze „gelijke kansen op ontplooing"-gedachte wordt echter in dit zelfde artikel ontkracht, waar gesuggereerd wordt dat de vrouw zich vooraf moet bezinnen op de speciale wijze („omwille van haar zelf, haai- partner en haar kinderen") waarop zij haar studie nuttig zou willen maken, en dat deze bezinning tot uitdrukking moet komen
Kuituur.,.
Dinsdag 30 maart in Broodje Kuituur: de Ketelshow met Jasper Postma en Fred van Deth. Van half één tot half twee in ds vu-aula. Toegang fl,—.
in haar studie- c.q. beroepskeuze." En even verderop: „:.er wordt geen aandacht besteed aan de extra drempels die vrouwen moeten nemen om verder te kunnen studeren: vooroordelen thuis in het gezin, op school, en waar dan ook in de samenleving. Integendeel, zelfs de schrijvers van het artikel in „Straks studeren" schijnen zich nog niet volledig aan dergelijke ideeën over de rol van de vrouw in het gezin ontworsteld te hebben."
— Heb je het gevoel dat je ideeën over sex verder ontwikkeld zijn dan je gedrag? — Ben je wel eens met iemand naar bed geweest om van het gezeur af te wezen? — Ben je ervan op de hoogte dat er acties op de universiteit worden gevoerd voor vrouwenemancipatie? — Doe je zelf op de een of andere manier mee aan acties?
Henriette vertelt over de discriminatie die zjj zelf aan den lijve ondervindt of ondervonden heeft: „Als men hoort dat ik politikologie studeer, een studie met overigens zeer weinig meisjes, dan vraagt men dikwijls: „Hoe denk je dat nu later te gaan doen?" Dat vraagt men nooit aan een jongen. Misschien trouw ik wel niet, als ik niemand kan vinden die zegt dat ik evenveel rechten en kansen en plichten heb als de man. Vaak wordt van de vrouw verwacht dat ze haar mond houdt, omdat ze het toch niet weet. Je wordt op de achtergrond gedrongen. Je moet proberen ontdekt te worden door 'ns een klein maar heel goed ding te zeggen. De mensen kijken je dan aan met verbaasde blikken. Je moet, zeker in het begin, oppassen om iets stoms te zeggen. Als in een werkgroep één vrouw is, dan wordt zÖ geacht het typewerk te doen. Z^ï biedt dit overigens vaak ook zelf aan."
Lacherige sfeer
Ijsberg Harry wil de nadruk leggen op het feit, dat de punten die Henriette noemt misschien stuk voor stuk kleine dingetjes zijn, maar wel de top vormen van een enorme ijsberg. „Het gaat om de mentaliteit die er achter zit," zegt hij. De brochure van de groep politikologiestudenten pretendeert niet een volledig beeld te geven. Er zijn zeker zaken die nadere uitwerking verdienen. Harry zegt hierover: „De cijfers, die laten zien in hoeverre vrouwen participeren in het onderwijs en in hoeverre ze halverwege de rit stoppen, zeggen op zich niet zo veel. Er moet uitgezocht worden waarom vrouwen falen, wat zijn de weerstanden. Verder zou er een motivatie-onderzoek moeten komen; een onderzoek naar de redenen waarom vrouwen gaan studeren. Er zijn nu alleen cijfers, die laten zien dat vele vrouwen de eindstreep niet halen. Dit bevestigt bij velen hun vooroordelen. Nader onderzoek zal deze vooroordelen ontkrachten." Zoals gezegd hopen de schrijvers van de brochure dat er meer gepraat en gedacht gaat worden over deze problematiek. Om dat te stimuleren heeft men achter in de brochure een vragenlijst opgenomen. „Het is beslist geen emancipatietest," zegt Harry, „Door de vragen kan men aan het denken gezet worden." We doen een willekeurige greep: — Vind je het prettig als een man voor je opstaat? — Merk je dat het moeilijk is om je te mengen in gesprekken met mannen? *— Merk je in contacten met docenten dat ze coulanter met je zijn, omdat je toch maar een meisje bent? — Wie beheert het geld van de twee? —• Weet hij meer van politiek dan jij?
De groep doctoraalstudenten politikologie wil verder bereiken, dat er meer aandacht aan dit probleem geschonken wordt in onderwijs en onderzoek. Henriette zegt hierover: „Het moet niet zo zqn dat alleen vronwen in hun vrüe tijd actie voeren of zo. De problematiek moet opgenomen worden in het onderwijspakket. Men ziet dat nu nog vaak in de lacherige sfeer." In dat kader wil men volgend jaar weer starten met een semestergroep, waarin ook mensen kunnen meedraaien uit andere faculteiten. Voor hen zou dat dan kunnen gelden als bijvak. Volgens Harry en Henriette is het eer goed de zaak interdisciplinair te benaderen. Men wil de participatie gaan inventariseren van mannen en vrouwen in verschillende maatschappelijke sferen: onderwijs, arbeid, verenigingen, etc. Verder wil men de discussie losmaken over de sexistische houding bij onderzoek. Men hoopt met de brochure tevens de sexistische houding van staf en studenten t.o.v. vrouwen aan de kaak te stellen. De staf moet nu maar eens haar mening geven over de vrouw. Henriette: „We hebben de brochure al verspreid onder de staf van politikologie en ontvingen slechts één reactie. Deze sprak alleen maar over papierverspilling. Dat is voor ons ontzettend teleurstellend. De staf zwijgt het gewoon dood. Voor ons is dat natuurlijk juist een prikkel om door te gaan." Men wil de brochure volgend jaar ook gaan gebruiken bij de introduktie van eerstejaars in de faculteit van Sociaal-Culturele Wetenschappen. De bedoeling is de vrouwelijke eerstejaars beter op te vangen en hen ook gedurende het hele eerste jaar beter te begeleiden. Veel vrouwen van het platteland hebben moeite om zich in een wereldstad als Amsterdam aan te passen. Henriette: „Hun is altijd geleerd handig te zyn, passief, op de achtergrond te blijven. Maar met zo'n houding kom je er niet. We willen daarom ook themagroepen voor eerstejaars." Men wil voorts ook de vrouwenbeweging aan de VU uit het slop halen. Vorig jaar schijnen er wel afspraken gemaakt te zijn, maar door gebrek aan tijd is alles in elkaar gestort, volgens Henriette. Het blijkt nog steeds, dat er meer acties worden gevoerd voor een betere studiefinanciering of voor andere herstructurering. De brochure „Emancipatie van de vrouw", verluchtigd met illustraties uit Suske en Wiske, zal pas over twee maanden in grote oplage verschijnen. Hij zal worden uitgegeven door MUNDUS/SRVU. Er zijn echter nog wel enkele „voor"exemplaren beschikbaar voor mensen die zo lang niet meer kunnen wachten. Zq kunnen contact opnemen met de begeleider van de groep drs. Frank Boddendijk, tel. 020-7185 43. ,,,1
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1975
Ad Valvas | 396 Pagina's