Ad Valvas 1975-1976 - pagina 351
AD VA LVA S — 21 MEI 1976
'Grootste deel Potchefstroom vormt sterhe steun voor
apartheidsbeleid'
Horst Klefnschmidt: 1n daden solidair ziin met de zwarten' „Mijn indruk is dat liet grootste deel van de universiteit van Potchef stroom een sterke basis vorint voor de ondersteuning van het apartheids beleid van de Zuidafrikaanse regering. Er zullen misschien enkelen zijn die wat kritisch tegenover dat beleid staan. Of de V.U. ook aktief laat blijken de apai'tlieid te verwerpen, hangt af van de kwaliteit van de dia loog die men met die universiteit voert. In de praktijk moet duidelijk worden dat — en het is bitter noodzakelijk — de mensen uit de eerste wereldlanden, zoals Nederland, hun solidariteit met de zwarte bevolking betuigen. Dat moet in de daad gebeuren." Dat zegt Horst Kleinschmidt, die' tot voor kort naaste medewerker van ds. Beyers Naudé op het Christelijk Instituut in Johannesburg: was en sinds pasen in ons land verblijft, waar bij een bijkantoor van het instituut voor Europa gaat op zetten. We hadden een gesprek met hem. „Ik geloof niet dat Vorster bereid is om ook maar enige fundamen tele verandering in ZuidAfrika te weeg te brengen. Integendeel, hoe wel hij bezig is veel geld te spen deren om de wereld ervan te over tuigen dat hij dat wel is, is hij veeleer bezig om binnen zijn land nog harder te regeren dan voor heen. De grootste kriminele aktie is momenteel de geforceerde ver huizing van zwarte bevolkingsgroe pen naar de zogenaamde thuislan den. De aantallen zijn enorm hoog en zullen toenemen. De macht van de veiligheidspolitie breidt zich ook uit. Telkens opnieuw wordt er bij welke aktie van de zwarte be volking dan ook ingegrepen. Ook het Christelijk Instituut gaat een moeilijke tijd tegemoet." Horst Kleinschmidt zegt dat voor hem vaststaat dat de Zuidafrikaan se regering het Christelijk Instituut steeds verder wil isoleren. Men wil verhinderen dat sympat 'en ZuidAfrika binnenkomen. Alede werkers van het instituut zijn hun paspoorten kwijt. Vorig jaar werd het instituut tot „besmette organi satie" veiklaard, zodat het niet langer financieel door het buiten land kon worden gesteund. Men wil de bekendheid van het insti tuut en zijn medewerkers, die ge weldloos strijd tegen de rassen diskriminatie voeren, in het bui tenland tegengaan om bij een mo gelijke sluiting van het instituut op weinig oppositie te stuiten. Kortgeleden mocht ds. B.. Naudé niet naar Nederland overkomen om er een lezing te houden in het Amsterdamse Krasnapolsky op uit nodiging van de Stichting J'accuse. Hij zette toen zijn toespraak op een bandje en stuurde het op. „Wij voelen die isolatie sterk," al dus Horst Kleinschmidt. Het Chris telijk Instituut van VUeredoctor Beyers Naudé besloot daarom hem als vertegenwoordiger in Europa te benoemen om de kontakten met kerken en andere organisaties te versterken. Kleinschmidt zal nauw gaan samenwerken met de groep Kairos, die al jarenlang in Neder land het werk van het Christelijk Instituut steunt. „De taak die ik nu in het bijzonder ga vervullen is om ons beleid aan andere lan den, niet alleen Nederland me« te delen, te laten zien wat het Chris telijk Instituut tegen de apartheid doet. Dat is de kern," zegt Klein schmidt.
Veiligheidspolitie
Door Jan van der Veen gesprekken die binnenskamers wor den gevoerd worden via bestialing van de vensters afgeluisterd. De mensen werden steeds banger om kontakt met Kleinschmidt te zoe ken en zijn werk werd er steeds moeilijker door. „De kontinuiteit stond gedurig onder druk," zegt hij, wat evenzeer geldt voor het Chris telijk Instituut, dat een moeilijke ti)d s t a a t te wachten nu er meer werk wordt gemaakt van de iso lering ervan door de Zuidafrikaan se overheid.
Geen rechte dialoog Horst Kleinschmidt was in 1970 vicevoorzifter van de National
Medewerker Chr. instituut weg uit ZuidAfri!(a
Union of SouthAfrican Students. „Destijds was het nog een organi satie waarin blanke Engelse en zwarte studenten bij elkaar zaten, maar sinds 1972 bestaat die niet meer. De zwarte studenten zijn er uit gestapt omdat ze vonden dat hun belangen niet voldoende wer den behartigd," aldus Kleinscbmidt. „Ik heb die ontwikkeling zien aan komen en vond het een positieve gang van zaken. Er was geen rechte dialoog. Het was een stuk hypocrisie. De union was wel te gen het apartheidsbeleid, maar het was een organisatie die zich libe raal opstelde en zei: we moeten blank en zwart samenbrengen en een dialoog voeren, maar de ras senscheiding is zo volkomen dat de liberale hoop dat er een goede dialoog tussen zwart en wit, ook binnen de organisatie, gevoerd kan worden amper mogelijk is. De kwaliteit van de dialoog binnen de M »n nou m BOiiwuiio »•• . »
union was onbeschjutiiiik ^li^Ii; De enige taal bijvoorbeeld die op kongressen aanvaardbaar was, was het Engels, maar daarin konden de zwarte studenten zich slecht uit drukken, waardoor ze eigenlijk ge makkelijk konden worden gemani puleeid." Toen de union uiteenviel, stond men onmiddellijk klaar om te zeg gen dat de scheiding een onder steuning voor het apartheidsbeleid zou zijn, maar volgens Klein schmidt sprak er juist uit dat men het met de situatie „waar we zo lang in geleefd hebben" niet eens was. „De Engelse blanke studen ten zijn na de scheiding gedurende de laatste twee jaar geweldig naar rechts verschoven, ondanks dat ze voordien toch min of meer tegen de apartheid waren," zegt Horst Kleinschmidt, die eraan toevoegt dat ze helemaal de richting uit zijn gegaan van de Zuidafrikaanse blanke studenten, die middels hun
Drastische verlaging salarissen studentassistenten en wmers Staatssekretaris Klein heeft onlangs in het vertrouwelijk overleg met de portefeuillehouders personeelszaken van de w.o.instellingen — voor de V.U. CvBvoorzitter Van Nes — nieuwe plannen ontvouwd voor een verdere drastische verlaging van de salarissen van studentassistenten en beginnende wetenschappelijke medewerkers. In een konceptnota „richtlijnen 1976 inzake taak en bezoldiging van studentassistenten" wordt de invoering van een eigen salaris schaal voor deze groep voorge steld. Deze schaal (schaal 57) is volgens de toelichting op de nota „gerelateerd aan de salariëring in rijksdienst van leeftijdgenoten met een gelijke preuniversitaire oplei ding en enige verdere opleiding en/of ervaring". Dit is in tegen spraak met een van de algemene voorwaarden voor een student assistentschap uit de nota, welke luidt: dat assistenten „belast wor den met werkzaamheden op het gebied van wetenschappelijk on derwijs en/of onderzoek, die be horen tot het werkterrein van het wetenschappelijk corps en in over eenstemming zijn met het nivo, waarop hij zich in zijn opleiding bevindt." Aangezien verreweg de meeste assistenten hun kandidaats al (lang) achter de rug hebben zou een inschaling op het nivo van b.v. MOA leraren veel meer in over eenstemming zijn met hun oplei dingsnivo.
Sedert hij in 1972 bij het werk van het Christelijk Instituut betrokken was en zich bezighield met een analyse van het apartheidsbeleid van de Zuidafrikaanse regering werd hij terdege in de gaten ge houden door de veiligheidspolitie. Horst Kleinschmidt werd geboren in 1945 in Namibië, maar heeft tot dusver zijn tijd grotendeels in ZuidAfiika zelf doorgebracht, waar hij onderwijzer was, Duits, Afrikaans en politikologie studeer de. Vorig jaar september werd hij benoemd tot assistent van ds. Beyers Naudé. Onmiddellijk daar na werd hij gearresteerd op grond van de wet tot bestrijding van het terrorisme. Een paar maanden later — in november — werd hij zonder dat er een aanklacht tegen hem was ingediend, weer vrijgela ten. Kleinschmidt heeft ZuidAfrika il legaal verlaten. Zijn paspoort werd Een volgend voorstel van Klein is hem al in 1974 afgenomen. Via om de studentassistenten voortaan Botswana en Zambia kwam hij nog maar 11 maandsalarissen uit naar ons land. De kranten in Zuid te betalen gespreid over 12 maan Afrika maakten veel ophef over den. Argumentatie hiervoor is, dat het vertrek van Kleinschmidt, die de assistenten toch maar 10 maan zijn vrouw Ilona en zijn doch den zouden werken. W a a r Klein tertje van 16 maanden achterliet. deze indruk vandaan haalt blijft Kleinschmidt vertelt dat de veilig volstrekt onduidelijk. Assistenten heidspolitie zijn huis in Johannes die voor een jaar aangenomen zijn burg — niet ver van het Christelijk beginnen gewoonlijk op 1 augustus Institimt vandaan — voortdurend en moeten dan ook 12 maanden „bewaakt": elk bezoek dat men j sen. £ t brengea.y/prdt_ggkpntjpjeerd , uitbetaald worden, Waar deze voorstellen van Klein en fotografisch geregistreerd, de
inmiddels toe leiden wordt uit ne venstaande tabel duidelijk. In de tabel wordt steeds onderscheid ge maakt tussen het „oude" en het „nieuwe" salaris. Het „oude" slaat op het salarispeil van 1 augustus '75 en het „nieuwe" is het met 10 % verlaagde salaris van septem ber '75, dat maar een kleine groep assistenten krijgt.
/^ 2e 3e 4e 5e
jaars jaars jaars )aars
I 1875 184,20 196,93 221,04 233,47
H 1975 165,96 177,16 199,16 210,36
Toelichting: alle bedragen zijn in guldens, per eenheid, per maand; a) „oude" salaris + 4,5 % prijs kompensatie; b) „nieuwe" salaris I 4,5 % prijskompensatie; c) door Klem voorgestelde salaris met 11 maandenregeling. De assistenten gaan er dus tussen de 13 % en 24 % in hun salaris op, achteruit. Een 4e jaars met 5 een heden gaat per jaar ƒ 2422,60 min der verdienen, een 5e jaars ƒ 3402,00! De belangrijkste argu mentatie van Klein voor de verla ging is, dat de aanvangssalarissen van w.m.ers verlaagd worden. Die verlaging is inderdaad nóg dras tischer: aanvangssalaris w.m. 18 1975: ƒ 3175,—; 1975: ƒ 2890,—; 1976: ƒ 2520,—; 1977: ƒ 2161,—.» Meer dan ƒ 1.000,— per maand (=: 33 %) in iets meer dan twee jaar er op achteruit! Het lijkt er steeds meer op, dat deze regering
in elk geval t.a.v. de universiteiten exakt de omgekeerde doelstellin gen heeft als welke ze beweert te hebben. Spreiding van macht (terugdraaien WUB), kennis (studentenstops), en inkomen (te lage beurzen en sala risverlaging). Ook met inkomens nivellering heeft dit niets te ma ken, omdat de verschillen er alleen mar groter op worden. En dat le vert straks weer een argument op om ook de salarissen van anderea naar beneden te nivelleren. De positie van de w.m.ers wordt ook bedreigd door een in voorbe III ll76a) 192,49 205,48 230,99 243,98
IV ll76b) 173,40 185,1fr 208,08 219,78
V 1976 180,90 192,50 204,30 204,30
reiding zijnde nieuwe struktuur voor de w.p. Tot nu toe heeft dat in plannen geresulteerd om in de toekomst het w.p. grotendeels in tijdelijke dienst te houden, waar tegenover een kleine kern in vaste dienst wordt aangenomen. Tegelij kertijd moet deze grote groep z.g. „doorstromers" niet meer in de rang van medewerker, maar zoveel mogelijk in de rang van weten schappelijk assistent of ambtenaar aangenomen worden. Maar laten we terugkeren naar de studentassistent. Naast genoemde salarismaatregelen staan er nog verslechteringen van de rechtsposi tie te wachten. Voortaan mogen assistenten, die korter dan 10 maanden effektief werken geen arbeidskontrakt voor een jaar nieer krijgpn. Tot nu toe, is het yeelal geJ)r«É(elijk onj. assi stenten, die b.v. zes maanden vier
l.i.ichtige organisatie de regerings politiek altijd hebben gesteund.
Positie zwarte student De positie van de zwarte student in ZuidAfrika is slecht volgens Kleinscbmidt. En verbetering ziet hy niet snel komen. Hy is er som ber over. „De Zuidafrikaanse re gering wil nu beargumenteren dat er meer geld wordt besteed aan de opvoeding van de zwarten, maar wat niet gedaan wordt is de kwa liteit ervan te verbeteren. Het blgtt een minderwaardige zaak. En om er iets aan te doen is zeer moeilijk, omdat dat alleen maar kan via de regering. Er gebeurt zo niets. We hebben een tijdlang de situatie ge had waarin er kerkscholen voor zwarte kinderen bestonden, maar die zün door de regering gesloten Er zijn nu alleen nog regerings scholen. Zoiets is een kommentaar in zichzelf op de vraag wat er mogelijk is in ZuidAfrika."
halve dagen per week werken een jaarkontrakt te geven voor twee halve dagen per week, wat het voordeel heeft dat zo'n assistent dan ook een jaar in het zieken fonds zit. Ook dat wordt verboden. En ten slotte wordt er aan ge dacht om het maximum aantal een heden per assistent te beperken tot drie ( = nu vijf) met als argument de „noodzaak" voor studieduur verkorting. Klein vergeet dan wel dat het voor bepaalde taken (be geleiden van werkgroepen ea prak tika e.d.) onmogelijk is minder dan tweeënhalve dag (is 5 eenheden) ter beschikking te hebben. Op dit moment zijn de salarisplan nen onderwerp van bespreking in het overleg van het ministerie met de w.o.instellingen. Hierover is weinig bekend, m.n. wat betreft het standpunt van het college van bestuur van de VU. Uit een intern memorandum van één van de in stellingen is bekend, dat de meeste universiteiten bezwaren hebben te gen de voorstellen. VI 1976C) 165.83 176,46 187,28 187,28
verschil 26,66 = 29,02 = 43,71 = 56,70 —
I en VI 13,85 % 14,12 % 18,92 % 23,23 %
Van het CvB van de VU is alleen bekend, dat twee van haar leden (Brinkman en Van Nes) aanvanke lijk ontkenden iets van de zaak te weten, toen zij daarnaar gevraagd werden. Gekonfronteerd met de stukken gaven zij toe, dat deze plannen bestaan, maar weigerden elke verdere informatie. Het blijkt dus mogelijk te zijn dat colleges van bestuur met het ministerie overleggen over salarissen zonder dat de betrokkenen daar iets van afweten of kontrole hebben over de daar ingenomen standpunten. Overal bereiden de assistenten komité's, samenwerkend in het Landelijk Aktiecomité Student assistenten (LAS), protestakties voor. Het eerste richtpunt is het overleg van Klein met de vakbon den op 21 juni. ^ „ ,^ Namens stud. i«? s. ,fioi^tté, VU Wouter Stoliviflc'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1975
Ad Valvas | 396 Pagina's