Ad Valvas 1975-1976 - pagina 163
AD VALVAS — 28 NOVEMBER 1975
11
VUSO becommentarieert SRVU-visie op benoemingskwestie CvB ^«^
VIJ-beiaardier Bernard
„\k geef geen oordeel over me zelf" ïWi*^^
De VUSO is bezig haar visie op de plaats van een belangen-behartigingsorganisatie te herformuleren. Dit zal onder andere een verdieping van het harmonie-model inhouden aan de hand van een visie op leden van een (universitaire) gemeenschap als waren zij leden van een orkest. De door de SRVU gepubliceerde verklaring bfl het nieuw te benoemen College van Bestuur (Ad Valvas 21 november) dwingt ons hierop vooruit te lopen. Rekening houdende met het feit dat het aan het huidige CvB is om hierop al dan niet in te gaan, willen wij de universiteitsgemeenschap de volgende opmerkingen niet onthouden. • Het CvB heeft inderdaad grote bevoegdheden en het is van groot belang dat de universiteitsraad haar controlerende bevoegdheden in het oog houdt. • Bij het beoordelen van het CvBbeleid is het dienstig in de overweging te betrekken dat er een directe relatie bestaat tussen het aantal aan de wettelijke nonnen voldoende studenten dat aan de universiteit ingeschreven staat, en het aantal personeelsplaatsen. • Zonder af te doen aan de rechten op een solide rechtspositie van een wetenschappelijk personeelslid in tijdelijke dienst moet het volgende worden opgemerkt: Het in den lande al meer gehoorde geluid dat onderwijs, onderzoek en personeelsbeleid als zelfstandige grootheden naast-elkaar genoemd moeten worden Is volstrekt onzinnig daar het personeelsbeleid noodzakelijk dienst-baar is ten opzichte van de beide andere. • Voor het opstellen van een onderwijsbegroting komt men er noch op het departement noch aan een universiteit met een vrij spel der economische krachten maar al evenmin met een vrij spel van luidheid der stemmen. • De door de PKV geformuleerde vraag naar aanleiding van de verhouding met Potchefstroom is een hopeloze platitude. Voor wat betreft de organen binnen de WUB moet de vraag gesteld worden hoe 'verdere democratisering' de belangenbehartiging van zowel staf als tas als ook studenten kan bevorderen, zonder een van deze geledingen in het gedrang te brengen. De eis van de SRVU ter verkrijging van geregeld overleg met het nieuwe CvB buiten de WUB om doet vermoeden dat zij haar vertrouwen in de PKV, waarin zij toch participeert, als volwaardige gesprekspartner aan het verliezen is, en (nog) meer rechtstreeks met het CvB wil onderhandelen. • Mocht overleg tussen het CvB en de studenten buiten het universileitsraads-gebeuren om nodig blij-
Vakgroep aangepaste technologie op THE Binnen de afdeling der bedrijfskunde van de Technische Hogeschool Eindhoven is een vakgroep aangepaste technologie ingesteld. Het onderwijs op dit gebied aan een technische hogeschool is nieuw voor Nederland. Het college van bestuur en de hogeschoolraad van de T H Eindhoven zeggen e r n a a r te streven, de verschillende afdelingen actief te betrekken bü h e t onderwijs en h e t onderzoek t e n behoeve van het oplossen van technische problemen die in ontwikkelingslanden bestaan. Het is volgens h e n gebleken, dat de in h e t rijke westen ontstane produktiesystemen vaak niet passen in de infrastructuur van de* arme landen. Duidelijk is, zeggen ze, d a t de a r me landen in de eerste plaats b e hoefte hebben a a n produktiesystemen die passen in de behoeft e n en omstandigheden zoals die in die landen voorkomen. Daarom is een waarnemen en selectief begeleiden van in ontwikkelingslanden op gang zijnde processen een eerste vereiste. Naast de hiervoor noodzakelijke Inbreng der sociale wetenschappen is, In het bijzonder voor een selectieve begeleiding, een technische i n breng voorwaarde voor een goede lokale aanpassing van technologie a a n de wensen en mogelijkheden die altijd door anderen zijn gespecificeerd, aldu/ä de TH.
ken dan zal de VUSO daar als gematigde studentenvakbond graag aan meewerken.
Vaagheden Bovenstaande kanttekeningen gaan voorbij aan verdraaiingen van feiten, vaagheden en kretologieën in de tekst; wat dat betreft spreekt ze in belangrijke mate voor zichzelf. De bedoeling van onze opmerkingen is slechts te demonstreren dat een gemeenschap als de VU niet gediend is, bezien als orkest, met een dissonante solo paukengeroffel van de SRVU. Het zou plezierig zijn als de SRVU, ziende dat haar dochter en de VUSO nog niet de helft van de studenten tot stemmen
wisten te bewegen in de laatste URverkiezingen, inzag dat de geloofwaardigheid van studentenbelangenbehartigings organisaties in de huidige situatie bevorderd wordt door: Het bevorderen van het engagement van de studenten met betrekking tot hun vertegenwoordiging maar ook, en daar gaat het hier om, door een matiging van toon. De VUSO ziet het nu als haar taak te helpen bevorderen dat er een zodanig college van bestuur wordt gevormd dat de studenten er loyaal mee samen kunnen werken, zonder evenwel hun kritische houding te laten varen. Wij zien voldoende mogelijkheden om een nieuw CvB in haar beleid aan te spreken en waar nodig te helpen corrigeren, niet in de laatste plaats in de universiteitsraad. Zeker bij een grotere opkomst in de komende Universiteitsraadsverkiezingen zullen de correctieve mogelijkheden ten aanzien van het CvB verder kunnen worden uitgebuit. ^ '' Namens de VUSO Harm Scheepstra
Winsemius:
'ii^
'.^é^m fM^i
In Ad Valvas nr. 6 ran 26 september jl. werd een samenvatting gepubliceerd van een vraaggesprek dat Mara Egsbouts enige weken tevoren met ondergetekende (beiaardier van de Vrge Universiteit) had gehad. Het moet my van het hart dat ik er behoefte aan heb op de inhoud van het geschrevene te reageren. Afgezien van een aantal feitelijke onnauwkeurigheden, waarop ik vanwege de geringe belangrijkheid niet nader wil ingaan, zijn er in de tekst van het artikel een aantal formuleringen en, naar ik aanneem, samenvattingen van formuleringen gebruikt, waarin ik de essentie van wat ik tijdens het gesprek naar voren heb gebracht op geen enkele manier terug kan vinden. Het gedeelte van het artikel dat mij in dit opzicht het meest teleurgesteld heeft, is het geschrevene onder het kopje „Organist", in de tweede alinea. Ik wil hieronder in het kort weergeven wat ik tijdens het gesprek bedoeld heb te zeggen. In Amersfoort bevindt zich de Nederlandse Beiaardschool (direkteur: Leen 't Hart). Deze school leidt niet alleen mensen op die te zijner tijd
Universitair Comité wil Plyushch vrij Het Universitair Comité tot steun aan de slachtoffers ^an vervolging in de z.g. „socialistische landen" brengt de zaak Leonid Ivanovich Plyushch onder de aandacht van de leden van de universitaire gemeenschap. Leonid Plyushch werd in 1939 geboren. In 1962 studeerde hij af aan de universiteit van Kiev, in de afdeling mechanica en wiskunde. Tot juli 1968 was hij werkzaam als wiskundig ingenieur aan het Instituut voor Cybernetica van' de Oekrainse Academie van Wetenschappen. Op dat tijdstip werd hg ontslagen nadat hij een brief had geschreven naar de Komsomolskaya Pravda over het proces Giuzburg. Glushkov, de directeur van het instituut, en lid van de Academie van Wetenschappen, zei in die tijd van Plyushch: „Hij gedraagt zich als Dubcek". Op zoek naar een mogelijkheid om in zijn levensonderhoud te voorzien, solliciteerde Plyushch, vader van twee kinderen, bij meer dan twintig ondernemingen en instellingen, waarbij hij zich bereid toonde praktisch ieder werk te accepteren. Overal werd hij afgewezen. Tenslotte vond hij werk als boekbinder, maar hij werd ontslagen wegens het tekenen van een brief aan de Verenigde Naties en het feit dat hij lid was van de Actiegroep voor de Burgerrechten. Inderdaad was Plyushch lid van deze Actiegroep sinds zijn oprichting, en had hij op 20 mei 1969 een brief naar de Commissie voor de Rechten van de Mens van de V.N. mede ondertekend. In deze brief stond o.a. dat er in de Sowjet Unie mensen werden veroordeeld op grond van hun politieke overtuiging. De brief werd verstuurd daar „de hoop dat onze stem gehoord zal worden, dat de autoriteiten zullen ophouden de wetteloze daden te plegen die wij bij voortduring aan de kaak hebben gesteld deze hoop geheel bij ons verdwenen is'.
Huiszoeking Kort daarop werd er huiszoeking verricht bij Plyushch. Op 15 januari 1972 werd hij gearresteerd. Een jaar later kwam zijn zaak voor. „Plyushch's proces vond plaats in een lege ruimte, buiten de aanwezigheid van de beklaagde of zijn vertegenwoordiger en zijn advocaat had maar één keer kort met hem mogen spreken. Het gerecht baseerde zijn uitspraak op het verslag van een commissie van psychiaters, die niet eens zelf Plushch hadden onderzocht. Het verslag werd niet voorgelezen tijdens het proces", aldus lezen wij in een brief van G. Podyapolsky en Nobelprijswinnaar A. Sakharov van 25 juni 1973. Plyushch werd ervan beschuldigd: 1. Verschillende nummers van de Kroniek van Lopende Gebeurtenissen (aan het nummer 28, gedateerd 31 december 1972, waarvan deze gegevens ontleend zijn) en andere
Samizdat geschriften in zijn bezit te hebben gehad, en sommige van deze geschriften zelfs aan kennissen te hebben doorgegeven. 2. Zeven artikelen van literair kritische aard te hebben geschreven, waarvan de tendentie „anti-Sowjet" werd geacht, en zelfs zover gegaan te zijn, de inhoud van enkele daarvan met meerdere kennissen te hebben besproken. 3. Open brieven aan de V.N. te hebben ondertekend, en lid te zgn van de Actiegroep voor de Verdediging van de Burgerrechten in de USSR. 4. Agitatie tegen de Sowjet-macht — gesprekken met een of twee getuigen. Op grond van deze overwegingen werd Leonid Plyushch op 15 juli 1973 in de „Speciale Psychiatrische Inrichting" van Dnepropetrovsk opgenomen „om een gedwongen behandeling te ondergaan . . . met het oog op het enorme sociale gevaar dat zijn anti-Sowjet handelingen opleverden".
A ndersdenkenden In deze inrichting, die niet de enige is in de Sowjet Unie, maar wel de meest beruchte, wordt de psychiatrie in dienst gesteld van de politiek om andersdenkenden van hun afwijkingen te genezen. De theorie die hierachter steekt, is kort door Professor D. R. Lunts uiteengezet op een vergadering in maart 1973, waarvan een kort verslag ter beschikking staat. Lunts verklaarde: „er is geen verschil tussen iemand die een ambtenaar van de Academie van Wetenschappen het hoofd afslaat, en iemand die de politie haai of de regeringsvorm van het land beciitiseert. Dit zijn slechts verschillende stadia van dezelfde ziekte en een arts moet deze ziekte zo vroeg mogelijk ontdekken". Toen Plyushch vrouw hem op 22 oktober 1973 bezocht, „hapte hij naar adem, en kreeg convulsies. Het was duidelijk dat van tijd tot tijd zijn gehoor uitviel, en zijn spraakvermogen gestoord was". Aldus de Kroniek van Lopende Gebeurtenissen van 31 december 1973. Kort daarna werd er een behandeling — tegen de wil van Plyushch — met haloperidol begonnen. In juni 1974 werd bekend dat
Plushch met insuline werd behandeld, blijkbaar een insuline-shock behandeling.
Fijne geest
De zaak van Leonid Ivanovich Plyushch wordt door zijn vrienden van de Aktiegroep voor de Burgerrechten als volgt beschreven: „Een wiskundige die gewerkt heeft op het gebied van de biologie en de psychiatrie, een man met een fijne geest en van grote zieleadel, is gek verklaard en geplaatst in 'n Bijzondere Psychiatrische Inrichting... Daar is Leonid Plyushch in de macht van medische ambtenaren die alleen gehoorzamen aan hun meesters — agenten van het Comité voor Staatsveiligheid (K.G.B.).." „Zijn weg naar de Psychiatrische Inrichting sloeg hij in, toen hij als 19-jarige student in de wiskunde, met de zin voor waarheid-en d e " onderzoekingsdrift van een echte wetenschapsman, begon de filosofie te bestuderen, in het bijzonder de Marxistische klassieken."' „De resultaten van deze inspanningen waren te voorzien. De marxist Plyushch, die zich noch door zijn aard, noch door zijn beroep tot de politiek aangetrokken voelde, ervoer de brede kloof tussen de theorie van het socialisme en de praktijk van de socialistische staat als een persoonlijke tragedie." „Gedurende de jaren dat Leonid Plyutshch door de autoriteitea .als een „parasiet" werd beschouwd, schreef hij een aantal" indringende werken. Op deze werken wordt nu .'.. beslag gelegd, misschien zullen ze vernietigd worden. Het scherpe verstand dat ze heeft geschreven, wacht een nog verschrikkelijker lot:* te zien en te voelen hoe zelfs zijn vermogen om te denken en te werken wordt vernietigd". Op 1 december 1975 zal het „Universitair Comité tot steun aan Slachtoffers va"n Vervolging'iti i e z.g. socialistische landen" de volgende brief aan de voorzitter van het Presidium van de Opperste Sowjet versturen: „To the chairman of the Presidium of the Supreme Soviet, The undersigned, members, students and employees of all Universities in the Netherlands, appeal to your gremium to permit Leonid Plyushch, detained in the special psychiatric Hospital in Dnepropetrovsk to leave the Soviet Union". Zend uw handtekening per briefkaart, voorzien van uw goed leesbaar geschreven naam en eventuele functie en titel, met de woorden „Steun Plyushch" aan Dr. I. van der Sluis - Buekenweg 22" - Amsterdam. /. V, cl. Sluis
het 'beiaardiersvak' professioneel willen gaan uitoefenen, maar ook mensen, die uit pure interesse het instrument willen leren bespelen. Deze tweeledige struktuur van de school vindt zijn oorzaak in het feit, dat er in Nederland voor amateurs nauwelijks mogelijkheden zijn om lessen te krijgen in het beiaardspel. Alleen de Erasmusuniversiteit in Rotterdam en de Technische Hogeschool in Drienerlo hebben een dergelijke mogelijkheid voor studenten in het leven geroepen. In het gesprek heb ik naar voren gebracht, dat het naar mijn mening jammer is, dat de toelatingseisen voor de beiaardvakopleiding niet op hetzelfde niveau liggen als die voor de normale conservatoriumopleidingen. Ik vind namelijk dat het voor het accepteren van de beiaard als een volwaardig (concert)instrument van grote betekenis is, als dat wèl het geval zou zijn. Uit de omstandigheid, dat ik persoonlijk slechts enkele jaren nodig had om het eindexamen aan de beiaardschool af te leggen, kan echter niet worden afgeleid, dat de opleiding nauwelijks iets voorstelt. Dat vindt zijn oorzaak veeleer in het feit, dat ik reeds een volledige opleiding aan het Amsterdams Conservatorium achter de rug had
Hoge eisen Voorts bracht ik in het gesprek naar voren, dat aan een beiaardier hoge eisen dienen te worden gesteld. Immers, er is nauwelijks één musicus te noemen, die jaarlijks zoveel openbare uitvoeringen geeft als een beiaardier. Ook iemand, die „de pest" heeft aan beiaardmuziek, wordt gedwongen deze openbare uitvoeringen aan te horen. Gevraagd naar een oordeel over het peil van de beiaardiers in Nederland, antwoordde ik, dat er onder de beiaardiers die ik kèn en tevens heb horen spelen zeker 10 te noemen zijn, die een uitstekend spelpeil hebben. Dat is (punt 1) géén oordeel over alle beiaardiers en (punt 2) zeker niet samen te vatten (zoals in het artikel gebeurde) met „Peil van de meeste beiaardiers bedroevend" (n.b. als kop boven het artikel geplaatst) . . . „Van de 70 -^ doen 10 het redelijk"...() Verder wordt in het artikel gesteld dat ik, na een jaar lang (sic) in jury's van beiaardconcoursen te hebben gezeten, tot de conclusie ben gekomen, dat ik vrij goed speel. Allereerst dient te worden gezegd, dat ik, wanneer ik zitting in een jury heb, wel iets anders te doen heb dan het ten gehore gebrachte spel te vergelijken met mijn eigen spel. Wèl moet ik dan uit de aard der zaak tot een oordeel zien te komen omtrent het spel van de aan het concours deelnemende beiaardiers. Gezien het feit dat het meestal om jonge mensen gaat, die of nog studeren voor een diploma of dat diploma juist behaald hebben, èn gezien de omstandigheid dat er verhoudingsgewijs betrekkelijk weinig beiaardiers zijn, valt er logischerwijs niet te verwachten, dat alle deelnemers tot de uitbjinkers behoren. Voorts dient te worden opgemerkt, dat ik tijdens het gesprek duidelijk te kennen heb gegeven er geen prijs op te stellen om een door mijzelf gegeven oordeel omtrent men eigen spel iff het artikel te zien opgenomen. Een dergelijk oordeel immers is niet aan mij, maar aan eventuele Klisteraars vooi behouden. Ik. waardeer het, het één en ander hiermee te kunnen rechtzetten. Bernard
Winsemius
MIDDAGPAUZEDIENST Elke dinsdag om 13 uur in de kerkzaal op de 16e verdieping van het V L-hoof dgchouw. Iedereen is van harte welkom.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1975
Ad Valvas | 396 Pagina's