Ad Valvas 1976-1977 - pagina 315
AD VALVAS — 1 APRIL 1977^
Drs. Brinkman
3
(CvB) op forumavond:
welzijn
studenten
= 2%
formatieplaatsen
Univershaire steun aan studentenvoorzieningen nog steeds omstreden en discutabel Staan de studentenvoorzieningen op de tocht? Zo ja, moet de universiteit dan wel of niet bijspringen? Belangrijke vragen waarover de meningen nogal uiteenlopen, wat duidelijk bleek op een door het studentenpastoraat georganiseerde diskussie-avond over de studentenvoorzieningen. Drs. H. J. Brinkman (CvB), Aart Schippers (studentenpastor) en Evert Rijks (lichamelijke vorming en sport) hadden daar zitting in een forum. De studentendekanen waren ook uitgenodigd: „de motivatie voor hun afwezigheid is dat ze niet gemotiveerd genoeg zijn". Donderdagavond 24 maart, half elf 's avonds. Een half-duistere soosruimte van PH 31. De bar gaat dicht, het forum begint. Een veertigtal al dan niet .,per ongeluk" langskomende soosbezoekers staakt de gesprekken. Evert Rijks begint met uit te leggen wat er op de VU zoal voor studentenvoorzieningen zijn. Het begin van tweeëneenhalf uur diskussie doorspekt met vaagheden en ambtelijke formuleringen. Wat wordt er zoal voor de studenten gedaan? Rijks somt het hele pakket van voorzieningen op. Er zijn dekanen, psychologen, artsen en pastores, de VU-dont, het Vormingscentrum VU, het ACC voor de cultuur, de ASVU (sport) en de SSH (huisvesting). Op SSH en VUdont na zijn ze verenigd in de Raad Studenten Aangelegenheden (RSA), die ze namens de UR bestuurt. Voorts wordt samen met de UvA de studentenarbeidsbemiddeling gesteund. En vergeet niet de subsidies op mensaprijzen, koffie etcetera. De studentenvoorzieningen worden betaald door de overheid. De universiteit is vooral doorgeefluik en heeft weinig te zeggen over de hoogte en het gebruik van deze overheidsgelden. Het is wel mogelijk om een deel van het voor onderwijs en onderzoek bestemde geld voor studentenvoorzieningen te gebruiken.
'Typerend' De heer Brinkman zal vertellen wat volgens hem „typerend" is voor studentenvoorzieningen. „Ze zitten in tussen studiefinanciering (kenmerk: geldelijke steun voor de individuele student) aan de ene kant en openbare voorzieningen als musea en schouwburgen aan de andere kant. Dus je kunt subsidie voor stu- . dentenvoorzieningen niet beschouwen als inkomenssubsidie. Die wordt immers gegeven op grond van een individuele beoordeling." „Typisch van studentenvoorzieningen is ook dat de meeste aan onderwijs en vorming verbonden zijn. Sommige voorzieningen hebben we hier aan de VU wel, andere niet: dat is historisch zo gegroeid. Er zijn nogal wat dingen bij, die „voorwaarden scheppend" zijn voor studeren. Vaak speelde bij het ontstaan een rol of ze makkelijk te regelen waren of dat het om een algemeen erkend „gat" ging. Als je tot kriteria komt moeten dat pragmatische kriteria zijn. Studentenvoorzieningen zijn geen plaatsvervanging en kunnen ook geen aanvulling op een behoorlijke studiefinanciering zijn." Aart Schippers is het hier niet mee eens. „Je kunt niet over studentenvoorzieningen praten zonder meteen aan studiefinanciering te denken. Het is het enige argument dat ik kan vinden voor subsidie op zaken als ASVU en het Vormingscentrum, die er immers speciaal voor studenten (en niet voor andere jongeren) gekomen zijn. Alleen voor bijvoorbeeld studentendekanen en
Door Johan de Groot -psychologen zijn er andere redenen van bestaan. Zij moeten namelijk beschikken over deskundigheid, die speciaal op de situatie van de student is toegespitst." Brinkman weer: „Als je over taken gaat spreken (zoals wie de taak heeft voor de studentenvoorzieningen te zorgen) vind ik, en dat zal misschien een beroepsmisvorming zijn, dat je het eerst moet vragen: „wie betaalt?" en „wie is verantwoordelijk?" en daarna ook nog „wie beslist?"." Hij vervolgt met uiteen te zetten dat een student geen werknemer is en studeren geen vak. Studentenvoorzieningen zijn dus niet vergelijkbaar met personeelsvoorzieningen. En verder: „je kunt over deze dingen alleen praten als je vooronderstelt dat er een behoorlijke studiefinanciering en een redelijk ontwikkelde patroon van welzijnsvoorzieningen is."
Wat is
onderwijs?
Verschillende vragenstellers willen weten wat Brinkman onder onderwijs verstaat. Hoort daar niet ook ,de zorg voor het welzijn van de studerenden bij? Brinkman: „Nee, onderwijs is het begeleiden van studeren". De vraag hoe groot het CvBlid de verantwoordelijkheid van de universiteit voor het welzijn vindt mondt uit in de volgende onderkoelde uitspraak: „Net zo groot als IS uitgedrukt in twee procent van de formatieplaatsen". Later merkt Colien Alleman (SRVU) op dat als de overheid geen oplossingen biedt de universiteit als enige overblijft tot wie de studenten zich voor steun kunnen richten. En er is immers geen goede studiefinancieringsregeling. Maar voor Brinkman (en het CvB) is onderwijs en onderzoek belangrijker. Daar moet al zo'n vijf k tien procent per jaar op bezuinigd worden en dat is nog niet zó erg, want het vloeit ook een beetje voort uit het toepassen van het begrip „nieuwe levensstijl". Maar er mag beslist niet meer van „onderwijs en onderzoek" afgehaald worden. Dus geen steun voor de twee studentenhuizen, waar nu een huurboykot gehouden wordt. Want, zegt Brinkman, „de overheid bepaalt de huren, zijn die te hoog, ga dan maar naar de huuradvieskommissie, de universiteit is er alleen als financiële tussenschakel van de
overheid naar de SSH". Wel steun voor VU-dont, maar alleen omdat verwacht wordt dat die voorziening kostendekkend zal draaien. Zowel Aart Schippers als de meeste vragenstellers vinden meer steun van de universiteit hard nodig. Brinkman vraagt zich af of datgene wat de studenten willen, hetzelfde is als wat ze nodig hebben. „Ik4;zie niet in dat je zou moeten zeggen „omdat het plezierig is" of „omdat het noodzakelijk is om iets voor studenten te doen, gebruiken we daar maar een stukje geld voor van onderwijs en onderzoek"." Konklusie? Geen. Voor wie er toch één wil: de universiteitsraad beslist.
Zeggenschap studenten
van
Een ander twistpunt. De zeggenschap van de studenten over de voor hen bedoelde voorzieningen. Demissionair staatssekretaris Klein wil de studentenvoorzieningen in plaats van bij de UR bij het CvB gaan onderbrengen. Daar komt bij dat de overheid studenten gelijk wil gaan schakelen met andere jongeren. Daarom moest de SSH van het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen naar dat van Volkshuisvesting. En soortgelijke „verhuizingen" lijken ook voor andere voorzieningen te verwachten.
Voorstel Academische
Maar is het dan niet mooi dat studenten hun elite-positie kwijt raken? Evert Rijks vindt van niet. „Tot nu toe komt er niet zoveel van dat jongerenbeleid van de overheid terecht. De overheveling van de studentenhuisvesting naar een ander ministerie heeft eigenlijk tot gevolg gehad dat de bouw van studentenhuizen is stop gezet en dat er van jongerenhuisvesting toch niet zoveel terecht is gekomen." Bovendien, als verschillende afdelingen naar verschillende ministeries toe gaan wordt de RSA-versnipperd, waardoor de studenten weer een stukje zeggenschap verliezen. Deze gang van zaken zou mogelijk Worden als de aanbevelingen van een koncept-nota van een konmiissie van de Akademische Raad worden opgevolgd. Volgens Rijks kan het beslist geen kwaad als ook het CvB laat merken het niet met zo'n ontwikkeling, die hij omschrijft als „verdeling van armoe", eens te zijn. Brinkman noemt die nota „het schimmigste rapport dat ik ken in de sfeer van de studentenvoorzieningen". Hij vermoedt dat het erg lang zal duren voordat de uiteindelijke versie klaar is. Aart Schippers werpt tegen dat de nota weliswaar nog een koncept is, maar inmiddels al wel door ambtenaren geciteerd wordt.-
Weg 3 maanden afgesloten
Bouw tunnel onder v.d. Boechorststraat Op 12 april zal met de bouw van een ondergrondse tiumel tussen het Akademisch Ziekenhuis VÜ en het in aanbouw zijnde Transitorium I worden begonnen. De tunnel wordt dwars onder de Van der Boechorststraat aangelegd. In verband met de werkzaamheden zal het gedeelte van de Van der Boechorststraat tussen de De Boelelaan en de uitgangsweg bij de medische fakulteit ongeveer drie maanden worden afgesloten voor alle doorgaande rijverkeer. Voor voetgangers zal via een tqdelijke bmgrerbinding de doorgang weisteeds mogeiyk blijven. Voor de VTT-bevolking is het belangryt te weten dat de rö-uitgang by de medische fakulteit gewoon openbiyft. De ingangsweg tot het VU-terrein aan de De Boelelaan zal gedurende de werkzaannheden ook kunnen worden gebruikt voor uitgaand verkeer, btj voorkeur alleen het verkeer dat rechtsaf slaat richting Buitenveldertselaan. Buslijn 23 zal via de A. J. Ernststraat en de Buitenveldertselaan worden omgeleid, terwijl de in de Van der Boechorststraat gelegen halte naar de A. J. Ernststraat wordt verplaatst. (Red.)
Raad:
Bijna verdubbeling aantal studentenstops De door de Academische Raad voorgestelde studentenstop voor maar liefst elf studierichtingen heeft veel kritiek uitgelokt. Het Landelijk Komitee van Schoolverlaters sprak van een groot schandaal en ook de studentenvakbonden zijn slecht te spreken over dit record-aantal studentenstops. Bestaan er voor het lopende studiejaar landelijk studentenstops voor medicijnen, tandheelkunde, diergeneeskunde, farmacie, biologie en geschiedenis. Volgend jaar wil de academische raad daaraan toegevoegd zien: frans, engels, kunstgeschiedenis, nederlands en landbouwwetenschappen. Als de minister dit advies overneemt zullen straks vierduizend studenten niet geplaatst kunnen worden bij de studierichting van hun eerste keuze. Of de minister dit doet is niet helemaal zeker. De Tweede Kamer moet namelijk binnenkort beslissen over een wet, die het de minister mogelijk maakt in bepaalde gevallen van een advies van de Academische Raad af te wijken. Naar verwachting zal deze wet door de Kamer worden aangenomen maar het is niet waarschijnlijk dat de minister nog extra stops gaat instellen. Ook is er nog de mogelijkheid, dat de minister beslist meer of minder studenten toe te laten dan de Academische Raad heeft geadviseerd. Overigens heeft staatssecretaris Klein de indruk, dat een aantal van eü stops aan de hoge kant is. Hij hoopt, dat er volgend studie jaar slechts enkele reële stops bij zullen komen. Van de elf aangevraagde stops zijn sommige duidelijk meer bedoeld als veüigheidsldep dan als grendel, meent hij. In een door de universiteit van Amsterdam ingediende motie heeft
de Raad uitgesproken, dat het onder meer de verantwoordelijkheid van staatssecretaris Klein is om een bijdrage te leveren in het voorkomen van studentenstops. Dit kan gebeuren door het „geoormerkt" (aan de hand van berekeningen) toewijzen van formatieplaatsen voor studierichtingen waarvoor een stop geldt en in het geval van geschiedenis, door zo snel mogelijk een beslissing te nemen over een uitbreiding van het aantal steden waar een studie geschiedenis verzorgd wordt. (Er bestaan plannen in Rotterdam en Tilburg een opleiding geschiedenis te beginnen.)
Record In een kommentaar op het ARadvies zei PKV-er Henk Wesseling, die de vergadering van de Raad bijwoonde, dat het aantal voorgestelde stops veel te hoog is. Hij vindt.
Studentenpastor
J. van
dat er veel meer studenten moeten worden opgenomen. Daartoe moet staatssecretaris Klein meer formatieplaatsen aan de universiteiten geven. Ook ziet hij wel wat in vrijwillige reallokatie tussen universiteiten (herverdeling van formatieplaatsen tussen zuster-faculteiten) en binnen universiteiten, als dat op een redelijke manier gaat. Overigens verwacht hij daar weinig van als het zo door gaat met de bezuinigingen. Ook Harm Scheepstra van de VUSO vindt de studentenstops een droevige zaak. Hij vindt echter wel, dat, als je het recht op onderwijs echt inhoud wil geven, je ook enige garanties moet scheppen voor het niveau van het onderwijs. Zijn slogan: „Numeri fixi een noodzakelijk kwaad. Beter goed onderwijs voor velen dan slecht onderwijs voor allen. Veel stops zijn niet zonder meer op te heffen door meer middelen en alleen méér personeel geeft ook geen oplossing. Dingen als ruimte en bijvoorbeeld het aantal co-assistentschappen spelen ook een rol. Tenslotte is Scheepstra het met de regering eens, dat op dit moment het basisonderwijs prioriteit heeft in het onderwijsbeleid van de regering. (/. K.)
Kilsdonk:
'Afdwingbare loyaliteit vastleggen is spelen met vuur' De heer J. van Kilsdonk, studentenpastor, zond de leden van de universiteitsraad de volgende brief naar aanleiding van het voorstel tot uitbreiding van de bereidverklaring:
De drie forumleden op de diskussie-avond over studentenvoorzieningen in PH 31. V.l.n.r.: E. Rijks, A. Schippers en H. J. Brinkman.
„Als dienstdoend pastor met geen andere roeping dan te luisteren naar het lief en leed van de Studentenbevblking aan de beide Universiteiten te Amsterdam, beleef ik keer op keer een ernstige verontrusting over de religieuze gevolgen die worden opgeroepen door de gedachtenwisseling in uw Raad over de formele bindingen aan de zg. Doelstelling der Vrije Universiteit. ^ En wel om twee redenen. Ten eerste is het mijn dagelijkse ervaring dat deze krampachtige behoefte aan formalisering van de Doelstelling vele jonge mensen aan uw Universiteit en daarbuiten van de echtheid van het christelijk geloven vervreemdt en de dubbelhartigheid en onwaarachtigheid aan
uw Universiteit alsook het wantrouwen van buiten jegens haar hand over hand doet toenemen. Vervolgens koester ik de verwachting en de vrees dat uw behoefte aan formalisering een levensgroot boemerang effect zal sorteren en binnen het verloop van niet vele jaren de status van de Vrije Universiteit als officiële Christelijke Universiteit ernstig zal ondermijnen. De groep die in uw Raad alsmaar een afdwingbare loyaliteit tegenover de Doelstelling wil vastleggen heeft blijkbaar niet in het oog dat zij speelt met vuur. Het spreekwoord pleegt het een soort volwassenheid te , noemen zodra iemand dat -wel in het oog krijgt."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 september 1976
Ad Valvas | 440 Pagina's