Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1976-1977 - pagina 269

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1976-1977 - pagina 269

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 4 MAART 1977

Minimale begrotingsreserve f320.000

over lasten/apparatuur

nu meer dan

verdubbeld:

Universiteitsraad voorziet extra uitgaven voor met name kantine-faciliteiten D e Universiteitsraad heeft vorige week besloten de zeer kleine begrotingsreserve 1977 overige lasten en apparatuur van ƒ 150.190,— te vergroten met de helft van de voor alle budgetten toegepaste 2% prijskompensatie, een bedrag van ƒ180.000,—. De raad week hiermee af van het voorstel van het College van Bestuur, dat de begrotingsreserve weliswaar minimaal, maar toch toereikend achtte. Achtergrond van de raadsbeslissing was dat men voorzag dat er voor met name kantine- en mensavoorzieningen extra geld op tafel zou moeten komen. Zoals bekend komen de forse bezuinigingen hier bijzonder hard aan. Staatssekretaris Klein voerde op basis van de Nota Universitaire Restauratieve Voorzieningen een bezuiniging voor de V U door van negen ton, waardoor slechts twee miljoen werd toegewezen. Bovendien verhoogde de leverancier van warme maaltijden de prijs met ƒ1,25 per menu. Het CvB trok daarop ƒ450.000,— extra uit voor deze voorzieningen en verguldde de pil voor dit jaar daarmee voor de helft. Het tekort werd gedekt door de mensaprijzen te verhogen en de service te verminderen. Volgend jaar moet er voor het resterende bedrag bezuinigd worden, zo is het plan. In de raad, die de voorstellen van het CvB voor overige lasten en apparatuur overigens geheel aanvaardde (er was als gevolg van de bezuinigingen slechts 50 miljoen te verdelen, een achteruitgang van 13% overige lasten en 30% apparatuur t.o.v. '76) bleef het voorstel van de Progressieve Kiesvereniging om de staatssekretaris op voorhand om meer geld te vragen buiten beschouwing. De raad bleek het eens te zijn met de opmerkingen van raadsvoorzitter Knijper, die aan het begin van de diskussie had gezegd: praten over gelden die Den Haag de V U (nog) niet heeft gegeven gait niet aan; we moeten uitgaan van het beschikbare totaalbedrag en als er wijzigingsvoorstellen worden gedaan dienen die met een dekkingsplan gepaard te gaan. En dekkingsplannen ontbraken nog bij de ingediende wijzigingsvoorstellen. De PKV-studenten hadden er een vijftal van ingediend: de prijs van de warme mensamaaltijd met een gulden verlagen tot ƒ 3,50 (ƒ125.000 extra nodig); ƒ60.000 toekennen als subsidie voor de invutasieweekenden voor aankomende eerstejaars studenten; ƒ 30.000 verlenen als tegemoetkoming in de woonkosten van de studentenbewoners van de panden Herengracht 384 en Spuistraat 66-70; ƒ 100.000

Door Jan van der Veen te geven het geld aan onderwijs eit onderzoek." Als de raad voor bepaalde doelen, zoals studentenvoorzieningen, toch meer geld zou willen bestemmen dan was voorgesteld, leek het hem bij andere mogelijkheden die dat niet waren nog wel „bestuurlijk hanteerbaar" als het totale bedrag van de prijskompensatie (ƒ 360.000) naar de begrotingsreserve zou worden overgeheveld. Aanvullende kredietaanvragen zouden dan daaruit betaald kunnen worden. Een begrotingsreserve zou er moeten blijven om ernstige fouten te korrigeren en voor kalamiteiten. Hij ontried echter de prijskompensatie over te hevelen. Het raadslid Elema, dat deel uitmaakt van de begrotingscie, zei dat veranderingen in de budgetaandelen „ernstige gevolgen voor de fakulteiten" zullen hebben. PKVwoordvoerder Wesseling vond daarentegen dat de V U door op de wijzigingsvoorstellen van zijn fraktie in te gaan haar verantwoordelijkheidsbesef zou tonen. Behalve voor de mensa en de invutasieweekenden van de fakulteiten liepen hiervoor trouwens al aanvullende kredietaanvragen.

Lichtpuntje? Verontrusting

over

gevolgen bezuiniging voor 't personeel

voor het kreëren van tijdelijke voorzieningen voor de huisvesting van aanstaande eerstejaars studenten; en tenslotte het budget van de Raad Studenten Aangelegenheden niet met ƒ 34.500 te kortwieken en de gevraagde ƒ 22.500 toekennen. Verder was er het amendementVan Alphen, een minderheidsvoorstel in de begrotingscie, waarin werd voorgesteld tot 1 juli een extra subsidie van ƒ 0,50 per warme mensamaaltijd te verlenen als een soort overbrugging van de steile verhoging ineens van ƒ 3,25 naar ƒ4,50. Het extra bedrag, dat geschat werd op ca. ƒ 30.000, zou ten laste van de begrotingsreserve moeten komen.

Geen

inkomenssubsidie

CvB-portefeuillehouder Brinkman zei dat het weliswaar bekend is dat er studenten zijn aie door allerlei oorzaken in de inkomensproblemen zitten, maar dat toch de koninklijke weg om ze op te lossen die van de studiefinanciering, het overleg met studentendekanen, het noodfonds etc. is. „De studentenvoorzieningen die wij hebben, hebben over het algemeen een infrastruktureel karakter en zijn er niet op gericht om inkomenssubsidie te geven. Dit kan ook niet. Bovendien onttrek je door inkomenssubsidie

De raad had over het algemeen moeite met de bezuiniging o p de restauratieve voorzieningen. Wesseling meende echter een lichtpuntje te hebben ontdekt. In het informele overleg van de staatssekretaris met de bonden van overheidspersoneel in januari zou gezegd zijn dat de aanvankelijk o p de begroting in mindering gebrachte 5 miljoen voor de restauratieve voorzieningen bij de instellingen nog wel beschikbaar is. Plaatsvervangend portefeuillehouder in het CvB De Niet korrigeerde dit gerucht. O. en W. gaat trachten bij Financiën de 5 miljoen terug te verwerven, zei hij, maar voor de besteding ervan staan de restauratieve voorzieningen niet bovenaan. O. en W. krijgt daarmee gelegenheid allerlei knelpunten op te lossen.

Gevolgen

kantinepersoneel

Binnen de raadsgelederen was men in het bijzonder van verschillende zijden bezorgd over mogelijke gedwongen ontslagen of werktijdverkorting bij het kantinepersoneel. CvB-lid Brinkman: „We zijn met die zaak bezig. Dat betekent overleg met alle betrokkenen, inclusief

HORTUS BOTANICUS De hortus botanicus aan de Van der Boechorststraat is vrij toegankelijk. Groepen bij voorkeur na afspraak, tel. (548) 4142. Openingstijden: maandag t'm vrijdag van 8-17 uur.

de vakbonden en de Commissie van Overleg." Hij verwees overigens naar de commissie personele zaken, omdat de kwestie volgens hem daar thuishoorde. Volgens onze informaties zal voor een handvol medewerkers werktijdverkorting worden toegepast met tot ongeveer eind volgend jaar behoud van het huidige salaris. Daarna gaat het salaris omlaag. De betrokken personeelsleden hebben hierover een brief ontvangen.

Tijdens een openbare vergadering van de VU-groep van de Algemene Bond van Ambtenaren (ABVA) vorige week donderdag werd een m o tie aangetiomen waarin intrekking van de maatregelen m.b.t. het kantinepersoneel werd geëist. Het groepsbestuur van de ABVA ondersteunt deze eis. De ABVA zegt dat intrekking ook mogelijk is omdat de staatssekretaris tijdens het informele overleg met de bonden in januari heeft meegedeeld dat de bezuinigingen in de universitaire restauratieve voorzieningen dit jaar niet doorgevoerd behoeven te worden. De ABVA zegt zich alleen met de maatregelen te kunnen verenigen als er wederzijdse overeenstemming tussen V U en het betrokken personeel kan worden bereikt. De andere vakorganisaties nemen dit standpunt ook in. De vakorganisaties vinden ook dat de taken van het kantinepersoneel niet on-

Door de vrij grote personeelstoewijzing ondanks voelbare bezuiniging

toelaatbaar mogen worden verzwaard. De ABVA adviseerde de betrokken personeelsleden hun handtekening niet onder het voorstel van hun werkgeefster te zetten. Zeven raadsleden hebben het CvB afgelopen maandag vragen gesteld naar aanleiding van de opmerkingen van CvB-lid Brinkman in de raadsvergadering van vorige week. Bij de vragen was een kopie van de brief aan personeelsleden gevoegd. De raadsleden vinden dat de inhoud „een zeer stellig karakter" heeft en vragen zich af of er geen rechtspositionele gevolgen voor de personeelsleden vastzitten als die niet zouden tekenen. Tot vandaag — vrijdag 4 maart — liep de beslissingstermijn voor hen. Afgelopen woensdag is de zaak in de Commissie van Overleg besproken. De resultaten van dit overleg zijn op het moment van het schrijven van dit artikel nog niet bekend.

toch nog lichtpuntjes

Verdelingsoperatie personeel en geld weer achter de rug voor de VU Nu op 22 februarf de Universiteitsraad de laatste beslissingen over de zg. overige lasten heeft genomen, is er voor dit moment een einde gekomen aan het verdelen van de toegewezen gelden en personeelsplaatsen over de diverse diensten en fakulteiten. De eerste maal, dat de Universiteitsraad een onderdeel van deze verdeling 1977 op zijn agenda vond was op 23 november vorig jaar en sindsdien kwam er iedere vergadering een gedeelte aan de orde waarmee het belang dat het Universiteitsbestuur aan deze verdeling hecht wel aangegeven is. Deze behandeling vond in drie delen plaats, te weten: de verdeling van de personeelsplaatsen, die van de personeelsgelden en die van de overige lasten. Dit jaar waren er voor do VU 3.097,9 personeelsplaatsen — meestal aangeduid met formatieplaatsen — te verdelen. Vorig jaar waren dit er nog maar 2.757. Deze cijfers suggeferen echter een veel grotere toename dan er in werkelijkheid bestond en wel om twee redenen. In de eerste plaats omdat de student-assistenten zoals dat heet in de formatie zijn opgenomen. Tot nu toe kregen de universiteiten een apart bedrag omgezet in formatieplaatsen: voor de V U leverde dit 167,9 plaatsen „extra" op. Het maakt derhalve nu niet meer uit of zo'n plaats door een wp-er, een taser of een student-assistent wordt bezet, terwijl tot vorig jaar een minimaal aantal student-assistenten benoemd diende te worden. Hoewel het geenszins uitgesloten is dat de achtergrond van deze maatregel is het ras van student-assistenten langzaam te laten uitsterven — wie heeft er trouwens in een geherprogrammeerde studie nog tijd voor? —, aan de V U wordt overwogen beschermende maatregelen t.b.v. dit species te nemen. In juni zullen nl. het CvB en de U.R. nagaan of het aantal student-assistenten per 1 september al dan-niet lager zal zijn dan nu en in het eerste geval is het niet uitgesloten dat de fakulteiten de plicht krijgen een bepaald minimum aantal student-assistenten te benoemen. De tweede reden waardoor de ogenschijnlijk grote toename geflatteerd is ligt in SARA, het universitaire rekencentrum. De VU draagt op dit moment 23 personeelsplaatsen bij om dit rekencentrum goed te laten funktioneren. Tot vorig jaar toe telden deze mensen niet mee bij de vaststelling van het aantal personeelsleden, iets wat m.i.v. 1977 wol het geval zal zijn, zodat de betrokken 23 plaatsen geen vooruitgang inhouden. Al met al bleef er zo een formatieakkrès — het vakjargon voor de groei in personeelsaantallen — over van 150 dat verdeeld diende te worden. De belangstelling voor deze plaatsen was erg groot, omdat het er naar uitziet, dat het voorlopig de laatste keer is, dat er echt iets te verdelen valt en omdat men in een geslaagde reallokatie — het woord voor het weghalen van een plaats bij de fakulteit of dienst om die aan een andere te geven — nog niet zo'n groot vertrouwen heeft. Bij die verdeling is het aandeel van de centrale diensten — voorname-

Door dr. H. J. van Alphen lid begrotingscie UR lijk gelokaliseerd in de D en E vleugels van het hoofdgebouw — in de totale formatie iets teruggedrongen, heeft de bibliotheek iets meer aandacht gekregen dan vorige jaren en kregen wat de fakulteiten betreft vooral zij plaatsen toegewezen waar de groei in studentenaantallen het grootste was. -

Personeelsgelden Kan men bij de toename van het aantal personeelsplaatsen nog enigszins tevreden zijn, minder is dat mogelijk over de toewijzing van de gelden om de mensen, die die personeelsplaatsen bezetten te betalen. Hierbij werd door het departement een nieuwe berekeningswijze toegepast die er toe leidde, dat de VU 2,77% per formatieplaats reëel minder krijgt in 1977 dan in 1976 en daarbij kwam de VU er t.o.v. de andere universiteiten nog genadig af. Voor andere universiteiten heeft deze nieuwe berekeningswijze tot gevolgd, dat ze wel de personeelsplaatsen hebben, maar niet het geld om ze te bezetten. Zoals het er nu naar uitziet zal dat bij de VU naar alle waarschijnlijkheid nog wel kunnen, omdat het personeel bij de V U gemiddeld nog wat korter in dienst is en daardoor minder verdient — er zijn bv. relatief weinig wetenschappelijk hoofdmedewerkers. Wel zal het in 1977 veel moeilijker zijn om wat extra dingen, zoals het laten komen van gastsprekers, het benoemen van gastonderzoekers, het gebruik maken van uitzendkrachten, enz. te doen. Alleen voor bijzondere gevallen is er een zg. knelpuntenruimte gecreëerd.

Overige lasten Dat er op het wetenschappelijk onderwijs bezuinigd wordt, is bij de V U vooral te merken aan de toegewezen middelen voor de zg. overige lasten. Met deze gelden moet alles betaald worden wat niet betrekking heeft op personeelskosten of investeringen in gebouwen en eerste inrichting. Dit heeft derhalve betrekking op uiteenlopende zaken als de telefoonrekening, chemische stoffen

voor praktika, abonnementen op tijdschriften, kantoorbenodigdheden, verwarming, studentenhuisvesting, tentamenpapier, de huur van de komputer, gereedschap voor de werkplaatsen, enz., enz. De VU ontving voor deze zaken met rond 50 miljoen ondanks de inflatie en de toegenomen aantallen personeelsleden en studenten slechts weinig meer dan vorig jaar. Bij deze overige lasten is voor de V U de hardste klap gevallen, omdat de V U op allerlei wijzen vergeleken en gewogen via daartoe ontwikkelde „sleutels" relatief in het verleden meer kreeg dan andere universiteiten. Daar er uitgaven zijn waar moeilijk op bezuinigd kan worden, zoals verwarming, schoonmaak, e.d., d.w.z. dat de uitgaven voor deze posten met een behoorlijk percentage verhoogd dienen te worden, moeten andere uitgaven ondanks de inflatie achterblijven bij het vorige jaar. Bij de V U is daarbij gekozen voor het zg. apparatuurbudget, wat inhoudt dat met name de bêta-fakulteiten, intlusief de medici, drt jaar minder grote en dure apparatuur kunnen aanschaffen en de kanties, wat al gebleken is uit de prijsverhogingen aldaar — nee, nou niet weer over die warme maaltijden beginnen, dat ligt nóg weer anders. Voor het overige krijgen de diensten en fakulteiten — in bijzondere gevallen kunnen nl. enige korrekties aangebracht worden — hetzelfde als vorig jaar, zodat een ieder het wat zuiniger aan zal moeten doen.

Konklusie Als we nu de hele situatie overzien, dan kunnen we konkluderen dat de bezuinigingen in het kader van het éénproeentsbeleid ook aan de VU te voelen zijn, maar dat er dit jaar door de vrij grote personeelstoewijzing-nog lichtpuntjes zijn. Of dat in 1978 ook nog het geval zal zijn, valt, gezien de onlangs verschenen beleidsindikaties, te betwijfelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 september 1976

Ad Valvas | 440 Pagina's

Ad Valvas 1976-1977 - pagina 269

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 september 1976

Ad Valvas | 440 Pagina's