Ad Valvas 1977-1978 - pagina 199
3
AD VALVAS — 13 JANUARI 1978
CvB dringt nogmaals aan op herziening
overheidsrichtlijn
Prof. De Ruiter: "Steeds in prettige sfeer gewerkt"
Deze maand oplossing probleem vergoeding studentleden universiteitsraad? De kans bestaat dat deze maand bet vraagstuk hoe de vergoeding van de elf studentleden van de universiteitsraad van ƒ 1500,— naar ƒ 3000,— per jaar kan worden opgetrokken, tot een oplossing zal worden gebracht. De conunissie personele zaken zal een dezer dagen een in overleg met het college van bestuur uitgewerkt voorstel bü de raad op tafel leggen. Xqdens de laatste decembervergadering werd daartoe besloten, nadat de raad uit een door het CvB op zqn wens gepresenteerde lijst van mogelijkheden duidelijk zün voorkeur had laten blijken voor het aanstellen van de studentleden als adviseur. Het boven de overheidsrichtlijn (ƒ 1500,—) benodigde bedrag zou dan uit het budget externe adviseurs vandaan moeten komen. Begin november had de raad zich reeds principieel uitgesproken voor een verhoging van de vergoeding tot tenminste ƒ 3000,— (met terugwerkende kracht tot 1 september 1976), waarmee deze weer op het oude peil teruggebracht zou worden. Een andere mogelijkheid om de verhoging te financieren werd hier en daar, onder andere bij de studentenfrakties, gezien in een herverdeling van de salaristoeslagen volgens de WUB voor de rector magnificus, de voorzitter van de universiteitsraad, de gekozen leden van het college van bestuur en dekanen. Het CvB had zelf een derde mogelijkheid als beste oplossing aanbevolen: de Raad Studenten Aangelegenheden zou het aanvullende bedrag uit de algemene studentenbtjdrage vrij kunnen maken. In het studiejaar '75-'76 was dat, zo riep het CvB de raad in herinnering, voor één keer gedaan. De studentenraadsleden bleven toen In afwijking van de per 1 januari 1975 van kracht geworden overheidsrichtlijnen hun ƒ 3000,— ontvangen. De door het CvB aanbevolen financieringsmogeiykheid werd door enkele raadsleden binnen de TAS het WP en ook bij de VUSO-stu-
Prof. Verheul tijdelijk rector VU Prof. dr. H. Verheul (42) is benoemd tot tijdelijk rector magnificus van de Vrije Universiteit als opvolger van prof. mr. J. de Ruiter, die minister van Justitie in het kabinet-Van Agt-Wiegel is geworden. Prof. Verheul, gewoon hoogleraar in de natuurkunde, was een van de twee conrectoren. Het bestuur van de Vereniging waar de VU van uitgaat, heeft inmiddels de procedure in gang gezet voor de benoeming van een permanente rector magnificus. Daarvoor dient het advies te worden afgewacht van het college van dekanen, dat overlegt met de universiteitsraad.
denten als een van de in aaiunerking komende oplossingen genoemd. De Verenigingsfraktie nam uit misnoegen over het uitblijven of de trage behandeling van door haar aan het CvB gestelde vragen over diverse onderwerpen geen deel aan de diskussie. Aldus liet het Verenigingslid Vroon weten. De PKV-studenten verklaarden zich bij monde van Jacqueline Ketel echter vierkant tegen een dergelijke oplossing: 'Het wordt nu wel al te grijs. Studenten mogen wel demokratiseren, maar ze moeten dat zelf betalen.' Frans Hijmans zei namens het Demokratisch Akkoord (dat de nieuwe diskussie over de vergoedingskwestie had aangezwengeld) eigenlijk geen van de door het CvB genoemde mogelijke oplossingen goed te vinden. Maar als het dan om een keus daaruit zou moeten gaan, zou een adviseurschap voor student-UR-leden het meest in aanmerking komen. Het beste zou echter zijn als de overheidsrichtlijn zelf zou worden gewijzigd. WP-woordvoerder prof. Vlijm, indiener van de motie waarbij het CvB werd verzocht financieringsmogelijkheden aan te geven, vond dat de kwestie snel en praktisch moest worden opgelost 'omdat we hopen dat de zaak alsnog definitief geregeld wordt.' En daarmee doelde hij op een bijstelling vanuit Den Haag. In de vorige kabinetsperiode werd door de toenmalige staatssekretaris Klein op vragen van Beinema (ARP) de toezegging gedaan dat nog wel eens over de richtlijn kon worden gepraat. Sinds die toezegging, die november 1976 werd gedaan, gebeurde er echter niets. Een brief van het CvB in september als geheugenopfrissertje naar Den Haag verzonden leverde niets op. De vertraging zou vooral een gevolg zijn geweest van het langdurig demissionair zijn van het kabinet.
Brief naar Den Haag
Gesloten hekje open voor minder validen
Het CvB liet de raad weten besloten te hebben opnieuw een
('uitvoerige en duidelijke') brief te zullen verzenden, zodra de nieuwe regering er zou zijn. Die brief is inmiddels de deur uit. Tegelijkertijd is ook de CDA-fraktie in de Tweede Kamer verzocht de zaak weer aan te kaarten. I n de brief — die overigens met drie alinea's beslist een kort briefje kan worden genoemd — herhaalt het college van bestuur zijn eerder ingenomen standpunt dat de vergoeding voor de studentleden tot ƒ3000,— per jaar moet worden opgetrokken. Het 'uitvoerige' zit 'm kennelijk in de verwijzing door het CvB naar de eerder in september '75 naar Den Haag verzonden brief van een en een kwart velletje waarin het ziJn standpunt motiveerde. Deze brief is als bijlage bijgevoegd. Het CvB zei daarin dat er tussen het bedrag dat student-UR-leden en studentassistenten ontvangen 'een enigszins redelijke verhouding' moet bestaan. Dit om niet te vervallen 'in het euvel dat alleen studenten die niet voor een assistentschap in aanmerking komen zich voor de universiteitsraad beschikbaar stellen.' Het CvB vond het moeilijk te bestrijden dat een studentlid van de UR die zijn taak 'enigermate serieus' opvat daarvoor tenminste een tot anderhalve dag per week nodig heeft. Hij zou dan ook adequaat
De andere
'Mijn vertrek uit de universitaire gemeenschap is zo snel in het werk gegaan, dat ik onmogelijk op een behoorlijke manier van u allen afscheid kan nemen. Slechts kan ik u schriftel^k laten weten dat ik allen met wie ik zulke plezierige contacten heb onderhouden wil danken voor de geest waarin wij hebben mogen samenwerken. Ik heb — bij alle zakelijk verschil van mening dat er vanzelfsprekend ook was — steeds m prettige sfeer kunnen werken, en had wat dat betreft mijn ambtsperiode graag uitgediend. Nu dat niet zo heeft mogen ziJn moet ik volstaan u allen persoonlijk en ook onze Vrije Universiteit als geheel het allerbeste toe te wensen.'
instellingen
Op Leiden, Delft en de Universiteit van Amsterdam na wijken de universiteiten en hogescholen niet van de geldende regeling af. In Groningen en Utrecht is dat overigns pas sinds kort (onder druk van het ministerie). In Leiden krijgen de studentleden een vakatiegeld van ƒ780,—; bij voorzitterschap van de UR is de vergoeding 4/5 van de maximale studiebeurs; b« voorzitterschap van een raadscommissie 2/5 daar-
van. In Delft wordt een vakatiegeld van ƒ 250,— en een onkostenvergoeding van ƒ500,— verstrekt; voor het voorzitterschap van de XJR is het vakatiegeld ƒ 1000,—. De studentleden van de UR bij de UvA worden aangesteld als adjunkt-kommies A (schaal 57) voor 0,2 werktijd. Een dag per week werken zij daarvoor op het UBrekretariaat. Per jaar kunnen zy ƒ 5840,— bruto verdienen. Zij krijgen geen vakatiegeld of onkostenvergoeding. (J. V. d. V.)
Tot nieuwbouw gereed is
Pais gevraagd om uitstel van herprogrammering Tandheelkunde Al voor de kerst (op 23 december) is het college van bestuur haar correspondentie met de nieuwe bewindsman voor Onderwijs en Wetenschappen de heer A. Pais begonnen. In een brief aan de minister vraagt het CvB om uitstel van invoering van de herprogrammering bij de subfaculteit Tandheelkunde totdat de nieuwbouw van deze subfaculteit gereed is en dat wordt wel 1981. Het CvB schrijf te beseffen, dat het daarmee de wettelijke termijn van invoering overschrijdt maar overmacht heeft tot dit verzoek geleid, zo stelt het CvB. Tandheelkunde is de enige subfaculteit, die er in geslaagd is haar studie via herprogrammering in te dikken tot vier jaar. In het herprogrammeringsvoorstel van Tandheelkunde werd ervan uitgegaan, dat de nieuwbouw in 1979 gereed zou komen maar dat blijkt tegen te vallen. In de nieuwe studieopzet zijn meer stoelen en ruimte nodig dan nu beschikbaar zijn en daarom is uitstel noodzakelijk. Daft grotere aantal stoelen is vereist omdat in de nieuwe opzet al vanaf het eerste jaar stoelen nodig ziJn. Invoering van het nieuwe programma in de bestaande twee provisoria zou zelfs met de nodige
aanpassingen leiden tot een ernstige overschrijding van de capaciteit. Hjet tij'delijk huren van externe ruimte of een verbouwing wijst het college af omdat dit te duur wordt en ook een tijdelijke drastische verlaging van de numerus fixus acht het onaanvaardbaar. Een lage numerus fixus zou bovendien leiden tot afbouw van het patiëntenbestand en een vermindering van de formatie wat bezwaarlijk is vanuit het oogpunt van een consistent beleid en het gevaar van een verstoring van het gevoelige evenwicht tussen de verschillende activiteiten van de subfaculteit.
Vijftien
Minder validen die van de VUingang aan de Buitenveldertselaan (gesloten hek naast voetgangersopstapje) gebruik willen maken kunnen een sleutel verkrijgen bü de interne beheersdienst (dhr. Aartsma, kamer OD-05 hoofdgebouw) . De ingang aan de Buitenveldertselaan mag niet door fietsers worden gebruikt en moet daarom normaliter gesloten blijven. De Amsterdamse verkeerspolitie heeft dit bepaald. Omdat het GITM (afdeling bouwzaken VU) toch graag een toegang voor voetgangers aan de Buitenveldertselaan wilde aanleggen, werd een opstapje met een aantal treden gebouwd, die niet is afgefloten. De laatste tiJd zijn nogal wat vragen over het gesloten hekje bij de IBD binnengekomen, die hiermee worden, beantwoord. . (Red.)
gehonoreerd dienen te worden. Dat het lidmaatschap van een fakulteitsbestuur meer tijd voor een studentlid zou vergen dan een UR-lidmaatschap (en dus een hogere vergoeding oplevert) is niet aannemelijk te maken, aldus luidde het tweede, tevens laatste argument van het CvÖ" destijds. In de nu naar Den Haag verzonden brief verwijst het CvB naar de toezegging, door oud-staatssekretaris Klein in antwoord op vragen van het kamerlid Beinema (ARP) in november 1976 gedaan, dat hij bereid was de vergoedingskwestie nog eens met de colleges van bestuur door te zullen spreken. Daaraan is zoals gezegd niet voldaan. Het CvB zegt het 'hogelijk (te) waarderen' als de nieuwe onderwijsminister Pais het beleid van Klein op dit punt 'enige bijsturing' zal willen geven.
Prof. mr. J. de Kuiter, die zijn rectoraat midden december plotseling verruilde voor de post van 'minister van justitie schrijft de leden van de universitaire gemeenschap langs deze weg het volgende:
Als het twee weken eerder was geweest had het onze kerstpuzzel kunnen zijn: Wie weet de aardigste benaming voor de betonnen massa aan De Boelelaan, die vóór de recente brand met neon-letters Vrije Universiteit werd aangeduid. Het aantal te fantaseren letters moet passen binnen het verbrande gedeelte. De precieze plaats waar de brand toesloeg beperkt natuurlijk wel het aantal variatie-mogelijkheden. (J K.)
procents-potje
Wat die formatie betreft, daaraan wordt al geknabbeld in de onlangs door de UR aanvaarde jongste formatievoorstellen. Sinds enkele jaren had de subfaculteit boven de haar toegewezen personeelsformatie nog de beschikking over 6 plaatsen uit het Overige Lasten-budget. Dit kan op grond van de rijksregels voor dit budget niet meer worden gecontinueerd. Voor zover deze plaatsen door de subfaculteit niet uit 'extra inkomsten patiëntenzorg' kunnen worden gedekt, zullen zi) moeten worden overgebracht naar de gewone personeelsformatie, die daartoe met ten hoogste zes plaatsen moet worden gereduceerd. Bü die 'extra inkomsten patiëntenzorg' moet.volgrns de heer De Boer van FEZ eigenlijk alleen maar gedacht worden aan dat deel van de inkomsten uit de intra-murale praktijken, dat naar de zogeheten 15 pet. pot gaat (zoals bekend gaat verder 35 pet. naar de VU als onkostenvergoeding en houden de tandart-
sen zelf de helft van de inkomsten). Dit potje is tot op heden bestemd voor het bekostigen van publikaties en dissertaties, het volgen van cursussen en het maken van studiereizen. Het bevat rond ƒ40.000,—, wat goed is voor niet meer dan 1.3 formatieplaats (dus geen 3 of 4 formatieplaatsen, zoals in de PKV-tegenbegroting wordt verondersteld). Dat betekent dus, dat er van de 6 formatieplaatsen, die tot nu toe uit 'Overige Lasten' werden betaald ongeveer 4.7 plaats ten laste komen van de bestaande formatie van Tandheelkunde, die daarmee in feite een reduktie ondergaat.
Vergoeding te laag De konstatering in de PKV-tegenbegroting, dat voortaan 15 procent van de opbrengsten van de intramurala praktijken gebruikt mag worden voor het bekostigen van formatieplaatsen noemt De Boer wat voorbarig. Wel is het zo, dat in het overleg tussen het CvB en het subfaculteitsbestuur van Tandheelkunde naar voren is gebracht, dat de onkostenvergoeding van 35%, die de tandartsen betalen te lag is. De werkelijke onkosten schommelen rond de 50% van de inkomsten. Er wordt daarom wel gedacht aan de mogelijkheid het 15%-potje op te heffen en te voegen bij de onkostenvergoeding. Het overleg daarover is nog gaande. Het subfaculteitsbestuur heeft intussen wel aangegeven, dat het 15%-potje vporlopig wordt geblokkeerd. De vraag wat er uiteindelijk met dit potje moet gebeuren wil men zien in het kader van een herziening van de facihieitenregeling m z^n totaliteit. Zoals we al eerder berichtten bestaat er binnen de subfaculteit de bereidheid om de faciliteitenregeling te herzien. Het overleg met de sublaculteit is nu zover, dat er binnenkort gesproken gaat worden met de individuele gebruikers van de faciliteitenregeling. (J.K.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1977
Ad Valvas | 468 Pagina's