Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1977-1978 - pagina 23

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1977-1978 - pagina 23

11 minuten leestijd

3

AD VALVAS — 9 SEPTEMBER 1977

Ministeriële werkgroep somt mogelijkheden

op in rapport:

Eigen taken en budgetverantwoordelijkheid voor minister wetenschapsbeleid nodig D e doodzaak om het wetenschapsbeleid op kabinetsniveau als duideiyk identificeerbaar werkterrein te behouden en de daarbij behorende beleidsinstrumenten te laten voortbestaan daa wel verder tot ontwikkeling te brengen, bUjft bestaan. Hiertoe is het nodig, dat de bewindsman, die met de coördinatie van het wetenschapsbeleid is belast, tevens een eigen takenpakket en een eigen budgettaire verantwoordelökheid heeft.' Aldus één van de conclusies uit het pas verschenen rapport van de 'Ministeriële commissie interdepartementale taakverdeling en coördinatie', dat aan de kabinetsformateur is aangeboden.

Drinken op Uilenstede? Midden in het combinatiegebouw bevinden zich de ruimtes van de Stichting Sociëteit-Café Uilenstede, een bedevaartsplaats voor dorstige kelen in de verre omgeving en als zodanig optimaal toegerust. Overdag draait er een kantine, vooral voor de werkers in het gebouw, maar natuurlijk voor iederp'n toegankelijk, die van 09.00 uur i,ot 16.00 uur geopend is en waar tussen de middag van een smakelijke lunch genoten kan worden. Om vier uur gaat dan het café open voor een kopje koffie of iets anders in de rustige doch luchtgekoelde sfeer, hetgeen nodig blijkt te zijn naarmate de avond vordert. Na tienen wordt het eetbestand wat simpeler, het taptempo wat rapper want de soos die nu in dezelfde ruimtes draaien gaat, stroomt vol en de mensen verspreiden zich van de overbezette bar naar de rustige fauteuils of gaan na een frustrerend flipperspelletje zich uitleven aan de kaarttafeltjes of op de dansvloer. Dat het hier vooral op woensdag druk wordt is te wijten aan het feit dat er dan regelmatig feesten worden georganiseerd in de grote sociëteit, waar zich een grote en een hoekbar bevinden, alsmede een podium waar in het verleden groepen als ALQUIN, HOUSEBAND en MAGNA CARTA al het nodige van zich hebben laten horen. Ook draaien er films als STRAWDOGS of een MARX BROTHERS film die voor f 3,50 te bekijken zijn en om half tien beginnen. Andere dagen wordt deze zaal vaak verhuurd aan derden voor feesten, borrels of diners evenals de zich als kantine manifesterende ruimte, die iets kleiner en gezelliger is. Van al deze evenementen wordt men middels affiches op Uilenstede en de V.U. en bovendien middels een kolom in Ad Valvas op de hoogte gehouden.

Hoe word ik lid?

Het rapport, dat de hele problematiek van de interdepartementale taakverdeling en coördinatie behandelt, handelt ook over het wetenschapsbeleid en speciaal over de positie van de coördinerend bewindsman, zoals die tot op heden was en in de toekomst nader vorm zou kunnen krijgen. Het rapport doet geen aanbevelingen maar geeft slechts een opsomming van enkele varianten voor die vorm — een minister van wetenschapsbeleid zonder portefeuille, onder te brengen bij verschillende departementen, of het belasten van de minister van Onderwas en wetenschappen met het wetenschapsbeleid, eventueel bijgestaan door een staatssecretaris — en de daaraan verbonden voor- en nadelen. De keuze tussen enkele van de varianten is, aldus het rapport, afhankelijk van de figuur van de nieuwe minister van Onderwijs. De Ministeriële commissie, bestaande uit de ministers Van Agt, De Gaay Portman, Duisenberg "en staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Polak onder voorzitterschap van premier Den Uyl merkt in haar rapport op, dat de 'thans aan de minister van Wetenschapsbeleid ter beschikking staande ingangen en instrumenten niet toereikend' zijn om de belangrijkste taak van deze minister in de komende jaren — 'de inhoudelijke beïnvloeding van het onderzoek en de daarvoor noodzakelijke ontwikkeling van criteria en methoden voor prioriteitsstelling, kwaliteitsbeoordeling en dergelijke' — tot haar recht te doen komen. De mening van onder meer de Baad van advies voor het wetenschapsbeleid (RAWB), dat de positie van de huidige minister van wetenschapsbeleid te zwak is, wordt, aldus de commissie 'door de ervaring in de praktijk, naarmate deze bewindsman steeds meer by het inhoudelijk beleid betrokken raakt, bevestigd'. Het rapport geeft daarvoor drie oorzaken aan: in de eerste plaats de geringe feitelijke invloed van de minister van Wetenschapsbeleid, die voortvloeit uit zijn uitsluitend coördinerende taak; in de tweede plaats het feit, dat veel van zijn bemoeienissen door de vakdepartementen (inclusief dat van Onderwijs en wetenschappen) als inmenging in hun activiteiten wordt ervaren'; en in de derde plaats het feit, dat het interdepartementaal overleg 'veelal in langdurig touwtrekken ontaardt.'

De commissie constateert evenwel, dat het noodzakelijk blijft om het wetenschapsbeleid als duidelijk identificeerbaar werkterrein op kabinetsniveau te handhaven en acht het daartoe nodig, dat de coördinerend bewindsman voor wetenschapsbeleid een eigen takenpakket en een eigen budgettaire verantwoordelijkheid heeft, die tot uitdrukking komt in de zorg voor instellingen als TNO, ZWO en de KNAW en in een financiële beleidsruimte om de richting van het onderzoek mede te kunnen beïnvloeden. Bij het realiseren van deze uitgangspunten kan men, aldus het rapport, twee benaderingen kiezen: in het ene geval kan het accent gelegd worden op de wetenOpeningstijden schapsbeoefening aan universiteiSociëteit: ma. t/m vrij. 16.00-06.00 ten en hogescholen, waarbij geuur, zat. en zon. 21.00-06.00 uw. poogd wordt enige coördinatie Kantine: ma. t/m vrij. 09.00-16.00 met het buiten-universitaire onuur. derzoek en het onderzoek in het bedrijfsleven tot stand te brenN.B. Ook als lAN-, LIBER-, of VGSA-lid heb je recht op een gen, in het andere geval k nt het accent op juist die twee laatste gratis pasje!!!l! categorieën van onderzoek, waarDagelijJcs bestuur 'Jaif gepoogd wordt het universitair S.S.C.U.

Als bewoner van Uilenstede of Kronenburg heb je recht op een gratis sociëteitspasje, dat in principe 1 jaar geldig is en waardoor je gratis binnen komt en bovendien steeds de laagste prijs voor de activiteiten betaalt. Dit (blauwe) pasje kun je 's avonds bij de portier op de trap afhalen (behalve op feestdagen zelf) als je twee pasfoto's, een kollege-kaart en een huurafschrift meeneemt. Studenten die niet op Uilenstede wonen kunnen op vertoon van collegekaart en twee pasfoto's voor f 10,— een jaar lang lid worden.

Door Gerbrand Feenstra onderzoek in het bredere kader van het wetenschapsbeleid als zodanig te plaatsen. Afhankelijk van de keuze tussen deze twee uitgangspunten kan men in het eerstgenoemde geval de zorg voor het wetenschapsbeleid opdragen aan de minister van Onderwijs en wetenschappen (al dan niet met een staatssecretaris); in het tweede geval ligt een minister zonder portefeuille voor het wetenschapsbeleid voor de hand, aldus de commissie. Die laatste oplossing zou, zo wordt opgemerkt, in overeenstemming zijn met de inhoud die men tegenwoordig in internationale kring (EEG. OESCO) aan het begrip wetenschapsbeleid geeft; bovendien heeft de Nederlandse activiteit zich de afgelopen jaren in feite in deze richting ontwikkeld. Kiest men deze figuur, dan zijn er weer verschillende mogelijkheden zo vervolgt de Ministeriële commissie haar betoog. Een minister zonder portefeuille voor het wetenschappelijk onderwijs en het wetenschapsbeleid en een minister zonder portefeuille, verbonden aan het departement van Algemene zaken. De eerste mogelijkheid, een minister van wetenschap naast een minister van onderwijs, heeft als voordeel, dat de wetenschapsminister een onafhankelijke positie in kan nemen tegenover zijn collega's, ook tegenover die van onderwijs, aldus de commissie. Het nadeel is echter, dat de eenheid tussen onderwijs en onderzoek op de universiteiten en hogescholen (de coördinatie van eerste en tweede geldstroom) in gevaar wordt gebracht.

De Brauw Een variant op deze mogelijkheid zoals die bestond in het kabinetBiesheuvel in de figuur van minister De Brauw van DS'70, die als minister zonder portefeuille belast was met het wetenschappelijk onderwijs én het wetenschapsbeleid, lijkt de commissie niet wenselijk: 'In de praktijk bleek deze constructie niet te voldoen,' aldus het rapport, dat als belangrijkste bezwaren noemt het zoekraken van de noodzakelijke eenheid van onderwijsbeleid en

De demissionaire minister van wetenschapsbeleid Fokele Trip. het gevaar, dat bij deze combinatie van taken het wetenschapsbeleid te weinig tot zijn recht kon komen. De Ministeriële commissie wijst daarmee impliciet het voorstel van de RAWB, gedaan in haar Jaaradvies 1977, om wetenschappelijk ondel wijs en wetenschapsbeleid te combineren bij eén minister van Wetenschapsbeleid, af Het onderbrengen van de minister van wetenschapsbeleid zoinder portefeuille bij het ministerie van Algemene Zaken heeft volgens de Ministeriële commissie als voordeel een nog onafhankelijker positie tegenover de collegae-mimsters, met name die van Onderwijs, maar versterkt slechts het bezwaar dat de eenheid van onderwijs en onderzoek in gevaar komt. Kiest men in plaats van een minister zonder portefeuille voor het wetenschapsbeleid de oplossing, dat de minister van O W het wetenschapsbeleid onder zijn hoede krijgt zoals ook vóór 1971 het geval was, dan zijn er nog twee mogelijkheden, aldus de commissie in haar rapport. De minister van O W doet het wetenschapsbeleid, waaronder in ieder geval de zorg voor TNO,

ZWO en de KNAW valt, terwijl hy voor het primair, secundair en tertiair onderwijs wordt bijgestaan door een of meer staatssecretarissen, óf hij krijgt voor zijn taak inzake het wetenschapsbeleid, die de zorg voor TNO, ZWO en de KNAW krijgt en eventueel ook het tertiair onderwijs op zich neemt. Welke van deze laatste twee mogelijkheden uiteindelijk uit de bus zal komen, is volgens de Ministeriele commissie, die geen aanbevelingen doet, 'in belangryke mate afhankelijk van de persoonlyke ervaring en belangstelhng van de toekomstig minister van Onderwijs en Wetenschappen'. Opgemerkt wordt tenslotte, dat het belasten van de minister van Onderwas met de zorg voor het wetenschapsbeleid aan de gestelde uitgangspunten voor de coördinatie van het buiten-universitaire onderzoek minder waarborgt. (Polia Civitatis, GUPD)

VU wil 'verdwenen' Chileense academici uitnodigen

Centrale vraag bij opening academisch jaar:

Wat zijn de konsekwenties van het huidige bezuinigingsregime? Wat zfln de konsekwenties voor de universiteiten en hogescholen nu ook 2Ü de broekriem moeten aanhalen en de tering naar de nering moeten gaan zetten? Dat was de vraag, die de traditionele redevoeringen bö de opening van het academisch jaar maandag beheerste. Gastspreker Wim Kok van de FNV betoogde op de universiteit van Amsterdam, dat de universiteiten hun geloofwaardigheid verliezen als ze zonder de hand in eigen boezem te durven steken uitsluitend éénstemmig om meer geld vragen. 'Ze zullen zelf ook over de brug moeten komen en zich bereid tonen mee te werken aan een doelmatiger aanpak van het academisch bestel. Tien jaar geleden had de samenleving het moeilijk met een kritische universiteit, nu krijgt de universiteit het moeilijk met een kritische samenleving. Ir. N. P. I. Schwartz, waarnemend voorzitter van het CvB van de Delftse TH waarschuwde echter, dat er bij het bezuinigen ook weer niet teveel moet worden overdreven.' In Delft is men erin geslaagd door zorgvuldiger beheer en doelmatiger onderwijs en onderzoek het personeelsbestand te reduceren. En dat gebeurde zonder onherstelbare schade aan onderwijs e,n onderzoek. Maar verder reduceren kan volgens hem echt niet. De Utrechtse CvB-voorzitter ir. A. W. Siewertsz van Reesema vond het te simpel gesteld om te zeggen, dat elk personeelslid er maar

een schepje bovenop moet doen. Vaak wordt er al hard gewerkt maar helaas komt het ook voor, dat er medewerkers zijn, die het niet zo nauw nemen met de werktijden en dat maakt een ongunstige indruk op de maatschappij. Het voorstel van CvB-voorzitter dr. K. van Nes van de VU om door de salarissen vooral van de hoogstbetaalden te verlagen, meer mankracht te kragen kreeg veel aandacht in de landelijke pers. Vragen, die ook gesteld werden waren: 'Hoe moet het nu met het ideaal van hoger onderwijs voor velen bü het huidige bezuinigingsregime' en 'Kan de kwaliteit van het onderzoek worden gehandhaafd?' Mr. K. J. Cath, CvB-voorzltter van de Leidse universiteit pleitte voor een goedkoper en gevarieerder studieaanbod. Dat hoeft kwalitatief niet minderwaardig te zijn, vond hij. (J. K.)

De VU gaat proberen "verdwenen' of vervolgde Chileense academici boven water te krijgen door ze uit te nodigen voor gastcolleges en ze eventueel een stukje leeropdracht te geven. Het gaat hier om academici, die door de Chileense junta te kritisch worden bevonden, worden vervolgd en daarby vaak 'verdwijnen'. Rector-magnificus De Ruiter, die dit in de universiteitsraad vertelde, hoopt, dat de uitnodigingen de junta ertoe brengen deze academici weer boven water te laten komen of tenminste informatie over hen te geven. De Ruiter was overigens niet optimistisch over de kans van slagen. De ervaringen in het buitenland hiermee vallen tot nog toe tegen. De rector beschikt over een lyst met namen van opgeborgen academici. Jammer genoeg beoefenen deze academici nogal wat disciplines, die de VU niet herbergt. De Ruiter is bezig de faculteiten te interesseren voor deze aktie. Het zal overigens moeilijk zijn om formatieruimte te vinden voor eventuele gastcolleges. De aktie is voortgekomen uit het bezoek, dat ex-minister (onder Allende) Palma onlangs aan de VU bracht. De rector vertelde tenslotte ook nog, dat de VU bezig is een manier te vinden om landelijk samen met andere universiteiten uiting te geven aan de verontrusting over de aantasting van de academische vrijheid in Chili. (J. K.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1977

Ad Valvas | 468 Pagina's

Ad Valvas 1977-1978 - pagina 23

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1977

Ad Valvas | 468 Pagina's