Ad Valvas 1977-1978 - pagina 171
AD VALVAS — 2 DECEMBER 1977
11
Prof. H. Svelders (RU Utrecht) stuurde ons het volgende in memoriam van de onlangs overleden dr. A. A. M. Brinkman, in leven coördinator computeraangelegen aan de VU.
In memoriam dr. A A M . Brinkman
Met grote verslagenlieid en diepe droefheid ontving ik het bericht van het plotseling overladen van mijn goede vriend Arthur Brinkman. Abraham Arthur Anne Marie Brinkman werd in Amsterdam op 22 mei 1938 geboren. Na het WoltjerGymnasium te hebben doorlopen, ging hfl in 1955 scheikunde studeren aan de Vrfle Universiteit. Hfl legde het kandidaatsexamen af op 28 mei 1959 en het doctoraal examen op 27 juni 1963. Als wetenschappelijk medewerker op de afdeling fysische chemie hield hjj zich bezig met de theorie van de pulspolarografie. Met J. M. Los en A. W. Fonds publiceer de hij hierover in de Journal of Electroanalytical Chemistry (1964, 1967). Op vrijdag 29 no vember 1968 werd hem de graad van Doctor in de Wiskunde en Na tuurwetenschappen aan de Vrije Universiteit te Amsterdam toege kend voor zijn dissertatie: Theo ry of Pulse Polarc^raphy with an application to the hydration of formaldehyde. Ztjn belar^stelling voor de wiskunde bracht hem op het gebied van de informatica. Hij was coördinator voor computer aangelegenheden aan de Vrije Universiteit. Hij stierf plotseling op 39jarige leeftijd te Amster dam. Hoewel ik hem als jaargenoot stads 1955 kende, zijn het de twee jaar geweest dat wij als assistent op het analytisch laboratorium van de VU werkzaam waren dat we elkaar goed leerden kennen. Het was in die tijd dat ik hem vroeg toe te treden tot de redak tie van het tijdschrift Chemie en Techniek (1961). De zeventien jaren van intensieve samenwer king hebben een band geschapen die nu plotseling is verbroken. Alle redaktieleden uit de periode van 1961 tot 1977 weten met welk een inzet Arthur aan het tijd schrift heeft gewerkt, eerst als redaktem, spoedig als een van de hoofdredaktieleden en secretaris, sinds januari 1976 als hoofdre dakteur. In de periode van 1960 tot 1965 was hij tevens hoofdredakteur van het tijdschrift Chemische Re vue. Periodiek voor procesindus trie en laboratoriimi, dat in 1965 fuseerde met Chemie en Tech niek. Zonder zijn inbreng was zijn taak als hoofdredakteur zeer veel zwaaröer geweest. ZiJn intelli gentie en scherp inzicht maakten, met zijn fijne humor, de vele re redaktievergaderingen die in de loop van al die jaren zijn gehou den, tot een waar genoegen. Arthur had een zeer brede be langstelling. Dat blijkt al uit de stellingen bij zijn proefschrift. In zijn dissertatie wordt op scherp zinnige wijze de wiskundige grondslag van de pulspolarografie behandeld waaruit zijn exakte natuur naar voren komt. De hu manistische zijde van zijn karak ter vinden we in de stellingen over de vertaling van Lucretius' De rerum natura, over alchemie en over theologie. De elfde stel ling: 'Het valt te betreuren dat Berkouwer in het jongste deel van ziJn Dogmatische Studieën regel piatig citaten in het Latün zon der vertaling in de tekst heeft opgenomen, waardoor dit werk voor de meeste leken aan duide lijkheid inboet volgde uit zijn sys tematische bestudering van Ber kouwer's Dogmatische Studieën. Ook Karl Barth's Kirchliche Dog matik werd door hem — zoals hij mij meermalen zei — doorgewor steld. Zijn intelligente geest genoot van de wijze waarop deze auteurs de theologie behandelden.
Alchemie en kunst Het nauwe contakt dat ik met Arthur had, sproot voor een groot deel voort uit onze gezamenlijke belangstelling voor de weten schapsgeschiedenis bij hém voor al toegespitst op de geschiedenis van de alchemie. Drie van zijn stellingen bij zijn dissertatie han delen over alchemie en ik herin ner me nog goed de voorbereiding en de uitvoering van mijn vriend schappelijke oppositie naar aan leiding van zijn achtste stelling:
'Voor een beter begrip van de al chemie is een systematisch onder zoek van de alchemistische syai boliek onontbeerlijke. Waar het hem om te doen was, was de relatie tussen alchemie en kunst te onderzoeken en zoals alles wat hij deed werd ook dit zo grondig en wetenschappelijk mo gelijk aangepakt. Hij kende de primaire en secundaire literatuur door en door en wist van een ech te liefhebberij een vakstudie te maken. Jaren was hij bezig met het samenstellen van een ikono grafische inventarisatie van alle schilderijen, gravures en andere alchemistische afbeeldingen van nederlandse en vlaamse kunste naars. Op zijn vakanties en dienstreizen sloeg hü geen mu seum over om met eigen ogen een alchemistisch schilderij of gravure te bekijken en er voor zijn archief een foto van te laten maken. Op veilingen en bij antiquairs zocht hij naar originalia voor zijn eigen verzameling, welke moest uit groeien tot een collectie van we reldformaat. Wat hü verzameld heeft, is al uniek. Zijn liefste aan winst was ongetwijfeld een teke ning van een alchemist die hij op een veiling wist te verwerven en waarvan hij aantoonde dat het een voorstudie was van David Teniers n . In het internationale tijdschrift Ambix. The Journal of the Socie ty for the Study of Alchemy and Early Chemistry 13 (1966) 187188 kon hij vol trots een artikel publi ceren over 'an unknown alchemi cal drawing probably by David Teniers II'. Maar hü ging verder dan alleen verzamelen. Hü bestu deerde het gevonden materiaal en probeerde de invloed van de kun stenaars op elkaar aan te tonen. De tiende stelling van zün proef schrift was een eerste resultaat: 'De harten zes uit het in 1806 door de Gravin Von Jennison Walworth ontworpen kaartspel is geïnspireerd door het scliilderü van een alchemist door David Teniers Jr., dat zich in het Mau ritshuis bevindt'. Het was echter vooral de beken de prent van Pieter Brueghel de Oudere, de 'Alchemist' uit 1558,
die hem intrigeerde. Op uiterst originele wüze onderzocht hü de invloed van deze prent op latere alchemistische voorstellingen: op schilderü en en gravures van Jan Verbeeck, Maarten de Vos, Pieter van der Borcht r v en vooral Jan Steen, in embleemboeken van Sambuchius (1564) en Schoonho vius (1618), enz. De resultaten van deze belangrüke studies werden gepubliceerd in Janus. Revue internationale de l'histoire des sciences, de la méde cine, de la pharmacie et de la technique als "The influence of Brueghel's print 'The Alchemist'" (54(1967)141145) en "Brueghel's 'Alchemist' and its influence, in particular on Jan Steen" (61(1974) 233269). In Chemie en Techniek heeft hü sinds 1961 tal van voorstudies ge publiceerd over het thema de al chemie en de kunst. Al enige tüd liep hü met het idee zün onder zoekingen in een boek te publice ren. Ik heb daar veel met hem over gesproken en geprobeerd hem te bewegen daar eindelük mee te beginnen. Maar zün drukke werk zaamheden op de universiteit en zün sociaal en redaktioneel werk in de avonduren bleken steeds een belemmering te zün, hoewel m.i. ook zün vrees voor te snelle publikatie een grote rol heeft ge speeld. Een week voor zün overlüden hield hü een voordracht over 'de alchemist in de beeldende kunst' voor het Grenootschap voor Ge schiedenis der Geneeskunde, Wiskunde, Natuurwetenschappen en Techniek in Zwolle. De gemak kelüke en briljante wüze waarop hü aan de hand van een groot aantal dia's zün kennis en be heersing van het onderwerp toon de, was een genot voor alle toe hoorders. Gelukkig heeft hü een 21tal van zün belangrükste pu blikaties uit Chemie en Techniek uit de jaren 19611973 gebundeld uitgegeven als Chemie in de kunst. (Chemie en Techniek Ca hier Nr. 1. Rodopi N.V., Amster dam, 1975), waardoor zyn werk in de bibliotheken van ons land be waard is gebleven. In zün wetenschapshistorie stond centraal het feit dat 'zowel in de literatuur als in de beeldende kunst... wü getuigenissen (vin den) van de wüze waarop de maatschappü de alchemist zag — als bedrieger of als bedrogene, als door de goudzucht verdwaasde of als eerlüke en volhardende onder ker van de diepste geheimen der natuur'. God's raadsbesluiten zün ondoor grondelük, maar wü hebben ons aan Zün WU te onderwerpen. Zün vrienden zullen Arthur niet vergeten en zün hem dankbaar voor al datgene wat hü hen in zün korte leven heeft geschonken. Zün ouders, broer en schoonzus ter wensen wü veel sterkte en krapht toe bü dit smarteUjke ver Ues. Dat hü moge rusten in vrede. Zijn vriend Harry Snelders
• Amsterdamse Gesprekskring, Amsteldyk 58, aanvang 20.15 uur: Vrfldag 2 december 1977 drs. Jan Passchier over migraine. Vrijdag 9 december 1977 Wim Kamsteeg over Theorie en werkelflk Iflk heid van de Russische staat. Vrijdag 16 december 1977 Mw. Nora Salomons (PvdA): stadsvernieu ileu wing. Toegang gratis. Op 23 en 30 december geen kring. Inl. 825019. • Donderdag 8 december om 20.00 uur organiseert het Humanistisch ;isch Verbond, afd. Amsterdam, in haar centrum aan de Leidsegracht 92 sous een avond over mannenemancipatie. Roland Witte spreekt over man lan nenbevryding. Er zal eventueel, bü voldoende belangstelling, geprobeerd eerd worden ter plekke een basis te leggen voor een mannenpraatgroep. Ook vrouwen zün op deze büeenkomst welkom. Toegang gratis. Inl. 242731. !731. • Vrouwenhuis, Nieuwe Herengracht 95: Woensdag 14 december, 20.30 uur diskussieavond met als thema: Vrouw ouw en alkoholisme. lids, Vrijdag 9 december, 20.30 uur Cinemien vertoont de film: Union Maids, in drie vrouwen die vertellen over hun aandeel in de vakbondsstryd1 in Amerika, vanaf or^eveer 1925. Maandag 12 december, 20.00 uur huisgroepenvergaderlng. Ook wie niet niet tn een groep zit is zeer welkom. ouw Woesndag 14 december, 20.30 uur diskussieavond met als thema: Vrouw en werk. Dinsdag 20 december, 20.00 uur open COC Vrouwenavond. Inlichtingen: tel. 020252066. '
Derde avond in
ZuidMolukkencyclus:
'Perspectieven voor de ZuiiFMolukkers' De ZuidMoIukkencycIus, opgezet door het vormingscentrumVU, in nauwe samenwerking met de subfaculteitsvereniging "Merlijn' (geschie denis, de SILVA (lerarenopleiding VLVU) en ZuidMolukse studenten (leden van de ZuidMolukse vereniging in Amsterdam), besluit op 8 dec. om 19.30 uur in sociëteit Uilenstede met het thema 'Perspektie ven voor ZuidMolukkers (toekomst).
Het sprekerspodium bij de eerste, goedbezochte avond v.l.n.r. F. A. Aponno ex sg.majoar KNIL), Jelle Hekman (voorzitter) en R. C hauvel (Australisch historicus). In tegenstelling tot de eerste twee avonden (verleden en heden) zal deze laatste avond meer een fo riunachtig karakter dragen. Het publiek krügt echter ruim de ge legenheid tüdens een vragen en discussiegedeelte, in te gaan op de inleidingen van de verschillen de sprekers. Op deze avond zullen vooral jongeren aan het woord komen, over de toekomst van het ZuidMolukse volk. Belangrüke exponenten van jongerengroepe ringen zullen in een inleiding hun standpunten uiteen zetten. Na de gevangenneming in 1963 van Mr. dr. Chr. Soumoukil, pre sident van de Republik Maluku Selatan (RMS) ten tüde van de regering Sukarno in Indonesië volgde in 1966 zun excecutie (door het regime Suharto; 1965 staats greep). Hierna stapelen de ge beurtenissen zich snel op, vla branden in de Indonesische am bassade (1966), vorming van de tegeiu'egering Tamaëla, de komst van Suharto naar Nederland in 1970 en dientengevolge de bezet ting van de ambtswoning van de Indonesische ambassadeur (Was senaar), de poging tot güzeling van de koningin in 1974, de güze lingen van Wüster en Amsterdam in 1975 en de recente güzelingen in Bovensmilde en De Punt. De vreedzame uiting voor de ZuidMolukse zaak in de vorm van petities en demonstraties is vooral voor de jongeren een ach terhaalde methode. Naast deze radicalisering in handelen en middelen, is er ten gevolge van opkomende linkse groeperingen ook een radicalisering in woord en geschrift. De invloed van de Westerse samenleving (Parys 1968, Provo's, Maagdenhuisstu dentenopstand 1969 in Amster dam en vooral de in hun ogen zeer succesvolle Palestünen) en de verdere afwikkeling van de koloniale tüd (Angola, Mozam bique, Oost Timor en Bangla Desj) is hierbü niet gering ge weest. Daarnaast worden de in Nederland geboren opgroeiende ZuidMolukse jongeren zich steeds meer bewust van hun ei gen positie binnen de weinig de mokratische struktuur van de ZuidMolukse samenleving. In niet geringe mate kan men ook de recente güzelingen beschou wen als een protest tegen de tra ditionele leiders. De ZuidMolukse jongeren zitten kort gezegd in een turbulente fase, waarin ze zich ideologisch (her) oriënteren en organiseren. Naast de traditionele lyn van de geves tigde groeperingen is er een ster ke tendens naar links te bespeu ren (sympathie voor 'linkse theo riën').
Perspectieven Als eerste van de sprekers van deze avond zal Frieda Tomasoa aan het woord komen. Zü is lid van de Pemuda Masjarakat (Vrüe ZuidMolukse Jongeren), heeft haar studie pedagc^ie weer opge vat, was tijdens de güzelingen in mei/juni secretaresse van het cri siscentrum in Capelle a/d IJssel,
werkt nauw samen met ir. Ma nusama en zal waarschünlük een van de leiders worden van het op te richten politieke forum voor jongeren. Dit forum kan gezien worden als een concessie van de regering Manusama aan de jon geren na de güzelingen, evenals het opnemen van een jongere in zün kabinet. De Pemuda Masja rakat is een Jongerenafdeling van de Badan Persatuan (eenheids lichaam) waar dominee S. Metia ry als voorzitter fungeert. De tweede spreker is C harley Munster lid van de Gerakan Pat timura (PattimuraBeweging), doctoraal student Culturele An thropologie aan de RU te Utrecht. Öe Gerakan Pattimura is een be weging onder werkende jongeren, scholieren en studenten. Met Pat timiu'a (vrüheidsstryder in 1817, opstand tegen de Nederlanders) als symbool plaatst deze beweging de strüd voor de RMS in een bre der perspektief, waarbü de eman van Indonesië voorop staat. Als aktiedoelen heeft deze beweging o.a. in zyn politiek program in Nederland: Via voorlichting en politieke vormingswerk komen tot een mobiliseren van de Neder landse bevolking; en het aangaan van coalities met progressieven en in Indonesië. Het stimuleren van kontakten met be vrü dings bewegingen en deze moreel en fi nancieel te steunen; het verzet op de Molukken te stimuleren. De derde en vierde spreker zyn respektievelük Herman Seleky (Assen) en Noes Solissa (Boven smilde). Herman Seleky is lid van de Jongeren Werkgroep in Assen, die als doelstelling heeft: Via vorming onder de ZuidMolukse Jongeren een bewustwording te kweken, zodat deze daarmee hun eigen bestemming kurmen bepa len. Noes Solissa is lid van de Jongeren Groep Bovensmilde en kwam tüdens de laatste güzelin gen zeer vaak naar voren als één van de belangrükste woordvoer ders. Met Theo Thenu verblyft hy momenteel in Indonesië, sa men met twee journalisten van de Gemeenschappelyke Persdienst, waar hy by aankomst opvallend soepel werd behandeld en zelfs ontvangen is door generaal Soe darmo van de Repatriëringsdienst. Noes zal onder andere de Moluk ken, Sulawesi (Celebes) en Su matra bezoeken. Deze twee jon geren waren tüdens de begrafenis, van de by de bestorming van de trein omgekomen zes ZuidMo lukkers, leden van de coördinatie commissie die deze begrafenis heeft geleid, waarbü er naar schattii^ 8.000 ZuidMolukkers aanwezig waren. Frans Ko is een Indonesiër wo nende te Nymegen, waar hy poli ticologie studeert. Alle sprekers zullen een toekomst visie op langere termyn geven ten aanzien van de ZuidMolukken/ Molukkers, welke doelen er be reikt moeten worden en wat de rol van de Nederlandse overheid en bevolking daarin zün. Namens de organiserende groepen Anis de Freies
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1977
Ad Valvas | 468 Pagina's