Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 179

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 179

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 1 DECEMBER 1978

Cees Faber wil taakverdeling

tussen bestaande

en nieuwe

instellingen

Aan open universiteit moeten de bestaande instellingen voor HO ook bijdrage leveren „Een open universiteit dient niet zonder meer gecreëerd te worden. Rekening dient gehouden te worden met het feit dat binnen de bestaande instellingen voor hoger onderwijs aanknopingspunten liggen om vernieuwing, verbetering en verbreding op zodanige wijze te stimuleren dat bepaalde elementen van de problematiek die een open universiteit zou dienen op te lossen reeds via het bestaande hoger onderwijs kunnen worden opgelost," Aldus luidt één van de konklusies van drs. Cees Faber, medewerker van de afdeling onderwijsresearch van de Vrije Universiteit in het onlangs verschenen memorandum „Een open universiteit in Nederland — Een nieuwe opening voor het hoger onderwijs". Voornaamste uitgangspunt van dit memorandum vormt een in maart verschenen interimrapport van de Commissie Voorbereiding Open Universiteit (Commissie VOU). In maart 1977 formuleerden de toenmalige bewindslieden van onderwijs de heren Van Kemenade en Klein een aantal doelstellingen voor een nieuwe onderwijsvoorziening op hoger niveau. Men wilde komen tot het bieden van een mogelijkheid voor hoger onderwijs voor hen die daar in het verleden niet aan toekwamen. Tevens zou hierdoor de druk op de bestaande instellingen van hoger onderwijs moeten verminderen. D e nieuwe goedkopere onderwijsvoorziening zou voorts vernieuwingen in de traditionele onderwijsvormen moeten stimuleren. Een belangrijk argument voor de invoering van een open vorm van hoger onderwijs vormt de noodzaak van tweede-kans en tweedeweg onderwijs. D e heer Faber tekent hierbij aan dat zeker ook het bestaande hoger onderwijs hierbij ingeschakeld zou moeten worden, daar men anders niet zal kunnen verwachten dat de vernieuwingsimpulsen die van de nieuwe onderwijsvorm uitgaan het bestaande onderwijs zullen beïnvloeden.

Selektie Naar aanleiding van de argumentatie voor een open universiteit in het kader van het tweede-kans en tweede-weg onderwijs kiest de commissie V O U de gehele Nederlandse

door Rob

Meerhof

bevolking, met uitzondering van de jongeren die nog vallen onder de leerplichtwet, als doelgroep voor de op te richten open universiteit. Binnen deze doelgroep wil de commissie prioriteit geven aan degenen die niet over de vereiste diploma's beschikken om hoger onderwijs te volgen. In reaktie hierop stelt drs. Faber dat wanneer men rekening houdt met de te verwachten toenemende vraag naar voortgezette opleidingen en men in aanmerking neemt dat hierbij sprake is van een sterk veranderende vraag naar een grote verscheidenheid van opleidingen er zich bij de keuze van een dergelijke grote doelgroep problemen zullen voordoen op financieel gebied. Er zullen dus grenzen gesteld moeten worden aan de open universiteit. Het kiezen van grenzen impliceert selektie. De vraag is nu hoe deze selektie zal moeten plaatsvinden. Men zou bepaalde groepen bij voorbaat kunhen uitsluiten. Ook is het mogelijk dat men, zoals bij de britse open universiteit een zogenaamde zelfselektie zal laten plaats vinden. Men biedt dan een bepaalde hoeveelheid onderwijs aan en men laat het principe gelden dat degene die

argje heeft Pfeiffer Vader Uil, als vader van een groot gezin en staffunctionaris bij de Mesdagkliniek gewend crisissituaties het hoofd te bieden, was nu werkelijk uit zijn evenwicht. Zijn oudste dochter Margje, tot nu toe succesvol studente pedagogie, had hem zoeven telefonisch en nog wel terwijl hij zat te eten, meegedeeld dat zij de studie staakte. Zij zag het niet meer zitten, legde zij uit en hing snikkend op. Vader en moeder Uil pijnigden zich de hersens af over wat er met hun oogappel aan de hand kon zijn. Zou er eerTMAN in het spel zijn? Maar Margje had toch ook haar eindexamen gedaan terwijl zij een stormachtige verkering onderhield met een wadloper uit Pieterburen die het gezin regelmatig per bromfiets kwam teisteren! Wanhoop en vertwijfeling kenmerkten het verdere verloop van de maaltijd; van een smakelijke voortzetting was geen sprake meer. 's Avonds in bed besloten vader en moeder Uil dat de laatste de volgende dag naar Amsterdam af zou reizen om poolshoogte te nemen. Met een citybag vol versterkende middelen — eten helpt tegen alles, zei grootmoeder Uil altijd — betrad moeder Uil de volgende dag, nog juist voor de noen Margjes halve woninkje. Er was inderdaad een man maar die bleek niet de oorzaak van Margje's wanhoop. Hij zette voorkomend koffie en deed alsof hij thuis was; hij zei psychologie te studeren. Margje was inderdaad ten einde raad; niets wilde meer lukken en ze voelde zich te moe om iets te bedenken wat haar wel zou kunnen lukken. Ze zag echt helemaal niets meer zitten! Kind, je bent ziek, concludeerde moeder Uil. En zo was het ook. Om een lang verhaal kort te houden, Margje bleek gewoon de ziekte van Pfeiffer te hebben; dat duurt wel lang, maar gaat ook weer over. ^iet uit harteloosheid maar uit tijdsgebrek beperken we ons nu tot één van de vele zaken die door Margje's ziekte (zij herstelde voorspoedig na vier maanden) geregeld

het eerst komt ook het eerst maalt. Deze selektie wordt daarbij nog versterkt door het nalaten van wervende aktiviteiten. Een gevolg hiervan is dat vooral mensen uit de lagere sociale milieus, de mensen zonder vooropleiding, niet geplaatst kunnen worden. Wanneer men dit wil voorkomen dient men volgens Faber bij de nederlandse open universiteit duidelijk van te voren aan te geven welke doelgroepen men wenst te bereiken en hoe. Wanneer de oorspronkelijke doelgroepen eventueel niet bereikt worden dient men zich niet, zoals bij de britse open universiteit te richten op andere gemakkelijk toegankelijke groepen.

Gelijkwaardige

kansen

Het is niet moeilijk om gelijke kansen voor iedereen aan te bieden.

Open school De commissie VOU vermijdt in haar interimrapport de relatie open school-open universiteit. Men kiest, overeenkomstig de nota „Open universiteit in Nederland", voor een zelfstandige open universiteit. Als argument voor deze keuze geldt dat

het realiseren van een open universiteit naast het scheppen van goede voorzieningen voor de zwakkeren uit de samenleving die tot nu toe onvoldoende kansen voor opleiding

Vervolg op pagina 11

Een intellectuele toekomst voor iedereen Drie jaar geleden waren de plannen voor een Open School klaar. Trots kondigde een door minister Van Kemenade ingestelde kommissie de eerste proefprojekten aan. Dat betekende dat een begin gemaakt kon worden met het tweede kans-onderwijs. De school zonder drempels naar het aloude socialistische ideaal van spreiding van kennis, macht en inkomen, kwam in zicht. Voorzichtig opperden sommigen toen het idee van een Open Universiteit. In Engeland kende men zoiets al een jaar of zes, in Duitsland bestond een Fernuniversität. Maar Nederland wilde van dit idee voorlopig niets horen. De Open Universiteit zou de „demokratisering van het onderwijs niet optimaal dienen. De meest kansarme groepen worden niet bereikt door een Open Universiteit maar door een open school". Aan tweedekans-mogelijkheden op elementair niveau, schortte nog te veel. Bovendien hadden ervaringen in Engeland uitgewezen dat grote groepen buiten mededinging bleven. Toch is er een kommissie in het leven geroepen. Een half jaar geleden bracht zij een voorlopig rapport uit. Woensdag 25 en donderdag 26 oktober kregen belangstellenden en

duriger geval. Hoe lang was Margje al ziek? Zo, zo, maar bijstand krijg je niet met terugwerkende kracht. Wel jammer, vond Grobbink dat je meestal achteraf hoort dat er sprake was van langdurige ziekte. Dat kon gedeeltelijke terugvordering van de rijksstudietoelage tot gevolg hebben en dan werd het pas echt vervelend. Hij zou zien wat hij kon doen. Grobbink bemiddelde voor Margje bij de sociale dienst en ze kreeg haar uitkering. Toen ze na enkele maanden de studie weer daadwerkelijk kon hervatten, ging ze weer over naar het studiefinancieringsregime. Grobbink ontdekte de macht van

jTK^K^TC^V^V.^'M.^'H^V.^^t^V.^^t.^'W^U^'W^V.^K^^t^^i^X^K^V.^X^V^V.

De Merkwaardige Lotgevallen van de Familie Uil FV Q^K.^-K.^V^lt^^t.^V^V.^X^^^.^'K^^C^V.^^t.^X.^ï.^^t^V^V.^^C^M.^^t^Vi^X^ moesten worden: haar rijksstudietoelage. Haar psychologiestudent die Meindert heette, ging voor haar informaties inwinnen bij de studentendecaan. Deze — het was alweer Grobbink — deelde hem mede dat Marg als ze wegens ziekte niet kon studeren, ook geen recht had op haar rijksstudietoelage en als de wiedeweerga in de bijstand moest. Dat hoefde natuurlijk niet bij een griepje, maar wel bij een wat lang-

Een open universiteit kan bijvoorbeeld gelijke kansen bieden aan iemand met enkele jaren MAVO en aan iemand met een diploma Atheneum. Men zal er naar moeten streven om in plaats hiervan gelijkwaardige kansen te bieden aan potentiële studenten van de open universiteit. Deze onderwijsinstelling zal zich dan ook moeten gaan richten op mensen die voldoen aan bepaalde kriteria met betrekking tot voorkennis, studiekapaciteit, doorzettingsvermogen enzovoorts.

de mond-tot-mond-reclame: !iij werd overstelpt met vrienden van vrienden van de kinderen Uil die hetzij zelf, hetzij in hun omgeving met studieonderbreking wegens langdurige ziekte te maken hadden. Het kwam vaker voor dan hij dacht. Vader en moeder Uil vergaarden krachten voor de volgende slag die hun gezin zou treffen. Die bleef niet uit.

door Lin (GUPD)

Tabak

belanghebbenden gelegenheid op de plannen te reageren. Op die hoorzitting bleek het luchtkasteel van drie jaar geleden aardig op weg om werkelijkheid te worden. De bouwplannen zijn er en het wachten is alleen op de uitvoering. De kommissie kreeg geducht kritiek van alle zijden, maar het vooruitzicht van een Open Universiteit is kennelijk zo aanlokkelijk dat de fundamenten niet aangetast werden. Hel lijkt alsof de bezwaren van drie jaar geleden niet meer bestaan.

Vrijheid Wat de Commissie Voorbereiding Open Universiteit (CVOU) wil, is een instelling zonder wettelijke en praktische drempels. Iedereen heeft recht op scholing, ongeacht zijn afkomst, opleiding of leeftijd. Daarom zijn voor toelating geen diplomas' vereist. Schriftelijke kursussen en bandjes moeten de beperkingen van tijd en plaats opheffen. Het studietempo is vrij. De bouwsteen van het — zelf samen te stellen — programma is de korte, op zich staande kursus, waardoor men een grote vrijheid heeft bij het bepalen van de inhoud van de studie. Deze kan ook op elk gewenst moment onderbroken worden. De begeleiding geschiedt vanuit vierentwintig studiecentra. Deze zijn zodanig over het land verspreid dat men ten hoogste dertig kilometer hoeft te reizen. Speciaal daartoe opgeleide studeadviseurs zullen opereren vanuit vier hoofdvestigingen. Alle draden komen samen in het hoofdkwartier van de Open Universiteit, die als zelfstandige instelling voor parttime hoger beroeps- en wetenschappelijk onderwijs zal funktioneren. Medewerkers wil men op tijdelijke basis lenen van bestaande instituten, om een efficiënt en flexibel beleid te kunnen voeren. Om alles financieel haalbaar te maken beperkt men het aanbod in het begin tot ongeveer negen studierichtingen waarvoor weinig praktikumruimte vereist is en veel belangstelling bestaat.

In al haar voortvarendheid bij het opheffen van belemmeringen heeft de CVOU er één over het hoofd gezien: er is dan wel geen diploma nodig, maar elke hogere opleiding vereist een zekere voorkennis: „Wij zullen die heel gedetailleerd omschrijven. D e student kan dan zelf zijn achterstand vaststellen. Het is echter niet de taak van de OU om inhaal- en opfriskursussen te verzorgen. Wij zullen dat andere instellingen vragen", beloofde men en stapte behendig over de hindernis heen. Drie jaar geleden nog werd er om een Open School geroepen vanwege de hiaten in het bestaande onderwijs. Van alle zijden werd het optimisme van de kommissie dan ook aangevochten. Het is niet waarschijnlijk dat op korte termijn alle gaten op het pad naar het hoger onderwijs gedicht zullen zijn. En daarmee wordt de O U ook weer een universiteit voor velen . . .

Zelfstandig D e meest fundamentele kritiek kreeg de CVOU op de hoorzittingen op het punt van de organisatie: de open universiteit als zelfstandige instelling naast de bestaande. De starre hokjesstruktuur van het Nederlandse onderwijs wordt erdoor versterkt, op zich al een drempel voor het weer gaan studeren. Bovendien kan zij in plaats van samenwerking te bevorderen tot konkurrentie leiden.

Hoomtting over de open universiteit Bestaande instellingen hebben een heel netwerk van voorzieningen opgebouwd waar de open universiteit zoveel mogelijk gebruik van zou moeten maken. Dan moet zij wel de instituten als geheel trachten te interesseren, om tot samenhangende programma's te komen, en niet te hooi en te gras personeel lenen. Ook de al bestaande parttime opleidingen zouden in het overleg betrokken moeten worden. Door haar bredere opzet kan de OU de verschillende studierichtingen in het wetenschappelijk en het hoger beroepsonderwijs dwingen tot hechtere samenwerking. Dat heeft dan weer voordelen voor het gewone onderwijs. De Open Universiteit zou het akademisch statuut, de geslotenheid van de huidige universiteit als onderwijsorganisatie open moeten breken. In het ideale geval krijg je dan

Vervolg op pag. 11

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 179

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's