Ad Valvas 1978-1979 - pagina 425
IDVALVAS — 11 MEI
13
1979
edrijfsleven oefent druk uit om DN A-richtlijnen
soepeler te
krijgen
rfelijkheidsonderzoek vercommercialiseert [et recombinant DNA-onderzoek — ook wel genetische manipulatie geoemd — geniet een grote belangstelling van het bedrijfsleven. lit onderzoek, waarbij de erfelijkheid van levende wezens kunstmatig veriderd kan worden, heeft tot nu toe nog geen enkel commercieel resulat gehad; toch ziet de industrie er brood in om — met behulp van de lëhnieken voortvloeiend uit de recombinant DNA-experimenten — op Ue schaal eiwitten, hormonen en enzymen te produceren. Vooral in de erenigde Staten is er tussen de verschillende bedrijven een flinke concurintie-strijd aan de gang om in het bezit te komen van de resultaten door liddel van patenten. Eveneens zgn er bekende DNA-geleerden die een Igen bedryfje opzetten, waar men verder onderzoek doet naar de comlerciële toepassing van genetische manipulatie-technieken. ioor deze bedrijven wordt uit concurrentie-overwegingen steeds meer druk itgeoefend op de overheid om de gegevens van de vrijwillig aangemelde Dderzoeksprojecten geheim te houden. Bovendien wil men een verruiming in de onderzoeksmogelijkheden met het oog op de toekomstige grootihalige produktie. Deze druk kan mogelijk een grotere invloed hebben ) de versoepeling van de Amerikaanse richtlijnen, dan op louter weten|happelgke gronden wenselqk zou zqn. Amerikaanse richtlijnen zijn Ioor Nederland belangrijk omdat ij gedeeltelijk als uitgangspunt dietn voor een verdere versoepeling m de regelingen in ons land. Op It moment zijn er nog maar twee lederlandse bedrijven bezig met de oorbereidingen van recombinant iNA-onderzoek: Unilever en Gistirocades. Ook zij dringen aan op e geheimhouding van uit commerI oogpunt gezien belangrijke ge-
ktenten en
licentie
'eel Amerikaanse geleerden vragen oor belangrijke onderzoeksresultaïn octrooi of patent aan. Dat geeft e dan het alleenrecht gebruik te laken van die resultaten. In de 'erenigde Staten (VS) is het heel ïbruikelijk dat het bedrijfsleven in He openheid flinke sommen geld eekt in bepaald universitair weinschappelijk onderzoek. (Ook in [ederland komt dit voor, maar op :n veel minder grote schaal en aak ook minder openlijk.) )eze (mede)financiering maakt het waarschijnlijk dat het bevsTiste be;n)f commercieel gebruik mag maen van de resultaten. Behalve oor de verkoop van het patent kan I eigenaar ervan aan een bedrijf let licentierecht verlenen. De bezit|r van het patent, de onderzoeker f de universiteit in dit geval, geeft
/
^?J=?^^
stelling: twee farmaceutische concerns, het Amerikaanse bedrijf „Eli Lilly" en het Britse „Boots"-concern (onder meer bekend van de Strepsils voor de keel) en een klein op recombinant DNA-onderzoek gespecialiseerd bedrijf „Biogen". De Harvard-universiteit besliste dat het patent van Gilberts' onderzoek naar Biogen ging.
Eli
y^ySfpTse^
Lilly
Eli Lilly is zeer actief op het gebied van het verkrijgen van patenten, wat niet zo verwonderlijk is. Het bedrijf controleert namelijk 80% van de Amerikaanse insulinemarkt, die goed is voor zo'n 240 miljoen gulden per jaar. De industriële produktie van het menselijk hormoon insuline door middel van bacteriën zal waarschijnlijk de eerste commerciële toepassing zijn van het recombinant DNA-onderzoek. Om z'n marktpositie te handhaven heeft het bedrijf verleden jaar al een overeenkomst afgesloten met Genentech Inc. uit San Francisco, een firma die zich net als Biogen, gespecialiseerd heeft op het recombinant DNA-onderzoek. In samenwerking met het medisch onderzoekcentrum „City of Hope" is Genentech er als eerste in geslaagd menselijk insuline door bacteriën te laten maken. Verder heeft Eli Lilly een half miljoen gulden gestoken in een onderzoeksproject over insuline-produktie door de Universiteit van San Francisco, uitgevoerd in Frankrijk.
Recombinant DNA-bedrijfjes Een aantal recombinant DNA-deskundigen hebben de voorkeur gegeven aan het opzetten van een eigen bedrijfje. Vaak is daarbij het geld gebruikt, dat ze ontvingen door de verkoop van de licentierechten van hun „veelal op Staatskosten uitgevoerd" werk. Inmiddels zijn er zo'n viJf bedrijven, die zich geheel of gedeeltelijk richten op de research ( = onderzoek) naar commercieel gebruik van genetische manipulatie technieken. Het bekendst is wel het al genoemde bedrijf Genentech, in 1976 opgezet door de DNA-onderzoeker dr. Herbert Boyer en de zakenman Robert Swanson. Het oudste bedrijf is Cetus Corporation in Berkeley (Cal.), dat al in 1971 door twee biochemici is opgericht. Eén van de Vit „Wetenschapsbeleid", getekend jongste bedrijven is het verleden jaar in Luxemburg gevestigde be''Oor Henk Gijsbers) drijf Biogen, dat onder meer opgericht is door een negental geleeran toestemming om tegen vergoe- den van beide kanten van de AtlanIrag gebruik te maken van de on- tische Oceaan. erzoeksresulaten. Tenslotte zijn er nog de twee zogei tussen de verschillende elec- naamde „Rockville bedrijven" Gelonica-concerns vindt er nu een nex en Bethesda Research Laboraacht plaats tussen (veelal Ameri- tories die in de Amerikaanse stad aanse) farmaceutische bedrijven Rockville en nog wel aan dezelfde aar het alleen-gebruik van de on- straat hun recombinant DNA-onferzoeksresuhaten op het gebied derzoek willen uitvoeren. an het recombinant DNA-onder»ek. De verschillende concerns Ondanks deze veelzijdigheid en onben zelf vaak eigen onderzoek, derlinge concurrentie van de ge»aar proberen daarnaast zoveel noemde bedrijfjes is het opmerke""gelijk „genetische manipulatie"- lijk dat de financiering van deze «tenten of licenties in de wacht te bedrijven vaak deels geschiedt door Iepen, om op dit gebied de leiden- dezelfde concerns. Zo heeft bv. het positie te gaan innemen. Voor financieringsconcern „Innoven" Ie verdere ontwikkelingen van het geld uitstaan bij Genentech en Ge«derzoek van dr. Walter Gilbert nex, terwijl de financieringsmaat'an de Harvard-universiteit naar schappij van de Canadese mijnasuhneproducerende bacteriën bouwfirma „International Nickel" ladden bijv. drie bedrijven belang- naast de volledige financiering van
(Uit „Nature", iets gewijzigd) Biogen ook nog geld gestoken heeft in Genex en Genentech.
Geheimhouding De recombinant DNA-commissie van de National Institutes of Health (NIH) in de V.S. krijgen steeds meer te maken met deze commerciële aktiviteiten rond genetische manipulatie. Tot nu toe heeft het Amerikaanse bedrijfsleven zich vrijwillig onderworpen aan de NIHrichtlijnen voor het genoemde onderzoek. Naarmate de industriële produktie van eiwitten, hormonen en enzymen in zicht komt, zijn de bedrijven steeds minder geneigd om gegevens die eventueel van commercieel belang kunnen zijn, zo maar bij de commissie op tafel te leggen. Ook voor de, door de industrie gefinancierde, universitaire projecten zal dit mogelijk gaan gelden. Gezien de vlucht in eigen bedrijfjes lijken ook wetenschappers gevoeliger te zijn geworden voor meer geheimhouding van de wetenschappelijke gegevens. Vooral de farmaceutische industrie dringt steeds meer aan op een regeling tot geheimhouding van de commercieel belangrijke gegevens. Op dit moment staat er niets met betrekking tot het fabrieksgeheim in de reglementen.
Tien
liter-grens
In de VS is het nu niet toegestaan recombinant DNA-experimenten uit te voeren met een bacterie-culture van groter dan tien liter vloeistof. Een commerciële produktie is pas mogelijk met hoeveelheden liggend tussen de 100.000 en 600.000 liter, zodat het bedrijfsleven graag over deze tien-liter grens heen wil.
Mazen in de wet Genentech heeft aangekondigd, dat — als de richtlijnen niet bijgesteld worden — ze doorgaat met grootschalige experimenten. Het bedrijf zal de NIH-commissie meedelen, wanneer men er mee start, maar Genentech zal niet meer op goedkeuring wachten. Cetus echter is van plan geen experimenten meer in de VS op te zetten, waarvan alle gegevens aan de NIH moeten worden voorgelegd, totdat de geheimhouding is geregeld. Andere bedrijven subsidiëren of laten steeds meer in de VS verboden onderzoek uitvoeren in landen met minder strenge richtlijnen: Biogen in Zwitserland, Eli Lilly in Frankrijk en International Nickel in Engeland. Deze ontwikkelingen geven de leden van de recombinant DNAcommissie van de NIH wel wat
kopzorgen. Tot nu toe waren het louter wetenschappelijke argumenten, die de basis vormden voor de versoepeling van de richtlijnen. De druk die nu vanuit het bedrijfsleven wordt uitgeoefend kan een verruiming in de hand werken, die niet goed wetenschappelijk gefundeerd is. De Amerikaans industrie is enigszins benauwd, dat er uiteindelijk een wetgeving tot stand komt, die de bedrijven verplicht alle genetische manipulatie research volgens de NIH-richtlijnen te doen. De bedrijven zijn dan ook van mening dat het onderzoek, dat ze in het buitenland laten uitvoeren, uitsluitend onder de richtlijnen van het betreffende land moeten vallen. „Het zou toch te dwaas zijn als de NIH probeert de politieagent van de wereld te spelen", aldus de directeur van Biogen. Op internationaal niveau gezien lijkt het daarom verstandig als de verschillende landen hun wetgeving of richtlijnen ten aanzien van het recombinant DNA-onderzoek op elkaar aan laten sluiten. Milieuvervuilende industrieën gaan als ze in het ene land niet aan strenge richtlijnen willen voldoen soms net over de grens zitter. Ook zouden de ontwikkelingslanden een goed toevluchtsoord zijn, als de wetgeving in de meer „ontwikkelde" landen strenger wordt.
Nederland en de geheimhouding Ook in Nederland wordt er geklaagd dat DNA-onderzoekers en industrie beter in het buitenland hun onderzoek kunnen doen. Toch zijn hier de richtlijnen voor het recombinant DNA-onderzoek al bijgesteld. Op dit moment zijn Unilever en Gist-Brocades bezig met de voorbereidingen van het veel besproken onderzoek. De geheimhouding is hier eveneens niet officieel geregeld. De huidige commissie, die belast is met het toezicht op genetische manipulatie, probeert zoveel mogelijk de geheimhouding van de commercieel belangrijke gegevens te garanderen door de benoeming van een kleine subcommissie. Deze subcommissie krijgt van Unilever of GistBrocades alle gegevens te zien van de voorgenomen experimenten. Zij vcrmt daarover een oordeel; dit wordt met gezeefde informatie voorgelegd aan de hele commissie, die uiteindelijk het advies uitbrengt.
Organon Als mogelijk belangstellende voor recombinant DNA-onderzoek is het farmaceutische concern Organon in
Angst voor gevaren van DNA-onderzoek vermindert De erfelijke eigenschappen van ieder levend wezen zijn vastgelegd in DNA-strengen. Door middel van bepaalde enzymen is het gelukt om een DNAstreng op enkele zeer speciale plaatsen „door te knippen". Daarbij kunnen onder meer kleverige DNA-uiteinden ontstaan, waar men stukjes DNA van hetzelfde maar ook van andere levende wezens tussen kan „plakken". Als er nu bijv. een stukje menselijk DNA aan het DNA van een bacterie wordt toegevoegd, dan noemt men dit recombinant DNA. De bacterie bezit dan in principe de mogelijkheid wat te gaan doen met die extra informatie. Zo is het verleden jaar september gelukt om een bacteriestam menselijke insuline te laten maken. Insuline is een hormoon, dat van belang is om de gevolgen van suikerziekte tegen te gaan. Aan dit recombinant DNAonderzoek, ook wel genetische manipulatie genoemd, zouden nog al wat gevaren kleven. Men was vooral bang dat per ongeluk of zelfs moedviillig er voor de mens allerlei gevaarlijke ziekte-verwekkende bacteriën zouden kunnen ontstaan. Discussies onder wetenschappers en niet-wetenschappers leidden er toe, dat er ten aanzien van het recombinant DNA-onderzoek strenge richtlijnen werden opgesteld. In de Verenigde Staten houdt een commissie van de National Institutes of Health (NIH, overheidsinstanties op het gebied van de gezondheidszorg) zich bezig met het opstellen van richtlijnen. In Nederland is dit de Commissie „Belast met het toezicht op Genetische Manipulatie". Op grond van de inmiddels verkregen resultaten is de algemeen heersende mening, dat de gevaren minder groot zijn dan men aanvankelijk dacht. De richtlijnen, opgesteld met het doel om het onderzoek in laboratoria te regelen, zijn en worden verder versoepeld.
Oss (dochteronderneming van AKZO-Nederland) genoemd. Volgens dr. W. Olijve, hoofd van het laboratorium van industriële microbiologie van Organon, is het bedrijf wel geïnteresseerd, maar wacht men de ontwikkelingen in ons land af. Hij verwacht dat de produktie van eiwitten en hormonen met behulp van de genetische manipulatie-technieken niet eenvoudig zal zijn: „Er wordt nogal gemakkelijk heen gewalst over de moeilijkheden om de stoffen zuiver in handen te krijgen." Zeker voor het gebruik bij de mens is deze zuiverheid van groot belang, omdat er anders allerlei vervelende bijwerkingen kunnen optreden. Dr. Olijve ziet een gebruik van de recombinant DNA-technieken veel meer zitten bij de produktie van stoffen geschikt voor veterinaire ( = dierlijke) toepassing, omdat daar de zuiverheidseisen veel lager liggen. De produktie van eiwitten op grootschalig industrieel niveau zal volgens hem aanzienlijk meer beveiligingskosten met zich meebrengen dan onderzoek op laboratoriumschaal. Organon heeft al grote vorderingen gemaakt met de commerciële produktie van puur chemisch vervaardigde kleine eiwitten, waaronder ook insuline valt. Dr. Olijve is van mening dat kleinere eiwitten waarschijnlijk goedkoper chemisch te fabriceren zijn, dan met behulp van de methode van genetische manipulatie. Hij vraagt zich dan ook af of Eli Lilly met recombinant DNA-technieken wel menselijke insuline zal kunnen produceren tegen een lagere kostprijs, dan 'met een puur chemische methode. Voor grotere eiwitten zou
Vervolg op pagina 14
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978
Ad Valvas | 504 Pagina's