Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 102

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 102

12 minuten leestijd

AD VALVAS — 13 OKTOBER 1978

10

Nieuwe struktuur voor rechtshulp tekent zich af In rechtsbulpland is 1978 tot nu toe een erg druk jaar geweest. Aan de hand van ministeriële vraagpunten is er alom gediskussiëerd over de toekomst van de rechtshulp in ons land. Advokaten, notarissen, gerechtsdeurwaarders, rechtswinkeliers, vakbondsadvokaten, juridische medewerkers van de Konsumentenbond en vele anderen hebben zich in deze diskussies gemengd. Minister De Ruiter van justitie wil de hem toegezonden gespreksresultaten nog dit jaar publiceren en tegelijkertijd zal hij dan een voorontwerp van wet op de rechtshulp openbaar maken. Zoals de kaarten op dit ogenblik liggen, zal in dat voorontwerp van wet een rechtshulpstruktuur worden voorgesteld, waarin een centrale plaats zal zijn ingeruimd voor de Buro's voor Rechtshulp, die sinds 1974 in zowat alle 19 arrondissementen van de grond zijn gekomen. Die door de overheid betaalde buro's hebben nu nog een beperkte funktie als opvang en doorverwijsinstantie voor rechtshulpzoekers en worden bestuurd door met name advokaten. Dit tot ongenoegen van de sinds een jaar of tien pijlsnel opgekomen alternatieve rechtshulpverleners zoals rechtswinkeliers en mensen van advokatenkollektieven. Het ziet er nu echter naar uit, dat met de komst van de nieuwe wet op de rechtshulp de rol van juist de alternatieve rechtshulpverleners versterkt zal worden ten koste van de rechtshulpverleners van oudsher, zoals advokaten, notarissen en gerechtsdeurwaarders.

Buro's voor

rechtshulp

De nog prille Buro's voor Rechtshulp — het eerste werd in 1974 in Amsterdam van de grond getild — zullen in de op til zijnde wettelijke regeling van de rechtshulpverlening in ons land vrijwel zeker een zeer centrale plaats gaan innemen. Daarom is het van belang te zien hoe die buro's gereageerd hebben op de door de minister rondgezonden zeven „vraagpunten inzake een nieuwe wettelijke regeling van de rechtshulp". Dat kan nu, want de Vereniging voor Medewerkers van de Buro's voor Rechtshulp (L.O.K.) heeft zojuist zijn visie gepubliceerd onder de titel „De toekomst van de rechtshulp op korte termijn". Volgens het L.O.K. moet de nieuwe wettelijke regeling van de rechtshulp zich vooral richten op de sociaal-ekonomisch zwakkeren en dus in het voetspoor treden van de alternatieve rechtshulpverleners. Maar omdat de nieuwe wet op de rechtshulp nog wel enige tijd op zich zal laten wachten, moeten er, zo meent het L O.K., vooruitlopend daarop al een reeks maatregelen getroffen worden om de rechtshulp voor de sociaal-ekonomisch zwak-

doorPiet

van

Asseldonk

keren gemakkelijker bereikbaar te maken. Daartoe rekent men dan allereerst een versterking van de buro's voor rechtshulp zonder die te veel in bürokratische zin te laten uitdijen. Of die versterking erin zit, is echter sterk de vraag, want ook het ministerie van justitie moet in deze tijd van bezuinigingen op elke cent letten. Sprekend over de eigen centrale plaats in het toekomstig rechtshulpbestel stellen de medewerkers van de buro's voor rechtshulp vast, dat de rechtshulp zonder meer gratis dient te zijn voor mensen die de hulp zelf niet betalen kunnen en ze voegen daaraan toe, dat via gemakkelijk toegankelijke buro's voor rechtshulp — bij voorkeur uitgebreid met wijkposten — iedereen zonder veel poespas en administratieve rompslomp rechtshulp moet kunnen inroepen. Een omstreden punt is de vraag of de buro's voor rechtshulp in de nieuwe wet alleen maar informatie-, advies- en doorverwijsinstantie zullen blijven of dat ze ook de kans krijgen aan kliènten procesbijstand te verlenen en dus naast de eerstelijnshulp ook af en toe de tweedelijnshulp ter hand zullen nemen. De medewerkers van de buro's voor rechtshulp willen deze mogelijkheid beslist gerealiseerd zien en weten daarbij de alternatieve rechtshulpverleners en de vakbeweging aan hun kant, maar de advokatuur tegenover zich. Overigens zal het duidelijk zijn dat een buro voor rechtshulp niet tegelijktertijd feitelijke procesbijstand kan verlenen aan twee van zijn klienten, die tegen elkaar willen procederen. Maar daar is ook niet zoveel kans op, omdat de wederpartij van financieel zwakke rechts-

Orde van advocaten richt zich naar de sociale rechtshulp De ongeveer 3000 Nederlandse advokaten die zgn verentgd in de Orde van Advocaten hebben nu ook zeer nadrukkelijk de steven gewend naar rechtshulpgebieden, die zij om financieel-ekonomische redenen lange tijd stiefmoederlijk hebben bedeeld. Daarbij moet men denken aan het huurrecht, bepaalde onderdelen van het familierecht, het arbeidsrecht en het sociale verzekeringsrecht. Op de 29 september in Breda gehouden jaarvergadering van de Nederlandse Orde van Advocaten is niet voor niets gesproken over „sociale zekerheid en de taak van de advokaat". De orde wil voorkomen, dat zij op deze gebieden definitief nog meer terrein verliest aan de alternatieve hulpverleners en aan de kleine groep meer sociaal-politiek bewogen advokaten binnen de orde Dat zijn voornamelijk een groep jonge advokaten en leden van advokatenkollektieven. In zijn jaarrede wees de deken van de Orde van Advocaten, mr. Max Rood, op de sterk gegroeide verscheidenheid in rechtsbulpland en verzette hij zich tegen het onderscheid tussen sociale en commerciële rechtshulp. Dat sociale advokaten en rechtshulpverleners „aan anderen zouden denken en commerciële advokaten slechts aan zichzelf", noemde mr. Rood „een absurde redenering". Oi*ieuw is tijdens de jaarvergadering van de Nederlandse Orde van Advocaten- gewezen Qp_ de tekort - .

schietend? universitaire rechtenstudie als voorbereiding op een goede beroepsuitoefening van de advokaat. Volgens de orde moet er snel een speciaal op de advokatuur gerichte postakademiale studie voor juristen komen, die dan door de overheid gefinancierd moet worden. De tegenwerping van de regering, dat de advokatuur die vervolgopleiding maar zelf moet betalen, omdat advokaten immers een vrij beroep uitoefenen, is door de advokaten van de hand gewezen, omdat de overheid ook geld steekt in de specialistische beroepsopleidingenen van andere vrije beroepsuitoefenaren zoals artsen en apothekers. Intussen gaat de orde in eigen kring verder met het geven van kursussen en het aansporen van de advokaten om zich te specialiseren. Het geldende verbod voor advokaten om zich als specialist in bepaalde rechtsgebieden te afficheren wordt nader onderzocht en besproken. ,.B.

. . . . . . . . . . .

,.

(.P^ViAt).

hulpzoekers veelal de overheid is of een groot bedrijf en instelling. Een konfliktpunt tussen de gevestigde advokatuur of balie aan de ene kant en de alternatieve rechtshulpverleners en de medewerkers van de buro's voor rechtshulp aan de andere kant vormt ook de toekomstige bestuursstruktuur van die zo belangrijke buro's voor rechtshulp. Dat die instellingen, gefinancierd door de overheid, van diezelfde overheid volstrekt onafhankelijk zullen moeten blijven, is—iedereen duidelijk. Maar dan stelt zich de vraag of de huidige overheersende invloed van de gevestigde advokatuur op het reilen en zeilen van de buro's voor rechtshulp gehandhaafd moet blijven. De advokaten menen eigenlijk van wel, maar de alternatieve rechtshulpverleners en de huidige medewerkers van de buro's voor rechtshulp vinden dat de invloed van de alternatieve rechtshulp en die van een aantal sociaalmaatschappelijke instellingen in het bestuur van de buro's voor rechtshulp vergroot dienen te worden.

Scheiding Als het aan de buro's voor rechtshulp ligt, komt er in de nieuwe wet op de rechtshulp ook een strikte scheiding tussen de gratis, de gefinancierde rechtshulp aan de ene kant en de kommerciële rechtshulp aan de andere kant. De gefinancierde rechtshulp zal dan uitsluitend verleend dienen te worden via tussenkomst van de buro's voor rechtshulp, die daartoe de eigen medewerkers en de zich daarvoor aangemelde advokaten en andere rechtshulpverleners kan inschakelen. Mensen die niet in aanmerking komen voor gratis rechtshulp zullen zich overigens ook bij de buro's voor rechtshulp kunnen vervoegen voor advies en doorverwijzing, maar de rechtshulpverlening in de commerciële sfeer (die tussen bedrijven, belastingzaken en dergelijken) zal apart blijven staan. De Orde van Advocaten voelt niet zo veel voor zulk een strikte scheiding. Vooral ook niet, omdat de gevestigde advokatuur daardoor wellicht teveel in de elitaire, kommerciële hoek geplaatst wordt of blijft. En de orde is juist de laatste tijd gaan benadrukken — tegen de verwijten van de alternatieve rechtshulpverleners in — dat zij wel degelijk in is voor de sociale rechtshulpverlening aan gewone mensen. Uit deze stellingname van de medewerkers aan buro's voor rechtshulp blijkt intussen overduidelijk, dat zij zich ten aanzien van de vraagpunten rond de nieuwe wet op de rechtshulp aan de kant van de sociale, de alternatieve rechtshulpverleners geplaatst hebben.

Tegenstellingen De tegenstellingen en problemen tussen de alternatieve rechtshulpverleners aan de ene kant en de gevestigde advokatuur aan de andere kant zijn duidelijk. De minister heeft met veel belangen rekening te houden. Hij zal er in zijn komende wet op de rechtshulp toch met omheen kunnen een wettelijk gevolg te geven aan de feitelijk gegroeide realiteit, die een versterking toont van de alternatieve rechtshulpverleners ten koste van de gevestigde rechtshulpverleners als advokaten, notarissen en gerechtsfieurwaarders. Het dient overigens nog eens benadrukt, dat de balie na de opkomst van de rechtswinkels steeds meer aandacht heeft gekregen voor de sociale rechtshulpverlening en de leemte in de rechtshulp op dit punt. Maar de tegenstellingen zijn nog niet verdwenen. De nieuwe struktuur van de rechtshulpverlening zal het sinds het ontstaan van de rechtswinkels al aangetaste alleenvertoningsrecht van de advokatuur verder ondergraven. Met de opkomst van de buro's voor rechtshulp als advies- en doorverwgsintentie dreigen verder de rechtswinkels? idle- als -eerste weren-

op de leemte in de sociale rechtshulp, min of meer overbodig te worden, al zullen zij een funktie kunnen behouden als wijkgebonden en politiek aktivistische juridische hulppost. De zich aandienende rechtshulpstruktuur kan tenslotte de sluimerende tegenstellingen tussen de rechtshulpverleners van instellingen als de Konsumentenbond en de vakbeweging en de overige rechtshulpverleners uit de wereld helpen. De Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV), die zijn 1 miljoen leden kosteloze rechtsbijstand biedt, heeft bijvoorbeeld al laten weten „best mee te willen draaien" in de buro's voor rechtshulp, als alle gewone mensen daar tenminste gemakkelijk voor gratis rechtshulp terecht zullen kunnen.

Botswana Botswana heeft zowat de omvang van Frankrijk en ongeveer net zoveel inwoners als de gemeente Amsterdam. Het wordt aan alle zijderi begrensd door apartheidsstaten, behalve in het nood-oosten, waar het land een klein stukje van Zambia raakt. Dat nu is bepalend voor de regeringspolitiek en dat is het ook altijd geweest. De voorouders van de huidige inwoners zijn pas een dikke eeuw geleden naar Botswana gekomen, toen zij zich door gedurige stammenoorlogen en het opdringen van de blanken niet langer in het huidige ZuidAfrika konden handhaven. Een opperhoofd, Khama, nog steeds geëerd als de Grote, wi'st door een handige politiek zowel de Zuid-Afrikanen als vijandige zwarte volkeren op een afstand te houden. In dat kader moest hij wel toestaan, dat Engeland een protectoraat in zijn gebied vestigde en het heeft tot 1965 geduurd, voor het zich terugtrok. De huidige president, Sir Seretse Khama, inderdaad een kleinzoon van Khama de Grote, ziet zich dan ook gedwongen een omzichtige politiek te voeren. Terwijl hij de apartheid krachtig veroordeelt en de slachtoffers van dat systeem vaak politiek asiel verleent, staat hij geen anti-blanke acties vanuit het grondgebied van zijn land toe. Ook verzet hij zich niet tegen de talrijke Zuidafrikaanse investeringen. De politiek van Botswana lijkt dan ook wat op die van het door een radicaler bewind geregeerde Mozambique. Ook dat land schuwt economische contacten met ZuidAfrika niet. Botswana kent als een van de weinig staten in Afrika geen éénpartij-systeem. De grondwet is gemodelleerd op die van Groot-Brittanni'é en er bestaat dan ook een reeks oppositiepartijen, die allen legaal zijn, maar het bij verkiezingen niet zo goed doen. Sir Seretse's Botswana Democratie Party bezit een overweldigende meerderheid in het parlement. De enige oppositie met groeikansen wordt geboden door de marxistische Botswana People's Party die zich een sterke positie heeft opgebouwd in en rond de mijnstad Fraficistown. De economie van Botswana berust op twee pijlers: de veeteelt en de mijnbouw. De mijnen worden geëxploiteerd door buitenlanders en dan met name door het Zuidafrikaanse De Beers-concern. Het

De FNV wil zijn leden dus even tueel wel de rechtshulp verlencD via de buro's voor rechtshulp, om aldus de eenheid en overzichtelijk heid in rechtsbulpland te helpej bevorderen. Ook de Konsumentenbond, die ell jaar 45.000 juridische ^klachten handelt, heeft al aangedrongen gratis rechtshulp via de buro's voor rechtshulp. Hoe de nieuwe wet op de rechtshulp er ook uij zal zien, duidelijk is dus al wel, dat de spil van toekomstige rechtshulp niet meer het advokatenburo, maar het buro voor rechtshulp zal zijn. Zo groeit er in Nederland een nieuw rechtshulpbestel, nadat no[ geen tien jaar geleden de rechtswinkels de kat de bel aanbonden en wezen op de grote leemten in de rechtshulpverlening. (GUPD, Tilburg}

Vervolg van pagina 7 bezit van de kudden is zeer ongelijk verdeeld: een kleine groepen rijken bezit het grootste deel van de koeien, behalve in de vleesverwerkende sector. President Seretse Khama en zijn partij staan sociale hervormingen voor, maar wel in een zeer voorzichtig tempo. De president bevordert community development zonder van iemand het recht op eigendom aan te tasten. Wel heeft de regering de macht van de stamhoofden stevig beknot. Deze categorie is een beetje te vergelijken met de Europese adel ir, het begin van de negentienr''' eeuw. De hoofden bezitten bepaalde rechten en bevoegdheden, terwijl ze in de hoofdstad Gaborone een soort Hogerhuis bemannen. Hun belangrijkste recht heeft Sir Seretse hen echter ontnomen: het verdelen van het communale land. Ook het Hogerhuis is weinig invloedrijk. Het heeft enige zeggenschap in zaken, de opperhoofden betreffende. De „adel" van Botswana is overigens geen politieke monoliet. Eén vooraanstaand stamhoofd zet zich zelfs al jaren in voor de linkse Botswana People's Party. Een voornaam punt van politieke actie zijn de grote aantallen buitenlanders die de particuliere en overheidsinstellingen gaande houden. De publieke opinie eist, dat de regering hier méér mogelijkheden schept voor de burgers van Botswana zelf en de oprichting van de University of Botswana, Lesotho en Swaziland vindt niemand voldoende. Men zou dus het samenwerkingsproject van de universiteit met de VU kunnen beschouwen als een belangrijk succes van die publieke opinie In hoeverre het volk even geduldig zal blijven als Sir Seretse is echter een open vraag Botswana is doodarm en de weinige rijkdom zeer ongelijk verdeeld. Met name in de steden treedt het sociale vraagstuk in al zijn gruwelijkheid aan de dag. Het is niet voor niets, dat de kiezers van Francistown hun vertrouwen in de marxisten gesteld hebben. Ook bestaan er stammentegenstellingen. Sir Seretse beschuldigt de oppositie er graag van daarop in te spelen en wie weet, heeft hij wel gelijk. Maar ondanks dit alles is Botswana toch een toonbeeld van stabiliteit in het door twisten verscheurde Afrika.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 102

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's