Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 453

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 453

13 minuten leestijd

AD VALVAS — 1 JUNI 1979

Na jarenlange in Commissie

diskussie van

13

nu

overeenstemming

Overleg

Inzage in eigen persoonsdossier mogelijk gemaaict Tussen werkgevers en vakorganisaties aan de VU is overeenstemming bereikt over een regeling voor het recht van personeelsleden om hun eigen persoonsdossier in te zien. Vanaf 1 september heeft iedere werknemer aan de VU de mogelijkheid inzage te krijgen van de op hem of haar betrekking hebbende stukken, die bewaard worden in het centrale archief bij Personeelszaken. Zo nodig kan het betreffende personeelslid commentaar leveren; dit wordt dan bij de stukken in het archief gevoegd, en aan de betrokkene wordt mededeling gedaan van wat er met het commentaar is gebeurd. Tot nu toe was het voor werknemers van de VU niet zonder meer mogelijk het eigen persoonsdossier in te zien. De nieuwe regeling is het resultaat van een discussie die over een periode van jaren is gevoerd in de Commissie van Overleg, het orgaan waarin de vakbonden spreken met de werkgevers aan de V U (het college van bestuur van de universiteit, en de directie van het ziekenhuis). De letterlijke tekst van de regeling is te vinden in de mededelingenrubriek van deze Ad Valvas, onder „personeelszaken". Recht op inzage van het eigen dossier wordt al sinds jaren door de vakorganisaties aan de V U bepleit; het wordt door hen gezien als een vanzelfsprekend onderdeel van de mondigheid van de werknemer. Al in 1977 werd hierover in de Commissie van Overleg gediscussieerd door Anneveld (NCBO) en Van der Berg (ABVA). Van werkgeverszijde hield men eerst de boot nogal af. Eén van de argumenten van deze kant was, dat het een psychische druk voor personeelsleden zou kunnen betekenen, om te weten wat er over hen in het dossier zou staan. Bijvoorbeeld, als de personeelschef hoge verwachtingen van iemand in een beoordelingsformulier zou hebben neergeschreven, dan zou de betrokkene onder druk komen te staan om ook inderdaad aan die verwachtingen te voldoen. Een tweede argument was, dat in het dossier van meneer A ook wel eens informatie zou kunnen zitten over meneer B, die meneer A niet zou mogen zien ter bescherming van de privé-sfeer van meneer B. Tenslotte vroeg men zich af of er überhaupt wel aan andere universiteiten of hogescholen dergelijke inzageregelingen bestonden. Inhakend op dit laatste heeft de ABVA-VU-groep zich beijverd om, via de kontakten binnen de ABVAhoofdgroep Wetenschappelijk Onderwijs en Academische Ziekenhuizen, voorbeelden van zulke inzageregelingen te verzamelen. Die voorbeelden werden gevonden bij de TH Delft, de Erasmus Universiteit in Rotterdam en Amsterdam, waar niet alleen voor de UvA, maar voor het hele gemeentepersoneel een inzageregeling bestaat. Uil deze verschillende regelingen stelde de ABVA-VU een mix samen, die vervolgens, in het voorjaar van 1978, aan de Commissie van Overleg werd voorgelegd. Van de werkgeverskant kwam hierop de toezegging, dat de V U een eigen „werkbare" regeling zou opstellen. Uiteindelijk leverde dit een voorstel op, waarin het ABVA-ontwerp vrijwel geheel was overgenomen. Hierover kon men het dan ook snel eens worden in de Commissie van Overleg.

Loopbaanbeleid Drs. Kick van der Pol (economische faculteit), die deze zaak voor de ABVA in de CvO heeft behan-

Hans

Schumacher

deld, plaatst de kwestie van de inzage van de persoonsdossiers tegen een bredere achtergrond. „Als één van zijn prioriteiten stelt de ABVAVU: de ontwikkeling van een loopbaanbeleid. Dat wil zeggen, dat Personeelszaken zelf actief te werk moet gaan bij bevorderingen e t c , zonder alleen maar af te wachten wat er voor voorstellen uit de faculteiten en de diensten komen. Dat betekent dat er beleid gemaakt moet worden op basis van de in het centraal archief aanwezige stukken. Een heel belangrijk punt

Met het bekijken van het dossier zal men in ieder geval moeten wachten tot 1 september, de ingangsdatum van de nieuwe regeling. Nadat er schriftelijk of telefonisch een afspraak gemaakt is, kan men dan samen met een medewerk(sf)er van PZ het dossier lichten. Inzage kan geweigerd worden van stukken, of gedeelten van stukken, die ook betrekking hebben op anderen; maar zo'n weigering moet altijd met redenen worden omkleed, en de betrokkene kan ertegen in beroep gaan. De betrokkene mag ook kopieën maken van de stukken uit zijn dossier. Verder kan hij commentaar leveren op de stukken; P Z is dan verplicht dit commentaar op een of andere manier te verwerken (in ieder geval, het ook in het dossier op te nemen), en de betrokkene mee te delen wat er met zijn aanmerkingen is gebeurd.

Kritiek op vragenlijst over {(inderopvang Namens het Interfacultair Vrouwenoverleg en de SRVU line Ketel en Mirjam van Poelgeest het volgende:

schrijven

Jacque-

„Via Ad Valvas en een brief van het ITSWO is de VU-bevolking opmerkzaam gemaakt op een vragenlijst, bedoeld als behoeftenonderzoek naar kinderopvang op de VU. Nu dachten wij, dat zo'n behoeftenonderzoek eigenlijk niet meer nodig was, omdat de behoefte aan kinderopvang al duidelijk gebleken was bij een handtekeningenaktie. Maar goed, het is misschien wel interessant om inzicht te krijgen in de behoefte op een termijn van vijf jaar. We waren echter zeer verbaasd over de manier waarop dit onderzoek verricht wordt. Toekomstige gebruikers moeten hun vragenlijst zelf gaan ophalen en alle niet-inzenders worden als niet-gebruikers aangemerkt. Een hoogst ongebruikelijke manier om een onderzoek te verrichten. Er wordt op deze manier geen rekening gehouden met mensen, die juist omdat er geen kinderopvang is niet aan de V U studeren of werken. Door de opstelling van de brief wordt de indruk gewekt, dat een negatief resultaat wordt nagestreefd. Vooral echter toen wij de vragenlijst onder ogen kregen begonnen we te twijfelen. Allereerst wordt er in het onderzoek ai van een aantal feiten uitgegaan, zoals de prijs. Deze is alvast hoger gesteld dan de huidige door CRM gehanteerde schaal, omdat deze „t.z.t. meer de realiteit zal benaderen". Alsof er niet in het hele land aktie gevoerd wordt tegen deze verhoging! De grootste bezwaren rezen echter toen wij de vragen gingen bekijken. In deze vragenlijst staat een groot aantal vragen, die met een behoeftepeiling niets te maken hebben en potentiële inzenders alleen maar af kunnen schrikken. Waarom is het bijvoorbeeld nodig om naast naam en adres ook nog je registratienummer in te vullen? Een zogenaamde betrouwbaarheidscontrole? Bovendien hebben alleen studenten een registratienummer, zodat het argument van 'n betrouwbaarheidscontrole al direkt op losse schroeven komt te staan. Zoiets komt uitermate onsympathiek en overbodig over. Het invullen van een afstudeerdatum is ook niet relevant. Degene,

Advertentie

^ „EUROMED" é Medische Instrumenten Praktijkinrichtingen voor artsen. Roerstraat 46 — Telefoon 020-736195 — 1078 LR

Amsterdam

Medische instrumenten, Diagnostische apparatuur van Heine en Welch — Allyn, Bloeddrukmeters, Stethoscopen voor gebruik bij volwassene ook speciale stethoscopen voor gebruik in de kindergeneeskunde. Praktij kinrichtingen.

in de nu afgesproken regeling is dan ook, dat vastgelegd is dat besluiten over de rechtspositie van personeelsleden in principe alleen worden genomen op basis van de gegevens in het centrale persoonsdossier. Daarmee is een duidelijk en vast uitgangspunt gekozen. Ook de individuele werknemer kan nu precies weten waar hij aan toe is. Als er iets verkeerd staat in het dossier kan hij dat proberen te herstellen, zo nodig in samenwerking met de bond. Ik zou dan ook iedereen die daar enigszins aanleiding toe ziet, aan willen raden het doss;er te checken," aldus Kick van der Pol.

Studenten speciale korting.

die de lijst invult kan zelf beoordelen of zij of hij op een bepaalde termijn behoefte heeft aan kinderopvang en dan nog aan de VU verbonden is en dus de desbetreffende vraag bevestigend invullen. Bovendien kan het al dan niet aanwezig zijn van kinderopvang de afstudeerdatum beïnvloeden. Vragen of de eventuele gebruiker al dan niet gehuwd is of samenwoont en vragen naar de werk-

Terugblik op PVU had ook wel anders gekund De heer P. C. van Donselaar, medewerker aan de VU, schrijft ons: „Ter gelegenheid van het feit, dat de PVU 25 jaar bestaat heeft Simon Kooistra een gesprek gehad met het erelid de heer J. Knol en de heer G. M. Logjes (zie Ad Valvas van 18 mei 1979). Ik betreur het dat op zo'n negatieve wijze door Knol op de PVU wordt teruggeblikt. Er is waarachtig wel betere informatie over de 25-jarige PVU te verstrekken. Ik betreur deze negatieve teneur des te meer omdat hier iemand aan het wdord is, die pim. 23 jaar bestuurslid is geweest van de PVU, en dus een schat aan goede PVU-herinneringen op tafel had kunnen leggen. Naar mijn gevoel kan Knol beter bedanken voor zijn erelidmaatschap en zijn adviseurschap neerleggen." (Over die terugblik nog dit: De genoemde smulpartijen betroffen feesten van de PVU en niet de eeuwviering van de Vereniging, Red.)

Abortusbeleid AZVU Vervolg van pagina 7 gezin in het geding komen" (Stelling 8). „Een categorisch afwijzen van abortus arte provocatus is niet in overeenstemming met wat Christus heeft geleerd. In een collisie (botsing, red.) van plichten kan wat ongehoorzaamheid lijkt te zijn . . . . in feite een daad van gehoorzaamheid zijn . . . . Christus heeft op vele plaatsen het ongenuanceerde gebod (juk) aan de kaak gesteld en genuanceerd handelen (vanuit het gebod van de liefde) gepredikt. Persoonlijk ervaar ik dat, als ik lees hoe Jezus als jongen „ongehoorzaam" is als hij in de tempel achterblijft . . . ., als uilzondering op de regel acceptabel te zijn . . ." (Stelling 9). „Als blijkens zorgvuldig onderzoek dc'vrouw c.q. het echtpaar niet in staat blijkt te zijn om „afstand te doen" mag dit niet worden opgedrongen en dient dit feit bij de evakialie van draagkracht versus draaglast verdisconteerd te worden" (Stelling 17). Aanleiding voor het verzoek van ziekenhuisbestuur en -direktie in 1^73 was de vraag of de afdeling verloskunde en gynaecologie bezwaar had tegen medewerking aan een enquête over abortus die door B. en W. van Amsterdam was geprojektcerd. De bestuursnotulen zaamheden van de eventuele partner zijn eveneens volstrekt overbodig. Als je wantrouwend bent kun je je afvragen of dergelijke informatie niet misbruikt wordt, b.v. als selectiecriterium, en als je dat niet bent kun je je niet voorstellen wat het ITSWO met dergelijke gegevens wil doen. Het zijn privc-gcgcvcns van Potentiale gcbruikcis en deze gegevens hebben niets te maken met het doel van dc vragenlijst, n.l. peiling van de behoefte aan kinderopvang. En een vraag in hoeverre kinderopvang op de VU een alternatief is voor andere kinderopvang kan alleen maar gebruikt worden om op grond daarvan een oordcel te vellen (laat oma maar op dc kinderen blijven passen). Mensen, die willen dat er kinderopvang op de VU komt, zijn gedwongen deze lijst in te vullen. Zij hebben er recht op, dat er zo min mogelijk afstotende of in de privésfeer liggende vragen gesteld worden. Een oplossing voor deze problemen zou zijn om alle niet relevante vragen te schrappen. Dat spaart ook nog tijd bij de verwerking van de lijst. Mensen, die deze vragen niet willen beantwoorden, kunnen dan toch hun vragenlijst inleveren. Wij hebben inmiddels een brief naar het ITSWO en naar dc Werkgroep Kinderopvang geschreven, waarin wij deze oplossing naar voren brengen. We roepen verder iedereen die zichzelf als toekomstige gebruiker beschouwt op om deze vragenlijst (zonder de vragen 2 t/m 7, 10 t/m 16, 34 en 35 te beantwoorden) in te sturen.

Vervolg van pagina 3 heidje "duidelijk over het hoofd gezien. De grote spreiding over de kandidaten daar is de onafhankelijken opgebroken, zodat het DAK met de zege kon strijken. Overigens ligt het iets gecompliceerder (zie analyse en kommentaar). Het voordeel van fraktievorming, met duidelijker politieke profilering, heeft het DAK dit keer ook geen windeieren gelegd. Bob is teleurgesteld over de slechte opkomst van TAS en studenten. Hij weet er zo gauw geen verklaring voor. Misschien hebben de mensen aan het steeds meer op gang komende werkoverleg genoeg, maar dat is maar speculatie. TAS-onafhankelijke Ruud Burggraaf geeft als één mogelijke verklaring voor het slechte resultaat van de onafhankelijke TAS de omstandigheid, dat de kandidaten van deze groep zich niet voldoende inhoudelijk hebben gepresenteerd aan de kiezers Zij misten een gezamenlijk programma waarmee ze de boer op konden.

over de bespreking van wat prof. Janssens op papier had gezet vermelden dat er „met bijzondere belangstelling" van werd kennisgenomen. De instelling van een ziekenhuiscommissie medische ethiek later in dat jaar deed ziekenhuispredikant ds. Van Buuren blijkens de bestuursnotulen verheugd opmerken dat het goed was dat er zo'n commissie tot stand was gekomen. Juist over zaken als abortus, „waarover binnen het huis verschillend gedacht wordt", kan zij een belangrijke rol vervullen.

Advies Twee jaar later — 1975 dus — besluit het bestuur op voorstel van ds. Van Buuren de stellingen van prof. Janssens voor advies naar de commissie medische ethiek te zenden. Begin dat jaar had de hoogleraar in een brief aan ziekenhuisbestuur en -direktie er nog een vijftal vragen en antwoorden, door hem gegeven, aan toegevoegd. Dc vragen waren tijdens colleges en met studenten gevoerde diskussies over zijn stellingen naar voren gekomen. In zijn antwoorden daarop zegt prof. Jansse o.m. dat dc Nederlandse strafwet volgens hem niet behoeft te worden gewijzigd, omdat een arts die na zorgvuldige overwegingen aborteert niet strafbaar is. „Het is juist dat abortus provocatus in beginsel als ontoelaatbaar wordt aangegeven" en „Diegene die dc regels van zijn vak en vakbekwaamheid (als medicus, red.) volgens algemeen geldend recht goed hanteert (kan) in uitzonderlijke situaties geen verwijt gemaakt worden". Prof. .Tan.s.sens nu: „Daar blijf ik op staan, hoewel ik mij er niet meer zo uitvoerig mee heb beziggehouden. Ik kan er wel vrede mee Itcbbcn dat men de wet wijzigt, maar ik geloof nog steeds dat dat niet nodig is. Ik denk dat velen die wetswijziging wensen wel eens wat te weinig rekening houden met wat dc wet nu zegt: dat het ongeboren leven ook beschcrmenswaardig is en dat liet niet alleen om de nood van de ongewenst zwangere vrouw gaat."

Barmhartigheid Dc commissie medische ethiek brengt haar advies uit in mei 1977. Zij blijkt in te stemmen met de lijnJansscns. „Dc zin van alle geboden is: het bewijzen van barmhartigheid" en daarom, zo stelde dc commissie, mag het toepassen van de abortus arte provocatus in een noodsituatie niet als een overtreding van Gods geboden worden gezien. „Die noodsituatie kan gelegen zijn zowel in de lichamelijke, de geestelijke als dc sociale gesteldheid waarin de zwangere verkeert." De commissie meent dat de besluitvorming, waarbij het „zeer gewenst" kan zijn anderen als een maatschappelijk werkster, psycholoog, pastor of huisarts te betrekken, tenslotte zou moeten uitmonden in een gesprek tussen de vrouw-aanvraagster en het voor de eventuele abortus-ingreep aangewe- > zen gynaecoloog-staflid. De laatste „neemt de uiteindelijke beslissing in eigen verantwoordelijkheid." Het commissie-advies, waaraan verscheidene bijeenkomsten waren gewijd voordat het werd uitgebracht, werd spoedig daarna in het voorlichtingsblad van het ziekenhuis „Op de Hoogte" gepubliceerd. Behalve dat enkele commissieleden positieve reakties hadden gekregen, kwam er o p de publicatie zelf geen enkele schriftelijke reaktie binnen. Het tolerante abortusbeleid was een algemeen aanvaarde zaak. * Prof. Janssens wenst de volgende tekst bij dit artikel te zien afgedrukt: „Prof. dr. J. Janssens stelt er prijs op uitsluitend weer te geven hoe het abortusbeleid was t.t.v. zijn hoogleraarschap; hij wil op geen enkele wijze in diskussie treden met degenen die nu het beleid bepalen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 453

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's