Ad Valvas 1978-1979 - pagina 302
AD VALVAS — 2 MAART 1979
Vervolg van pagina 1
Coördinatie
heid van het bestuurUjk functione ren. „De slagvaardigheid van het universitaire bestuur wordt belem merd door de rolverdeling tussen bestuurs en adviesorganen zoals die in de praktijk gestalte heeft ge kregen".
De rolverdeling tussen de verschil lende WUBorganen wreekt zich volgens de evaluatieexperts ook bg de coördinatie van de verschillende bestuursniveaus. Allereerst wordt opgemerkt dat de samenwerking tussen de bestuurslagen nogal eens bemoeilijkt wordt doordat facultei ten en vakgroepen zich op hun autonomie beroepen.
Nadrukkelijk wordt hierbij gewe zen op het bestaande „wankele evenwicht in de bevoegdhedenafba kening" tussen College van Bestuur enerzijds en UR aan de andere kant, waardoor er te vaak een „competitiestrijd" tussen beide or ganen ontstaat, die naar de mening van de commissiePolak leidt tot „antagonistische verhoudingen, die weer doorspelen in het verdere be stuursproces". Bovendien profiteert de UR te weinig van het werk dat al in verschillende voorbereidings vergaderingen in commissies is ge daan en wordt er „te weinig schei ding gemaakt tussen hoofd en bij zaken". Het komt de commissiePolak te vens ondoelmatig voor, dat het College van Decanen te weinig ge stalte kan geven aan zijn advise rende taak. Immers, aldus het rap port, we hebben hier te maken met „het wetenschappelijk geweten van de universiteit" dat bovendien als overlegorgaan van de subfacultei ten zou moeten fungeren, mede ten behoeve van het universitair bestuur. De onafhankelijke en toch ook centrale positie van het Deca nencollege mag dan in het verle den weliswaar met veel argwaan bekeken zijn, tóch staat de com missiePolak ook nu nog op haar al veel eerder ingenomen stand punt, dat er bij de uitoefening van de taken van dit College „geen sprake kan zijn van enige onder schikking".
„In situaties waarin de bevoegdhe denafbakening tussen het midden en het basisniveau leidt tot een wankel evenwicht," voegt het rap port hieraan toe, „snijdt men — ter voorkoming van conflicten —
Prof dr. J M Polak, voorzitter van de cie voor de bestuursher vorming. de moeilijk liggende problemen liever niet aan; dat heeft soms een verlammend effect op het bestuur. Uitstel van besluitvorming wordt dan gehanteerd als een middel om problemen op te lossen". De Com missie stelt dat het in de WUB on voldoende geregeld is. De Commissie vindt de WUB in
i
Forse kritiek op de W
die zin onvolledig, dat hogere or ganen te weinig ruimte wordt ge boden om stagneringen in besluit vormingsprocessen op lager be stuursniveau te doorbreken. „Het repressief en preventief toezicht biedt," zo luidt de conclusie dan ook, „op zich onvoldoende moge lijkheden om conflicten op te los sen en de patstellingen in de be sluitvorming te doorbreken". Daarnaast meent het rapport dat er een „versplinterende machtsver houding" over de verschillende ni veaus bestaat, waardoor onderlinge afstemming tussen beslissingen over financiële middelen en beslui ten over onderzoek en onderwijs programma's onvoldoende tot zijn recht komt. Er bestaan in feite drie ten dele gescheiden besluitvor mingscircuits, zo vindt de commis siePolak: over personele, materiele en financiële middelen, over onder wijs en onderzoeksprogramma's en over de instroom van studenten in de verschillende fasen van de stu die. Zoals reeds hierboven gemeld, is het de Commissie verder een doom in 't oog, dat het innovatieve ver mogen van de universiteiten erg ge ring is: „In de regel is de WUB structuur goed uitgerust om lopen de zaken en meer routinematige onderwerpen te behartigen. Zodra het om vernieuwing gaat (innova tie) blijkt het een stuk moeilijker te gaan". Het gebrek aan innovatief vermo gen van de universiteiten heeft de
Verkiezingen universiteitsraad en (sub/inter)faculteitsraden 1979 Kiesregister Tot a.s. dinsdag 6 maart 11.00 uur bestaat nog gelegenheid om de juistheid en volledigheid van het kiesregister te onderzoeken. U doet er goed aan die gelegenheid te be nutten, zeker als er plannen zijn om XL kandidaat te stellen. Ad Valvas van 23 februari j.1. geeft op pagina 6/7 een opsomming van de adressen waar iedere kiezer zich voor inzage in het kiesregister kan vervoegen. Verzoeken om verbetering of aan vulling van het kiesregister moeten de kiescommissie •— adres hoofd gebouw kamer 2D26 — uiterlijk 6 maart a.s. om 12.30 uur v.m. heb ben bereikt. Over wijziging van het kiesregister beslist de kiescommissie zo nodig op vrijdag 9 maart 1979 te 15.00 uur in kamer 2D11, hoofdgebouw. Afschriften van verzoeken om ver betering van het kiesregister en be roepschriften liggen ter visie op het Informatiecentrum hoofdgebouw lD03.
Verkiezings gedelegeerden De afzonderlijke (sub/inter)facul teiten beschikken over verkiezings gedelegeerden die de schakel vor men met de kiescommissie. Als gedelegeerden treden op: voor godgeleerdheid: drs. W. Bak ker; voor rechtsgeleerdheid: mr. J. J. R. Polman; voor geneeskunde: J. L. Brosky en dr. J. Elema; voor tandheelkunde: mw. G. R. Nie rieijer en mw. E. Spaan; voor na tuur en sterrenkunde: drs. A. L. Ellermeijer en J. Knol; voor wis kunde: drs. A. D. M. Kester; voor scheikunde: mw. B. Hoegee, dr. J. de Jong en W. H. Voogt; voor biologie: dr. J. T. Goldschmeding; voor geologie en fysische geografie: F. Schalkwijk; voor klassieke taai en letterkunde: prof. dr. C. Date ma; voor geschiedenis: dr. G. J. Schutte; voor Engelse taal en let terkunde: drs. P. J. de Voogd; voor Franse taal en letterkunde: drs.
H. Verdaasdonk; voor Duitse taai en letterkunde: drs. G. J. Jaspers en drs. J. W. van Maren; voor Ne derlandse taal en letterkunde: drs. M. J. C. Elias; voor ATW/ALW/ TTW: drs. P. Th. van Reenen; voor kunstgeschiedenis en archeologie: liiw. Tricia v. d. Heijden; voor so ciale geografie en planologie: mw. Z. Hilgeman; voor economie: drs. P. W. Boone; voor P.A.W : J. den Ouden; voor psychologie: Th. J. A. Brekelmans en drs. G. C. van der Veer; voor sociaalculturele we tenschappen: J. Buitenhek en mw M P. Kreuze; voor centrale inter faculteit: drs. G M. Huussen; voor actuariaat en econometrie: ir. G. \an der Laan; voor lichamelijke opvoeding: drs. F. C. Bakker, drs. A B. A. Kemper en mw. O J. Schipper.
Kandidaatstelling Kandidaatstellingsformulieren zijn veikrijgbaar op de 30 adressen die in Ad Valvas van 23 februari j.1. vermeld zijn. De indiening van ingevulde formu lieren kan plaatsvinden van 19 maart tot 22 maart 11.00 uur 'i.m. precies. 1V.B. Gebruik de juiste formulie len! Kanflidaatstellingsformulieren voor de Universiteitsraad zijn er als gevolg van de twee kiesstelsels, in t'wee uitvoeringen: voor studenten en voor personeel. Daarnaast zijn er afzonderlijke for mulieren voor de faculteitsraden. Bij de verkiezingen voor de sub/ inter/faculteitsraden is het ook nu mogelijk om gestelde kandidaten zonder verkiezing gekozen te ver klaren. Daarbij geldt dat • tenminste 35% van de kiezers in het betrokken district de kan didaatstelling steunt. • het aantal gestelde kandidaten gelijk is aan het aantal beschikbare zetels. • naast iedere kandidaat een plaatsvervanger — die optreedt in
geval van tussentijdse vacature — Is gesteld. Centraal adres voor alle verkie zingen: Hoofdgebouw 2D26. Te lefoon (548) 3601.
Zetduiveltje Het zetduiveltje heeft tot onze spgt stevig toegeslagen in het artikel „Verkiezingen universiteitsraad en (sub/inter)fakulteitsraden 1979". Hieronder volgen de correcties. Fr stond: IV Subfaculteitsraden, district 18 wis en natuurkunde + fys.geografie; en district G2 WP fys.geografie hgl. + lectoren aan tal zetels 3. Dit moet zijn: district 18 wis en natuurkunde + fys.ge ografie aantal zetels: 1; en district G2 WP in v.d. —/— aantal zetels: 2. Bij districten Zl en Z2 achter WP in vaste dienst en WP in tijdelijke dienst een haakje ter aanduiding dat ze gezamenlijk 10 zetels heb ben. Bij Actuariaat en Econometrie had moeten zijn toegevoegd: district A4 TAP, aantal zetels: 1. Kiesstelsel. Er stond: Behoudens in de stu dentendistricten van de Universi teitsraad rige districten het kies stelsel van de enkelvoudig over draagbare stem (EOS), waar een lijstenstelsel van toepassing is, geldt voor alles ove. Dit moet zijn: Behoudens in de studentendistric ten van de Universiteitsraad waar een lijstenstelsel van toepassing is, geldt voor alle overige districten hef kiesstelsel van de enkelvoudig overdraagbare stem (EOS). Kiesregister en kiesreglementen. PAW, distr. V1V2 moest zijn: distr. V1V3. En: Actuariaat en Econometrie, distr. A2A3 moest zijn distr. A2A4. Belangrijke data. Verzoeken tot verbetering van het kiesregister: 6 maart 12.30 uur, moest zijn: tot 6 maart 12.30 uur. En: Indiening van kandidaatstelling: 19 maart 22 maart 11.00 uur moest zijn: In diening van kandidaatstellingen.
instellingen veel schade berokkend, meent de commissie Polak. „Het heeft hen in hun zelfstandig heid geschaad." Omdat namelijk de universiteiten zelf geen ade kwaat antwoord hebben kunnen vinden op de twee grote vragen, waarmee zij in de loop van de zes tiger jaren geconfronteerd werden, te weten: „hoe kan het groeiend aantal studenten worden opgevan gen?" en „hoe kan deze groei fi nancieel beheersbaar blijven ? " „kwamen er plannen van de 'rege ring die steeds meer ingrepen in de zelfstandigheid van de instelling, die ook het academisch zelfbestuur (onderzoek en onderwijsbeleid) gingen raken". De commissiePolak geeft twee oorzaken aan voor het feit dat „naar het oordeel van de centrale overheid (maar niet alleen daar van) geen adekwaat antwoord kwam". Ten eerste heeft volgens de commissie „het bestuur van de af zonderlijke universiteiten te weinig bestuurskracht kunnen tonen op punten van vernieuwing van het onderwijs en onderzoekbeleid, het geen leidde tot toename van de maatschappelijke druk en plannen van de overheid met centralistische tendensen", en ten tweede is in de optiek van de commissiePolak de interuniversitaire samenwerking en onderlinge coördinatie onvoldoen de van de grond gekomen. Daarbij heeft in de ogen van de commissie vooral het instituut Aca demische raad gefaald. Destijds krachtens de WUB veranderd van een volstrekt ongebonden praafcol lege in een lichaam, dat namens de instellingen advies zou uitbrengen, had men hoge verwachtingen van de coördinerende functie vun het orgaan. Juist via de Academische raad zou de vergroting van de zelf standigheid van de instellingen (de „derde waarde" van de WUB) ge stalte moeten krijgen. Daar is, zo concludeert de commissiePolak, nooit iets van gekomen. En daar voor worden twee hoofdredenen aangevoerd: Ten eerste zou de raad in zijn functioneren te zeer afhankelijk zijn van de opstelling van de af zonderlijke instellingen (iedere af vaardiging krijgt immers een bin dend mandaat mee, red.), „waar door de gezamenlijke verantwoor ding voor het gehele universitaire bestel te vaak wordt ontlopen" en ten tweede zouden de bevoegdhe den van de raad gekenmerkt wor den door een te grote vrijblijvend heid. „Het bevoegdhedenpakket is sinds het ontstaan van de raad wel iswaar toegenomen, maar dit blij ven adviserende bevoegdheden aan de instellingen," zo stelt de com missiePolak spijtig vast. Over het eerste punt merkt het rap port nog op: „De bepaling in de WUB, dat de Ar namens de geza menlijke instellingen adviseert en dat iedere instelling daarbij één stem uitbrengt hebben in de prak tijk niet goed gewerkt. Zij zijn zo geïnterpreteerd, dat de instellingen de delegatie naar de Ar een min of meer bindend mandaat kunnen ge ven. De discussies en de menings vorming binnen de Ar zijn daar door reeds vaak bij voorbaat aan banden gelegd. Dit doet ernstig af breuk aan de eigen en zelfstandige verantwoordelijkheid van de afzon derlijke instellingen. Een Aradvies moet méér zijn dan een optelsom van de instellingsstandpunten," al dus de commissiePolak. De plannen van de huidige Ar
voorzitter prof. Brenninkmeijer, om de Academische raad een be tere coördinerende functie te laten vervullen, onder meer door het op zetten van een zgn. Interuniversi tair Coördinerend Beleidsorgaan (ICB) en het meer betrekken van het College van bestuur bij het werk van de Ar op grond van zijn taken en verantwoordelijkheden binnen het instellingsbeleid kunnen de goedkeuring van de commissie wel wegdragen, maar „ze zijn niet toereikend om noodzakeUjke door braken in de huidige impasse te realiseren", welke impasse als volgt wordt omschreven: Van de drie hoofdtaken, advies, overleg en coördinatie heeft de ad visering in de loop der jaren het meest accent gekregen. Op het ter rein van coördinatie en samenwer king zijn slechts bescheiden succes sen geboekt. Aan de verwachtingen van de WUB is niet voldaan. Ge bleken is, dat door de instellingen niet altijd wordt onderkend, dat de samenwerking in de Ar noodzake lijk is voor de toekomst van de in stellingen", aldus de commissie, die elders stelt: „De commissie komt tot de slotsom, dat de zelfstandig heid van de afzonderlijke en van de gezamenlijke instellingen aan een herwaardering toe is, mede ge let op de steeds belangrijker wor dende relatie universiteitmaat schappij".
Examens De CommissiePolak maakt ach voorts ernstig bezorgd over de zorgvuldigheid van de examenpro cedure. Niet alleen is zij van me ning, dat de beroepsgang voor stu denten nog wel wat onvolkomenhe den bevat (met name ondoidelijk keden over de bevoegdheden van de liet beroep behandelende commis sie, het ontbreken van voldoende waarborgen voor een duidelijke rechtsgang tijdens het beroep, en het feit, dat de uitspraak van zo'n beroepscommissie onaantastbaar is), de commissie „maakt zich vooral zorgen om de problematiek van de examens zelf". Zij schrijft: „De commissie heeft verder kunnen vaststellen, dat de huidige voorschriften met betrek king tot examens inadequaat zijn voor een verantwoorde examenpro cedure. Dat is een 'ernstige zaak, omdat vanuit een oogpunt van kwaliteitsgarantie de examenpro blematiek de kern raakt van de universiteit als opleidingsinstituut." De commissie constateert, dat zo wel docenten als studenten veel van hun tijd besteden aan het voor bereiden en uitvoeren van examens. „De juridische regeling van de exa minering in de WUB is echter erg summier", schrijft ze. En uit de tijd. Want de wet gaat nog steeds uit van zogeheten ongedeelde exa mens, waarbij in één keer de gehe le examenstof van alle vakken wordt getoetst, terwijl in werkelijk heid de meeste examens in onder delen (tentamens) opgesplitst wor den afgenomen. „De examencom missies dienen nog slechts om de uitslagen van de verschillende ten tamens te combineren en de exa menuitslag te bepalen, alsmede het judicium", signaleert de commissie dan ook, waarna er de nadruk op gevestigd wordt, dat naast de inde ling van de examens ook de wijze van afnemen niet meer op de wet is afgestemd, die immers nog uit ging van een mondeling examen als regel, terwijl de massa studen
Advertentie
BAR BODEGA FRIENDSHIP INN Amsterdamseweg 159, Amstelveen (naast het kaashuis Geijs), telefoon 451126. Voor e ^ gezellige avond uit in een uitgesproken ontspannen sfeer. De enige bar in de omgeving met een keuken. _ ,_ Geopend van 8 — 1,30 's nachts ; Weekend van 8 — 2.30 's. nachts ' Waar nog T. Bone steak,, varkenshaas, tournedos, paling, : escargois, saté, enz. worden geserveerd. .^ .
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978
Ad Valvas | 504 Pagina's