Ad Valvas 1978-1979 - pagina 139
AD VALVAS — 10 NOVEMBER 1978
Raad moet voortaan
keuze kunnen
maken
uit
onderzoeksprojekten
Universiteitsraad krijgt meer greep op beleidsruimte onderzoeif De universiteitsraad moet Voortaan zelf een keuze kunnen maken uit onderzoeksprojekten, die vanuit de faculteiten worden aangemeld voor financiering uit de universitaire beleidsruimte onderzoek. Dat betekent dus, dat de kommissie Beleidsruimte Onderzoek in het vervolg met méér voorstellen zal moeten komen dan er formatieplaatsen beschikbaar zijn. Dit belangwekkende besluit nam de universiteitsraad afgelopen dinsdag aan het slot van de bespreking van het evaluatie-rapport van de kommissie beleidsruimte onderzoek. Totnogtoe was het zo, dat deze kommissie met evenveel voorstellen in de raad kwam als er plaatsen waren zodat de raad niet veel meer restte dan marginaal toetsen. Het aanbod van de kommissie om voortaan vóór de presentatie van de projektvoorstellen in de raad een informatieve bijeenkomst te organiseren voor geïnteresseerde raadsleden vond de raad onvoldoende. De heer Glastra (TAS) met name vond die oplossing te simpel omdat de voorstellen dan in feite al vast liggen en er dan alleen nog maar wat kan worden bijgestuurd. V/e moeten ook kunnen meesturen bij de keuze van Projekten, meende hij. Het voorstel om de raad een flinke vinger in de pap te geven was afkomstig van de pas afgetreden interim-voorzitter de wp-er Knol, en vond onmiddellijk bijval van DAKafgevaardigde Boeker. Zij vonden, dat de raad van zijn budgetrecht gebruik moet maken om invloed uit te oefenen op de keuze van Projekten zodat er een consistent onderzoeksbeleid kan ontstaan. De kommissie BRO kan zich dan als een soort kwaliteitskommissie beperken, zo vervolgt Knol in zijn voorstel, tot het bewaken van de kwaliteit van het onderzoek en het nagaan of aan de criteria (kontinuiteit, behoefte, kwaliteit, karakter en termijn) wordt voldaan. De voorstellen worden door de BRO aan de raad voorgelegd samen met de adviezen van de raadskommissie onderwijs en onderzoek. De raad bepaalt dan welke Projekten voor financiering uit de BRO in aanmerking komen. Hef voorstel Knol/Boeker werd afgeraden door rector Schenkeveld, die vond, dat dit voor de raad een nodeloos moeilijke en oneigenlijke diskussie zou scheppen. Het BROkommissielid J. Joosse vond, dat de raad dit niet zou aankunnen. Deze zou dan op zijn gevoel moeten vertrouwen. Zou de raad beter dan de kommissie BRO in staat zijn om de uiteindelijke fijne nuances aan te geven bij de toetsing? De zaak zou helemaal uit de deskundigen-sfeer worden gehaald. De universiteitsraad vond voorts, dat
voor verdere wijzigingen van de hele opzet van de beleidsruimte de resultaten van de diskussie van de DAK-nota moeten worden afgewacht. Binnen vier weken komt er een geheel herziene nota van het DAK, zodat deze het komend voorjaar kan worden behandeld en de uitkomsten nog meegenomen kunnen worden bij de eerstvolgende evaluatie van de beleidsruimte. Omdat de raad nu invloed krijgt op de keuze van Projekten vond hij het niet meer nodig om in de kommissie BRO ook raadsleden af te
Peijnenburg: onderzoeksbeleid aan universiteiten moet beter Minister Peijnenburg vindt dat het management van de universiteiten verbeterd moet worden, met name wat betreft het personele aspect. „Daarnaast zullen nieuwe structuren moeten ontstaan waardoor ook voor het universitaire onderzoek een beleid kan worden gerealiseerd dat mag worden gekenschetst met de woorden openheid, coördinatie, samenwerking en beoordeling", aldus de minister in een lezing aan de Katholieke Hogeschool in Tilburg op maandag 6 november waar in het kader van het studium generale het wetenschapsbeleid aan de orde was. De minister liet zich ongerust uit over het universitaire onderzoek. Universiteiten en hogescholen beschikken over een grote en goede infrastruktuur — zij hebben bijna een kwart van de Nederlandse onderzoekcapaciteit in huis — maar het grotendeels ontbreken van een onderzoekbeleid, gekoppeld aan verbrokkeling en versnippering van het onderzoek baarde de minister zorgen. Met name op het gebied van het sociale onderzoek is het belangrijk dat het onderzoek een hogere organisatiegraad krijgt en dat een kwaliteitsverbetering tot stand wordt gebracht, zo benadrukte hij. De wetenschap moet in staat zijn snel en doeltreffend in te springen op vragen en probleen waarvoor de maatschappij zich gesteld ziet. „Het is mijn taak de voorwaarden
Forum internationale Ökonomie In het derde deel van de interfakultaire kursus ontwikkelingsproblematiek is de schijnwerper gericht op de internationale ekonomie, in het bijzonder de verdeling van macht en ekonomische ontplooiingsmogelijkheden tussen de landen. Op 26 oktober jl. is prof. J. Galtung ingegaan op de vraag in hoeverre de door de ontwikkelingslanden bepleite Nieuwe Internationale Ekonomische Orde (NIEO) gunstig is voor de voorziening in basisbehoeften van de grote massa van de armen en onderdrukten in de Derde Wereld. Op 2 november j.1. hield prof. L. Mennes zich bezig met de internationale arbeidsverdeling, dat wil zeggen de verdeling van produktieaktiviteiten over de landen en de recente verschuivingen daarin. Op 9 november zijn enkele hoofdlijnen uit beide kolleges samengebracht en besproken door prof. H. Linnemann. Op 16 november a.s. zal dit thema worden afgerond door middel van een forum-diskussie over de konsekwenties die een en ander heeft (of moet hebben) voor de samenlevingen en het ekonomische beleid van de rijke geïndustrialiseerde landen, in het bijzonder voor Nederland. Daartoe is een viertal forumleden uitgenodigd, die elk vanuit hun eigen achtergrond zullen ingaan op de voorgelegde probleemstellingen
vaardigen naast de nu zittende deskundigen. Immers ook de raadskommissie onderwijs en onderzoek buigt zich over projektvoorstellen om daarover te adviseren. Rest nog het raadsbesluit te melden, dat het selektie-kriterium „Karakter" (verwijzend naar de doelstelling van de VU en het multi-disciplinair karakter van onderzoek) voortaan ook onderzoek op het gebied van wetenschap en samenleving kan omvatten. Mevrouw Kramer (Vereniging) vond het voorstel van Boeker (DAK) hiertoe erg sympathiek maar meende, dat door deze toevoeging het leek alsof dit onderzoek als een ondergeschoven kindje werd behandeld. Zij wenste in de nieuwe BRO-opzet royalere plaats voor dit onderzoek._De raad isesloot echter nu al het karakterkriterium op deze manier te verruimen (bevorderen van maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef). (J.K.)
en op vragen vanuit het publiek. Drs. B. Evers van het Instituut voor Ontwikkelingsvraagstukken uit Tilburg is bezig met wetenschappelijk onderzoek naar de veranderingen in de produktie van textiel en konfektie en de verplaatsing van delen van dit produktieproces naar de Derde Wereld. Drs. M. van Klaveren van de Federatie van Nederlandse Vakverenigingen (FNV) zal proberen het standpunt en het belang van de Nederlandse arbeiders in dit geheel van veranderende internationale konkurrentieomstandigheden te belichten. Verder zijn twee aktieve politici uitgenodigd, een vertegenwoordiger van een regeringspartij en een van de oppositie. Drs. I. van Houwelingen (CDA) is voorzitter van de Vaste Kommissie voor Ekonomische Zaken in de Tweede Kamer. Drs. A. v. d. Hek (PvdA) is voorzitter van de Vaste Kommissie voor de Handelspolitiek. De diskussie zal worden geleid door drs. H. Coppens van de vakgroep Ontwikkelings- en Agrarische Ekonomie, VU. Deze forum-diskussie wordt gehouden in zaal 4A-00 van het Hoofdgebouw van de Vrije Universiteit en begint om 11.15 uur. Belangstellenden zijn hartelijk welkom. Nadere informatie te verkrijgen bij Anneke Svoboda, telefoon 5482600 (Hfdgeb. kamer 2A-18).
daartoe te scheppen, maar ik ben afhankelijk van de bijdragen van vele anderen, de universiteiten en hogescholen niet in de laatste plaats," zo zei de minister.
CIS - niet volle vertrouwen pleit voor eigen opheffing
Universiteitsraadskommissie buitenland wenselijice zaak, vindt de UR De universiteitsraad heeft zich dinsdagavond met ruime meerderheid uitgesproken voor een raadskommissie buitenlandbeleid die uitsluitend wordt bemand door raadsleden. De raad nam daarmee alvast een van de adviezen over van de huidige Commissie Internationale Samenwerking, die in een nota aan de raad voor haar eigen opheffing ten gunste van een dergelijke kommissie pleit. Binnen de raad is eerder de wens geuit direkter bij het buitenlandbeleid van de VU betrokken te zijn dan via de sinds 1974 funktionerende CIS, die formeel een onafhankelijke status bezit als adviseur voor alle universitaire instanties, maar in de praktijk dat vertrouwen niet van alle raadsleden geniet (CIS-adviezen komen overeen met CvB-visies). Oe CIS pikte het signaal op, bezon zich — ook om andere reden — en bracht een nota uit die een bestuurlijke reorganisatie voor het hele universitaire buitenlandbeleid behelst. Volgens de CIS zal de geadviseerde raadskommissie buitenlandbeleid op basis van de verschillende geledingen in de raad moeten worden samengesteld. Mogelijk neemt de raad hierover en over de taakomschrijving van de kommissie plus de overige adviezen van de CIS, die door het CvB worden gedeeld, op 21 november is een geplande tweede ronde een standpunt in. Die overige adviezen houden het volgende in. Allereerst het voorstel de begeleidingskommissies/ stuurgroepen voor de hoofdgebieden van internationale samenwerking, zoals het samenwerkingsverband met de Indonesische Gadjah Mada-universiteit, tot bestuurskommissie (onder het college van bestuur) te maken. Verder het voorstel aan het college van bestuur voor de nadere voorbereiding van plannen tot samenwerking met verwante instellingen een voorlopig als stuurgroep optiedende bestuurskommissie in te stellen. Daarin zou ook eventueel een vertegenwoordiger van het Verenigingsbestuur zitting kunnen hebben (Verenigingsfondsen vormen hier geheel of gedeeltelijk doorgaans de financieringsbron). De betrokken (sub)fakulteiten adviseert de CIS een bestuurlijke commissiestruktuur voor Projekten en programma's van universitaire ontwikkelingssamenwerking in te stellen in overleg met het CvB. 1 enslotte adviseert de CIS het Ver-
enigingsbestuur in overleg met het universiteitsbestuur de juiste vorm voor zijn betrokkenheid bij de uitgangspunten van het buitenlandbeleid te vinden en een nadere financieringsregeling te treffen voor de aktiviteiten, die nu binnen de zg. begroting internationale samenwerking vallen. Een andere reden waarom de CIS zich op haar positie en funktionelen bezon is volgens de nota dat zi] de internationale aktiviteiten binnen de fakultaire sfeer, die snel en via een „ingewikkeld aktienetwerk" uitdijden, niet meer kon volgen en haar aanvankelijke sleutelpositie verloren zag gaan. Een derde reden die de nota noemt is dat met de vaststelling door de universiteitsraad van de samenvattende beleidsnota voor de internationale samenwerking een bestuurliike fase is bereikt waarin de CIS vrijwel geen funktie meer heeft. De CIS beoogt met haar adviezen een stuk bestuurlijke duidelijkheid „die een optimale eenheid van beleid waarborgt." (J.v.d.V.)
wenst het college. In alle overige woorden is k naast c aanvaard, meestal met voorkeur voor c, voor letterknechten dus een c. Op de VU ongetwijfeld zeer pluriform gespelde neologismen als reallokatie en reallokeren moet de VU-bestuurders wel tot uiterste wanhoop hebben gebracht. Aan deze woorden wordefi maar liefst 12 goedbedoelde regels gewijd. Het werkwoord realloceren
Knoopt het in uw oren, diensthoofden. De eigentijdse spelling van woorden als eksamen, seks en aksent zijn het college ook een doorn in het oog. „Wij hanteren voortaan de voorkeurspelling: examen, accent." Waar het college zich ook bezorgd over maakt is het gebruik van het juiste geslacht van woorden. Met name de grote zorg voor de zij-vormen doet sympathiek aan en kan zeker gezien worden als een steuntje in de rug van de Vrouwenbeweging. Tot in de details wordt aangegeven welke categorieën woorden vrouwelijk zijn. Woorden op ij
zou eigenlijk moeten worden uitgesproken als realloseren, zo konstateert men onthutst, want c voor e=s, zoals de schoolmeester ons leerde. Het woord heeft zich met taaie wortels vastgezet in het spraakgebruik van de deskundigen, die het lanceerden, zo klaagt het college verder en: het groene boekje (de laatste strohalm) biedt geen uitkomst. Want het boekje kent het woord niet. Koenen-Endepols schrijft het met een c. Toch maar de deskundigen gevolgd. Reallokeren dus en reallokatie.
(spotternij) bijvoorbeeld of -theek. Een verrassende impliciete suggestie is om het woord bibliotheek voortaan te schrijven als ,bilbiotheek'. In een met kroontjespen geschreven extra noot van schoolmeester Brinkman, die veel didaktiese zin verraadt geeft deze bestuurder ons een heel eenvoudig vuistregeltje mee: alle concreto zijn mannelijk en alle abstracto vrouwelijk behoudens de woorden angst, dienst, raad en band. Altijd leuk om te weten. (J.K.)
CvB-schoolmeester heft vingertje In hun niet aflatende ijver de Augiasställen van het geschreven woord aan de VU — dit keer voor wat betreft de spelling ervan — te reinigen hebben de bestuurderen van de VU een missive doen uitgaan aan de hoofden van diensten en buro's, waarin zij om medewerking vragen aan een uniformering van de spelling van het nederlands in correspondentie en stukken. Het college van bestuur acht deze uniformering noodzakelijk. Want die spelling gaat hem aan het hart. Het CvB-secretariaat heeft zich in het werkoverleg (!) over de spellingskwestie gebogen, zo weten we uit de missive, en sluit zich gaarne aan bij het besluit van de secretariaten van universiteitsraad en college van decanen om als leidraad het „Groene Boekje" (uit 1954) te hanteren. Met andere woorden: de voorkeurspelling uit dat boekje, zo voegt het college daaraan toe. Omdat niet ieder personeelslid in het bezit van dit verwarring stichtende werkje is licht het college even enkele hoofdpunten eruit: c = k waar de spelling reeds was ingeburgerd, zoals karton, katholiek etc. De c blijft in kennelijk vreemde woorden, ook al zijn die vrij algemeen in gebruik zoals cachot, cadeau, café, academicus. Ook dient de c te blijven in woorden waar c staat vóór ai—è, oi=wa, ou = oe en au = o, zoals caissière, coulant, coiffeur, causeur e.d. Verder blijft de c in wetenschappelijke benamingen als cadmium, calcium en in eigennamen en afleidingen als calvinist, Canadees en Cubaans, zo
van raad -
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978
Ad Valvas | 504 Pagina's