Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 118

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 118

8 minuten leestijd

AD VALVAS — 27 OKTOBER 1978

Emiel Stolp, lid RSA en OSA, van

mening:

'Demokratisering vereist van de studentenvoorzieningen' Emiel Stolp leverde, dit keer als lid van de Raad Studentenaangelegenheden en adviserend lid van het Overlegorgaan studentenaangelegenheden, het volgende stuk bij de redaktie in. „De studentenvoorzieningen aan de VU, en dit zijn de ASVU (sport), ACC (kiiltuur), VCVU (vorming), dekanen, psycliologen, artsen en de SSH (huisvesting) worden bestuurd door de Raad Studenten Aangelegenheden (RSA). In deze struktuur hebben de voorzieningen een grote mate van autonomie verkregen. De opbouw van de RSA is in wezen korporatief van aard. De leden van de RSA zitten er niet omdat ze bijvoorbeeld de studenten van de VU vertegenwoordigen maar omdat ze uit een van de voorzieningen afkomstig zijn. Dit heeft tot gevolg dat het beleid, de uitvoering van het beleid, de kontrole op de uitvoering en het oplossen van geschillen bij het zelfde kleine groepje mensen terecht is gekomen. Dit staat natuurlijk wel erg ver weg van de demokratisering zoals die met de invoering van de Wet Universitaire Bestuurshervorming tot stand is gekomen. Op universitair nivo is het bijvoorbeeld zo dat het beleid en de kontrole op de uitvoering bij de universiteitsraad liggen, de uitvoering is een taak van het kollege van bestuur en in de vorm van het kollege van geschillen is er een onafhankelijke rechtspraak. Het doel van zo een verdeling is het voorkomen van machtsopeenhoping binnen een bestuursorgaan. Het ontbreken van een dergelijke taakverdeling leidt al gauw tot een wat minder demokratische stijl van besturen en de RSA is daar een treffend voorbeeld van. Een van de kenmerken van een regentenstruktuur als de RSA is dat de bestuursmacht steeds meer wordt verlegd naar de vier RSA-leden die hel Dagelijks Bestuur vormen, ten voorbeeld hiervan is de gang van zaken rond de twee zogenaamde CSV nota's. Dit waren nota's van de Akademische Raad over de lichting waarin de studentenvoorzieningen zich de komende tien jaar zouden moeten ontwikkelen. Een nogal belangrijk onderwerp dus. Deze nota's lagen eerst drie maanden bij de RSA zonder dat ze behandeld werden en toen de universiteitsraad uiteindelijk om een standpunt vroeg werd er door het Dagelijks Bestuur binnen eeen week een kommentaar geschreven waarover de RSA zelfs niet eens werd gehoord.

Vriendjes Ook het subsidiebeleid is door het DB geannexeerd. Het DB mag zelf subsidies tot ƒ 5000,— toekennen. V'oeger gebeurde het daarom nog wel eens dat een grote subsidieaanvraag werd gesplitst in twee kleintjes die ieder afzonderlijk werden toegekend maar tegenwoordig wordt het DB al boos als er RSAleden zijn die reageren op het DB eigenmachtig subsidies van tienduizenden guldens toekent. Het bestuur schijnt een kritische houding van RSA-leden trouwens helemaal niet op prijs te stellen want er wordt al kribbig gereageerd als een RSA-lid het in zijn hoofd haalt de ingekomen post te willen inzien. Eigenmachtig optreden is overigens niet alleen bij het DB populair, de besturen van b.v. ACC en VCVU worden al jarenlang door middel van koöptatie samengesteld. Het

oude bestuur benoemt het nieuwe zonder dat de RSA of de gebruikers van de voorzieningen ook maar ergens de vingers tussen kunnen krijgen. Net als bij vele andere bürokratische organen is ook bij de RSA de eigen groei één van de belangrijke beleidsdoelstellingen. Een van de middelen om dit te bereiken is een wat twijfelachtig personeelsbeleid. Het was namelijk gebruikelijk om meer personeel aan te stellen dan de RSA betalen kon. Vervolgens werd er om meer geld gevraagd omdat er anders mensen moesten worden ontslagen. In de jaren dat de VU als geheel nog groeide lukte deze taktiek nog wel maar nu gaat het mis. Een van de slachtoffers van dit „beleid" was de konsul algemene zaken op Uilenstede. De betrokkene stond eerst op de personele begroting, ging er mee akkoord dat hij naar de materiële begroting werd verschoven omdat hem verteld was dat dit geen wijziging van rechtspositie betekende. En een jaar later werd zijn funktie zonder dat hij zeli ook maar gehoord was opgeheven. Hiertegen kwamen protesten van Uilenstede-bewoners en toen werd mede dankzij een subsidie van het CvB de zaak weer terug gedraaid. Op het ogenblik is deze funktie vakant en ondanks dat de financiering slechts tot 31 december 1978 is veilig gesteld wordt zonder blikken of blozen gevraagd om iemand die minstens twee jaar beschikbaar is. Zoals in iedere korporatieve struktuur is er alle ruimte om vriendjes aan faciliteiten, subsidie of een baantje te helpen. Dit geldt echter niet voor diegenen die kritiek op het beleid van het DB hebben. Een van de personeelsleden verklaarde in de RSA zelfs de indruk te hebben dat de houding tegenover het' DB bij de begroting wordt vertaald in termen van meer of minder. Zolang het DB in beslotenheid vergadert zal er wel niet achter te komen zijn of deze indrukken al of niet juist zijn. Het bovenstaande is nog maar een kleine greep uit de problemen van de RSA maar het is duidelijk dat dit zo niet door kan blijven gaan. De oplossing zal gezocht moeten worden in een grondige demokratise'"ing van de studentenvoorzieningen. Het hoogste bestuursorgaan op dit terrein zal moeten worden samengesteld op basis van vertegenwoordiging van de universitaire gemeenschap. Tenslotte is de subsidie voor de studentenvoorzieningen bestemd voor alle studenten en ook moet iedereen, ook diegenen die geen gebruik maken van de voorzieningen, de algemene studentenbijdrage betalen.

Advertentie

BAR BODEGA FRIENDSHIP INN Amsterdamseweg 159, Amstelveen (naast het kaashuis Geijs), telefoon 451126

.

Voor een gezellige avond uit in een uitgesproken ontspannen sfeer. De enige bar in de omgeving met een keuken. ,. Geopend van 8 — 1.30's nachts Weekend van 8 — 2.30's nachts Waar nog T. Bone steak, varkenstiaas, töurnedos, paling, escargots, saté, eiiz. worden geserveerd.

Verder moeten de verhoudingen tussen de verschillende organen binnen de RSA duidelijker worden vastgelegd. Nu kunnen konflikten vaak niet worden opgelost omdat bevoegdheden en verantwoordelijkheden niet duidelijk zijn. De inspraak van het personeel kan geregeld worden via het werkoverleg zoals dat ook op andere afdelingen van de VU wordt ingevoerd. Dit o.mdat in de RSA-struktuur personeelsleden gemakkelijk door het bestuur van hun afdeling onder druk kunnen worden gezet in de RSA een bepaald standpunt in te nemen. Fen dergelijke demokratisering van de bestuursstruktuur is waarschijnlijk de enige manier om de voorzieningen uit de problemen te halen. Hiervoor zullen echter wel enige heilige koeien geslacht moeten worden maar omdat het gaat om de voorzieningen en niet om het handhaven van de bestaande strukturen mag dit geen probleem zijn.

Pater Van Kilsdonk over huilen Op zondag 5 november om 12.00 uur spreekt pater Van Kilsdonk in de Amstelkerk aan het Amstelveld. Het onderwerp: 'De gave der tranen'. Iedereen van harte welkom.

Kinderaftrek vervalt Zoals u mogelijk reeds in de krant heeft gelezen, wordt per 1 oktober 1978 de kinderaftrek van de loon- en inkomstenbelasting vervangen door een verhoging van de kindertoelageZ-bijslag. Dit leidt tot de volgende maatregelen: — de kindertoelageZ-bijslag voor het Ie kind wordt verhoogd met een bedrag van ƒ 24,18 per maand; — de kindertoeslagZ-bijslag voor het 2e en 3e kind wordt verhoogd met een bedrag van ƒ 12,48 per maand; — de totale bedragen per maand gaan thans als volgt luiden: Ie kind / 79,04 2e en 3e kind ƒ 127,40. De kindertoelageZ-bijslag voor het 4e en volgende kind(eren) blijft ongewijzigd. De verhoging geldt niet voor kinderen die partieel leerplichtig zijn (voor hen gold en geldt de kinderaftrek namelijk niet), voor hen blijven de bedragen dus ƒ 54,86 (Ie kind) en ƒ 114,92 (2e en 3e kind). De verhogingen gaan in met terugwerkende kracht, te weten per 1 juli 1978. De nieuwe bedragen zullen worden verwerkt in de salarisbetaling van oktober. Nadere informatie kan worden verkregen bij de personeelsadministratie, de heer H. A. S. Husmann, tel. 4384.

Bijzondere beurzen voor zeer begaafde studenten Het College van Bestuur schrijft ons het volgende: „Het College van Bestuur wil belanghebbenden wijzen op de mogelijkheid van het indienen van aanvragen voor een toelage op grond van artikel 80 lid 2 van de wet op het wetenschappelijk onderwijs. Voor studenten die met goed gevolg tenminste het propedeutisch examen hebben afgelegd en blijk hebben gegeven van een buitengewone wetenschappelijke aanleg, staat aanmelding open. Deze bijzondere toelagen kunnen voor velerlei doeleinden dienen bijv. voor onderzoek in een bibliotheek of op een laboratorium, voorbereiding van een scriptie, veldonderzoek etc. in binnen- en buitenland. De noodzaak van een verblijf buitenlands moet, gelet op de veelal hogere kosten, goed worden aangetoond. Voorstellen tot verlening van deze toelagen moeten, met gebruikmaking van een staat van inlichtingen, door de faculteit worden ingediend bij het College van Bestuur dat de-

Uitstel symposium evaluatie WUB Het symposium over de evaluatie van de WUB is uitgesteld. Het zal niet op 25 en 26 januari 1979, maar op 28 en 29 maart 1979 gehouden worden. De Academische Raad heeft het symposium uitgesteld omdat het eindrapport van de Commissie voor de Bestuurshervorming (de „Commissie-Polak") niet tijdig gereed zal zijn. Het is de bedoeling om op het symposium n.a.v. dit eindrapport de discussiepunten te inventariseren die bij deze evaluatie aan de orde zullen moeten komen. De verschijning van het eindrapport van de Commissie-Polak is uitgesteld omdat het meningenonderzoek van het Instituut voor Sociaal-Wetenschappelijk Onderzoek (IVA) niet op tijd beschikbaar was.

ze doorzendt aan het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen ter beslissing. Bij de staat van inlichtingen dienen aanbevelingen te worden overgelegd van de decaan van de faculteit en van de hoogleraar of lector op het betrokken vakgebied. D<.aruit dient genoegzaam te blijken dat de student in kwestie buitengewone wetenschappelijke aanleg op dat vakgebied heeft en dat het te ondernemen project een verdere ontwikkeling van die aanleg bevordert. Deze stukken dienen voorts vergezeld te gaan van een kostencalculatie en een nauwkeurige omschrijving van het project waarvoor de toelage dient. Nadere inlichtingen over het vorenstaande kunnen worden verkregen bij de faculteitsbureaus en het secretariaat van het College van Bestuur. Op deze adressen zijn tevens aanvraagformulieren (de staat van inlichtingen) beschikbaar. De indiening van aanvragen voor het jaar 1979 sluit op 15 december 1978."

Advertentie

DIKS Autoverhuur bv v. Ostadestraat 278, Amsterdam-(Z). Telefoon 71^754 en 723366' Fil. W. de Zwijgerlaan 101 Telefoon 183767 400 nieuwe luxe- en bestelwagens waaronder: FORD - VW - SI MCA - OPEL NIEUWE f^ERCEDES VRACHTWAGENS TOT 26 M3 EN 5 TON (groot en klein rijbewijs) Lage prijzen en studenten 10 procent korting

Vervolg van pagina 1

Universitair onderzoeksbeleid is beter en demokratischer dat beleid expliciet te maken,' aldus deze TAS-sers. De student-raadsleden van de VUSO huldigen hetzelfde standpunt als het college van bestuur en de rector magnificus. Stimuleren is het enige wat het universiteitsbestuur kan doen, ook moet doen als het om onderzoek gaat, aldus de VUSO.

Niet zo zo rgelijk Tijdens de raadszitting kwam de Verenigingsfraktie met de opvatting naar voren dat de onderzoekssituatie aan de VU niet zo zorgelijk is als de DAK-nota schetst. De fraktie is voor het maken van duidelijke afspraken in de huidige omstandigheden waarin de fakultaire autonomie op de tocht is komen te staan (bv. door meerjarenafspraken, beleidsruimte onderzoek). Prof. Strengholt (WP) vond dat de DAK-nota coUectivistische en dirigistische trekken heeft, wat hem aan marxisme deed denken.

Integratie

is

coördinatie

De auteur van de nota van het Demokratisch Akkoord, het voormalige raadslid drs. M. Hetebrij, die zelf niet bij de raadszitting aanwezig kon zijn dinsdag, had de raadsleden een nadere toelichting op de nota gestuurd. Daarin zegt hij allereerst dat het voorgestelde doel van het universitair onderzoeksbeleid weliswaar het streven naar integratie tussen onderwijs en onderzoek dient te zijn, maar dat moet niet extreem worden opgevat als zouden onderwijs en onderzoek één geheel moeten worden. De term integratie, die voor het college van bestuur en nogal wat raadsleden onduidelijk bleek te zijn, wil, aldus Hetebrij met een verwijzing naar de nota, zeggen dat de voor een student noodzakelijke participatie in wetenschappelijk onderzoek voor bepaalde studiefasen een vraag naar een stuk onderzoeksgebonden onderwijs inhoudt, waartegenover vanuit het onderzoek een aanbod moet worden gedaan dat daaraan beantwoordt. Konkreet betekent dit dat er een systeem van samenhangende, geplande onderzoeksprojekten wordt ontwikkeld, waarin jaarlijks een aantal mogelijkheden voor deelname door studenten voorkomt. Dat integratiedoel kan zonder bezwaar op universiteitsniveau worden gehanteerd volgens Hetebrij: 'Dat de bevoegdheden op dit niveau beperkt zijn en dus ook de middelen is duidelijk.' Verder kan het universiteitsbestuur best vakgroepen en fakulteiten verplichten integratieplannen te maken en via bepaalde procedures goed te keuren, schrijft Hetebrij. Inhoudelijk bemoeit het zich dan niet met de zaken. Je zou de term integratieplannen net zo goed door coördinatieplannen kunnen vervangen, vindt hij. 'Dan zouden we ons volledig aan de WUB houden.' Hetebrij zegt tenslotte dat met de DAK-nota ook is bedoeld de diskussie over universitair onderzoeksbeleid op te rakelen om zodoende de doelen van dit nu ook al bestaande, maar onduidelijke beleid boven water te krijgen. Er wordt allang een instrumentarium gehanteerd om het onderzoek te beïnvloeden. Daartoe behoren beleidsruimte onderzoek en onderzoekpool, begrotings- en personeelsbeleid, alsmede de meerjarenafspraken, waarmee de hoeveelheid te verrichten onderzoek wordt bepaald. De auteur van de DAK-nota miste in de reaktie van het CvB de poging om de doelen van het huidige beleidsinstrumentarium te formuleren. Daarom bleef het voor hem de vraag in hoeverre de doelen van het onderzoeksbeleid zoals het CvB die ziet en zoals het Demokratisch Akkoord die voor ogen staan elkaar uitsluiten dan wel aanvullen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's

Ad Valvas 1978-1979 - pagina 118

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978

Ad Valvas | 504 Pagina's