Ad Valvas 1978-1979 - pagina 153
AD VALVAS — 17 NOVEMBER 1978
Gezamenlijk
plan voor de
jeugdarbeid
Werkende jongeren en studenten samen ten strijde tegen jeugdwerkloosheid Vorige week dinsdag hielden VESVU en SRVU een diskussiebijeenkoinst over het plan voor de jeugdarbeid, dat onlangs is uitgebracht door het FNV-jongerencontact (FNVjc). Dit als voorbereiding op de grote landelijke manifestatie in Den Haag die vorige week zaterdag plaatsvond. Het plan voor de jeugdarbeid is in velerlei opzicht een uniek stukje werk en de moeite van het bespreken zeker waard. In de eerste plaats natuurlijk omdat het bedoeld is om oplossingen aan te geven voor een zo schrijnend probleem als de jeugdwerkloosheid. 104.000 werkloze jongeren vormen ongeveer de helft van het totale aantal werklozen in Nederland. Gerekend naar het totaal aantal werkzame jongeren zijn zij daarmee een zwaar gedupeerde maatschappelijke groepering. Bovendien mag men aannemen dat de sociale problematiek bij jongeren (bijv. kriminaliteit ten gevolge van een uitzichtloze positie) zeer zwaar weegt. Alle reden dus om eens extra aandacht te geven aan de specifieke problemen van de jeugdwerkloosheid. Een tweede r'eden, waarom de door het FNVjc voorgestelde maatregelen zo bijzonder zijn, is dat zij van geheel andere aard zijn dan de maatregelen van overheidswege. Het werkgelegenheidsbeleid van de overheid is voornamelijk makroekonomies van aard. Dat wil zeggen het zijn veelal globale maatregelen die worden genomen. Hoekstenen van dat beleid zijn de matiging (in lonen en overheidsuitgaven) en steun aan het bedrijfsleven. Men denkt dat dit de winstpositie
Personeelsfonds VU zoekt secretaris In verband met het vertrek van de heer Linsen als secretaris van het personeelsfonds zou het bestuur van bovengenoemd fonds gaarne in contact willen komen met een functionaris binnen de VU, die deze taak over wil nemen. Het fonds verleent financiële steun aan leden van de VU-gemeenschap. Het behoort tot de taak van de secretaris vertrouwelijke gesprekken te voeren met hen die om hulp aankloppen en zo de weg vrij te maken om tot daadwerkelijk steun te komen. Zij, die ambities in deze richting hebben, worden vriendelijk verzocht contact op te nemen met de voorzitter van het fonds, prof. dr. J. G. Knol kamer 2A-31 Hoofdgebouw.
door Hans de Boer van de bedrijven zal verbeteren, hetgeen op zijn beurt weer ten goede zal komen aan de investeringen en de werkgelegenheid. Bij deze winst-werk relatie worden veel vraagtekens gezet. Zo ook door het FNVjc. Daar komt nog bij, aldus het FNVjc, dat het (gemeenschaps)geld vaak bij bedrijven terecht komt, die al genoeg winst maken. Dit omdat er te weinig richting wordt gegeven aan de overheidsmaatregelen. Het plan voor de jeugdarbeid wil een gerichtere aanpak, met de garantie ' dat het overheidsgeld ook inderdaad wordt omgezet in extra werkgelegenheid. De overheid moet zelf arbeidsplaatsen scheppen en financieren d.m.v. arbeidsprojekten voor de jeugd. Fr is nog ontzettend veel nuttig werk te doen in het onderwijs, de bouw, renovatie en stadsvernieuwing, openbaar vervoer, maar ook in de landbouw en industrie. In het plan worden vele voorbeelden gegeven van en aanzetten tot mogelijke arbeidsprojekten. Wezenlijke kenmerken hiervan zgn dat er ruimte is geboden voor individuele kreativiteit van mensen om oplossingen te vinden voor het werkloosheidsprobleem en dat het behoud en de verhoging van de vakbekwaamheid van jongere arbeiders als zeer belangrijk wordt aangemerkt. Zeer belangrijke elementen voor een eventuele uitweg uit de ekonomiese malaise, die men node mist in de hedendaagse technokratiese ekonomie-opvatting van de overheid. Tot slot is het plan een uitzonderlijk plan, omdat het de vrucht is van een stukje maatschappelijk gericht universitair onderzoek, waaraan ook de VU, in de persoon van Arie Bijl (w.m.-er aan de ekonomiese fakulteit), een bijdrage heeft geleverd. Dit samen met de projektgroep „arbeid" van de andragogen van de UvA.
Forum Aan het forum op de VU namen naast Arie Bijl ook nog deel Pau]
Sociaal-geografen zijn tegen de nota-Pais Rolf Weeshoff
schrijft ons namens SG '74 het
k
Vanuit deze invalshoek is aan de leden van het FNVjc gevraagd welke mogelijkheden zij zelf zagen voor dit soort arbeidsprojekten in hun eigen omgeving. Dit heeft geleid tot een stroom van voorstellen, waarvan sommige, zoals gezegd, zijn opgenomen in het uiteindelijke rapport. Wij noemen hier o.a. onderwijsprojekten voor gast-
Een beeld van het forum over de aibeiders, een fietspadenplan voor de provincie Groningen, een tuinbouwcentrale in Friesland etc. Becijferingen uit het rapport tonen aan dat het de overheid maar weinig extra zou kosten om in plaats van een WW-uitkering aan de werkloze jongere een volwaardig loon uit te betalen op een arbeidsprojekt.
Maatschappelijk gericht universitair onderzoek Over de samenwerking tussen werkende en universitaire jongeren waren de vier forumleden, zeer te spreken. Ulebelt geloofde dat de aktieplahnen van bijvoorbeeld het FNVjc aan kracht zouden winnen, als men die plannen meer met de theoretiese sfeer zou kunnen verbinden. Bijvoorbeeld in samenwerking met studenten en wetenschappelijk personeel van universiteiten. Daarom was hij ook een voorstander van zoiets als een wetenschapswinkel. Van de Berg pleitte voor meer en beter maatschappelijk relevant onderzoek op universiteiten. Dit zou ook meer direkt ondersteunend
zoeken maar in plaats'hiervan mee te doen aan een alternatief programma. Dit ziet er als volgt uit: 1) Vanaf 12.00 uur gezamenlijke broodmaaltijd met live-muziek op de 7e verdieping. 2) Daarna een inleiding over de gevolgen voor de studie sociale geografie bij invoering van de nota Pais. 3) Om 14.00 uur in 8A-00 een protestmeeting waar diverse sperkers het woord zullen voeren. 4) Als afsluiting van deze middag wordt een stakingsborrel geschonken. Zo zal de subfakulteit sociale geografie en planologie duidelijk maken dat ze zich verzet tegen de nota Pais en dat ze van mening is dat de aangevraagde S-jarige kursusduur door de minister moet worden goedgekeurd."
jeugdwerkloosheid. moeten zijn voor buitenuniversitaitaire matschappelijke groeperingen. Uit de rest van de diskussie bleek dat hiervoor een aantal zaken van groot belang zijn. In de eerste plaats zou er in de bestaande studieprogramma's (meer) plaats moeten worden ingeruimd voor projektstudies. Dit wil zeggen dat een groep studenten samen met medewerkers zich richten op een bepaald konkreet maatschappelgk probleemgebied. In de tweede plaats zou er een soort van intermediair moeten komen, tussen universitair onderzoek re maatschappelijke groeperingen. in. Dit om sturirig te geven aan bepaalde universitaire Projekten, ze op elkaar af te stemmen, en om te voorkomen dat belangwekkende en nuttige onderzoeksresultaten (ook skripties van studenten b.v.) in de spreekwoordelijke lade verdwijnen, zonder dat er iets mee wordt gedaan. In zijn slotwoord zegde de diskussieleider Gert Jan Lankhorst, namens VESVU en SRVU toe dat men op de VU aan dit soort zaken zou gaan werken. Zulks in nauwe samenwerking met studenten en medewerkers aan de UvA.
Kongres Geschiedenis en Bevrijding Vervolg van pagina 3 men dan met eigen verlangens komen. Het vorige kongres „Geschiedenis en engagement" is bijvoorbeeld van gunstige invloed geweest op de benoeming van een medewerker geschiedssociologie. Zo'n medewerker kan bijdragen tot een theoretische verdieping van de geschiedsbeoefening en tot meer maatschappelijke oriëntatie. Een voorbeeld van een emancipatorisch gerichte doctoraalwerkgroep is de groep „Vrouw en vakbeweging". En er is nu ook een vrouw bij sociale geschiedenis benoemd, die goed thuis is in de vrouwengeschiedenis.
geworden dat extra studieaktiviteiten erbuiten haast niet meer mogelijk zijn. Daarom willen de studenten van Merlijn proberen in de studie zelf emancipatorische programma's in te bouwen. De geherprogrammeerde studie biedt daartoe in princinpe wel de mogelijkheden hoewel het programma wel erg zwaar is geworden. Een vijfjarige studieduur is daarom wel het absolute minimum. Over de relatie met de staf van de subfaculteit is men bij Merlijn redelijk te spreken. Er is een goede traditie van inhoudelijke diskussie en de docenten staan open voor overleg. In principe wil men aansluiten bij de behoeften, die er onder de studenten leven.
Engagement Inbouwen in het normale studieprogramma
volgende:
«Tijdens de onderwijsaktieweek van 20-25 november a.s. organiseert SG'74, de vereniging van studenten sociale geografie aan de VU, een onderwgsaktiedag op woensdag 22 november. Ook op de subfakulteit sociale geografie en planologie bestaat veel verzet tegen de plannen van minister Pais, uitgewerkt in zijn nota „Hoger onderwijs voor velen". Op 8 september j.1. heeft de subfakulteitsraad de nota Pais onaanvaardbaar genoemd voor de studie sociale geografie. Niet voor niets is er in het kader van de herstrukturering van het W.O. een 5-jarige kursusduur voor de studie sociale geografie bij de minister aangevraagd. Op de subfakulteit wordt op dit moment hard gewerkt om op 1 september 1979 met een geherprogrammeerd eerste jaar te be, ginnen gebaseerd op een kursusj duur van 5 jaar. Om dit alles nog eens te accentue'en heeft SG'74 de studenten sociale geografie opgeroepen om op , 22 november de kolleges niet te be-
Ulebelt, bestuurder van het FNVjc, Peter van de Berg en Jan de Jonge. De beide laatsten zijn andragogen van de UvA. In een algemene beoordeling van het werkgelegenheidsbeleid van de huidige regering merkte Arie Bijl op dat dat beleid zich eerder kenmerkt door iets na te laten dan door iets te doen aan de werkloosheid. In Bestek '81 zal men zelfs geen aparte paragraaf aantreffen die gewijd is aan de werkloosheidsbestrijding, laat staan aan de bestrijding van de jeugdwerkloosheid. Het FNVjc wil daar duidelijk wel iets aan doen. Paul Ulebelt benadrukte nog eens dat de enorme sociale problematiek bij de werkloze jongeren het uitgangspunt had gevormd voor „het plan". — De sleutel tot de oplossing van de werkloosheid ligt, zijns inziens, in het afstemmen van de produktie op sociale behoeften. Het marktmechanisme is op dit terrein veelal onvoldoende werkzaam. Omdat de ondernemers te weinig winstperspektieven zien, worden ekonomiese aktiviteiten nagelaten, waaraan wel degelijk behoefte is en die veel werkgelegenheid met zich mee zouden brengen.
N a het vorige kongres is ook het initiatief genomen tot het „Diachronisch thema"-projekt. In plaats van de traditionele los van elkaar staande behandeling van tijdvakken wordt in dit projekt één bepaald thema uitgekozen (voorwaarden voor revolutie was het eerste thema, militaire interventie het tweede), dat zich over verschillende tijdvakken uitstrekt. Er wordt een link gelegd tussen de verschillende tijdvakken t.a.v. dit thema. Intussen is dit projekt nu een verplicht onderdeel van de studie geworden. Een suksesje want veel te vaak nog zijn aanzetten tot een niet-traditionele geschiedsbeoefening alleen buiten het kader van het officiële studieprogramma mogelijk. D e diskussiegroepen, die bijvoorbeeld na afloop van het vorige kongres startten, gingen een beetje de mist in mede omdat ze buiten de normale studie moesten plaatsvinden. Door de herprogrammering is het gewone studieprogramma zo zwaar
Toch zijn veel stafleden nog steeds de traditionele geschiedsbeoefening toegedaan en is het dus zaak te werken aan goede argumenten voor andere benaderingen. Vandaar ook het kongres. Krachtig verzetten de organisatoren zich ook tegen de plannen van minister Pais voor het twee-fasen-model. Ze vinden, dat je in de toekomst zeker geen twee soorten historici mag krijgen: onderwijzers en onderzoekers. Het onderzoek mag niet verzelfstandigd worden. Onderwijs en onderzoek dienen geïntegreerd te zijn. En de docent dient ook een goed historicus te zijn. Dit kongres is toevallig gepland in dezelfde week als waarin de onderwijsaktieweek aan de VU plaats vindt. Het had eigenlijk ni^t op een beter moment kunnen plaatsvinden want het congres geeft een voorbeeld van de richting, die onderwijs en onderzoek uit moeten vinden de vier studenten van Merlijn.
De organisatie van geschiedenisstudenten op de Vrije Universiteit Merlijn houdt op vrijdag 24 november een kongres onder de titel „Geschiedenis en Bevrijding". Vijftien sprekers uit het hele land en uit verschillende maatschappelijke sectoren zullen op die dag op drie verschillende punten van het hoofdgebouw van de VU (De Boelelaan 1105, Amsterdam) vertellen over hun ervaringen met „geschiedenis in dienst van emancipatiebewegingen". Er komen zowel sprekers van de onderzoekerskant als van de gebruikerskant: historici én vertegenwoordifgrs van aktiegroepen. Op die dag kunnen ook kontakten gelegd worden tussen die twee groepen, die elkaar vaak nog met wantrouwen bekijken. Behalve historici, welzijnswerkers en vertegenwoordigers van aktiegroepen zijn natuurlijk ook studenten van andere faculteiten welkom. Immers emancipatorische wetenschapsbeoefening is meestal ook interdisciplinair. Er komen lezingen over vrouwengeschiedenis, buurtgeschiedenis (in A'dam, R'dam en Groningen), homogeschiedenis, geschiedenis van de studentenbeweging, geschiedenis van de arbeidersbeweging, die van de werkende jongeren, die van het anti-militarisme en er is een lezing over politiek toneel. De kongresmap is te bestellen door f 3,50 over te maken op postgiro 2402604 van J. C. Sturm, Louis Bothastraat 12-3, Amsterdam onder vermelding „kongresmap". Deelname aan het kongres is gratis en voor iedereen mogelijk. Het kongres duurt van 9.30—20 00 uur. Inlichtingen: 020-929780, 124304 of 173063.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1978
Ad Valvas | 504 Pagina's