Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 465

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 465

4 minuten leestijd

7

AD VALVAS — 13 JUNI 1980

Hoogleraren Kuiper en Schoor/ namen kijkje bij projekt gezondtieidszorg in Indonesië en konkluderen in hun reisverslag:

'In overtuiging gesterkt dat Indonesië onze steun behoeft' Prof. J.P. Kuiper (sociale geneeskunde) en prof. J.W. Schoorl (niet-westerse sociologie) namen eind april in Indonesië als projektverantwoordelijken deel aan een seminar van het Hedera-projekt ('Health and Development in Rural Areas'), een projekt dat een onderzoek behelst n a a r hoe het er met de gezondheidszorg op dorpsniveau in Indonesië (Java) voorstaat. Het projekt is een onderdeel van het grotere samenwerkingsverband tussen de VU en de Gadjah Mada Universiteit in Yogyakarta. Voor de VU werken aan dit onderzoek de antropoloog Adrie Rienks en de arts Benson Hausman, resp. gefinancierd door de beleidsruimte onderzoek-pot van de VU en het fonds Programma Universitaire Ontwikkelingssamenwerking (NUFFIC). Hieronder een verslag van de ervaringen die de hoogleraren Kuiper en Schoorl opdeden van hun eigen hand. In dit verslag wraken zij het zwartboek van de Indonesië-werkgroep VU, dat enkele maanden geleden verscheen en waarin de groep laat blijken dat het samenwerkingsverband met Indonesië door de VU beter kan worden stopgezet. De universiteitsraad zal over de vraag stoppen of doorgaan aanstaande dinsdag 17 juni rond de tafel gaan. "In de vrijwilligersprogramma's (kader-programma's) waarmee vanuit de poliklinieken (puskesmas) in de dorpen wordt gewerkt, kan het accent worden gelegd op de verhouding tussen de polikliniek en de vrijwilliger, of op de relatie tussen de vrijwilligers en de desabevolking, m.n. de armen onder hen. In het eerste geval ligt de nadruk op het voorlichtingswerk: het brengen van de "boodschap" vanuit de polikliniek aan de bevolking door middel van vrijwilligers. In het tweede geval is er sprake van de juiste tussenpersonen waardoor de dorpsbevolking, en met name de armen, zelf kunnen beslissen welke keuze ze willen maken.' Aan het woord is de VU-antropoloog Adrie Rienks tijdens een inleiding op het werkstuk van de Indonesische antropoloog Purwanta Iskandar en hemzelf, op een seminar van het Hederaproject te Jogyakarta. Zij hebben een aantal maanden in een Javaans dorp in de buurt van het stadje Klampok onderzoek gedaan naar de voorstellingswereld van de dorpsbewoners rond gezondheid en ziekte. Gezondheid en ziekte passen in een complex geheel van ideeén over de verhouding van de Javaan tot zijn omgeving, de totale kosmos. Het niet volgens de juiste regels omgaan met die omgeving kan ziekte en ongeluk brengen. De uitgebreide lijst van door de bevolking onderscheiden ziekten wordt in verband gebracht met overtredingen van de regels voor goed gedrag die harmonie met de omgeving moeten verzekeren. Het gaat daarbij niet alleen om gezondheid en ziekte, maar ook om goede resultaten bij de landbouw, de handel of welke activiteiten dan ook, of omgekeerd om een verklaring voor mislukkingen of onheil. In dit geheel van voorstellingen is maar betrekkelijk weinig plaats voor 'moderne' gezondheidszorg. Een zeer belangrijke plaats daarentegen wordt ingenomen door de 'dukun'. Hij/zij vervult een bemiddelende rol tus- sen de gewone Javaan en de hem omringende wereld. De 'dukun' kan een zeer algemeen inzicht hebben of een deskundige zijn op een bepaald gebied, bijvoorbeeld op het gebied van ziekte of van de landbouw. In het onderzoeksdorp met ca. 2.500 inwoners hebben ze reeds 20 namen van 'dukuns' opgekregen. De inmiddels door Purwanta Iskandar en Rienks verzamelde gegevens hebben een voorlopige neerslag gekregen in hun seminar-paper. Ze zitten nog midden in het onderzoek

en het paper is niet meer dan een eerste en voorlopige ordening van hun ervaringen. Hierbij hebben ze het accent vooral gelegd op de vraag hoe de dorpsbevolking en met name de groep armen bereikt kan worden of beter: hoe kan 'moderne' gezondheidszorg in de voorstellingswereld van deze bevolking een passende plaats krijgen. Het plaatje wordt nog gecompliceerd door de groep van 'kasepuhan'. Dat zijn oudere, wijze mannen. Over het algemeen zijn zij de raadgevers voor de bevolking. Hen wordt gevraagd waarheen in voorkomende gevallen te gaan: naar de 'dukun' of naar de dokter. Dit bracht de antropologen er toe voor te stellen om bij nieuwe vrijwilligersprogramma's te proberen met of via deze 'kasepuhan' te wer-

Piol dl J VV .St/iouW, lHH>i;lLi,i<ti met- Wcslcrsc 'tOLiologic.

ken. Wanneer voor de 'kasepuhan', de 'moderne' gezondheidszorg, een alternatief wordt bij bepaalde ziekteverschijnselen, dan zal daarmee ook het gedrag van de dorpsbewoners worden beïnvloed. Het werd in het seminar ook belangrijk geacht om in een eventueel experiment met nieuwe vrijwilligersprogramma's het verschil van al dan niet werken met de 'kasepuhan' als een belangrijk punt van onderzoek te nemen. In het door de sociologen uitgebrachte paper werd verslag gedaan van de uitkomsten van een survey naar het functioneren van bepaalde vrijwilligersprogramma's. Het was duidelijk dat hierin de nieuwere inzichten vanuit het antropologisch onderzoek nog niet hadden doorgewerkt. Het accent lag daarin veel meer op het sóórt voorlichting.

gramma is door Indonesische regering opgezet ter verhoging van het niveau van de universiteiten. Besloten is om na te gaan welke onderzoekers hiervoor in aanmerking komen. Na het seminar brengen we ook een bezoek aan dokter Yahya en zijn team en aan het dorp van de antropologen. Zo'n 4 ä 5 uur rijden brengt ons in Klampok. Dokter Yahya is daar hoofd van de polikliniek (en nu ook ziekenhuis) Emanuel, opgericht door de christelijke stichting voor gezondheidszorg Yakkum. De vrijwilligersprogramma's in zo'n 21 dorpen leidt hij in zijn 'vrije' tijd. Mede naar aanleiding van de gesprekken met de antropologen zette

Terecht vroegen de deelnemers aan het seminar om een nadere integratie van het antropologisch en sociologisch onderzoek.

De artsen De artsen van het team presenteerden papers die vooral handelden over de methodische problemen om vanuit medisch oogpunt het resultaat van de vrijwilligersprogramma's te kunnen onderzoeken. Zowel in de conclusies als bij de besprekingen kwam naar voren dat het meten van resultaten op kortere termijn (1 ä 2 jaar) en in een paar dorpen grote moeilijkheden oplevert. Gezocht zal worden naar een concentratie op belangrijke volksziekten en op redelijk meetbare zaken. Hierbij werd gedacht aan tbc, huidziekten en wormziekten. Twee artsen die in poliklinieken werken presenteerden papers over hun ervaringen en hun onderzoek. Dr. Yahya, die indertijd met vrijwilligersprogramma's in het district Karanganjar is begonnen, waarschuwde tegen een te gemakkelijke, routine-matige aanpak van de vrijwilligersprogramma's, nu daarmee vanuit de poliklinieken meer algemeen gewerkt gaat worden. Zijn ervaring was dat een vrijwilligersprogramma zonder meer nog niet de armste laag van de bevolking bereikt. Daarvoor is een speciale aanpak nodig. Dr. Elias beschreef een aantal 'dukuns* en hun werkwijze. Hij meent dat gestreefd moet worden naar samenwerking met bepaalde 'dukuns'. Zij kunnen naar zijn ervaring patiënten bij bepaalde ernstige ziekten doorverwijzen naar de poliklinieken. Beide papers gaven veel stof tot discussie. Ook de vraag of in de huidige socio-politieke situatie nog voldoende marges zijn om zinvol bezig te kunnen zijn. werd besproken. De meeste aanwezigen zagen die ruimte nog wel. Het is duidelijk dat de artsen uit het district, die hoofd zijn van een polikliniek, met hun vrijwilligersprogramma's proberen de gezondheidszorg in de dorpen te brengen. Het is ook duidelijk dat het effectief bereiken van de armsten, of beter, het binnen het bereik der armsten brengen van de activiteiten van de polikliniek, geen gemakkelijke zaak is. Zij zijn door het Hedera-onderzoek ook verder gestimuleerd om hun eigen programma's kritisch te bekijken en naar nieuwe mogelijkheden te zoeken. Ook heeft het Hedera-project aangespoord tot eigen onderzoek van artsen in het veld. De relatie tussen de artsen in het veld en - via het Hedera-project - de GadJah Mada Universiteit blijkt voor beide partijen van groot belang. Enerzijds is er de toewijding en de inspanning van de artsen in het veld om de desa's, en met name ook de armste groepen, te bereiken, anderzijds is er het kritisch vragen naar en volgen van de resultaten.

Stimulerende rol Het seminar maakt ook duidelijk dat over de verdere opzet van het Hedera-onderzoek, over de mogelijkheden en beperkingen, nog verder gedacht en gesproken zal moeten worden. Het seminar heeft als zodanig een stimulerende rol gespeeld. Ook blijkt hoe belangrijk de directe koppeling tussen beleid en onderzoek is. De artsen uit het district spreken op basis van hun ervaringen. De onderzoekers proberen hen te begeleiden vanuit een verantwoord onderzoek. Voor de Indonesische onderzoekers is een van de problemen daarbij om meer ruimte voor onderzoek te verkrijgen. Zij zijn met vele andere taken belast, zodat onderzoek 'er bij' gedaan moet worden. Alleen als ze opgenomen worden in het bestaande programma voor het schrijven van dissertaties kunnen ze nagenoeg geheel worden vrijgesteld. Dit pro-

Zelf gaat hij naar plechtigheden van beide kanten. Een belangrijke plaats in de wereldbeschouwing van de bevolking wordt ingenomen door het graf van een vrouw, waarover een mythe bestaat. Hier worden maaltijden - slamatans - gehouden en zij die bovennatuurlijke krachteii willen verwerven slapen op het graf. In de schemering klimt nog een aantal mannen in de klapperpalmen, om de bamboekokers met sap uit de bloemst^ngels te legen. Van dat sap wordt palm-suiker of gulajawa gemaakt. Een van de mannen heeft volgens de artsen duidelijk een vérgaande tbc. Deze mensen kunnen zich economisch niet veroorloven een behandeling bulten het dorp te ondergaan. Een duidelijk voorbeeld dat de medische zorg by de mensen in de dorpen moet worden gebracht.

Het 'zwarte'boek

Prof. dr. J.P Kuiper, hoogleraar sociale geneeskunde aan de VU. hij speciale programma's op voor de armste groepen. Zijn team richt zich niet alleen op het medische werk, maar ook op de economische situatie: landbouw, veeteelt, crediet, e.d. Twee van zijn verplegers hebben zich daarom gespecialiseerd op resp. de landbouw en de veeteelt. Het is duidelijk dat de benadering van deze groepen veel tijd, geduld en in2acht vraagt. Er is de sociale en culturele afstand die moet worden overbrugd en er is de moeilijke economische situatie, die niet toelaat dat deze mensen ook maar enig risico kunnen nemen. Alleen door het winnen van vertrouwen en door het afstellen van de programma's op de situatie van de betrokken groep, kunnen verbetenngen worden bereikt. Ondanks de moeilijkheden, waarover dokter Yahya ook open en kritisch spreekt, blijft hij optimistisch. Hij en zijn team zijn ook van mening dat de armsten bereikt kunnen worden door vaak eenvoudige aanpassingen van bestaande programma's. Daarvan geven ze voorbeelden. In de districten waarin hij werkt, ziet hij ook voldoende ambtenaren in het bestuur en artsen in de medische dienst die zich inspannen om verbetenngen in de dorpen te bereiken. Hij krijgt ook de ruimte om zijn programma's, en m.n. die welke zijn gericht op de armsten, uit te voeren. Het is moedgevend om mensen als Yahya te ontmoeten en te horen van hun activiteiten en hun plannen. Het lijkt ons belangrijk dat deze mensen de steun krijgen die zij nodig hebben en ook verdienen. Na het bezoek aan dokter Yahya en zijn team brengen we nog een kort bezoek aan het dorp waar de antropologen onderzoek doen. Meer dan het opdoen van enige indrukken kon dat niet zijn. We kunnen ons nu echter betere voorstellingen maken van en situaties denken bij de verhalen van de antropologen. Het is in de Javaanse verhoudingen ondenkbaar dat we niet een kort bezoek brengen aan het dorpshoofd. Hij is reeds in 1945 door de dorpsbevolking tot hoofd gekozen en steeds weer herkozen. In zijn 70jarig leven heeft hij al heel wat spannende momenten meegemaakt. Hij heeft zijn dorpsbewoners ook voor rampen weten te behoeden. Bij de komst van de Nederlandse soldaten tijdens de zgn. politionele actie is hij met alle dorpsbewoners de bergen in gevlucht. Alle kostbaarheden en al het voedsel werden meegenomen of verborgen. Alle deuren werden wagenwijd opengezet. Zodoende zijn er geen slachtoffers gevallen en is er geen grote schade geleden. Bij de botsingen in 1965 heeft hij weten te voorkomen dat de PKIleden of -sympathisanten werden gearresteerd. De ca. 60 personen, die als zodanig bekend stonden, hadden immers (nog) niets gedaan, ook al was het dorpshoofd vanuit die hoek wel eens bedreigd. Hij weet ook te voorkomen dat de tegenstellingen tussen de ca. 20% orthodoxe moslims en de ca. 80% minder strenge moslims (abangan) niet uitgroeien tot konflikten.

's Avonds bespreken we met de antropoloog Adrie Rienks en met de arts Benson Hausman het 'zwarte' boek van de studenten ('De Vrije Universiteit in Indonesië' van de werkgroep Indonesië VU, dat een paar maanden geleden verscheen). Er staan te veel halve of hele onjuistheden In om er uitvoerig op in te gaan. Het Is duidelijk dat het geen evaluatie is, maar een toeschrijven naar een vooraf vaststaand doel: geen samenwerkingsverband met de Gadjah Mada Universiteit. De marges waarbinnen in Indonesië gewerkt kan worden, worden niet gezien of niet erkend. Dat er goedwillende ambtenaren zijn, die ook bewust in de bestaande marges willen werken aan het welzijn van de bevolking Is In die gedachtengang onbestaanbaar. Het hele ambtenarenapparaat Is voor hen één monolltlsch geheel. Dit Is een zwart-wlt visie, waarin leder die In Indonesië In officieel verband werkt, verdacht Is. Het zijn overigens weer Nederlanders die precies weten wat wel en niet deugt. Enige voorbeelden van onjuiste weergave of onjuiste suggesties in dat 'zwarte' boek: 1) De christelijke stichting Yakkum zou door de regenng verboden zijn. Dit is onjuist. 2) Alle onderzoeksgegevens zouden aan de regering (moeten) worden gegeven. Dit is onjuist. Rienks zegt uiteraard de code van antropologisch onderzoek te volgen, d.i. alle informanten af te schennen. Buiten de onderzoekers weet niemand wie wat gezegd heeft. In het instituut zijn alleen gecodeerde gegevens beschikbaar waarbij de informanten slechts een nummer hebben. Wel wordt getracht het beleid te beïnvloeden door presentatie van de resultaten van onderzoek. 3) Dat een beleidsrelevant project in strijd zou zijn met de criteria van Nuffie is onzin. 4) Dat er op de universiteit en binnen het onderzoeksinstituut niet een voldoende mate van autonomie bestaat is onjuist. Onderzoek kan opgezet en ui^evoerd worden zoals de onderzoeker dat wenst. Het is onmogelijk om in dit kader alle kritiek die de onderzoekers op het 'zwarte' boek hadden te noemen. Rienks en Hausman vinden de belangstelling van de studenten een goede zaak. Zij betreuren echter de eenzijdigheid en vooringenomenheid die uit het 'zwarte' boek spreken. Een laatste impressie die wij graag willen doorgeven is ons gesprek in Jakarta met 6 Indonesiërs, nl. twee journalisten, een schrijver, een (ex)politicus, een historicus en de directeur van een dagblad. 2aj vormen een gezelschap dat kritisch staat t.o.v. het huidige regime. Drie van

Vervolg op pag. 11 Advertentie

DIKS Autoverhuur bv V. Ostadestraat 278, Amsterdam-(Z). Telefoon 714754 en 723366 - Fil.W. de Zwijgerlaan 101 Telefoon 183767 400 nieuwe luxe- en bestelwagens waaronder: FORDt-VW - SIMCA - OPEU ' NIEUWE (MERCEDES VRACHTWAGENS TOT 26 M3 ENS TON (groot en klein rijbewijs) Lage prijzen en studenten 10 procent korting

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979

Ad Valvas | 494 Pagina's

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 465

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979

Ad Valvas | 494 Pagina's