Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 226

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 226

14 minuten leestijd

*

AD VALVAS ­ 18 JANUARI 1980

Brieven Houd uw reakties kort. Over bijdragen langer dan 300 woorden is kontakt met de re­ daktie nodig'. De redaktie kan bijdragen bekorten.

'Eenzijdige ingreep besturen Geneesicunde en CIF' Namens het aktiekomitè 'medische filosofie', bestaande uit mentoren van eerstejaarswerkgroepen, eerstejaars en de MFVU, schrijven René Breuk en Reinoud Gemke ons het volgende: Na een conflict tussen studenten en medewerliers van de vakgroep medi­ sche filosofie enerzijds en de ad hoc docent prof. dr. ir. E. Schuurman van de Centrale Interfaculteit anderzijds, over de inhoud van het eerstejaars onderwijs aan medische studenten, trok laatstgenoemde zich terug. De besturen van de CIF en de Faculteit der Geneeskunde hebben hierna van de gelegenheid gebruik gemaakt om het werkgroepsonderwijs, waar­ voor al een half jaar lang voorbereidingen werden getroffen, stop te zetten. Hier leek vooral het CIF­bestuur veel belang bij te hebben.

Historie Tot 1968 bestond het filosofie­on­ derwijs aan de medische faculteit uit massale hoorcolleges, die geza­ menlijk voor alle B­faculteiten wer­ den gegeven door prof. v. Riessen. Omdat dit onderwijs in het geheel niet aansloot op vragen van de me­ dische studenten, is een poging ge­ daan deze situatie in het eerste jaar te verbeteren door de algemene filo­ sofie te laten geven door prof. v. Peurssen van de CIF en het onder­ wijs in de medische filosofie te laten doceren door prof. Kuiper (med. fac). Omdat Van Peurssen voor de meeste studenten niet te volgen was, is toen alleen Kuiper doorge­ gaan. Hoe komt het nu dat het onderwijs gegeven door docenten van de CIF blijkbaak niet aansloot bij de Ie jaars studenten? Naar onze mening wordt dit veroorzaakt door het feit dat de docenten van de CIF in het eerste jaar algemene filosofie willen geven, terwijl medicijnenstudenten juist in het eerste jaar een enorme behoefte hebben om te filosoferen over de voor hun nieuwe en om­ vangrijke medische problematiek. Als de door de CIF gegeven algeme­ ne filosofie bovendien nog vanuit een wel zeer beperkte uitgangsvisie gegeven wordt en dan nog alleen in de vorm van (massale) hoorcoUege's dan is dit onderwijs bij voorbaat tot mislukken gedoemd. De vakgroep medische filosofie heeft, toen ze met dit probleem geconfronteerd werd, besloten tot een andere on­ derwij sopbouw. Om te voorzien in de behoefte van het eerste jaar hebben de medewer­ kers en studentassistenten van de vakgroep gepoogd om in het eerste jaar een breed overzicht te geven over het probleemgebied van de me­ dische filosofie aan de hand van drie onderwerpen te weten medi­ sche ethiek, medische antropologie en medische methodologie. Al naar gelang je belangstelling kan je dan als eerstejaars één van deze drie onderwerpen in werkgroepsver­ band verder uitdiepen. Het conflict tussen de vakgroep, die dus blijkbaar inging op de vraag van de studenten om medische filo­ sofie, en de CIF die liever algemene filosofie gaf, werd door deze ontwik­ keling alleen maar aangescherpt. Temeer toen bleek dat de nieuwe onderwijsvorm en inhoud enorm aansloegen. Over de vorm van het onderwijs bestond namelijk ook al een ver­ schil van mening: De CIF was voor­ stander van hoorcoUege's met een daaraan verbonden schriftelijk tentamen. Terwijl de vakgroep me­ dische filosofie meer ziet in hoorcol­ leges en daarnaast het volgen van werkgroepen, die dan vrijstellend zijn voor het tentamen. Juist in een werkgroep bestaat de

Studentenecclesia Zondag 20 januari 1980 wordt in de bijeenkomst van de A msterdamse Studentenekklesia om 12.00 uur in de Amstelkerk aan het A mstelveld de toespraak 'De berg van God' uit­ gesproken door Dolf Coppes.

mogelijkheid tot het bespreken van een onderwerp, het uitwisselen van gedachten en het vormen van een idee, waardoor in dit verband pas het eigenlijke, veel actievere leer­ proces plaats vindt. Dit speelt des te meer in het eerste jaar, omdat de colleges daar, met het oog op de nu al vijfjaar lopende benoemingspro­ cedure van een nieuwe hoogleraar, nog een ad hoc karakter hebben en de eigenlijke continuïteit van het onderwijs door de werkgroepen ver­ zorgd wordt. Behalve de inhoud en de vorm van het onderwijs spelen ook de ver­ schillende opvattingen van CIF en vakgroep over democratie een rol. Ziet de CIF de democratie het liefst zonder studentenparticipatie, de vakgroep is een groot voorstander van de inbreng van studenten, te­ meer daar deze in het verleden van wezenlijk belang is gebleken voor het verbeteren van het onderwijs. Met name in het eerste jaar spelen student­assistenten een grote rol bij het bepalen en verbeteren van het onderwijs. Zo zijn dit jaar de student­assistenten en medewer­ kers al een heel semester bezig ge­ weest met het evalueren, bijstellen en vernieuwen van het onderwijs. Deze situatie bestaat nu al zes jaar. Het zo gunstig uitvallen van de inbreng van studenten is de CIF altijd een doom in het oog geweest. Het was de CIF er dan ook alles aan gelegen om iedere gelegenheid aan te grijpen, om een zo wezenlijk ge­ bleken invloed terug te draaien en haar eigen verloren positie weer terug te winnen. Deze gelegenheid deed zich voor toen er zich een conflict ontwikkelde tussen de stu­ dent­assistenten en medewerkers, verenigd in de eerstejaars taak­ groep enerzijds, en prof. Schuur­ man als ad hoc invaller voor het eerstejaars onderwijs anderszijds, over de inhoud van de colleges van laatstgenoemde. Het resultaat was dat prof. Schuurman zich terug­ trok als docent voor het onderwijs in het eerste jaar.

als je bedenkt dat de mentoren in­ middels geschoold zijn, de onder­ werpen optimaal aangepast en de eerstejaars al ingedeeld in de werk­ groep van hun keuze. Dit alles nu wordt ondergeschikt gemaakt a,an het belang dat de CIF schijnt te hebben bij het terug­ draaien van een uiterst gunstige ontwikkeling in het filosofie­onder­ wijs en de inbreng van studenten daarin op de medische faculteit. Dat het bestuur van de medische faculteit hierbij ook niet vrijuit gaat moge blijken uit de geringe weerstand die werd geboden aan de door de CIF gedane voorstellen toen de hierboven geschetste situa­ tie ontstond. Alsof dit alles nog niet genoeg is werd er een ad hoc beleids­ advies commissie ingesteld die, over de hoofden'van de vakgroep heen 'orde op zaken' moet gaan stellen. Het komt erop neer dat het werk van de commissie ertoelCan leiden dat er ingegrepen wordt in het vak­ groepsbestuur en het eerstejaars onderwijs, waarbij de invloed van studenten zal worden verminderd. Concluderend komt het erop neer dat, door misbruik te maken van een enigszins labiele overgangssi­ tuatie in de vakgroep medische filo­ sofie, de CIF probeert om verloren gegane belangen op oneigenlijke wijze te herstellen. Oneigenlijk, te­ meer daar het afnemen van de in­ vloed van de CIF op het filosofie­ onderwijs aan de medische faculteit door de meeste direct betrokkenen van laatstgenoemde faculteit als een gunstige ontwikkeling wordt gezien. Al met al een onvermogen van de CIF om zich te verplaatsen in de op de medische faculteit heersende si­ tuatie ten aanzien van het filosofie­ onderwijs, en daarmee gaat zij voor­ bij aan het dienen van het belang van de zaak, maar dient in deze slechts haar eigen belang. (Bij de CIF en de medische faculteit, is inmiddels om kommentaar ge­ vraagd. Red.)

Eredoctoraten Vervolg van pag. 1 ding van het bewapeningsgevaar levert weten te maken. Door het werk van het SIPRI heeft de weten­ schap van oorlog en vrede meer en meer erkenning gekregen. De VU wil met dit eredoctoraat haar be­ trokkenheid uitdrukken bij de dis­ kussies over de problematiek van de kernbewapening binnen de kerken, politieke partyen en maatschappe­ lijke groeperingen. Erepromotor zal zijn prof. dr. E. Boeker (wiskun­ de en natuurwetenschappen). Dr. G. Duby (60), een van de meest vooraanstaande Franse historici, is een , gekwalificeerd onderzoeker van sociale structuren aan de hand van materieel­kwantitatieve gege­ vens. Van zijn specialisatie, de so­ ciaal­economische geschiedenis in­ clusief de agrarische geschiedenis, verschoof en verruimde zich zijn onderzoek naar het weinig gebaan­ de pad van de 'mentaliteitsgeschie­ denis'. Literaire bronnen plaatste hij naats materieel­kwantitatieve gegevens omdat deze de werkelijk­ heidsbeleving in een bepaalde tijd weerspiegelen. In zijn werk schept hij door de relativering van wat de materieel­kwantitatieve benade­ ring oplevert ruimte voor een wijze van geschiedbeoefening waarin aandacht voor de christelijke waar­ den in de samenleving een rol kan spelen (een zekere verwantschap met de VU­doelstelling). Erepromo­ tor zal zijn prof. dr. W.J. Wieringa (letteren). Prof. A.B. Frielink (62), sinds 1965 buitengewoon hoogleraar aan de U.V.A., heeft zonder universitaire opleiding ­ hij volgde de beroepsop­ leiding tot accountant ­ op een breed scala van deelgebieden van de accountancy, zoals Informatica, verslaggeving, administratieve or­ ganisatie en accountantscontrole

Wie vertegenwoordigt eigeniijjc de Verenigingsfraictie? Erna Treurniet, UR­lid voor de PKV schrijft ons namens haar fraktie. De UR heeft 18 december besloten het aantal zetels van de Vereniging­ sfraktie niet uit te breiden. Hier staat de PKV volstrekt achter. We zijn echter verre van tevreden over de manier waarop in de UR gediskussieerd is over het voorstel van de Verenigingsfraktie.

De Verenigingsfraktie voerde een aantal principiële en praktische ar­ gumenten aan om aan te tonen dat 7 (van de 40) zetels voor hen te weinig was. Het merendeel van de raad liet zich daarop in allerlei too­ naarden uit over het funktioneren van de al meer genoemde fraktie. Naar onze mening was dit volstrekt irrelevant. Niet dat wij daar geen mening over hebben maar het funktioneren van een fraktie moet maar beoordeeld worden door de club mensen die zij vertegenwoor­ digt. En dat is veel interessanter: wie vertegenwoordigt de vereniging­ sfraktie eigenlijk, waarom zitten er buitenuniversitaire leden (kortweg: bullen) in de UR? Bij het invoeren van de WUB in 1970 vonden de Het ingrijpen minister van O W en de meerder­ heid van de Tweede Kamer dat de Na de verantwoordelijkheid voor relatie tussen de universiteit en het conflict bij de eerstejaars taak­ overige delen van de maatschappij groep gelegd te hebben, zagen de tot uitdrukking moest komen door faculteitsbesturen ' hun kans een aaiital mensen, uit die overige schoon om de zaak, over de hoofden delen van de maatschappij, deel uit van de betrokkenen heen, naar hun eigen hand te zetten. Ondanks dat ^ te laten maken van het top­bestuur van de universiteit, de UR. de situatie in de voorafgaande jaren Nu heeft de studentenbeweging de ook niet ideaal was geweest, omdat de colleges van prof. Kuiper nauwe­ universiteit als een van overige de­ len van de maatschappij afgesloten lijks samenhingen met de werk­ bolwerk nooit zien zitten. Wel een groepsthema's, deed de vakgroep de universiteit autonoom t.o.v. over­ suggestie aan de besturen om deze heid en bedrijfsleven. Een dergelij­ situatie nog een jaar te continue­ ke universiteit zou in onderwijs en ren. Een begrijpelijke zaak, temeer onderzoek groepen en bewegingen daar althans de werkgroepen in het moeten steunen die streven naar/ verleden hun functie overtuigend hadden bewezen en met het oog op werken aan een rechtvaardiger en demokratische maatschappij. Dit de spoedig te benoemen nieuwe noemen we dan maatschappelijk hoogleraar nu geen diepgaande in­ relevant onderwijs en onderzoek. greep in de colleges te doen. Onderzoeken voor het NVV'jc, vak­ De faculteitsbesturen besloten ech­ bonden, Projekten als wetenschap ter, de argumenten var; taakgroep en samenleving, vrouwenstudies, en vakgroep negerend, om een an­ zijn hier voorbeelden van. In die der college te laten verzorgen door onderzoeken en projekten: invloed prof. J. Broekman en de werkgroe­ van de maatschappij van onder af. pen vooralsnog af te schaffen. Dat In 1970 wees de studentenbeweging hiermee voorbij wordt gegaan aan bullen in de UR af, omdat zij dit zag de jarenlange ontwikkeling van de als invloed van overheid en bedrijfs­ werkgroepen behoeft nauwelijks leven en dat is nu eenmaal nog niet betoog. Des te nijpender is de zaak

gelijk te stellen met invloed van overige delen van de maatschappij. Hoe heeft dat nu al die jaren ge­ werkt: invloed van de maatschappij via bullen in de UR? Gebleken is dat bullen meestal af­ komstig zijn uit andere onderwijs­ sektoren of hoge funkties bekleden in bedrijven of ambtenaren­appa­ raat. Kortom zeer bepaalde sekto­ ren van de maatschappij. Daar­ naast hebben ze weinig kontakt met de universiteit, hooguit met en­ kele bestuurders. Zij worden be­ noemd door de minister van O W, eerst was het 'op aanbeveling van de UR' (in het VU­reglement: 'na overleg met de UR'), nu stelt Pais voor 'de UR gehoord'. Kortom de invloed van de UR hierop is mi­ niem. Op de VU ligt dit iets anders. Ten eerste worden de bullen benoemd door het bestuur van de Vereniging waar de VU vanuit gaat. Verder zijn het altijd leden van die Vereniging. De bullen zijn vertegenwoordigers van de VU­achterban, voorzover die bestaat uit leden van de Vereni­ ging. Kortom: een nog grotere be­ perking van invloed van overige de­ len van de maatschappij. Een soort dubbele struktuur: de Vereniging beslist mee in de UR en heeft de uiteindelijke beslissing in zaken die de VU aangaan. Naar de mening van PKV zouden de bullen in de UR van de VU op z'n minst uit meer verschillende maat­ schappelijke sektoren afkomstig moeten zijn dan nu het geval is (wat dacht u van mensen uit verschillen­ de vakbonden, vrouwenorganisa­ ties). Het lidmaatschap van de Ver­ eniging zou geen kriterium moeten zijn; ­ Wij blijven onze twijfels houden of enige reeële invloed op top­nivo wel mogelijk is. Pais stelt in WUB/WWO '81 voor, indien de fa­ kulteitsraad dit wenst, op dat nivo adviseurs van buiten de universi­ teit op te nemen in de fakulteits­

een aantal originele en invloedrijke publicaties van wetenschappelijk gehalte verzorgd. Zijn maatschap­ pelijke verdiensten, met name voor het accountantsberoep, zijn intern en extern groot. O.a. was hij zeer nauw betrokken bij het opstellen van beroepsregels voor het accoun­ tantsberoep. Erepromotor zal zijn prof. drs. J.W. Schoonderbeek. H. Algra (84) was een kleine veertig jaar hoofdredakteur van het Friesch dagblad en heeft uitzonder lijke verdiensten op het terrein van de commentariërende journa­ listiek. Vanuit een duidelijke visie, gevoed door het Evangelie, heeft hij een voorlichtende en vormende bij drage geleverd ten behoeve van het protestants­christelijke volksdeel. Voor velen heeft hij de weg naar de eigen traditie helpen openhouden. De heer A lgra is nauw verbonden met de groepen uit de Nederlandse samenleving waaruit de VU is voortgekomen. Hij was ook jaren lang senator voor de ARP. Dr. José Miguez Bonino (57), verte­ genwoordiger van de Zuidamerl­ kaanse bevrijdingstheologie, neemt als protestant onder de overwegend roomskatholieke representanten van deze theologie een eigen plaats in. Hij heeft een lange reeks van publicaties op zijn naam waaruit dit blijkt, zajn blik richt zich naar drie kanten: de roomskatholieke denkers, de zgn. 'evangelicals' en de marxisten. Als een van de presiden­ ten van de Wereldraad van Kerken droeg hij belangrijk bij tot de dis­ kussies binnen deze raad over een rechtvaardige en verantwoordelij­ ke maatschappij. Enige tijd geleden gaf hij, op bezoek in ons land, enige gastcolleges aan de VU. Erepromo­ tor zal zijn prof. dr. H.M. Kuitert (theologie). (Red.) raad. De FR zou hen naar onze mening dan wel zelf moeten benoe­ men. Misschien is dit een betere konstruktie. Dat zou meer uitge­ werkt moeten worden. Wij houden er in ieder geval aan vast dat de relatie tussen universi­ teit en maatschappij tot uitdruk­ king moet komen in het onderwijs en onderzoek dat gedaan wordt. Bo­ vendien gaan wij er niet van uit dat studenten en personeel van een unisersiteit zulke wereldvreemde mensen zijn. Soms ben je wel ge­ neigd dat te denken. Maar de strijd die op het gebied van onderwijs en onderzoek gevoerd wordt, leert an­ ders.

Bedaktieraad ('B eleidsraad'): prof. dr. E. Boeker, vrz., dr. J. David­ se. E. A . Drost, B. L. de Jong, J. Knol, dr. G. Rietkerk, Th. van Til­ burg. Sekretariaat redaktieraad: H. von Meijenfeldt, kamer 2 E ­ 72, hoofdgebouw VU; tel. 020­5483633. Bedaktie­adres: De Boelelaan 1105 of postbus 7161, 1007 MC A msterdam; tel. 020­5484330, b.g.g. 5486930. Redaktiebureel: k a m e r O D ­ 01, hoofdgebouw VU. Redaktie: J a n van der Veen (hoofdredakteur), J a a p Kamerling, Mathilde van Am­ stel. Medewerkers: W a r n e r Bruins Slot, Wim Crezee, Dirk de Hoog, Simon Kooistra, Lid­ wien Marcus, B a r t Muysson Hans Schumacher, H a r m Tilstra, Cok de Zwart en (niet­red.) dienst Pers en Voorlichting. Fotografen: Mark van Dorp (A VC), Eduard de Kam, Peter Wolters (A VC). Tekenaars: Aad Meijer. G.U.P.D.: De redaktie werkt met andere uni­ versiteitsbladen samen in de stich­ ting Gemeenschappelijke Universi­ taire Persdienst. Kopij, niet bestemd voor de mede­ delingenrubriek, moet (getypt) vóór m a a n d a g 10 u u r ter redaktie bin­ nen zijn. Voor mededelingenkopij: zie bovenaan rubriek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979

Ad Valvas | 494 Pagina's

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 226

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979

Ad Valvas | 494 Pagina's