Ad Valvas 1979-1980 - pagina 215
/ AD VALVAS -11 JANUAR11980
Gandhi, geciteerd door Indiase lioogleraar Anima Boze in lezing:
dom geeft, en als beide worden gedeeld voor het algemeen belang.'
'Bezit lijkt mij een misdaad te zijn'
Geweld contra-produktief
'Het Gandhiaans model van ontwikkeling valt op door de multidimensionele perspektieven, waarbij de mens in het centrum is geplaatst. Het model is tot nu toe niet uitgeprobeerd; het verdient bij uitstek een experiment in deze laatste twintig j a a r van de twintigste eeuw.' De Indiase hoogleraar Dr. Anima Boze hield donderdag 13 december een lezing over Mahatma Gandhi (1869-1948). Een uitleggend pleidooi, dit kollege Ontwikkelingsproblematiek. Praktizeer wat je onderwijst, onderwijs wat je praktizeert, zei Gandhi al. De lezing van mevrouw Anima Boze vormde een oproep het Gandhiaans ontwikkelingsmodel in praktijk te brengen. Gandhi beschouwde het Indiase dorp als een gemeenschap die de geweldloze samenleving het meest benaderde in de geschiedenis. Hij had groot respekt voor de traditionele levenswijze van de dorpelingen. 'Als Gandhi praat over de nietgewelddadige samenleving van een Indiaas dorp bedoelt hij: er is geen konkurrentie, je overtroeft de ander niet omdat je hem of haar haat maar omdat je beter wilt doen. Niets ontziende kompetitie, ongelimiteerd winst maken, zonder zorg om de ander. Deze subtiele gewelddadigheden zijn en waren absent in het dorpsleven van India. Het welzijn van één was afhankelijk van het welzijn van de ander.' 'Er zijn zoveel subtiele gewelddadigheden in ons leven ingebouwd, m de levensstijl en inhaerent aan onze poging te overleven, dat we gewelddadig kunnen zijn in woord en waarden, onderwijs, religies en sociale systemen. En we kunnen ons dat niet bewust zijn. Als we dat wel worden proberen we het subtiele geweld te verdoezelen door te rationaliseren en een attraktief plaatje van onmiddellijk profijt te laten zien.' 'In zijn tijd (1910-1940) was Gandhi getuige van de nood van de verpaupering van de Indiase dorpen. Hij had gezien de wanhopige exodus naar stedelijke gebieden die de moderne industriële civilisatie tot stand had gebracht onder Brits re-
AZVU mag nieuwe polikliniek gaan bouwen Minister Pais heeft aan het bestuur van het academisch ziekenhuis van de VU meegedeeld dat met de bouw van de nieuwe poliklinieken mag worden begonnen. Deze nieuwbouw dient ter vervanging van de huidige barakken en zal in de toekomst een capaciteit krijgen van 250.000 poliklinische consulten per jaar. Het ligt in de bedoeling dit project te voltooien in een tijdsbestek van circa vijfjaar. Eveneens is door de minister toestemming gegeven de nieuwbouw van de eerste tranche van het Academisch Ziekenhuis Leiden (A.Z.L.) voor te bereiden. Naar verwachting zal in de eerste helft van 1980 met de daadwerkelijke uitvoering kunnen worden begonnen. De eerste tranche heeft tot doel om de acute problemen, welke bestaan bij de kliniek voor interne geneeskunde en andere klinieken, in een tijdsbestek van vijf jaar te lenigen. Met deze projecten is een bedrag van omstreeks vierhonderd miljoen gulden gemoeid. ^
Harm Tilstra giem. Imperialistisch van stijl, onverschillig tegenover gewone mensen.' 'Hij werd aangetrokken tot een visie op een samenleving, waar mannen en vrouwen in kleine groepen, in eigen behoefte kunnen voorzien door eigen inspanningen en aktiviteiten.' 'Hij was voor een ekonomisch systeem dat mensen de middelen toestaat, hun benodigdheden te verwerven. Hij nam geen genoegen met de these, de telkens groeiende behoeften te moeten vervullen. Met de samengaande verschijnselen van machinering en verplichte urbanisatie.' Consumisme, vermeerdering van behoeften, toenemend gebruik van machines, hangen volgens Gandhi samen en leiden tot de desintegratie van de menselijke persoonlijkheid, tot massale werkloosheid of voortdurende exploitatie van zwakken door sterken, zowel binnen een land als internationaal. Hij verwierp het principe van het grenzeloos karakter van de menselijke behoefte, als bepaler van ekonomische aktiviteit en het voldoen daaraan als de index van ekonomische vooruitgang. 'De geest is een rusteloze vogel', zei hij. 'Hoe meer ze krijgt, hoe meer ze wil en blijft toch onbevredigd . . . beschaving in de ware zin van het woord bestaat met in vermeerdering maar in de opzettelijke en vrij-
is.' 'Alle rijkdom, materieel en ook intellektueel behoort God toe en kan aUeen door een individu worden bezeten als hoeder ervan.' 'Het hoeder-zijn voorziet in middelen om de huidige kapitalistische orde om te vormen tot een egalitaire. Die heeft geen plaats voor kapitalisme maar geeft de huidige bezittende klasse een kans zichzelf te hervormen. Is gebaseerd op het vertrouwen dat de menselijke natuur nooit onverlosbaar is, (dat het kwaad onvermijdelijk is). Erkent geen enkel recht op prive-eigendom, behalve voorzover toegestaan door een samenleving ten bate van haar eigen welzijn.' Sarvodayah, het welzijn voor allen bepaalde ook zijn houding tegenover de machine. 'Mechanisatie is akseptabel, als de handen te weinig zijn voor het werk, bedoeld te worden verricht. Het is een kwaad als er meer handen Voor het werk zijn dan nodig, zoals in India het geval is,' aldus Gandhi. 'De theorie van de begrenzing van behoeftes bracht een logische basis aan onder zijn verzet tegen geestloze industrialisatie, profijt-expansie, en het doel de middelen laten rechtvaardigen. Dat alles trachtte de machine in plaats van de mens tot eerste produktiekracht te maken.' Zijn houding tegenover de machine is geëvolueerd van 'de machine is zonde, er is geen enkel goed punt in' tot het inzien van de waarde van mikroscoop, horloge, fiets.
i:^;Wf Prof. Anima Boze willige vermindering van behoeften.' 'Dat ekonomisch systeem is onwaar, dat ontkent of afziet van morele waarden.' 'Ware ekonomische systemen strijden nooit met de hoogste, ethische standaard, zoals ook alle ware ethiek, om die naam waard te zijn, tegelijkertijd ook goede ekonomie moet zijn. Een ekonomisch systeem dat Mammonaanbidding insluit en voor de sterken een enorme rijkdom mogelijk maakt op kosten van de zwakken, is een valse en akelige wetenschap. Ware ekonomie staat voor sociale rechtvaardigheid, het bewerkt het goede voor allen gelijkelijk, ook voor de zwakken. Onmisbaar voor een fatsoenlijk leven'. Gandhi in 1937.
Sarvodayah
'Sarvodayah', het welzijn voor allen, bood Gandhi aan als alternatief voor het westers kapitalistische: 'het grootste goed voor het grootste aantal'. Daartoe waren nodig een aantal uitgangspunten. Om 'sarvodayah' te bewerkstelligen nep hij op tot vrijwillige armoede. Niet de gedwongen zoals in India maar de zelf verkozen armoede. Daarvoor is noodzakelijk de reduktie van de behoeften en de beperking van bezit. Eigendom van materiele maar ook van geestelijke zaken is onmogelijk. De dingen en de talenten zijn sociaal goed. 'Bezit lijkt mij een misdaad te zijn. Ik kan alleen bepaalde dingen bezitten, als ik weet dat anderen, die ook die dingen willen bezitten, in staat zijn dat te doen. Maar, we weten dat zo'n ding dat door allen kan worden bezeten het non-bezit
naaimachine en gereedschappen om kunstledematen te maken. Machines die individuele benodigdheden dienen, kunnen door individuen worden gekontroleerd en daarom waarschijnlijk niet verslaven. In tegenstelling tot mechanisatie had Gandhi veel waardering voor het handwerk. Handwerk, lichaamswerk of zoals Gandhi meestal zei, broodwerk, beschouwde hij niet als de vloek van Adam maar als een verplichting voor allen. Landbouw maar ook spinnen, weven, timmeren of smeden. In elk geval zou iedereen, ook de intellektueel zijn of haar eigen straatveger moeten zijn. Hij aksepteerde de tweedeling, handwerker-intellektueel niet. 'Vaak zeggen we, laat iedere onaanraakbare, iedere pana een leraar, een Brahmaan worden.' Maar Gandhi zei: 'Alleen dan zul je gelijkwaardigheid hebben als je ook zegt dat iedere leraar die dat wil, een onaanraakbare kan worden en toch hetzelfde respect ontvangt.'
Socialisme Het Gandhiaans socialisme wil niet geassocieerd worden met het kommunisme, het wetenschappelijk socialisme of met het Russisch of Chinees experiment. Sarvodaya biedt niet alleen voor het kapitalisme een alternatief. Gandhi: 'Mijn ideaal van socialisme IS dat iedereen hetzelfde loon zou krijgen - een advocaat, een wetenschapper, een leraar, een arbeider allen zouden gelijke lonen moeten krijgen.' Vanuit de stelling van het non-bezit of in beginsel alleen dat
wat nodig is om de basisbehoeften te vervullen. 'Gandhi had met Marx gemeen de onvermijdelijkheid van het eind van het kapitalisme en het komen van het socialisme als toekomstige sociale orde. Maar hij aksepteerde niet dat klassestrijd en geweld de enig mogelijke middelen waren van de fundamentele sociale omwenteling. Ook geloofde hij niet dat zo'n verandering permanent kon zijn als die tot stand was gebracht door geweld. Gandhi geloofde in opvoeding en onderwijs, in overtuiging als de geweldloze middelen voor een dergelijke verandering.' 'Hij was er zeker van dat een gewelddadige en bloedige revolutie op een dag zekerheid zal zijn, tenzij vrijwillig afgezien wordt van de rijkdom en van de macht die rijk-
'Geweld door een burgeroorlog of het gebruik van gewapende macht door de staat, zou verwikkeld raken in een cirkel van geweld, die contraproduktief zou worden en negatief, wat het resultaat ook mocht zijn.' 'Gandhi's doel was "sarvodaya", het welzijn van allen, armen en rijken, kapitalist en werker, grondbezitter en boer. Alle mannen en vrouwen, van wie ieder het recht heeft om te leven. Maar de kapitalist moet het gebruik van kapitaal voor persoonlijke doeleinden afzweren; de grondbezitter het land opgeven dat onnodig is voor zijn basisbehoeften; de uitgebuite moet de kracht grijpen die voortkomt uit geweldloze non-koóperatie met de uitbuiter. Echter niemand heeft het recht het leven van de ander te elimineren. Daarom verklaarde hij: 'En als ik de fundamentele gelijkheid zou erkennen, zoals ik behoor te doen, van kapitalist en arbeider, dan moet ik niet de vernietiging van de kapitalist beogen maar zijn bekering nastreven ..." 'Het doel was altijd het systeem, het objekt de bekering van de man achter het systeem.'
Academische Raad verwerpt verhoging inschrijfgeld De Academische Raad heeft zich vorige week vrijdag uitgesproken tegen het plan van onderwijsminister Pais om de inschrijfgelden te verhogen. Zij volgt hiermee het advies van de Commissie Studenten-voorzieningen van de Academische Raad. Zoals bekend heeft de UR van de VU begin december al een motie aangenomen, waarin hij stelt, dat de college- en inschrijfgelden in samenhang met een studiefinancieringsstelsel beschouwd moeten worden en er geen verplichting tot betaling van collegegeld voor zesde en ouderejaars moet worden doorgevoerd. Pais wil met ingang van het studiejaar 1980/1981 het inschrijvingsgeld met ƒ 50,- verhogen tot een bedrag van ƒ 150,-. 'Het inschrijvingsgeld is te beschouwen als een vergoeding voor de door de instellingen van wetenschappelijk onderwijs gemaakte kosten met betrekking tot die inschrijving en is derhalve naar haar aard te karakteriseren als een retributie', zo valt te lezen in de Memorie van Toelichting op dit voorontwerp van wet. In verband met de loon- en prijsstijgingen uit de afgelopen jaren acht Pais die stijging van het inschrijvingsgeld nu gerechtvaardigd. Het nieuwe wetsontwerp gaat verder dan een éénmalige prijsstijging; het wetsontwerp moet het mogelijk maken de hoogte van het inschrijvingsgeld te bepalen bij afzonderlijke Algemene Maatregel van Bestuur. Hierdoor is het mogelijk om het te betalen bedrag aan inschrijvingsgeld periodiek aan te passen aan de verdere ontwikkelingen van lonen en prijzen. De extra opbrengsten zullen ten goede komen aan de instellingen van wetenschappelijk onderwijs, waardoor de rijksbegroting wat wordt ontlast, aldus de Memorie van Toelichting. De Commissie Studentenvoorzieningen van de Academische Raad
Repetities y U-koor beginnen Op dinsdag 15 januari beginnen de repetities van het VU-koor weer. Op het programma staat de Psalmensymfonie van Igor Strawinsky, die op 9 en 11 februari wordt uitgevoerd in Utrecht samen met het Utrechts symfonie Orkest en het Nederlands Dans Theater (in het muziekcentrum Vredenburg). In juni voeren we ons Nederlands Projekt uit (in het Concertgebouw?) De repetities beginnen om 5 uur in de kerkzaal op de 16e verdieping van het hoofdgebouw. Nieuwe leden zijn hartelijk welkom.
vraagt zich af waarom met betrekking tot de inschrijving wél en met betrekking tot andere zaken (bijvoorbeeld Huisvesting en energie) niet het retributieprincipe wordt gehanteerd. De commissie is dan ook voorstander van af.schaffmg van inschrijvingsgelden. Wordt het inschrijvingsgeld niet afgeschaft maar verhoogd, dan wil de commissie ook de studentenbeurzen verhoogd zien. In dit geval heeft de commissie ook geen bezwaar tegen overheveling naar Algemene Maatregel van Bestuur. Maar de commissie heeft nog een bezwaar tegen deze voorstelling van zaken van Pais. In 1972 (het jaar waarin het inschrijvingsgeld werd opgetrokken naar ƒ 100,-) werden de kosten van inschrijving op ƒ 20,- geschat. Motivatie toen, om dit bedrag op te trekken was de koppeling aan kosten algemene studentenvoorzieningen. Wanneer de minsiter nu stelt dat die koppeling grotendeels verbroken is maar meer gekeken moet worden naar de kosten die de instellingen maken bij het inschrijven van studenten, zou het bedrag aan de hand van die redenatie voor het studiejaar 1980/1981 op / 32,40 uitkomen. (GUPD, Groningen, red )
Advertentie
met onze studentenpas komt u over de minimum loongrens De Vakaturebank | UITZENDBURO
IVan Baerlestraat 45 - Amsterdaml
Tel 020 - 765246
Vijzelstraat 55 - Amsterdam
Tel 020-229214
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979
Ad Valvas | 494 Pagina's