Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 342

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 342

14 minuten leestijd

AD VALVAS — 21 MAART 1980

Brieven bijdragen langer dan 300 woorden is kontakt met de redaktie nodig. De redaktie kan bijdragen bekorten.

URspreeiftmet twee monden De VUSO-fraktie in de UR schrijft ons: Tijdens de vergadering van 11 maart heeft de universiteitsraad van de VU zich van zijn zwakste kant laten zien. Het trieste voorval speelde zich af precies twee weken na die UR-vergadering waarin van alle kanten een beroep op de universitaire democratie werd gedaan, toen men het VU-commentaar op het Voorontwerp van Wet voor het Wetenschappelijk Onderwijs vaststelde. Het begon dinsdag 11 maart om een uur of acht 's avonds. Een aantal huishoudelijke agendapunten waren inmiddels afgewerkt en het eerste grotere punt van de avond zou behandeld gaan worden. Het betrof hier de vaststelling van de Algemene Studenten Bijdrage (ASB) en de totale middelentoewijzing aan de RSA. Al eerder had dit ter behandeling op de agenda gestaan, maar omdat destijds enige beroering werd gewekt toen kort voor die vergadering een 'alternatief' op tafel werd gelegd en omdat de desbetreffende vergadering toch al overbelast was, besloot men toen de zaak een maand uit te stellen. Inmiddels werden alle nieuwe gezichtspunten en het commentaar daarop nog eens bekeken door de begrotingscommissie, welke in haar advies voor deze vergadering met een meerderheids- en een minderheidsstandpunt ter tafel kwam. Om zeven uur zou het agenda aan de orde komen, er was een half uur voor uitgetrokken. Daar de RSAvertegenwoordiging, welke was uitgenodigd hun standpunt toe te lichten en eventueel een bijdrage aan de discussie te leveren nog niet was gearriveerd, stelde de voorzitter voor om pas na de pauze het onderwerp ter sprake te brengen. Naast het advies van de begrotingscommissie lag er een stuk van TAS-raadslid J. Knol en een vijf pagina's tellend overzicht en standpunt van de VUSO-fractie, waaraan enkele concrete voorstellen waren gekoppeld. Al een week tevoren was dit in overleg met het Modera-, men van de U.B. zo besloten en ook met de Secretaris waren duidelijke afspraken gemaakt. Tenslotte lag er nog een toelichting van de PKV, boordevol inconsequenties en onwaarheden, welke de VUSO-fractie tijdens die vergadering hoopte recht te kunnen zetten. Ook wilde zij een toelichting op haar eigen stuk geven en enkele foutjes herstellen. Voordat de voorzitter het woord aan de diverse fracties en geledingen kon geven kwam er van DAK-

Oud-medewerker VU overleden Op maandag 10 maart j.I. is op 73jarige leeftijd overleden de heer F.J. Groeneveld. Na een langdurige loopbaan als bestuursambtenaar in Indonesië en Nieuw Guinea, trad hij op 1 mei 1964 in dienst van de VU als hoofd van de toenmalige Centrale Personeelsdienst, welke gehuisvest was in het pand Keizersgracht 168. Zijn motief en doel was zichzelf, vanwege zijn persoon en zijn bestuurservaring, in te zetten voor het welzijn van de VU. De steeds sneller groeiende universiteit en de veranderingen op maatschappelijk terrein hebben er mede toe bijgedragen dat hij per 1 maart 1971, om gezondheidsredenen, zijn functie heeft neergelegd. Per 1 februari 1972 werd hij gepensioneerd.

zijde een ordevoorstel. Mevrouw J. Westra achtte het noodzakelijk de discussie en de toelichting omtrent het onderwerp op te schorten en uitsluitend te stemmen over het meerderheids- en minderheidsstandpunt, daarin heftig bij gevallen door haar iets te voorbarige fractiegenoot S. Noorda. Aanvankelijk probeerde de VUSO-fractie het een en ander te redden, en te wijzen op de ongeoorloofde manier van doen: Bij voorstel van orde werd een minderheid het recht ontzegd hun standpunt toe te lichten, laat staan er over te discussiëren. Op deze wijze werd een essentieel kenmerk van een U.R.-vergadering verkracht. Een minderheid werd hiermee monddood gemaakt. Hoe kon men over een minderheidsstandpunt stemmen zonder de minderheid eerst over haar standpunt te horen? Bovendien lagen er nog een aantal voorstellen van die minderheid die van tafel werd geveegd. Van de zijde van het onafhankelijk W.P. kwamen geluiden die zich bij het DAK aansloten. Met een ASB hadden zij tenslotte niets te maken (deze wordt uitsluitend door de student betaald) en het agendapunt omtrent de ruimteallocatie in het W/N-gebouw was voor een aantal W.P.-ers kennelijk iets belangrijker. Al sputterend drukte Theo van Tilburg (PKV) zijn knopje in en hoewel aanvankelijk aaraelend, stemde hij met het ordevoorstel van mevrouw Westra in. Vreemd! Juist die PKV, die altijd staat op haar standpunt dat een minderheid ten alle tijden gehoord moet worden (daar zijn hele discussies aan gewijd) vond het nu heel normaal dat een minderheid buiten spel werd gezet. Had de PKV iets te verliezen of was het hen een maand voor de verkiezingen om een hernieuwde rivaliteit te doen? Het antwoord zal wel onbekend blijven. Alleen TAS-raadslid W.A. de Smit kon deze vertoning niet helemaal verenigen met de democratie-opvatting van de Raad, welke twee weken daarvoor met veel poeha door verschillende fracties en geledingen werd benadrukt. 'Pais helpt de democratie om zeep' was de mening van vele raadsleden In de vergadering van 26 februari j.1. Het onafhankelijke TAS-lid stemde met de VUSO tegen het ordevoorstel van het DAK.

Nadat het voorstel was aangenomen en de inbreng van de minderheid in de U.R. beperkt bleef tot enkele geschreven stukken, nu tot een volkomen verspilling geworden, moest het de voorzitter van de U.R. van het hart dat het verloop van de vergadering de laatste twintig minuten hem niet bevredigde. Aanvankelijk nijdig, later diep teleurgesteld bepaalde de VUSOfractie haar houding: Alle fracties en geledingen van de U.R., inclusief de voorzitter en het CvB, zouden op de hoogte worden gebracht van onze teleurstelling. De zaak zelf zou worden voorgelegd aan het College van Geschillen. De prettige werksfeer rond het universitaire bestuur was verdwenen. Het vertrouwen was gedaald. Na ruim een half jaar raadswerk bewees de universiteitsraad zichzelf, vlak voor de verkiezingen-,-weinig goeds.'

Voorlichting over demokratie Hein Klemann, namens de VUSO: 'Iedereen d!e de universitaire democratie een warm hart toe draagt, zal het er over eens zijn dat de opkomstpercentages bij de verkiezingen omhoog zullen moeten, wil deze democratie blijven funktioneren. Een groot probleem daarbij is dat een belangrijk deel van de universitaire bevolking, kennelijk onvoldoende weet hoe een en ander funktioneert. Verbetering daarin zal moeten komen van betere voorlichting, wat de studenten betreft met name aan de eerste jaars, omdat iemand die eenmaal niet is gaan stemmen, in de praktijk daar zelden of nooit in een later jaar wel toe zal overgaan. Deze voorlichting kan wel In de sociale introductie al gegeven worden, maar dan komt er al een enorme stroom informatie op de eerste jaars af, en is de tijdspanne tussen de eerste kennismaking met de bestuursstruktuur, en de verkiezingen (pas dan zullen de meesten opnieuw met deze materie in aanraking komen) te groot. Verder dient opgemerkt te worden dat de universitaire voorlichting in deze te kort blijkt te schieten. Daarom heeft de VUSO het initiatief genomen een bundel uit te geven, gericht op de eerste jaars, waarin in het kort de bestuursstructuur wordt geschetst, en waarin verder bijdragen zijn opgenomen van mensen van diverse politieke pluimage die ieder op een of andere plaats binnen die universitaire democratie gefunktioneerd hebben. Deze bijdragen ziJn geschreven door prof. Schenkeveld, prof. Boeker (DAK) dhr. de Smit (onafhanke-

Gericht links vormingsbeleid Ton Geurtsen en Anne M. de Ruiter schrijven ons namens het Algemeen Bestuur van de SSRA: 'SSRA of de studentenklub die maar geen jongerenvereniging kan worden', zo luidde de kop van het artikel dat Simon Kooistra schreef voor Ad Valvas van 7 maart jl. Deze titel geeft aan dat Simon de SSRA op een andere manier benadert dan wij dat doen. Om enkele misverstanden uit de weg te ruimen, hier een reaktie. Tijdens het interview met 3 mensen van het bestuur, bleek al dat Simon veel nadruk legt op de werkende jongeren-diskussie, die 5 jaar geleden inderdaad zeer aktueel was. De stelling die toen wel geponeerd werd en die door ons ook nu onderschreven wordt: 'geen vorming zonder jongerenvereniging en geen jongerenvereniging zonder vorming', betekende dat studenten moesten proberen hun maatschappelijk isolement op te heffen door in kontakt te treden met niet-studerende jongeren en samen te werken aan maatschappelijke veranderingen. Het beleid werd er toen op gericht zóveel werkende jongeren op te nemen dat het ledenbestand uiteindelijk voor de helft uit studenten en voor de andere helft uit niet-studenten zou bestaan. De struktuur van de SSRA zou daaraan aangepast moeten worden.

Maar de SSRA is daarbij niet blijven staan. MN door de P.J.V. en het AB 78-9 zijn er andere diskussies gevoerd en nieuwe stappen gezet op weg naar een geëngageerde vereniging van progressieve jongeren. In het artikel komt dit te weinig naar voren: ipv zoveel nadruk te leggen op de (verouderde) jongeren-diskussie had meer aandacht besteed moeten worden aan de pogingen om de temagroepen ipv de disputen tot basis van de vereniging te maken, de samenwerking met andere linkse organisaties en de betrokkenheid in allerlei vormen van aktie en het steeds gerichtere vormingsbeleid. Deze recentere ontwikkelingen zijn trouwens ook erg belangrijk om überhaupt iets aan niet-studenten te bieden te hebben. In verband hiermee willen we wijzen op een feitelijke onjuistheid in het artikel waarin staat dat de P.J.V. als overkoepelend orgaan over de temagroepen opgericht werd om 'het jongerenverenigingideaal nieuw leven in te blazen'. Dit is een verkeerde weergave van de realiteit omdat de P.J.V. in eerste instantie juist wilde dat de SSRA zich zou solidariseren met aanverwante progressieve organisaties om zó het isolement te doorbreken. Tevens wenste zij de disputen te vervangen door temagroepen. De opheffing van de P.J.V. heeft vooral

lijk TAS) Buerd Ruben (PKV) en van Hein Klemann (VUSO). In het stukje redaktionele tekst Is naar een zo groot mogelijke objektiviteit gestreefd. Mocht iemand toch het idee dat dit niet geheel gelukt is dan staan wij gaarne open voor suggesties t.a.v. verbeteringen in een eventuele tweede editie. Hoewel de bundel met name gericht is op eerste jaars, is hij voor iedereen verkrijgbaar op de VUSO-kamer, kamer OE-55 in het hoofdgebouw, (in de gang bij de dekanen) vanaf woensdag 19 maart

ASB blijft noodzakelijk Gerke de Boer, namens de PKVfraktie in de UR'Opnieuw dit jaar heeft het vaststellen van de algemene studentenbijdrage (ASB) erg veel tijd en moeite gekost. De PKV heeft uiteindelijk, met de meerderheid van de universiteitsraad, gekozen voor een bedrag van /12,50. Wat heeft tot deze keuze geleid? In de eerste plaats moeten studentenvoorzieningen betaalbaar zajn. Een hoge kontributie behoort geen reden te zijn voor een student om niet deel te nemen aan vormingsaktiviteiten. Bij de sport voorzieningen doen zich op dat gebied de grootste problemen voor. De subsidierichtlijnen, die in Den Haag gehanteerd worden, gaan er vanuit dat per september 1980 de sportdeelnemers ƒ 75,-- per jaar betalen. De VU is een van de weinige universiteiten die zich aan die norm houdt. Reden daarvoor is dat afgekeurde begrotingsposten van de VU verhaald worden op de vereniging voor wetenschappelijk onderwijs op gereformeerde grondslag. Het kollege van bestuur Is daardoor voorzichtiger dan de kvb's van andere instellgen met het vragen van subsidies, als men verwacht dat het ministerie ze niet zal toekennen. Het kvb is het hier niet mee eens, maar legt zich wel erg gemakkelijk bij deze achterstelling neer. Dat de VU weliswaar bijzonder is gebleven, maar wel voor 100 % gesubsidieerd wordt, zoals de Vuso in een brief aan dit blad stelde, is dan ook minder dan de halve waarheid. De VU is inderdaad bijzonder en een heffing van de ASB is naar de mening van de PKV nog onvermijdelijk. Tegenstanders van de ASB zijn van mening dat studenten die willen sporten die ƒ 75,— best wel willen en kunnen betalen en dat / 75,— toch al erg laag is. Een vergelijking met een zg. burgersportvereniging kan naar de mening van de PKV niet gemaakt worden. De PKV is met dit laatste te maken (men besefte dat de tegenstelling tussen temagroepen en disputen niet zo absoluut is), en veel minder met het mislukken van het jongerenverenigingsideaal zoals in het artikel gesuggereerd wordt. Het vorige AB heeft de eerste doelstelling van de P.J.V.-de zgn 'vermaatschappelijking' - bijzonder gestimuleerd en duidelijk gesteld dat zij geen heil meer zag om primair te streven naar een vereniging die voor 50% uit werkende jongeren bestaat. Wij hebben die lijn doorgezet en gekozen voor een gericht links vormingsbeleid, dat aansluit bij de direkte leefsituatie van jongeren, waarin plaats is voor analyse en bewustwording van een bepaalde situatie en voor daarop volgende aktie. Dät is óns antwoord op de invulling van het begrip jongerenvereniging. De SSRA beschrijven in termen van een verouderde diskussie is dan ook niet terecht. Het voorgaande wil natuurlijk niet zeggen dat we de werkende jongeren helemaal uit het oog verloren hebben. Er worden wel degelijk stappen in de richting van werkende jongeren gezet. We noemen de grote moeite die de SSRA neemt om een volwaardig systeem van 'kontinue opvang' van de grond te krijgen, onze plannen om ook alle zaterdagen open te zijn, en de propaganda die we buiten de universiteiten nog steeds voortzetten.

Vervolg op pag.

voor integratie met andere voorzieningen, maar dat moet wel te betalen zijn. Het studenteninkomen is nog steeds minder dan het bijstandSminimum. Wat iemand wel en niet kan betalen van een veel te laag inkomen is niet direkt aan de meeste bestuurders van deze universiteit om te beoordelen. De PKV kiest er in ieder geval voor de finansjele problemen op te lossen door middel van koUektieve voorzieningen; alle studenten betalen een gering bedrag om zoveel mogelijk studenten in staat te stellen deel te nemen aan sportvoorzieningen. Voor het heffen van een ASB is nog een belangrijke reden te noemen. Het beleid van de RSA is er opgericht om goedkope sporten, waar veel studenten tegelijk aan kunnen deel nemen te stimuleren boven dure, individuele sporten, zoals tennis en paardrijden. Een bijdrage-eis van / 75,-- dwarsboomt dit beleid. De goedkope breedte-sporten worden erdoor finansjeel onmogelijk gemaakt. De PKV steunt de RSA daarom in haar pogingen de richtlijnen af te schaffen. Ten tweede staat de PKV een meer kontinue beleid voor ten aanzien van de finansiering. Daarbij staat voorop dat de ASB zo laag mogelijk vastgesteld moet worden. Om daartoe de rente van het nog te besteden gedeelte van het civitaskapitaal te gebruiken, zoals de Vuso voorstelt, kan slechts als tydeiyke en weinig konsistente oplossing gezien worden. Als de Vuso het kapitaal in stand wil houden dan zou alleen het deel van de rente boven de jaarlijkse inflatie gebruikt moeten worden. Zo niet dan zou het nog te besteden bedrag van ƒ 400.000 zo snel mogelijk gebruikt moeten worden om de ASB te verlagen of af te schaffen. De PKV is hier geen voorstander van, omdat het civitaskapitaal de mogelijkheid geeft om meer strukturele voorzieningen van de grond te krijgen, zoals het Vudont Projekt. De PKV is met de RSA van mening dat zo snel mogelijk naar een meer strukturele bestemming van het kapitaal gezocht moet worden. Tenslotte wil de PKV benadrukken dat in haar visie een lange termijnoplossing voor de finansiering van de studentenvoorzieningen noodzakelijk is. Een gewijzigd beleid van de minister ten aanzien van de studenteninkomens en de subsidievoorwaarden kan hier veel zo niet alles oplossen.'

Oplage: 12.000 Redaktieraad ('Beleidsraad'): prof. dr. E. Boeker, vrz., dr. J. Davidse, E.A. Drost, B.L. de Jong, J. Knol. dr. G. Rietkerk, Th. van Tilburg. Sekretariaat redaktieraad: mr. H.A. Beek, kamer 2E-72, hoofdgebouw VU; tel. 020-5483633. Redaktie-adres: De Boelelaan 1105 of postbus 7161, 1007 MC Amsterdam; tel. 0205484330, b.g.g 5486930. Bedaktiebureel: kamer OD-01, hoofdgebouw VU. Redaktie: Jan van der Veen (hoofdredakteur). Jaap Kamerling, Mathilde van Amstel. IVI c d 6 w c rkc rs! Warner Bruins Slot, Wim Crezee, Dirk de Hoog, Simon Kooistra, Lidwien Marcus, Bart Muysson, Hans Schumacher, Harm Tilstra, Cok de Zwart en (niet-red.) dienst Pers en Voorlichting.' Fotografen: Mark van Dorp (AVC), Eduard de Kam, Peter Wolters (AVC). Tekenaars: Aad Meijer. G.U.P.D.: De redaktie werkt met andere universiteitsbladen samen in de stichting Gemeenschappelijke Universitaire Persdienst. Kopij, niet bestemd voor de mededelingenrubriek, moet (getypt) vóór maandag 10 uur ter redaktie binnen zijn. Voor mededelingenkopij: zie bovenaan rubriek. Advertenties: J G. Duyker, Oostvierdeparten 50, 8392 XT Bojjl (Fr.); tel. 05612-541. Adjes: Max. 30 woorden. Kosten ƒ6,— ä kontant Alleen voor VU-personeel en -studenten. Opgave vóór maandag 10 uur. Produktie: Randstad Handelsdrukkerij BV (Perscombinatie), Stationsweg 38 of Postbus 264,1431 EG Aalsmeer; tel. 02977-25141.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979

Ad Valvas | 494 Pagina's

Ad Valvas 1979-1980 - pagina 342

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979

Ad Valvas | 494 Pagina's