Ad Valvas 1979-1980 - pagina 210
14
AD VALVAS — 14 DECEMBER 1979,
Tweede nummer onlangs verschenen
Kunststoot wil onbekende mensen een podium geven KuBststoot Een blad vol Icnnst. Foto's van d e draadkonstrnkties van Dickon Eames, een kompositie voor gitaar van Pieter Tordoir, straatliedjes van straatzanger Henk Noorland, een verhaalfragm e n t : „The dressing oat of instruments upon the surgery table" van Opal Lonis Nations. Onder meer. Geen kritieken of recensies, geen vaste rubriek of konunentaarkolom. Slechts een voorwoord: „We zijn een aantal ambitieuze, onervaren onbekenden die met Kunststoot een kader willen scheppen waarbinnen nieuw kreatief werk gebracht kan worden. ledere niet-gevestigde kunstenaar beeft recht op een kans met zqn bezigheden In het daglicht te treden". Willem Garritsen. tweeëntwintig jaar, derde-jaars student Nederlands doet de organisatie voor het blad: „We kregen de schurft in op een gegeven m o ment omdat Molaar, het subfakulteitsblad van Nederlands, vervelend ging doen. Het werd van bovenaf bekeken en was onderhevig aan censuur. We wilden toen zelf een blad gaan msiken, groots opgezet, met grote namen: J a n Wolkers, J a n Cremer enz. Langzamerhand zeiden w e : Nee w e wiUen aan onbekende mensen een podium geven. Zoals Erik Menkveld en Koos Dubbehnan in het eerste nummer. Die jongens schrijven al heel lang, willen wel publiceren maar kunnen hun w e r k bijna niet kwijt." Pieter Tordoir studeert sociale geografie aan de Universiteit van Amsterdam maar noemt zijn hoofdbezigheid de muziek, gitaarmuziek in het bijzonder: „In Kunststoot kom je met mensen in kontakt van wie j e het bestaan niet vermoedt. Het is spannend om nieuw^e mensen te ontmoeten en we hopen dat de lezer ook dat gevoel krijgt. Niet grote namen met uitgekauwde reputaties m a a r hele nieuwe mensen met nieuwe gezichtspunten." De groep mensen die het blad hebben opgericht zijn allemaal wel met één of andere manier
Harm Tilstra van kunst bezig. Zij leveren bijdragen. Die medewerkers kennen ook w^eer artiesten die ze om een bijdrage kunnen v r a gen. Kunstenaars kunnen ook zonder gevraagd te zijn, bijvoorbeeld als reaktie op Kunststoot kopij opsturen. De m e d e werkers bepalen de inhoud van een aflevering van het blad. Steeds ^ s s e l e n d e SEimenstellers, gerekruteerd uit de groep medewerkers hebben een soort eindredaktie. Als de mensen h u n bijdrage ingeleid willen zien, dan moeten ze dat zelf doen. Pieter: „Wat w^e willen is zoveel mogelijk overleg, met elkaar en met de kunstenaar, waardoor het zo demokratisch, zo open mogelijk bUjft. Dat neemt veel tijd in beslag en zal de groepssamenstelling ook wel veranderen." Willem: „We houden vergaderingen met zoveel mogelijk mensen die er iets mee te maken hebben of geïnteresseerd zijn om te praten over wat we wUlen en hoe w e verder gaan."
Kriteria Pieter: „Kijk als w e In de toekomst meer kopq krijgen zul-
Materiële benadering religie Vervolg van p(^na 3 Ritueel Hoe ziet zo'n genezingskultus eruit? „Iemand kan niet zo goed lopen, heeft chronische hoofdpijn, een gezwollen buik, een zere rug. Altijd dat soort diffuse verschijnselen, die voor vele diagnoses in aanmerking komen. Ieder van die kultussen houdt zich bezig met één geest en voor die ene geest is één ritueel. De geest is al in je lichaam en wil dat jij hem als zodanig erkent. Dat je zijn naam gaat dragen, dat je doet wat de geest graag wil: bepaald voedsel vermijden, bepaalde kleren dragen. De therapie is, kijken of d e persoon, vaak een vrouw, in w^ie de geest huist, positief reageert op de kultus: op de dans en de muziek. Gebeurt dat, dan is ze klaar, lid van de kultus en in staat aan een volgende sessie mee te doen. Dat alles voor zeer veel geld. Minstens een bedrag waar een man een maand voor moet werken. De genezing vindt daarna plaats in een langzaam proces w^aarin de klachten verdwijnen. Als dat niet gebeurt is d e ^ e e s t zo sterk dat nog een. Soms nog meerdere kultussessies nodig zijn." „In de kern van de rite treden prachtige en de meest dramatische dingen op. Daar wordt een dansdrama opgevoerd dat uren en uren duurt en dat heel meeslepend is. Ik heb het gevoel dat er werkelijk genezing plaatsvindt. De klachten zijn vaak psycho-somatisch. Het organiseren van zo'n ritueel betekent een enorme mobilisatie van
vaak mannelijke steun. Voor de zieke een enorme bevestiging. Bovendien door dansritme en muziek 'wordt een trance-toestand bereikt die zeer bevrijdend w^erkt. Een soort groepstherapie."
Industrie-kapitalisme De bewegingen hebben vaak een profeet die ook de stichter
len we toch kriteria moeten aanleggen, die een beetje algemeen geldig zijn. Zo'n kriterium zou kunnen zijn: mensen die onbekend zijn m a a r bovendien minder kans hebben te publiceren in de gevestigde media omdat ze op de een of andere manier afwijkend zijn, die mensen een kans geven in Kunststoot. Ik weet niet of er binnen de groep medewerkers overeenstemming over bestaat m a a r ik zie dat kriteriiun wel zitten. Het wordt wel heel erg moeilijk, het afwijkende als kriterium. We moeten dan een goed net hebben om dat afwijkende eruit te vissen. Als we op die manier gaan selecteren geef je jezelf binnen de kunstbladen ook een eigen plaats. Weinig bladen zullen dat wUlen doen want het is nogal risikovol." Een blad vol „jonge kunst", zonder kritiek. De wat diffuse groep selecteert uit een aantal bijdragen de kopij voor een nummer. Daar zit een element van kritiek in: dit nemen we op, dat laten we liggen. Toch maakt het blad de normen, aan de hand waarvan dat gebeurt, niet expliciet. Daar ligt het gevaar op de loer van een willekeurige kritiek en van zelfgenoegzame kunst. Pieter: .,Nou ik geloof dat als je een bijdrage levert en je wordt, zeg m a a r ontdekt, want dat hopen we, dan komt de kritiek vanzelf. We proberen een eerste opstap te zijn, m e n sen omhoog te helpen en niet voor een barrière te plaatsen. Toch hebben we inderdaad k r i tiek door ons opnamebeleid. Onze visie is nog niet erg helder. Dat hoefde tot nu toe ook niet. Alles wat je leuk en interessant vond pakte je aan. Om een begin te hebben. Maar als we meer reakties en kopij krijgen zullen we een visie moeten hebben." Willem: „We hebben geen vaste redaktie. Dat w e r k t verstarrend. Ook een visie k a n verstarring met zich meebrengen. We wülen een blad dat vele gezichten toont. Liefst het gezicht van de medewerkers die in het betreffende nummer publice-
is. De Hoge God krijgt ook een plaats in de bewegingen. „Op een gegeven moment is het handelskapitalisme vervangen door een industriekapitalisme. De produktie en circulatie van waar is het centrale gegeven. Volgens mij is daarmee de voorwaarde gelegd om die diffuse, onpersoonlijke geesten te vervangen door een Hoge God. Een proces dat zich voltrekt in het individueel bewustzijn van een aantal religieuze vernieuwers. Vaak trekarbeiders die veel van die kapitahstische wereld heb-
Een dorpsschrijn, 's morgens vroeg na een naamgevingsrite, onderdeel van de voorouderskultus. (foto W. v. Binsbergen)
V.l.n.r. Willem Garritsen en Pieter ren. De samenstellers geven de uiteindelijke vorm aan het blad, maar de kunstenaars bepalen de inhoud. Zoals we er nu t e genaan kijken laat het blad de ontwikkeling zien van haar m e dewerkers, groeit het blad mee met die ontwikkeling."
Reakties Willem: „We kregen op de eerste Kunststoot veel goeie reakties. Er kleefden nog wel veel fouten aan het blad. Vooral technisch was er nogal wat mis. Maar PLUG en de N.R.C, hebben er aandacht aan besteed. We kregen veel post, onder andere uit België (Jan Fabre: hij publiceert in Kunststoot 2) en
ben gezien. Een daarvan is Simbinga geweest die in de dertiger jaren uit dat hele substraat van genezingsbewegingen zijn eigen Bituma-beweging heeft gevormd. Visioenen dat hij dood ging, bij de Hoge God kwam, die via zijn engelen de middelen toonde om weer beter te worden, ontwaakte uit een soort schijndood (men was al bezig hem te begraven) en andere mensen worden op de aan hem getoonde manier genezen." „In dat hele proces van herdefinitie van het wereldbeeld, hand in hand met de opeenvolging van veranderingen van de maatschappelijke, ekonomische en politieke orde, zijn er voortdurend individuele vernieuwers geweest die dat nieuwe wereldbeeld definiëren. Steeds komen naar voren de visioenen van de Ene Hoge God. Ik heb de indruk dat dat sterk is verbonden met de vestiging van een centraal koloniaal gezag en vooral het langzaam maar zeker penetreren van een ekonomische orde waarin het kapitalisme direkt aanwezig is. Ik heb het gevoel dat die Hoge God in dit soort processen, eigenlijk het symbool is van die nieuwe totalitaire of totale orde. Een maatschappelijke orde die niet is te manipuleren, niet te begrijpen en niet te ontvluchten: Kolonialisme met kapitalisme." „Nog altijd bestaan al de opeenvolgende vormen van religie: de voorouderkultus, de hekserij, de geestenkultus en het geloof in de Hoge God. Ze sluiten elkaar kennelijk niet uit. Nog altijd als een kind koortsig is, niet wil eten, uitgeput raakt zal na een aantal weken gedacht worden: We moeten toch eens een rite voor de voorouders organiseren. Datzelfde kind wordt meegenomen naar een Bituma-
Tordoir. ook uit Amerika. Natuurlijk kwamen de meeste reakties uit het binnenland. Radio Stad heeft het eerste nummer besproken en de kompositie uit nummer twee van Pieter ten gehore gebracht. Het artikel over clowning, waar ik zelf mee bezig ben, van P a mela Kirk, is overgenomen in een ander blad." Pieter: „De beste reaktie op het vorige nummer was, dat kennelijk uitgevers het blad ook lezen. Erik Menkveld heeft in het vorige nummer gedichten gepubliceerd en daarop een reaktie
Vervolg op pagina 15 sessie. Datzelfde kind wordt onderzocht door een arts."
Materialisme „Wat ik nog graag kwijt wil is een soort spanning. Aan de ene kant ben ik niet een diep-religieus mens, ik neem religie doodserieus maar ik doe er zelf niet aan. Ik leg, de andere kant, een analysemodel aan dat in eerste instantie vreselijk ontluisterend lijkt: Die mensen zijn bezig met mooie, goeie, diep-doorvoelde dingen en hij weet niets beters te doen dan praten over produktieveranderingen en produktiewijzen." „Je zoekt naar een manier om de implikaties, emoties, de spanning, opwinding en vervulling van de kultussen op te hangen aan een model dat voldoende algemeen is en voldoende relevant is in het leven van mensen. Een model dat gewichtig genoeg is om wat de mensen in religie volbrengen duidelijk te maken. Het tnodel dat ik hanteer lijkt me, hoe voorlopig ook en hoe ondogmatisch gebruikt, daaraan te voldoen." „De kracht van materiële gegevens is in het westen niet zo belangrijk. Je zit buiten de minimumgrens. In een situatie waarin je als Afrikaanse dorpeling wel iedere dag gekonfronteerd wordt met de grens van je eigen leven, waar elke misoogst gelijk een half dorp uitroeit, waar elke ziekte de dood kan impliceren, daar zijn produktiewijzen heel echt, heel erg diep." „Een materiële benadering van religie is geen ontluistering ervan. Het is eerder het erkennen van het fundamentele belang van het materiële. Zo heb je in mijn model ook precies de mogelijkheid religie te duiden en tegelijk religie dierbaar voor je te laten zijn."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979
Ad Valvas | 494 Pagina's