Ad Valvas 1979-1980 - pagina 127
3
AD VALVAS — 2 NOVEMBER 1979
Prof. dr. P.J. Roscam Abhing hekelt in eerste lezing overgrote verschillen
inkomensverhoudingen
mag eigenlijk niet als normaal gelden. Bij te grote nivellering is er tevens het gevaar, dat de VU aan werfkracht inboet omdat men elders meer kan verdienen of dat men het op zijn slofjes aan gaat doen: je krijgt toch niets extra's, waarom je nog uitsloven.
Enkele malen meer verdienen voor een kwart meer inspanning Als je op een eiland zou zitten en je zou een nieuw systeem van salarisverhoudingen in willen voeren dan zou een verhouding van 1 op 1.25 tussen het hoogste en het laagste inkomen waarschijnlijk rechtvaardig zijn. Zo'n nieuw model zou er niet één zijn voor „de zeer rechtvaardigen" maar voor „fatsoenlijke mensen". Prof. Tinbergen heeft uitgerekend, dat de gemiddelde extra inspanning, die de hoogstbetaalde levert om tot dat hoge nivo te komen niet meer is dan een kwart. Eigenlijk is een verhouding van 1 op 3 of 1 op 3.4 zoals nu op de VU wordt voorgesteld dus nog een behoorlijke luxe voor de hoogbetaalde. Dat betoogde prof. dr. P. J. Roscam Abbing, hoogleraar ethiek aan de Groningse universiteit vorige week dinsdag in de eerste van de serie lezingen over de salarisverhoudingen op de VU, een initiatief van het moderamen van de universiteitsraad na een verzoek van 37 VU-medewerkers om dit thema eens in diskussie te brengen op de VU. Roscam Abbing toonde zich in deze eerste lezing erg ingenomen met de suggesties zoals die in VU-magazine en Ad Valvas onlangs werden verwoord. Drs. A. van Noord had uitgerekend, dat bij een terugbrengen van het verschil in de salarisverhouding van 1 op 3,4 (op dit moment de verhouding tussen hoogst- en laagstbetaalden op de VU) naar 1 op 3 dit 272 extra arbeidsplaatsen zou opleveren terwijl bij reduktie tot 1 op 2,5 zelfs 662 arbeidsplaatsen zouden kunnen worden gecreëerd. Roscam Abbing zette in zijn lezing enkele vraagtekens bij de suggesties van Van Noord maar bij nadere beschouwing kon hij ze alle omzetten in uitroeptekens. Een verhouding van 1 op 3 bijvoorbeeld is wel wat willekeurig en wat dat betreft zou je ook op de sterker beargumenteerde verhouding van Tinbergen kunnen gaan zitten (1 op 1,25) maar je bent in de praktijk nu eenmaal gedwongen tot concessies aan het heersende bestel. J e zit niet op een eiland
Proj. dr. P. J. Roscam
Abbing
en je kunt als kleine groep lang niet altijd ver vooruit lopen gezien die verwevenheid met de omringende samenleving. Als je te ver gaat kan dat bijvoorbeeld ten koste gaan van de werfkracht van de VU als het om het aantrekken van personeel gaat. De mens is per slot tot zwakheid geneigd. Een ander punt van kritiek is, dat bij de suggesties van Van Noord de hele loonhierarchie volledig in tact gelaten wordt ook al druk je de hoge salarissen wat in. En het kan best zijn, dat die hiërarchie zelf ook onrecht in zich bergt. Toch vond Roscam Abbing dit bezwaar niet zo belangrijk op dit moment. J e kunt n u eenmaal niet alles tegelijk overhoop halen. Dat punt van die onverkorte hiërarchie zou je voorlopig even moeten opschorten. Een derde vraagpunt voor Roscam Abbing is of de becijferingen van Van Noord niet wat te optimistisch zijn. Heeft hij bijvoorbeeld ook verdisconteerd, dat extra arbeidsplaatsen ook nieuwe werkplaatsen als accommodatie vereisen. Het is niet enkel een kwestie van loonkosten. Maar ook dat vond de Groningse ethicus niet zo'n zwaar punt. Het resultaat van honderden extra arbeidsplaatsen blijft immers indrukwekkend genoeg. De laatste vraag die hij in dit verband opwierp was of je de gelden, die overblijven na verkleining van het salarisverschil wel het eigen bedryf t e n goede
Jaap
Kamerling
zou moeten laten komen. Maar dat vraagpunt kun je eigenlijk ook wel doorstrepen meende hij want; „Wie zelf begint mag ook beginnen met zelf het doel te bepalen, dat van meer arbeidsplaatsen op de VU zelf dus. Psychologisch werkt dat het beste en je hoopt, dat andere instellingen en bedrijven volgen en de overheid er op gaat inspelen. Het kan dan zelfs een nationaal doel worden". De kreet van de bonden, dat je je niet als eerste moet laten pakken legde hij naast zich neer.
het fijn en voor de minder socialen is het een goede les.
Rolwerk Alvorens zijn konklusies ten aanzien van de VU-ideeën te trekken hield Roscam Abbing een helder betoèg «ver de vraag hoe nu eigenlijk een rechtvaardige inkomensverdeling eruit zou moeten zien en hoe zij er uit zou kunnen zien. Idealiter stelde hij, dat in principe de inkomens gelijk zouden moeten zijn, maar hij onderscheidde daarbij drie ethische acceptabele criteria op grond waarvan j e daarvan zou moeten afwijken. Een werknemer zou meer loon moeten ontvangen naarmate de inspanning die hij daarvoor opbrengt groter is. Bij overuren ligt dat het duidelijkst. Die mag j e best belonen. Als tweede criterium zijn er de bezwarende werkomstandigheden. Extra inkomen is gewettigd als het werk zonder meer „rot" is, lawaai of stank met zich brengt of tot gevolg heeft dat je eerder „versleten" bent. Dit laatste kan bijvoorbeeld het geval zijn bij het dragen van een erg zware verantwoordelijkheid, ook als
Veel lof voor idee nivelleren ten gunste van werkgelegenheid Vrijwillig vooroplopen moest toegejuicht worden. Zoiets kon wel eens als een sneeuwbal gaan werken want anderen kunnen dan toch niet blijven doen alsof hun neus bloedt. Zo'n initiatief op de VU zou dan algemeen moeten worden. De huidige regering is veel te defaitistisch. Zo van „Ach dat lukt toch niet". Ze zullen wel niet op de nullijn willen blijven, laat staan op de min-lijn. Willen hun vingers niet branden. Maar als blijkt, dat men vanuit de bevolking zelf wél wil wordt de situatie heel anders. Op den duur zou de overheid zoiets als wat op de VU wordt voorgesteld tot vaste regel moeten maken en zelfs moeten afdwingen. Dat laatste is geen lelijk woord want het gebeurt in naam van de rechtvaardigheid. De goeden vinden
iemand die op zich wel aan kan. Tinbergen wijst bijvoorbeeld op het „leidinggeven". Als derde corrigerend criterium noemde de ethicus dat van de behoefte: „een groot gezin", „beroepsbehoeften". Maar grote gezinnen kun je natuurlijk via de sociale wetgeving compenseren. Dit criterium bleef wel wat vaag. Vervolgens konstateerde Roscam Abbing, dat In de werkelijkheid de loonverschillen ook door totaal andere kriteria worden beheerst. Zoals „traditie": hoofdarbeid beter beloond dan handarbeid. Zo'n criterium is voor kritische wetenschappers waardeloos. Een tweede extra feitelijk criterium is de groepsmacht. Zich uitdrukkend in de CAO-onderhandelingen waarbij het mes op tafel ligt en de omvang van de
stakingskas doorslaggevend kan zijn. Hier heerst volgens de grijzende ethicus nog altijd de wet van de jungle. En dan is er nog het marktbeginsel. Als iemand een schaars talent heeft, dat echter economisch erg rendabel is kan hij zich duur verkopen. Talent, dat door extra inspanning is verworven mag wel hoger beloond worden maar waarom zou men als drager van bepaalde genen meer moeten krijgen? Dat is niet rechtvaardig. De genormaliseerde werkclassificaties die je in de praktijk hebt werken vaak met deze feitelijke criteria. En nog een ander: dat van de opleiding; hoe meer opleiding hoe meer beloning. Dat terwijl het sterk de vraag is of universitaire scholing zwaarder is dan die op een fabriek of kantoor. Die werkclassificaties zou je moeten zuiveren aan de hand van de eerder genoemde ideële criteria: inspanning, verzwarende omstandigheden en behoefte. Waarbij het marktcriterium toch eigenlijk soms ook wel op z'n plaats kan zijn. Stel dat er drie mensen zouden moeten overwerken terwijl er 20 geschikte werknemers voor zijn. Dan mag je dat werk verkopen tegen opbod. Ander voorbeeld van een goede werking van het marktmechanisme: bij 'n tekort aan verpleegsters staat er kennelijk te weinig beloning tegenover het werk. Vanzelf zullen dan de lonen wel gaan stijgen.
Geld als prikkel Waarna Roscam Abbing op de concessies kwam die in de realiteit noodgedwongen worden gedaan. Salariëring brengt generalisering met zich mee. Een salaris moet je per groep werknemers regelen ook al is de subjektieve beleving van iets als lawaai verschillend en kan de één meer energie opbrengen dan de ander. Als tweede concessie ziet Roscam Abbing, dat enige prikkeling tot inspanning via de beloning toch wel nodig is. Als je teveel nivelleert resulteert dat in een zekere teruggang in de prestatie. Dit gevaar van verslapping moet ook weer niet worden overdreven. Beloningsverschillen houden om dat te bestrijden is niet meer dan een concessie aan de barre werkelijkheid en
Een volgende vraag is hoe je nu technisch de salarisverschillen aanpakt. Pleiten voor loonsverlaging is in de praktijk vechten tegen de bierkaai gebleken. Er is het voorbeeld van de man, die tot in de hoogste instanties salarisverlaging niet gedaan kreeg. Je zou, vindt Roscam Abbing, als werknemer de gelegenheid moeten krijgen om je desgewenst lager te laten inschalen maar dan wél met de belofte, dat het surplus in een landelijk fonds met een of ander sociaal doel (bij de VU dus ten gunste van extra werkgelegenheid) komt. Is die garantie er niet dan wordt misbruik door de werkgever mogelijk. De oplossing, die een afdeling VUmedewerkers vond is buitengewoon ingenieus: voor 9/10 je melden, voor 9/10 krijgen aan loon maar voor 10/10 blijven werken. De op de VU voorgestelde bestemming van het surplus voor meer werkgelegenheid valt bij de Groningse wijsgeer in goede aarde. Dat is een zeer sociaal doel vindt hij. Iedereen die gezond is en niet te oud of te jong heeft recht op arbeid. J e ontneemt door gedwongen werkloosheid iemand het recht om mee te tillen aan de arbcidslast, die gedragen moet worden om de samenleving op peil te houden. Objectief gezien dwing je iemand tot asociaal gedrag omdat hij wel ondersteuning krijgt maar er niets voor kan doen. Dat iemand aandoen is onrechtvaardig. Dan maar met z'n allen wat minder gaan werken. En daarbij ook minder willen verdienen. Dat offer moet dan gebracht worden. En verder de nullijn en de min-lijn accepteren als die gekoppeld wordt aan meer werkgelegenheid. Of een oplossing zoals die nu op de VU wordt voorgesteld.
Rectificatie BRO
In tegenstelling tot wat Ad Valvas vorige week meldde is de eerste promotie in het kader van de beleidsruimte onderzoek die van Gerrit Faber geweest. Op 15 december 1978 promoveerde hij op het proefschrift ,.De europese gemeenschap en ontwikkelingssamenwerking" bij prof. dr. F. de Roos. De promotie van Frans Wientjes was de tweede. Half december zal bij theologie een derde promotie plaatsvinden met steun van de BRO.
VU' viering o ver Nicaragua De volgende VU-viering is 15 november a.s. van 17.00 tot 19.15 uur in de kerkzaal op de 16e verdieping van het hoofdgebouw. Deze viering, die geheel in het teken van Nicaragua staat, is opgezet door de cie VU-viering in samenwerking met de aktiegrqep „VU voor Nicaragua". De NCRV rubriek „Ander Nieuws" zal televisie opnamen maken van deze viering, die 16 december a.s. zullen worden uitgezonden. De verklanking van de strijd uit eigen arrangementen van VEin Nicaragua valt op een zeer liederen voortgekomen uit de bijzondere wijze te beluisteren beweging van „Het Nieuwe Chiin de poëzie van dit land. Ineke leense Lied", waarbij ook theaHolzhaus, lid van Poëzie Hard- terelementen een rol spelen op zal de teksten voordragen. ^ (verteller, enscenering, belichVerder treedt de groep Aman- ting, e t c ) . Aan dit laatste wordt kay op. Amankay is een Chi- meegewerkt door ook andere, leense muziekgroep, die in 1976 nederlandse artiesten met geopgericht werd in Den Haag. bruikmaking van traditionele Al eerder hebben zij tijdens een instrumenten (contrabas, cello). VU-viering hun indrukwek- Het nieuwe Chileense lied is het resultaat van een lang proces kend appèl voor vrijheid laten heren. Wat in Nicaragua vorm van sociale strijd dat het begaat krijgen, zal voor Chili nog wustzijnsnjveau van het volk en het saamhorigheidsgevoel bevochten moeten worden. Alle leden van de groep zingen van de onderdrukten gesmeed en er wordt niet alleen gebruik heeft. Het was deze leinge strijd gemaakt van een groot aantal die uiteindelijk het volk, en met instrumenten van de latijns- het volk Allende, aan de macht amerikaanse volksmuziek, maar bracht. ook van instrumenten behorend Het programma is als volgt: tot het „klassieke instrumenta17.00-17.15 u u r - ontvangst in rium". Het repertoire dat door de kerkzaal, 17.15-17.45 u u r de groep gespeeld wordt bestaat Amankay, 17.45-18.00 uur - Poé-
De Chileense muziekgroep op een VU-viering
Amankay
zie (Ineke Holzhaus), 18.0018.45 u u r - Maaltijd, 18.45-19.15 uur - Amankay. Als u mee wilt doen, bent u van harte welkom! Kaarten (è ƒ 5,-) kunt u bestellen (van te voren) bij ACC, Uilenstede, tel. 4533, PVU, kamer 2 E 62, tel. 4391 (van 10.00-14.00 uur) en de VU Boekhandel, hoofdgebouw tel. 2654.
tijdens een eerder
optreden
In verband met de tv opnamen wordt u verzocht wel om 17.00 uur aanwezig te zijn. Deze viering is een aktiviteit van het Bezinningscentrum in samenwerking met het ACC en de PVU, ditmaal tevens met de Aktiegroep „VU voor Nicaragua".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1979
Ad Valvas | 494 Pagina's