Ad Valvas 1980-1981 - pagina 200
8
AD VALVAS — 12 DECEMBER 1980
1
te adviseren om de jaarlijkse toelage van ruim 4000 gulden bovenop het vette inkomen van de schalen 152 en 154 af te schaffen. Maar dan alleen nog maar voor de toekomstige leden van dit overleefde instituut. Het hemd is immers nader dan de rok, j die de weldoorvoede buiken van de zeergeleerden tijdenshetbelangrijkste rituele gezelschapsspel moet verhullen: de jaarlijkse dies natalis. Het Het College van Decanen (of Deca- royale gebaar om nu eens in eigen denten?), een hoogst curieus bestuur- vlees te sn;ijden (en de heren zitten al beter in het vlees dan Margaret lijk geselschap dat in volstrekte beThatcher die minder schijnt te verslotenheid vergadert en ook overidienen dan zij) en daarmee zeker gens de demokratiseringsdecaden heeft overleefd (het wordt niet geko- twee formatieplaatsen te creéren kon er niet af. En dat in een tijd dat zen) blijkt wel de tand des tijds maar de studenten van wie ruim 90 probeslist niet de tekenen daarvan te cent onder het bestaansminimum verstaan. De grootst mogelijke vermoet leven terwijl de woonlasten de deeldheid verscheurt dit geprivilepan uitrijzen voor hun onderwijs 50 gieerde college op een punt waarover de Tijdgeest toch weinig ondui- procent meer moeten gaan betalen. delijkheid laat. Je hoeß niet lang te raden: versobering als harde noodzaak wülen universiteit en verzorEn student-assistenten voor het volgingsmaatschappij overleven. Maar dongen feit van de afschaffing van neen hoor. De heren komen er niet hun collegegeldkorting worden geuit. Een kleinst mogelijke meerderplaatst. Weten de geleerden niet dat heid besluit tenslotte dan toch maar de UvA zijn toelagen allang heeft
i r
i
Mensen van de VU •Voordat ik naar Indië ging werkte ik als winkelbediende bü Albert Heyn. Toen mijn militaire dienst erop zat en ik terug in Holland kwam, wilde Albert Heyn me in een lagere functie terugnemen dan daarvoor. Daar voelde ik niet veel voor. Op voorspraak van mijn broer werk ik uiteindelijk aLs laboratoriumknecht aan de medische faculteit van de VU aangenomen, 't Was een beginnende faculteit en ik moest er van alles doen: laboratoriumwerk, glaswerk spoelen en dieren verzorgen. Maar omdat de fa-
Louis Brosky beheerder Gebouwenbeheerder van de medische faculteit alsmede hoofd laboratoriumdienst van de afdeling chemische fysiologie, een dubbelfunctie dus. Type van de selfmade man. Brosky (51) trad in 1951 in dienst van de VU als jeugdig knecht, toendertijd de 'aagste rang. Is daarmee de oudste tasser aan de geneeskundefacultett, gemeten aan het aantal dienstjaren. Initiator van de naar hem vernoemde Broskybar in de kantine van de medicijnenfaculteit. Was voorzitter van de FESTlVV-commissie die het feestelijk hoogtepunt van het Eeuwfeest jongstleden september organiseerde. Op de slotavond van het Eeuwfeest in het Concertgebouw werden hem de versierselen van officier in de orde van Oranje-Nassau opgespeld.
culteit bij nul begon kwamen er steeds meer activiteiten en personeelsleden bij. 't Was toen altijd spannend wanneer er nieuw personeel bij kwam. Zou ik voorman worden of zou ik iemand boven me krijgen? Na anderhalf jaar mocht ik een advertentie in de krant opstellen - zo ging dat toen nog - waarin een dierenverzorger werd gevraagd. Er werd een jongen aangenomen van vijftien jaar die onder mijn supervisie kwam. Die toeziende taak is in de loop der tijd steeds meer uitgebreid. Nu, in mijn dubbele functie van beheerder en hoofd laboratoriumdienst, heb ik de supervisie over een man of 65.
Als chef moet je heel goed kunnen luisteren. Je moet voldoende aandacht kunnen opbrengen voor de privézaken die de mensen aan je vertellen. Het personeel is steeds mondiger geworden en volgt niet klakkeloos meer de mening van de meerdere. In heel veel gevallen is dat prettig. De man 'on the spot' weet vaak veel meer van de situatie af dan de chef die meestal alleen algemene dingen weet. Je moet als chef daarom aan je mensen voldoende armslag geven en tegen hen kunnen zeggen: dit is jouw pakkiean; dat kun je voor honderd procent aan. Je moet eigenlijk alleen ingrijpen als het uit de hand loopt. Voor een beheerder moet gelden dat hü werkt zonder aanziens des persoons. Als je voor de één een uitzondering maakt moetje die voor de ander ook maken. Alsjedeene week een gedeelte van de kantine spontaan beschikbaar stelt aan iemand om gasten te kunnen ontvangen, dan kun je die ruimte de volgende week niet weigeren aan een groep studenten die een spel willen doen over onderwijs. En verder heb je een uitvoerende functie. Ik ben geen "Befehl ist Befehl" man maar ik heb mij te houden aan wat het bestuur van de faculteit mij opdraagt. Wat ik er zelf van vind, doet niet ter zake. In het algemeen wordt er in uitvoerende organen veel te veel nabeoordeeld over wat er in een beleidsmakend echelon is afgesproken. Er zijn genoeg andere kanalen waardoor je je eigen mening kan spuien. De democratisering op zichzelf is een groot goed. En dat geldt zeker voor tassei«. Het was vroeger ondenkbaar datje als TAS-lid voorzitter kon zijn van commissies waarin hoogleraren gewone leden zijn. Nu vinden hoogleraren het bijvoorbeeld heel normaal dat ik voorzitter ben van de ruimtecommissie van de medische faculteit. Het besef is nu wel doorgedrongen dat mensen zonder academische titel op hun gebied een specialist kunnen zijn. Vroeger was je als tasser het handlangertje van de wetenschappelijke medewerker. Als hij een hand te kort kwam, dan kon jij je hand even lenen maar dan moest je hem wel gauw weer terugtrekken.
Galgala
afgeschaft? 'Verworven rechten' zo luidt de onwetenschappelijke redenering. Maar plichten ho maar. Orvlangs is er in hetzelfde gezelschap gediskussieerd over de vraag of je ook voor deze categorie VU-personeel periodiek beoordelingsgesprekken zou moeten organiseren. Alleen het woord beoordeling al schoot het gezelschap in het verkeerde keelgat. Want een hoogleraar beoordelen: dat geeft toch geen pas. Wie zou dat wel moeten doen? Je zou hoogstens zo onder de dies- of promotieborrel eens als collega's met elkaar van gedachten kunnen wisselen. Gelukkig hoor je zo hier en daar ook wel eens van een hoogleraar die vindt dat hij ook maar een werknemer is met een verantwoordingsplicht tegenover zijn werkgever. We zijn benieuwd hoe lang het nog duurt eer de hooggeleerden allemaal zo wijs worden. Misschien eerst nog maar eens duchtig nivelleren binnen de universiteiten. Dan leert men het diskriminerende onrderscheid tussen hoofd- en handarbeid wel af.
De vraag is of democratisering altijd zo effectief is. Daarover heb ik mijn twijfels. Werkoverleg in een kring over zaken die met die kring te maken hebben, vind ik goed. Werkoverleg in bredere zin over zaken die niets met die kring van doen hebben, vind ik waardeloos en zelfs griezelig. Zo ook over zaken die in de universiteitsraden of de faculteitsraad aan de orde zijn. Daar wordt door sommige mensen over dingen gesproken die ze hooguit uit de stukken kennen maar in de praktijk niet ondervinden. Voor mij geldt de overtuigingskracht van de argumenten en niet die van de stemmen. Het is jammer dat er een "gap" is ontstaan tussen docenten en studenten als gevolg van de democratlsenngsbeweging. Het wantrouwen tussen beide groepen is singsdien niet meer weggenomen. Ik moet dan altijd aan de woorden van mijn wijze moeder denken: "Waar twee kijven, hebben twee schuld'. Sommigen hebben gezegd dat FESTIVU zo'n groot feest was dat het een slecht feest was. De kritiek richtte zich dan op de voedselvoorziening die inderdaad faliekant te kort geschoten is. De vraag bij de voorbereiding was: hoeveel mensen zouden er komen? Op grond van een filosofie verwachtte ik dat er tienduizend zouden komen. Die schatting werd door anderen veel te optimistisch geacht. Nou, we zijn er nu wel achter gekomen aan de hand van tellingen dat het er zeker twintigduizend geweest zijn. Met de drank kwamen we beter uit. Een kleine achtduizend liter bier is erdoor heen gegaan en de volgende dag waren er nog twaalf vaten van vijftig liter over. Het eten op het terrein heeft een rol gespeeld in de kritiek. Maar als je de mensen vroeg: wat vond je van de verlichting van het hoofdgebouw of wat vond je van José Marcello of van de Beal Street jazzband enz., dan hoorde je uitsluitend positieve reakties. In 't algemeen heeft men het feest gewaardeerd; dan kan Ik rustig stellen, 'k Heb wel een paar maandjes achter de rug. Ook bij andere activiteiten van het Eeuwfeest was ik betrokken: een medisch congres, de openhuis dagen. De organisatie
OHMéUiUM)^ oafiLe<r,ee/^ ooeLoCr Dié C<6É>/VéRSCMlt M/V>Kr rw/éK
fga^JT-
,g;tr
^ V
^ y ertDi^fieeeég.-
Huize 'De Stabiele Eenheid' Brouwersgracht Amsterdam
Aan: doctor Frans Degen p/a De Boelelaan 1105 Amsterdam Amsterdam, 8-12-1980
Frans Degen, wij willen protesteren tegen de neerbuigende wijze, waarop jij in je zogenaamde 'correspondentie' over studenten en andere universitaire problemen en misstanden schrijft. Ten eerste moet ons van het hart, dat we de vorm van je rubriek vemeukeratief vinden: we hebben het even nagetrokken, maar op de VU bestaat helemaal geen 'Frans Degen'. Anoniem allerlei dubieuze oordelen spuien in de pers, vinden wij achterbaks en laf. Je lult maar wat raak op een heel suggestieve manier. Wat heel gevaarlijk is voor het ideologisch klimaat op de VU. Het is allemaal versluierende prietpraat, die je produceert. En dat werkt de machthebbers in de hand. Kijk maar naar dat interview met die Hogenkamp (een of ander VU-opperhoof d) vorige week, die zei 'heel positief tegenover Degen te staan'. Nou, dat geloven we best. Als hij die Degens al niet zelf schrijft in opdracht van het CvB. Ten tweede vinden we je brieven niet grappig. Terwijl we ons toch niet aan de indruk kunnen onttrekken, dat dat nadrukkelijk wél jouw bedoeling is. Uit je brieven spreekt dat overbekende toontje van ironie, sarcasme, relativisme, afstandelijkheid, arrogantie en 'wereldwijsheid'. Een toontje, dat zo kenmerkend is voor de universitaire docenten van 35 jaar en ouder. We worden er op colleges mee dood gegooid. Zonder je ooit gezien te hebben, kennen we je soort al. Sombere gezichten met een zenuwachtige namaakgrijns. Fantasieloze "vrije tijdskostuums'. Halflang haar en nette baard. Ontzettend gemaakt en gespannen optreden. Met de mond heel anti-autoritair, maar in feite zo direktief als de pest. En vooral: een volstrekt gebrek aan begrip voor en betrokkenheid bij wat er in de groep leeft en gebeurt. Meestal ontbreekt zelfs ieder engagement bij wat ze zelf zijn en doen. Hun persoon houden ze angstvallig bultende diskussies. In navolging van de modieuze wetenschapsfilosofie, vinden ze wetenschap 'slechts één van de manieren om tegen de werkelijkheid aan te kijken'. Maar ondertussen! Als een student haar/zijn eigen manier om tegen de werkelijkheid aan te kijken in de groep brengt, dan wordt dat afgedaan als 'subjektivisme', 'ervaringenfetisjisme', om van alle sexistische 'grapjes' verder maar te zwijgen. Overal schijnen ze de humor van in te zien. Alles schijnt gerelativeerd te moeten worden. En hoe kan het ook anders, want ze zijn maatschappelijk gearriveerd. Ze hebben immers een baantje. Ze hebben immers veel te veel geld, waar ze nog trots op zijn ook. 'Zß hebben een tweede huisje en veel verantwoordelijkheden. Er is slechts één situatie, waarin ze iets van hun relativisme verliezen: als namelijk die hooggeprezen Zestiger Jaren ter sprake komen. Oh, oh, oh! Dat is toch zo een mooie en spannende tijd geweest. Toen gebeurde er tenminste nog wat (nu niet meer dan?). Maar als het gaat over de konkrete strijd, die nu overal gevochten wordt (vrouwen, energie, wonen, enz.), dan wordt dat gebagatelliseerd. Voor ons hoeft dat allemaal niet, meneer Degen. Ten derde willen we nog even ingaan op je brief van vorige week aan Harry Brinkmans. Je doet daarin net of studenten achterlijk zijn, omdat ze zich niet meer druk maken over allerlei raden, besturen, nota's, plannetjes van hogerhand, manipulatie, onrechtvaardige verdeling van bezuinigingen, tweefasenstruktuur, enz. Nou: wij zijn niet achterlijk. Wij wisten allemaal al lang, wat jij zogenaamd 'onthulde' in je brief aan Brinkmans. Maar wij hebben wel iets anders aan ons hoofd, dan steeds maar weer onze kop kapot te lopen tegen de muur van procedures en verkalkte strukturen. Wij hebben het voorbeeld voor ogen van de vorige studentengeneratie. Die vocht zich in haar naïviteit eerst te pletter tegen de Wet Herstructurering. De herstructurering zou het nivo van de universiteit op onverantwoorde manier verlagen, zo riepen ze allemaal. Maar toen die wet was aangenomen sloegen ze ineens om, als een blad aan een boom. Toen heette het dat de herstructurering met hand en tand verdedigd moest worden tegen de tweefasenplannen van Pais. Nu ligt het heil van de universiteit ineens in een vijfjarig programma, schijnt het. Laat óns nu ook maar eens een 'onthulling' doen: als volgend jaar de tweefasenstruktuur is ingevoerd, dan komt Pais razendsnel met een nieuw verderreikend voorstel. Bijvoorbeeld de integratie van WO en HBO. En dan zal je die 'linkse' docenten en de laatsten der SRVU-ers ineens horen betogen dat nu juist van het allergrootste belang voor de vorming tot wetenschapper is, dat er twee fasen zijn. En dat een vieijarig programma zo essentieel is voor een volwaardige academische opleiding. Maar wij vegen ons reet af met 'academisch nivo'. Van ons zal je geen kritiek horen op de integratie WO-HBO. Misschien raken we dan eindelijk eens af van dat eeuwige academische ouwehoeren, versluieren en relativeren, zoals in die brieven van jou. Vriendelijke groeten. Josje, Frits-Frans en Marrilenneke.
vreet aan je energie. Ik heb het al eens gezegd: aan het volgende eeuwfeest doe ik wel mee maar niet aan de organisatie.' (B.M.)'~
T)t wlGéHDi a>RUXf ZAL O/JCrLoFéLuk:. SUéöi(f ett
Vfey?j5HOf£0,"J«fJSR3Pewtié FiSawr-
De correspondentie van doctor Degen
SArf^NTiKsJZAC HHZAL
OOK Dé Koü-Tire
réi/ÉJvr of i^iUuri
Frans Degen
\ij\ ÜMNlNé^J VéRNIéTIA-D
. 2)/)r^/ WrLé^.
ü-egéuRT^ z.ulJL£ti u/l] éélJ"
MAAß. Dié IS OooD ö-mT U WM nMR,
'Ru^-na SUféhT.
\
«^^
% o\
'Ä' ' v?/ 1 ^AÈS
\
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1980
Ad Valvas | 466 Pagina's