Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1980-1981 - pagina 381

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1980-1981 - pagina 381

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 24 APRIL 1981

11

Schets van é enige groep waarvoor nooit verldezingen worden geliouden: de maatsciiappijleden

De binnenkant van de Verenigingsfraktie in de UR: 'n goed boerende club De enige fraktie in de universiteitsraad waarvan de leden niet via verkiezingen op h u n zetel terechtkomen is de Verenigingsfraktie. In de verkiezingstijd hoor je er dan ook nooit wat over. Hoe zit het precies m^ die groep, die wordt geacht de maatschappij in de raad te vertegenwoordigen en daarom ook uit njteiisen van buiten de universiteit wordt samengesteld? Eigenlijk is het simpel: de Verenigingsraadsleden, bij de rijksuniversiteiten maatschappijleden of formeler buiten-universitaire leden, ook wel afgekort 'bullen' genoemd, worden door het bestuur van de Vereniging waarvan de VU uitgaat benoemd. Bij de rijksuniversiteiten gebeurt dat door de Kroon. Maar dat is de buitenkant. I n dit artikel een schets van de binnenkant van deze in de VU-raad volgens eigen zeggen momenteel goedboerende club van zeven aan de hand van interviews met vijf van hen. 'Wij zijn nu zelfs de enige complete fraktie,' zegt dra. Joop Kraan-Wielenga bijna triomfantelijk. 'Bij de studenten is één zetel vacant, bij de TAS twee en bij het WP zijn het er dne!' Inderdaad, compleet is toch maar compleet. Maar om steeds een volle fraktie bij elkaar te garen gaf sinds de eerste - toen nog voorlopige - universiteitsraad van 1971 de nodige hoofdbrekens, hoewel er telkens weer gegadigden waren. Ze boden zich niet aan. Ze werden gevraagd. Ik kreeg destijds een brief van het Verenigingsbestuur. Ik was erg betrokken bij het studentenleven. De mensen werden getipt,' aldus mevr. Kraan-Wielenga, in '50 aan de VU afgestudeerd psychologe, cursusleidster in het vormingswerk en toen, '75/'76, moeder met de zorg voor drie opgroeiende kinderen. Ze is nu haar derde tweejarige raadsperiode ingegaan. 'Ik denk dat het voor een groot deel onbekendheid was bij de leden van de Vereniging (waaruit voor de fraktie wordt geput), dat het zo moeilijk was raadsleden te vinden. Ook zit er nogal wat aan vast. Mensen die er een baan naast hebben kunnen het raadswerk er nauwelijks bij doen. Om het goed te kunnen doen, zou je echt faciliteiten van je werkgever moeten hebben.'

Tijd De Verenigingsf raktieleden blijken gemiddeld een tot twee dagen per week voor het raads- en commissiewerk te moeten reserveren. Landelijk geldt hetzelfde beeld, zoals in een in 1979 verschenen onderzoeksrapport naar de positie van de buiten-universitaire raadsleden van de commissie-Polak (universitaire bestuurshervorming) werd geconstateerd. Je moet er dus wel de tijd voor kunnen nemen. Dat heeft tot gevolg dat de maatschappijleden vaak gezocht moeten worden in de grijze sector, bij de VUT-ters die nog fit genoeg zijn. 'Het is net als met de kerkelijke generale synode. Daar kunnen ze alleen maar lui voor strikken die op de een of andere manier de beschikking over vrije tijd hebben,' zegt fraktievoorzitter dr. H. Mulder, theoloog en met zijn 70 jaar de nestor van de groep, waarvan de gemiddelde leeftijd circa 60 is. Dat gemiddelde is geflatteerd. Het zou hoger liggen, ware het niet dat de fraktie één 'jonkie' in haar midden heeft: de in Den Haag in de gehandicaptenzorg werkzame sociologe drs. Janny Omta (32). 'Daar moeten we dus heel zuinig op zijn,' zegt Mulder. Ja, want je weet nooit of die net als in '79 de wakkere jurist "Ton Vroon, die tot dezelfde generatie behoort, wegens overbelasting ontijdig afhaakt. Ontijdig, omdat de fraktie gaarne op het voor haar schaarse artikel jeugd aast om dat vervolgens zo lang mogelijk in huis

Jan van der Veen te houden. Vijf van de zeven fraktieleden zijn ruim boven de 60, een zesde heeft dit ronde getal spoedig bereikt. Mevr. Omta: 'Het bestuurswerk kost echt ontzettend veel tijd.' Ze moet, omdat ze daarnaast een inspannende baan heeft, op raadsvergaderingen dan ook wel eens verstek laten gaan, maar ze doet het raadswerk met interesse. 'Door de aanwezigheid van zo'n Verenigingsfraktie worden de universitaire zaken ook eens vanuit een ander licht bekeken.' Daardoor gaat de besluitvorming soms een andere kant uit. 'Ik geloof dat de fraktie een 'beschouwende' invloed kan hebben zonder dat je kunt zeggen dat het allemaal te meten is.' De maatschappij, weliswaar beperkt tot Verenigingsleden, wordt mee-gehoord. Janny Omta vindt dat dat moet. De universiteit is geen eiland. De Verenigingsleden zitten natuurlijk zonder last of ruggespraak in de universiteitsraad, maar behoefte aan kontakt met de maatschappelijke achterban die hen middels zijn bestuur aan hun zetel hielp, IS er wel Mulder, die vanaf het begin in de raad heeft gezeten, eerst als op de VU arbeidende WP'er in de gelijknamige fraktie en na zijn pensioen eind '75 als Verenigingsraadslid: 'De eerste jaren dat ik m de Verenigingsfraktie zat was er volstrekt geen kontakt met het Verenigingsbestuur. Dat kwam een paar jaar geleden aarzelend op gang, door ons gestimuleerd. Nu vergaderen we zeker drie keer per jaar samen na een middagvergadering van de raad. Je hoort zo dus wat de problemen zijn waar het Verenigingsbestuur mee zit. Van belde kanten vinden we het heel vruchtbare gesprekken '

Mevr. Kraan-Wielenga: 'Maar we zijn in geen enkel opzicht spreekbuis van de Vereniging, hoewel we betrokken zijn bij de relatie Vereniging-VU!' In de vergaderingen van de raadscommissies ontmoeten de Verenigingmensen de collega's van andere groeperingen. Het uit de christelijke vakbeweging afkomstige Verenigingsraadslid B.L. de Jong, dat ook al door herbenoemingen in zijn derde zittingstermijn bezig is, prijst de 'goede teamgeest' in de groep. 'We hebben om de veertien dagen vóór elke raadsvergadering voorbesprekingen van een uur als het middagzittingen zijn. Voor avondvergaderingen is dat twee uur.' Dat functioneert goed ondanks de krappe tijd, zegt hij. Vergeleken met de andere raadsfrakties is die van de Vereniging m het nadeel in meer dan een opzicht. De leden van de andere frakties werken of studeren op de VU, kunnen zich sneller informeren, sneller met elkaar in kontakt treden en daardoor meer klaarmaken of veel dieper dingen uitpluizen voor goed doortimmerde standpunten. Maar de Verenigingsfraktie is daar .wat aan gaan doen. Niet alleen kwamen er de genoemde voorbesprekingen, ook kreeg de groep de beschikking over een heuse fraktieassistent voor een dag per week. Sinds 1979. Mevr. Kraan-Wielenga: 'We konden het niet aan. Er zijn toen veel gesprekken geweest over de vraag hoe we beter konden draaien. Nu gaat het beter. Ik kan me niet meer voorstellen dat we zonder fraktie-assistentie hebben gefunctioneerd.' De huidige assistente, Corrie Hootse, coördineert, schrijft brieven, verricht zoekwerk en belt noodzakelijke informatie door aan de verspreid in den lande wonende fraktieleden. Een uitkomst dus.

Zetels Wat de fraktie toch wel een beetje steekt is de zetelverdeling. Zij moet het met zeven zetels doen, terwijl de overige geledingen rijkelijker bedeeld zijn. Alleen in de voorlopige universiteitsraad had ze er acht. Sindsdien zit ze op het heilige getal. De overige 33 raadsstoelen werden november 1972 voor de definitieve raad verdeeld over WP (14), studenten (11) en TAS (8). In de op vervanging wachtende Wet universitaire bestuurshervorming 1970 staat dat tenminste een zesde deel van de zetels voor de maatschappijleden is bestemd. De wet laat dus uitbreiding m principe toe. In 1976 begon het gevecht voor een herverdeling van de 40 zetels, dat in de beginjaren een stevige stapel papier had opgeleverd, opnieuw. Het zou vier jaar duren voordat de strijdbijl weer begraven kon worden, zolang als het duurt. De minder bedeelde TAS-groep wilde gaarne een sterkere vinger in de pap.

ik denk dat die door de andere leden gedeeld wordt - is dat, als het om tsTJische universiteitszaken, zoals het Academisch Statuut, gaat, dat dan de andere frakties daar de boventoon bij moeten voeren. Omdat dat de universitaire gemeenschap zelf veel meer aangEiat dan de Vereniging. Dat wil niet zeggen dat we daar dan geen mening over hebben. De taak van de Verenigingsfraktie ligt volgens mij veel meer op het principiële vlak, onder andere de doelstelling van de universiteit.' 2aen de VÜ-BUL-len wel eens mede-BUL-len van andere universiteiten? Mevr. Kraan-Wielenga:

Fraktievoorzitter Verenigingsgroep dr. H. Mulder (70): 'Het is net als met de kerkelijke generale synode. Daar kunnen ze alleen maar lui met vrije tijd voor strikken'. Gelijkwaardigheid was het woord dat met koeieletters in zyn vaandel stond, maar dan beperkt tot WP, studenten en TAS. Die moesten elk 11 zetels knjgen, de Verenigingsfraktie moest maar op haar klein getal blijven. c De Verenigingsfraktie kwam toen echter ook uit de hoek en vond dat zij er dan ook bij hoorde. Voor elke rEiadsgroepering dus tien. Het was 1979. Juist ook een moeilijke tijd, omdat de fraktie kampte met twee vacatures. Dat kwam goed uit omdat het de argumentatie van dr. Mulder een hechtere basis gaf: 'We zijn allemaal overbelast. Dat heeft ertoe geleid dat leden van myn fraktie (twee jongere onder wie Ton Vroon, vdV) na korte tijd weer moesten afhaken.' Het smeekgebed mocht met baten. In april vong jaar werd het driemaal elf en zeven (Vereniging). Is de fraktie erg teleurgesteld? Mulder: 'Dat kan ik met zeggen, maar ik blijf het billijk vinden als de groepen gelijkelijk bedeeld zijn.' De tragedie van de lege Verenigingsstoelen is trouwens tot ieders verrassing tamelijk snel verleden tijd geworden. Teneinde raad probeerde de Vereniging een werving via de onpersoonlijker advertentieweg (Trouw, Friesch Dagblad en VU-Magazme) En, o wonder, daar kwamen enige tientallen reakties op. De gepensioneerde in de christelijke vakbeweging 'gepokt en gemazzelde' J de Graaf en de 64-jarige drs. J.J. Knibbe, in het dagelijkse leven voorzitter van de grondkamer voor Gelderland en Overijssel werden de uitverkorenen en begonnen m 1980. De burgemeester van Linschoten M.K. Pool was in dat jaar ook een nieuw gezicht. Hij was op de oude manier van mond-op-mond geworven. Fraktielid De Jong had hem warm aanbevolen. De burgervader zei ja omdat hij 'parallellen m het universiteitsraadswerk' vond vergeleken met wat hij dagelijks doet; besturen. 'Ik meende dat ik dat er wel by kon doen. Het burgemeesterschap kan je net zo inrichten als je wil. Ik doe veel avondwerk en dan mag je overdag wel eens elders zijn. Trouwens, een goeie burgemeester werkt niet, die laat werken . . . ' Het raadswerk komt voor hem op een hele dag per week. Over de eigen taak van de Verenigingsfraktie zegt hij: 'Mi)n visie - en

'Er zijn een paar van die bijeenkomsten door maatschappijleden georganiseerd. Ik ben een keer naar De Erasmus-universiteit m Botterdam geweest, waar we zelfs een aparte vergadering van de vrouwelijke BUL-len vooraf hadden om onder andere over vrouwenstudies te praten. In Utrecht is ook zo'n bijeenkomst geweest en, ik geloof ook in Groningen. In Rotterdam merkte ik dat we het op de VU met ons clubje nog niet zo gek deden. Onze onderUnge kontakten als fraktieleden bleken veel intensiever te zijn dan elders. Vaak hebben BUL-len helemaal geen kontakt met elkaar, ook al zitten ze in dezelfde raad. Een Leidse BUL zei op die meeting: 'Hartelijk dank voor dit initiatief, eindelijk spreek ik eens een medeBUL buiten de raad.' Aan de VU lijkt het met de maatschappijleden goed te gaan. Sommige Verenigingsraadsleden menen dat de groep wat jonger zou kunnen zün, maar als oud gelijkstaat met wijs, zou dat weer een nadeel kunnen zijn. Voordeel bij de Verenigingsgroep is dat daar doorgaans mensen in komen die, omdat ze bijvoorbeeld gepensioneerd zijn, langer kunnen meedraaien dan een raadstermijn. Drie van de zeven van dit moment vergaderen al een jaar of vijf. Dan doe je wel een stuk ervaring op, iets wat de één jaar zittende studenten in de raad missen. Die zijn net ingewerkt en moeten dan opstappen. Burgemeester Pool: 'Studenten zitten veel te kort in de raad. Om je werk goed te kunnen doen als raadslid, moet je toch eigenlijk wel met een jaar of drie als minimum rekenen.' De Verenigingsfraktie kan hem vermoedelijk dus wel voor nóg een periode noteren. Over de nu begonnen raadsverkiezingen wil de heer De Jong zijn vrees voor een lage opkomst wel kwyt: 'De interesse voor dit soort bestuurswerk begint te dalen. Ik denk dat dat ook ligt aan het dalende verantwoordelijkheidsbesef in de maatschappij m het algemeen.' In de gelederen van de Vereniging is die interesse voor het raadswerk in elk geval zo te zien niet aan het wegebben. Om van springvloed te spreken is wat te veel gezegd, maar vloed is het wel als er zich op een enkele advertentie twintig tot vijfentwintig kandidaten voor een Verenigingsplaatsje in de raad melden. (J.v.d.V.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1980

Ad Valvas | 466 Pagina's

Ad Valvas 1980-1981 - pagina 381

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1980

Ad Valvas | 466 Pagina's