Ad Valvas 1980-1981 - pagina 85
3
AD VALVAS — 10 OKTOBER 1980
Computers kunnen honger onder controle brengen
VU analyseert boerinnengedrag maximale opbrengst is. Dit gebeurt door middel van studie van het pro ces van fotosjmthese. Deze maxi male opbrengst wordt nooit ge haald, want rijst groeit niet in de lucht, maar gewoon op de grond. Daarom wordt vervolgens gekeken naar de waterbalans in die grond en naar de vruchtbïiarheid van de bo dem. Beide zullen nooit ideaal zijn. Vandaar dat de verwachte op brengst van rijst lager is dan de maximale opbrengst. Maar we zijn er nog niet. Want nu doet de boerin haar intrede. Zij ploegt, zij plant, zij wiedt, zij oogst. Als ze dit allemaal heel goed doet is de werkeUjke op bren^^ gelijk aan de verwachte op brengst. Meestal is die echter min der. Volgens de Wageningse hoog leraar Burii^h (Bodemkunde en Geologie) die onlangs zijn input output model voor Thailand pre senteerde moet de werkelijke op brengst toch minstens vijftig pro cent van de verwachte opbrengst bedragen. Als dat in de praktijk niet Ko ter Hofstede zo is, dan moeten de boerinnen het ook zelf maar weten, dan zijn ze gewoon slechte boerinnen. Daar kunnen we in bet model dan verder zoek Wereldvoedselvoorzientng geen rekening meer mee houden, (SOW). Nu onder leiding van de VU aldus Burii^h. hoogleraar Tims. De bedoeling is om van de nationale economieën van 25 landen een computermodel te maken. Nationale modellen wor VU analyseert boerinnengedrag den opgesteld voor Westerse landen Met de door Wageningen aangele als de VS, Canada, Japan en de verde relaties tussen inputs (kli EEG, de Oostbloklanden Hongarije maat, grond, water en arbeid) en en Polen en Derde Wereldlanden als Thailand, India, Kenia, Indone sië en Bangladesh. Grote afwezigen zü'n China en de Sovjet Unie. Ook de Sahellanden, toch hongergebieden bij uitstek komen straks niet in de computer van de SOW.
In de eerste helft van de 21ste eeuw krijgt de mensheid te kampen met uitputting van grondstoffen, energie en landbouwgrond, waardoot hongersnood een mondiaal verschijnsel gaat worden. Zo luidde inderdaad de onheil sprofetie van Dennis Meadows en zijn 'C lub van Rome'. Dat was in 1972. Om het tij te keren wierp een groot aantal onderzoekers en wetenschappelijke instellingen zich op de problematiek. Immers, het computermodel van Dennis Meadows was onvolledig. Veel factoren waren overhet hoofd gezien, andere verkeerd ingevoerd. Misschien was er nog hoop. In Nederland toog een groep onderzoekers van de Vrije Universiteit, het Landbouw Economisch Instituut, de Landbouwhogeschool en het C entrum voor Agrobiolo gisch Onderzoek aan de slag. Onder leiding van de Amsterdamse hoogleraar Linneman studeerden zij op de vraag: 'Kan de wereld voorzien in de primaire levensbe hoeften van de mensheid, indien de totale wereldbevol king verdubbelt?' Primaire levensbehoeften zijn voedsel, huisvesting, gezondheids zorg en onderwijs. Al gauw bleek deze vraagstelling te hoog gegrepen en richtte men zich uitsluitend nog op de voedselvoorziening. Na enke le jaren studie werd de conclusie getrokken dat Meadows er toch ten dele naast zat. Niet zozeer de uit putting van grondstoffen en de be perking van het landbouwareaal bleek het centrale probleem te zijn. Nee, het verdelingsmechanisme van voedsel schiet te kort. Om de honger te bestrijden moet de inter nationale markt worden gereorga niseerd. Er moet een nieuwe inter nationale orde komen, waarin vloedsel tegen redelijke prijzen be schikbaar komt voor de armsten derarmen. Tegelijkertijd moeten deze armsten der armen ookin staat zijn dit voed sel te kopen. Daarom moet de koop kracht van deze kleine boeren om hoog. Aldus de groep Ldnneman in 1976. Deze conclusies zijn neerge legd in het rapport Linneman, geti teld: 'MOIRA: Model of Internatio nal Relations tn Agriculture'.
Nieuwe hoop Nadat de Club van Rome het einde der tijding had aangekondigd, bracht MOIRA nu dus weer hoop voor tweederde deel van de wereld bevolking. Die hoop heet: 'nieuwe internationale orde' en 'kleine boe renstrategie'. Beiden staan ook hoog in het vaandel van het Neder landse ontwikkelingsbeleid en van internationale instellingen als PAO en Wereldbank. In de praktijk is bepaald nog niet bewezen dat deze ontwikkelingsstrategieën in derdaad de honger en armoede uit kunnen bannen. Integendeel, er zijn veel aanwijzingen dat de ver paupering van de Derde Wereld ge woon doorgaat. Hoe het ook zij, de groep Linneman stond, in 1976 nog ver van de praktijk af. Zij had welis waar kritiek op de Club van Rome geformuleerd en een aantal andere uitgangspunten opgesteld. Maar het nieuwe computermodel, waar concrete beleidsalternatieven uit zouden moeten rollen, was bij lange na nog niet gereed. Verder onder zoek werd nodig geacht.
Computers Vanaf 1977 zetten de modellenbou wers hun werkzaamheden voort in de vorm van de Stichting Onder
Advertentie
DIKS Autoverhuur bv y. Ostadestraat 278, Amsterdam(Z). Telefoon 714754 en 723366 Fil. W. de Zwijgerlaan 101 Telefoon 183767 400 nieuwe luxe en bestelwagens waaronder: FORD VW SI MCA OPEL NIEUWE
MERCEDES VRACHTWAGENS TOT 26 M3 EN 5 TON (groot én klein rijbewijs) Lage prijzen en studenten 10 procent korting
Waimeer de 25 nationale modellen gereed zijn, worden ze in de compu ter aan elkaar gekoppeld via het mechanisme van internationale markten en internationale prijsaf spraken. Zo zal op den duur een internationaal model ontstaan. Wanneer deze taak is volbracht zal het bijvoorbeeld mogelijk zijn om precies te berekenen wat het effect is van het dumpen van EEGmelk poeder op de voedselsituatie van de kleine boer in de Derde Wereld. Als een regering de honger in eigen land wil bestrijden zal de SOW computer aangeven welke inko menspolitiek en welk marktorde ningsbeleid daarvoor het meest ge schikt is. Het aloude technocrati sche ideaal zal dan werkelijkheid zijn. De wereld wordt door de com puter bestuurd. Zto ver is het echter nog niet.
Inputoutput Dit ambitieuze programma gaat al leen de krachten van de SOW verre te boven. Daarom heeft zü gezocht naar samenwerking met instituten en instellingen in diverse andere landen. Via het Internationaal In stituut voor Toegepaste Systeem, Analyse (IIA SA ) te Wenen is een internationaal samenwerkingsver band tot stand gebracht. Hierin participeren 13 instellingen. Op de lijst van deelnemers staan onder andere de Michigan State Universi ty, de Universiteiten van Kyoto en van Nairobi en het Indian Statisti cal Institute te New delhi. Binnen dit samenwerkingsverband is een taakverdeling gemaakt. De taak van de SOW is het ontwikkelen van de modellenstructuur en het be schikbaar stellen van de computer. Bovendien heeft de SOW op zich genomen om voor drie landen, Thailand, Indonesië en Bangla Desh, het nationale model op te stellen. Nu, na drie jaar werken is het model van Thailand klaar, met Bangla Desh is een begin gemaakt terwijl Indonesië nog op het pro gramma staat. Het is nu al duidelijk dat dit project in 1982 nog lang niet voltooid zal zijn. Coördinator Tims spreekt al van verlenging tot 1985. De Wageningse bijdrage aan het werk van de SOW bestaat uit het aanleveren van zogenaamde inputs output relaties voor de landbouw produktie. Het principe daarvan is als volgt. Stel we maken een input output relatie van het gewas rijst. Eerst wordt op basis van de beschik bare zonneenergle bekeken wat de
outputs (lan(Sbouwproduktie) gaan economische medewerkers van de VU en het LEI verder aan de slag. Want wie zegt dat boerinnen in een bepaald gebied per se rijst verbou wen. Misschien verbouwen ze liever mais of bananen of groenten. Om hier duidelijkheid in te scheppen houden de VU en het LEI zich bezig met de analyse van "boerinnenge drag'. Voor het gemak veronder stellen de wetenschappers dat het streven naar inkomen plus het stre ven naar voorziening in de eigen voedselbehoefte het boerinnenged rag bepalen. Als er maar iets mee te verdienen valt, of als het maar te eten is, dan wordt een gewas wel verbouwd. Op deze manier produ ceert de SOWcomputer uiteinde lijk een aantal cijfers, welke het ' aanbod van landbouwprodukten voorstelt.
Stichting onderzo e/c wereldvoedselvoorziening De Stichting Onderzoek Wereldvoedselvoorziening (SOW) is in 1977 in het leven geroepen. De SOW vindt dat er nog weinig bekend is over de oorzaken van de honger in vooral De Derde Wereld. Doel van de SOW is daarom het hongerprobleem nader te analyseren, zodat hierover een beter begrip ontstaat. Dit betere begrip moet uiteindelijk leiden tot de oplossing van het probleem. De SOW gaat er vanuit dat deze oplossing moet komen van nationale overheden of van internationale organisaties. Zij wil zich, op den duur, opwer pen als een soort Centraal Planbureau op wereldschaal. Het minis terie van landbouw en visserij en het ministerie van ontwikke lingssamenwerking leveren leder de helft van het budget van de SOW. In 1977 bedroeg de begroting 925.000 gulden, nu is dat 1,3 miljoen. Tot 1982 is de jaarlijkse rijksbijdrage gegarandeerd. Uit die rechtstreekse rijksbijdrage worden een aantal medewerkers betaald, maar ook reizen en computertijd. De instellingen die deelnemen aan het werk van de SOW zijn: de Vrije Universiteit te Amsterdam, het Landbouw Economisch Insti tuut te Den Haag, het Centrum voor Agrobiologisch Onderzoek te Wageningen en de Landbouwhogeschool. Naast het onderdak dat zij bieden aan de SOW, leveren zij ook een eigen personele inbreng. Zo is de Wageningse hoogleraar Buringh (Bodemkunde en Geolo gie) voor tachtig procent beschikbaar en mag ook de bodemkundi ge P.M. Driessen voor het project werken. Daarnaast dragen in het kader van het normale vakgroepsonderzoek de hoogleraren C.T. de Wit (Theoretische Teeltkunde) en De Hoogh (Agrarische Econo mie) hun steentje bij. De SOW zuigt zo als het ware een aantal onderzoeksactiviteiten naar zich toe. Tellen we het eigen personeel van de SOW op bij de personele inbreng van de vier deelnemende instellingen dan komen we voor 1980 op 19 manjaren. In 1977 behield de hogeschoolraad van de LH te Wageningen zich uitdrukkelijk het recht voor om na drie jaar de LH deelname in de SOW te evalueren, met name de personele en ruimtelijke aspecten daarvan. Die drie jaar zijn nu om. Toevallig vond vorige week een presentatie plaats van het SOW werk. Reden voor het Hogeschool blad om een kijkje in de SOWkeuken te nemen (Wagenlngen, GUPD).
Zo veel aandacht als de SOW be steed aan de beschrijving van boe rengedrag, zo weinig aandacht bes teed ze aan de beschrijving van het gedrag van nietboeren. De met landbouwsector wordt vrij opper vlakkig afgedaan en over het ge drag van multinationale voedsel giganten zelfs geen woord. Dit ter wijl toch bekend mag worden ver ondersteld dat multinationals grote invloed hebben op de voorwaarden waaronder voedsel wordt geprodu ceerd, op voedseldistributie en ook op de prijsvorming van voedsel. Desgevraagd merkte SOWmede werker Stolwijk op dat multinatio nale ondernemingen wel degelijk in het model zijn verwerkt. Hun ge drag is hierin opgenomen als een variabele, net zo als de regenval.
Centraal Planbureau Na op deze wijze wat aan de aanbod skant van landbouw en nietland bouw te hebben geknutseld, hou den de wetenschappers zich vervol gens bezig met de vraagzijde. A an bod en vraag ontmoeten elkaar op de markt. De markt is als het ware de plaats die de twee hoofdrolspe lers in het economische spel, de boe ren en de nietboeren, met elkaar verbindt. Om het beeld te verfijnen maakt de SOWcomputer nog on derscheid tussen kleine boeren, midden boeren en grote boeren. De nietboeren worden in inkomensca tegorien opgedeeld. Door deze split singen is het mogelijk dat te zijner tyd een gedifferentieerd doelgroe penbeleid op het beeldscherm van de terminal verschijnt. Dat is uit eindelijk de bedoeling, er moet be leid uit de computer rollen. Ander
Verzet UvA door Pais beloond De universiteit van A msterdam krijgt van minister Pais alsnog ne gen ton voor het bekostigen van personeelsplaatsen. Samen met een eerder aanbod krijgt de uni versiteit zodoende twee miljoen gulden meer dan haar oorspronke lijk In de Meerjarenafspraken was toegezegd. Hierdoor is de kans dat het college van bestuur de universiteitsraad inderdaad zal adviseren de Meeija renafspraken niet te tekenen weer wat kleiner geworden. Niettemin vindt het college nog steeds dat er te weinig geld is. Volgens haar eigen berekeningen heeft de universiteit recht op een extra van 10 tot 15 miljoen gulden boven het bod van de Meerjarenafspraken. Maar van wege de slechte staat van de schat
kist en uit loyaliteit tegenover an dere universiteiten wil ze wel ge noegen nemen met twee ä vijf mil joen gulden. Komt de minister niet met nog meer geld over de brug, dan gaat de universiteit waarschijnlijk niet met Pais in zee. De reden waarom de universiteit van A msterdam meent recht te hebben op meer geld dan aan ande re universiteiten is dat er relatief meer nietwetenschappelijk perso neel is. Voor de grote toestroom van ouderejaars naar A msterdam wordt geen extra werlckracht gele verd. Zo is er een achterstand van 150 mensen nietwetenschappelijk personeel vergeleken met andere universiteiten. A ls er geen geld meer komt, dan kan die achter stand niet ingehaald worden. (G.U.P.D. FoUa Civitatis, JKo).
zijds moeten ook mogelijke effecten van voorgenomen beleid (planning) zichtbaar worden gemaakt. Dit be leid zal moeten komen van nationa le overheden en van internationale organisaties. Want zy zijn uiteinde lijk degene, die volgens de SOW de voorwaarden stellen, waarbinnen boeren en nietboeren moeten ope reren. Zoals de SOW zich nu ontwikkelt is zij hard bezig een soort Centraal Planbureau te worden, maar dan op wereldschaal. Wanneer het we reldmodel, dat wil zeggen de com puter SA BA in A msterdam, een maal op volle toeren zal draaien is nog niet te overzien. Wel valt te overzien dat de wetenschappers nog vele jaren lang de handen vol zullen hebben aan deze kluif. De Derde Wereld moet nog even ge duld hebben, er wordt aan gewerkt (GUPD, Wageningen).
Vervolg vanpag.
1
vuso op: 'Jos van de Mortel en hij kunnen niet zo goed met elkaar overweg. Dat is een meer persoonlijke kwes tie.'
'Storm in glas water' 'Ik heb begrepen dat Jos blijft sa menwerken met de andere fraktie leden. Dat kan ook niet anders, om dat er intern wel verschil van me ning over personen was op de leden vergadering, maar op politiek ter rein niets is veranderd.' De samenstelling van het nieuwe bestuur wijkt volgens hem naar landspolitieke kleur niet of nauwe lijks van die van het heengegane af. 'Alle stromingen die binnen de VUSO spelen zijn er wel in verte genwoordigd.' En Klemann somt op: 'JanMarius Louwerse CDA , Frans Hellendall, sekretaris, VVD, Hans Haring, penningmeester, CDA, Marijn Wirckx, lid PvdA en Wim Galleem ook lid, zit in de D'66 hoek.' Jos van de Mortel voelde zich niet meer thuis bij zijn achterban en verliet de algemene ledenvergade ring voortijdig. Later bevestigde hij zijn opzegging als VUSOlid schrif telijk. 'Kennelijk schreef hij die brief in een nogal driftige bui,' zegt Hein Klemann. 'Misschien komt Wj er op terug.' (J.v.d. V.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1980
Ad Valvas | 466 Pagina's