Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1981-1982 - pagina 150

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1981-1982 - pagina 150

9 minuten leestijd

ADVALVAS-fflBER

„De beste manier om ons van de televisie te bevrijden, is haar belachelijk te maken", aldus Gerrit Komrij, die dat dan ook met verve deed. lÉj mocht een jaar lang in de kolommen van het NRC-Handelsblad wraak nemen op die „fantasieloze Gooise slaappil, de treurbuis die de kluit belazert". De inhoud van televisieprogramma's is zo het domein geworden van de tv-kritici in dag- en weekbladen. De sociale wetenschappers hebben zich er tot nu toe slechts marginaal mee beziggehouden. Dat is opmerkelijk omdat Nederlanders gemiddeld de helft van hun beschikbare vrije tijd voor het televisietoestel doorbrengen. De kijker besteedt dan gemiddeld een kwart van zijn tijd aan zogenaamde informatieve programma's. De televisie is dus een belangrijk informatiemedium, zo wordt gesteld. En die stelling kan royaal geïllustreerd worden met de cijfers die regelmatig worden opgehoest door de dienst Idjk- en luisteronderzoek. Het bereik van informatieve uitzendingen is, zo kan daaruit gekonkludeerd worden, in het algemeen groot. Maar bij de vraag naar de overdracht ervan valt de cijferstroom stil. En achter de effektiviteit van de informatieoverdracht kunnen stevige vraagtekens worden geplaatst. Folke Glastra (wetenschappelijk medewerker andragogiek in Leiden), Harry van den Berg en Cees van der Veer (beiden als onderzoeker verbonden aan de subfakulteit sociaal-kulturele wetenschappen van de VU) hebben een poging ondernomen om ideologische patronen in televisieberichten op te sporen, die een verklaring kurmen bieden voor het feit dat kijkers maar weinig oppikken van wat Bussum uitstraalt.

Sociale wetenschappers onderzochten ideofth

ff

D e beweging is a

Het onderzoeksverslag „Televisie berichtgeving en ideologie" is onderdeel van een projekt over de wijze waaroR in media de aangekondige sluiting en de daaropvolgende bezetting van de Enka-fabriek in Breda weergegeven is. Dit arbeidskonOikt vond plaats in 1972 en heeft in de media veel aandacht gekregen. Naast de televisieberichtgeving, waar dit verslag over gaat, zijn ook aUe landeUJke dagbladen onderzocht. Over enige tijd hopen Cees van de Veer en Harry van den Berg op de afronding van het onderzoek te promoveren. In verschillende fasen van het onderzoek hebben studenten van de subfakulteit sociologie aktlef geparticiI)eerd. Drie jaar hebben tweedejaars studenten aan het projekt meegewerkt, in het kader van een zogenaamd leeronderzoek en vele doktoraal studenten ztjn er als stagiaire bij betrokken geweest. Het projekt kan dan ook gezien worden als een suksesvolle poging om onderwijs en onderzoek te integreren. Voor alle duidelijkheid moet benadrukt worden, dat het onderzoek zich niet richt op het Enka-gebeuren in 1972 als zodanig, maar dat het objekt van onderzoek de wijze van berichtgeving van dat konflikt is. Of nog preciezer gezegd: Hoe kunnen onderzoekstechnieken ontwikkeld worden waarmee ideologische mechanismen in berichtgeving, in de massamedia geanalyseerd kunnen worden? Het is dus een zogenaamde case-study, waarbij de case op zich niet zo van belang is, maar wel de tendensen in de berichtgeving voor zover die een algemenere geldigheid hebben. Harry: ,JHet gaat ons niet zozeer om de konkrete inhoud van de aktualiteitenrubrieken, maar om de kodes waarmee boodschappen verpakt worden. En kodes zyn toch betrekkelijk vaste, gestabiliseerde zaken. Dat de case over het Enka-konflikt gaat, heeft te maken met het feit dat het Enkakonflikt veel aandacht heeft gekregen in de massamedia en dat over het kortflikt zelf veel materiaal aanwezig was." Ook vermoedden de onderzoekers dat ideologische kenmerken van televisieberichtgeving, als het gaat om arbeidskonHikten, het duideUjkst naar voren komen.

Meetiat

Cees van der Veer

De onderzoekers hebben veel kritiek op bestaand onderzoek naar de inhoud van de pers en televisie-berichtgeving. Veel onderzoek baseert zich nameUJk op de zogenaamde kwantitatieve methode, die, badinerend gezegd, neerkomt op het met een meetlatje of stopwatch meten hoeveel aandacht aan verschillende thema's besteed wordt. Als alle betrokkenen evenveel aan het woord komen, is de berichtgeving objektief. Als een party meer of minder in de aandacht staat, is het bericht partijdig. Meer specifiek ten aanzien van televisieonderzoek, richt de kritiek van de onderzoekers zich op de eksklusleve aandacht voor de relatie kijker-programma, zonder dat de inhoud van de berichten geanalyseerd wordt: ,J3e maatschappelyke betekenis van de televisie wordt gereduceerd tot de relatie tussen televisie enerzgds en het individu en zgn direkte ervaringswereld anderzijds", s^aat in de inleiding te lezen. De bedrage van de sociale wetenschap aan het ontwikkelen van inzicht in het tunktioneren van de massamedia wordt, getuige het volgende citaat, niet hoog aangeslagen: „De onderzoeksresultaten bewegen zich tussen onbetrouwbaarheid en irrelevantie". Maar de onderzoekers signaleren ook een aantal positieve aanzetten voor een nieuwe aanpak van inhoudsanalyse. Daarover straks meer. Over de opzet van dit onderzoek zegt Folke: „Het is eigenlijk een samenbundeling van twee onderzoeksaktiviteiten geweest. Aan de ene kant hebben we een inhoudsanalyse gemaakt van de berichtgeving van het jour-

brieken is ook een Duitsefilmover het Enka-konflikt bekeken. Dezefilm,Gegenmacht International, is gemaakt voor vakbondskaderleden en geeft een beeld van de achtergronden en het feitelijk verloop van het Enkakonflikt. Uit onderzoek blijkt nu, dat films nogal verschillen in de mate waarin ze verschillende nieuwsbronnen (zoals vakbonden of direktie) aan het woord laten. Zo treedt bij het journaal, als blijkbare poging de objektiviteit recht te doen, de redaktie voor de helft van de berichten als bron aan. De aktuahteitenrubneken laten vooral de toevallige passant aan het woord en Gegenmacht International scoort hoog voor wat de vakbondsbasis te zeggen heeft (zie tabel I). Het onderzoeksrapport zegt over deze uitkomst: „De nieuwslezer (van. het journaal) geeft de bevindingen aan de redaktie hoofdzakelijk weer als eigen observaties, zonder expliciete verwijziging naar andere bronnen. En voorzover die andere bronnen wel in het journaal aan liet woord komen, betreft het steeds „terzake kundigen", ofwel personen, instanties of maatschappelijke groeperingen, die door de redaktie geacht worden op dat moment een belangrijke invloed te hebben op het verloop van het konflikt." Bij de aktualiteitenrubrieken ligt dat anders: ,ßelangrijkste informant is hier de willekeurige individuele voorbijganger. De „man-on-the-street", vóór of achter het Enka-hek, vóór of tégen de bezetting, hij moet zijn mening geven." Volgens het rapport geeft de redaktie van Gegenmacht International „in vergelijking met de aktudlitettenrubrieken als bron een veel grotere commentariërende en ordenende inbreng."

naal en van de aktualiteitenrubrieken over de bedrijfsbezetting bij Enka-Breda en aan de andere kant onderzochten we de informatie- en interpretatie-overdracht van dat soort programma's. De vraag daarbij was: welke ideologieën komen tot uitdrukking in berichtgeving over industriële konflikten en hoe pikken de kijkers dat op?" Aangezien het hoofddoel van het onderzoek gericht is op het ontwikkelen van nieuwe analysemethoden, is een groot deel van het verslag nogal technisch en methodologisch van aard. Bovendien wordt de wijze waarop de ideologische mechanismen onder-

Wim Crezee Dirk de Hoog zocht zijn, grotendeels verantwoord in het nog te publiceren verslag over het onderzoek naar de berichtgeving in kranten. Onderhavig verslag richt zich dan ook op de specifieke kenmerken van televisie-, of algemener filmberichtgeving. De onderzoekers bekeken wat de samenhang in de beeldprogramma's IS tussen de beelden en de gesproken tekst, in de zin, of de beelden de gesproken informatie ondersteunen, aföwakken of ten opzichte van de tekst irrelevant zijn. De Inhoud van de teksten is op dezelfde wijze als by het krantenonderzoek geanalyseerd. Daarbij is gekeken welke gebeurtenissen en welke meuwsbronnen aandacht krijgen, en op welke wijze het „nieuws" gebracht wordt. Voor dat laatste hanteren de onderzoekers een viertal referentiekaders van ideologische opvattingen: ondubbelzinnig ondememersgezlnd, dat globaal neerkomt op het standpunt dat de direktie juiste beslissingen neemt en de vakbond bestaat uit een stelletje raddraaiers; dubbelzinnig ondernemersgezlnd, dat getypeerd kan worden met de uitspraak dat de sluiting van de fabriek onvermijdelijk is, maar dat de direktie procedurefouten gemaakt heeft.

Ook ten aanzien van de ideologische referentiekaders zijn grote verschillen tussen het journaal, de aktualiteitenrubrieken en de Duitse film. Het journaal biedt voor bijna de helft technische informatie over het konflikt in de zin van: „Op het ministerie van Economische Zaken wordt op dit moment vergaderd over de situatie bij EnkaBreda". Bij de aktualiteitenrubrieken ligt de nadruk op het dubbelzinnig werknemersstandpunt, het leed van de getroffenen. Bi) Gegenmacht International is bijna de helft van de berichtgeving ondubbelzinnig werknemersgezind en verder geeft men veel „technische" informatie. Het onderzoek konkludeert: ,floewel de drie berichtgevingskategorieën grote overeenstemming vertonen, waar het gaat om het vaststellen van de belangrijkste faktoren in het Enka-konflikt, wijken ze sterk van elkaar afin de wijze waarop het optreden van deze faktoren beschreven en ideologisch gekleurd wordt."

Dubbelzinnig werknemersgezind komt erop neer dat een afweging gemaakt moet worden tussen de ekonomische noodzaak van de sluiting en de sociale gevolgen voor de werknemers en tot slot het ondubbelzinnig werknemersgezind. Dit ideologische referentiekader gaat uit van de belangen van de werknemers en ziet de strijd tegen de sluitingsplannen als een strijd tegen de kapitaalsbelangen van het Enka-concem. Deze vier referentiekaders zijn via een groot aantal Indikatoren gemeten. In het onderzoek is bovendien nagegaan in hoeverre de aandacht van de media voor bepaalde nieuwsbronnen of opvattingen in verloop van tijd aan verandering onderhevig is.

Pluriform Bi) veel media-onderzoeken wordt sterk de nadruk gelegd op de pluriformiteit van het dagblad- en televisiewezen. In dit onderzoek is dat niet m die mate het geval geweest. Folke: „We hebben niet gekeken hoe de verschillende zuilen voor het voetlicht treden. Dus of bepaalde berichtgeving typisch verlicht protestants of super katholiek is. Maar je komt het wel tegen. Als je bijvoorbeeld de uitzendingen van Kenmerk bekijkt, kun je konkluderen dat het kwa selektie van bronnen, thematiek en benaderingswijze typisch oekumenisch-kerkelijk

On the street Voor wat betreft het filmmateriaal hebben de onderzoekers slechts een beperkt aantal opnames kunnen analyseren, omdat sommige omroepen de films niet beschikbaar wilden stellen, of omdat de opnames reeds vernietigd waren. De journaal-opnames werden bijvoorbeeld niet beschikbaar gesteld met het argument dat deze geheim ztjn. Alleen de tekst kon zodoende onderzocht worden. Behalve een aantal uitzendingen van aktualiteitenru-

Tabel 1 De relatieve

aandacht voor

Bronnen AkzolEnka direktie Vakbondsleiding Vakbondsbasis (Wo)man-on-the-street Overheid Redaktie Overige

bronnen: Journaal 16% 12% 12%

-

8% 49% 3%

Aktualiteiten 8% 3% 24% 44%

Gegenmacht 2% 11% 44% 12%

18% 3%

29% 2%

-

-

3

I

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981

Ad Valvas | 434 Pagina's

Ad Valvas 1981-1982 - pagina 150

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981

Ad Valvas | 434 Pagina's