Ad Valvas 1981-1982 - pagina 357
AD VALVAS — 7 ME11982
3
Uit enquête Onderwijsresearch bij faculteiten blijict
Faculteiten onderwijskundig slecht op nieuwe propedeuse voorbereid De meeste subfaculteiten zijn programmatisch, met al het geherprogrammeer de laatste jaren, wel redelijk in staat om over een paar maanden te starten met de propedeuse ä la twee fasen maar aan de onderwijskundige vereisten voor de invoering wordt nog maar zeer gebrekkig voldaan. Dat blijkt uit een interview dat wij met Onderwijsresearch hadden waarin we onder meer de uitslagen van een recente enquête naar de voortgang bij de invoering bespraken. Met name op het pimt van het krachtens de wet verplichte studieadvies aan het eind van de propedeuse bestaat nog veel onduidelijkheid terwijl met name ook het gewenste signaleringssysteem voor studievertraging en -uitval nog een bottleneck vormt. Veel studierichtingen zijn daar nog niet aan toe. De reakties op de enquête waren betrelckelljk summier. Veel vragen bleven oningevuld of waren heel globaal beantwoord en van de 27 subfaculteiten reageerden er tot nog toe maar 17. Sommige subfaculteiten hebben nogal moeite met het voorgeschreven studieadvies aan het eind van het propedeuse jaar waarin wordt aangegeven of een student door zou moeten gaan of niet en op welke punten hij de zeUen nog wat moet bijzetten. Eigenlijk is zo'n advies te laat vindt men en zou het moeten worden voorafgegaan door een pré-advies zodat er tijdig kan worden bijgestuurd. Het kan dan ook nog wel enkele jaren duren voordat de propedeuse nieuwe stijl helemaal goed in elkaar steekt, verwachten Eveline Kok en George Bemaert van Onderwijsresearch. De studievoortgangsadministratie in het kader van een tijdige signalering van vertraging is op de meeste subfaculteiten nog lang niet rond. De meeste doen op dat punt wel wat, variërend van een heel systeem tot wat hap-snap werk. Bij psychologie bijvoorbeeld is er speciaal iemand belast met zo'n taak en worden trage studenten aangeschreven om eens over hun studie te komen praten. Maar dat lijkt nog vrlj uitzonderlijk. Als het nieuwe geautomatiseerde studentensysteem er maar is, wordt wel gezegd, dän gaat het beter. Bemaert echter ziet nog heel wat haken en ogen aan dit VUBIS S-systeem. „Het reageert niet zo snel en veel faculteiten houden daarnaast daarom de kaartenbak".
Studieadvisering ratjetoe Is zo'n systeem nu waterdicht naar Rjjksstudietoelagen toe? „Die informatie wordt niet doorgespeeld maar de decanen moeten natuurlijk wel adviezen aan Rljksstudietoelagen verstrekken. Dat is echter een ander circuit dan dat van de studieadvisering. Zyn die er overal die studieadviseurs? Bemaert: „Dat va-
Jaap Kamerling rleert sterk per subfaculteit. Hier doet de secretaresse van de hoogleraar de advisering, däär weer de hoogleraar zelf en elders is er één voor dit doel vrijgesteld. Wat dat betreft Is het nog een ratjetoe. Jammer genoeg is de wet hier niet duidelijk in zijn eisen. Eigenlijk is dat nogal ongewenst, je bent nu afhankelijk van toevaUige omstandigheden en voorkeuren van mensen. Of je hier nu mensen voor vrij stelt of niet als je het maar struktureel regelt via bijvoorbeeld een studiebegeleidingskommissie. Zoals bekend wordt er uitgegaan van de gemiddelde student, waar deze aanvankelijk nog „ruim voldoende" van kwaliteit moest zijn om in het nieuwe systeem te kunnen funktioneren. Die nieuwe kwaliflkatie verduidelijkt echter weinig vindt Bemaert. Hlj vindt de nagestreefde studielast erg slecht geoperationaliseerd. Wat is nu precies 1700 studie-uren per jaar, hoe stel je dat vast. Er is niet clean gesteld of er een verband moet bestaan tussen kwaliteit van de student, investering in de studie en rendement. Zelfs de norm van 80 procent geslaagden is losgelaten. Volgens hem is de helft van de faculteiten er nog niet van overtuigd dat 't tlJd wordt dat er een reeêl studielastenonderzoek wordt gedaan. De heUt neemt dat niet serieus: zoveel pagina's per uur denkt men dan, dät vermenigvuldigen en optellen en je bent klaar. Ook het besef dat een eerstejaars vaak nog moet leren hoe hlJ moet studeren is nog weinig doorgedrongen. Als je het over studievaardigheid hebt kun je drie klupjes onderscheiden. De eerste klup van subfaculteiten doet er niets aan. De tweede (circa 7 van de 20) geeft kur-
In'81 200 Stemmen te laat
Stembus Herinschrijving 11 mei W82/'83en adrespotdicht wijzigingen Het Bureau Studentenadministratie maakt de studenten erop attent dat, wil men het komende studiejaar verzekerd zijn dat de herinschrijvingspaperassen naar het juiste adres worden gestuurd, dit adres uiterlijk 14 mei 1982 bekend dient te zijn bij het B.S.A. Met andere woorden: adresmutaties kunnen tot en met vrijdag 14 mei 1982 nog worden ingeleverd (hoofdgebouw kamer OA-13), daarna is de eerstvolgende mogelijkheid het her-lnschrijvingsformuilier, hetgeen u medio juni a.s. wordt toegestuurd.
Dinsdagmorgen 11 mei om 10 uur 's morgens sluiten de stembussen voor de verkiezingen voor de U.R. en de faculteitsraden. Alle stembUjetten die na dit tijdstip by de Kiescommissie bmnenkomen moeten onherroepelijk terzijde worden gelegd. Het is daarom zaak de stembiljetten tijdig in te zenden of te deponeren in de stembiis by de portier in het hoofdgebouw. Vorig jaar werden meer dan 200 stembiljetten te laat Ingezonden, waardoor even zoveel stemmen nodeloos verloren zlJn gegaan! De Kiescommissie
suges toegesneden op het vak waartoe samen met Onderwijsresearch een leerpakketje wordt samengesteld variërend van wat studietips tot een gedegen kursus kritisch lezen. En de derde klup besteedt niet expliciet aandacht aan de vaardigheid maar bouwt dit leerdoel in de colleges zelf in door het geven van studieaanwijzingen. Btj Onderwijsresearch verwacht men overigens de komende jaren een groeiende belangstelling voor studievaardigheid. De propedeuse nieuwe stijl heefl drie fiinkties meegekregen: een oriënterende, een vervnjzende en een selekterende. Hoe worden die waargemaakt in de praktijk? Eveline konstateert dat de meeste subfaculteiten echt wel erop uit zljn om representatieve introdukties voor de verschUlende hoofdrichtingen in het propedeuse-programma te krijgen. Ook wordt er vaak een duidelijke relatie gelegd tussen een steunvak en de hoofdrichting. Het hoofdaccent wordt bij de programmering gelegd bij de oriënterende funktie. Met de verwijzende funktie hebben de faculteiten nogal moeite. Men is trouwens ook niet gemotiveerd om daar meer greep op te krijgen. Andere aktivitelten als zorg voor de studlevoortgEUig slorpen alle aandacht op.
En voorzover er verwezen wordt is dat meestal niet meer dan natte vinger werk zo van: als je dät niet kan ben je vast nog wel geschikt voor dät. Op de selektleve funktie tenslotte blijkt nog weinig zicht te bestaan. Niemand van de respondenten stelt één bepaald studieonderdeel verantwoordelijk voor het uitvallen van studenten. Hoe zit het trouwens met de tijd die je over de propedeuse mag doen? Je kunt twee jaar ingeschreven staan voor de propedeuse horen we. Sowieso kun je er dus twee jaar over doen. Maar als je dat doet houd je wel minder tlJd over voor de rest van de eerste fase: nog maar vier jaar. Als je twee keer bent gezakt kim je afgezien van de extra kansen bij „persoonlijke omstandigheden" en overmacht als je over genoeg geld beschikt het nog eens proberen als toehoorder nieuwe stijl. Daartoe schrijf je je als student uit en schrijf je je in als toehoorder n.s. Je kunt dan zowel onderwijs volgen als tentamens en examens doen maar je moet wel alles zelf betalen. Je krijgt dus geen beurs of studietoelage. In feite een bevoorrechting van rijke studenten of studenten die een baan hebben en daarnaast kunnen studeren, wat natuurUjk lang niet bij alle studies mogeUjk is. Overigens houdt het college van bestuur blJ deze nieuwe mogelijkheid wel een slag om de
arm. De capaciteit van een bepaalde studierichting moet het wel mogelijk maken stelt het CvB, anders kan het niet. De faculteiten staan trouwens zelf niet te trappelen deze toehoorderstudenten binnen te halen want ze krijgen er géén cent voor uitbetaald. 'Nee de feculteiten is er alles aan gelegen zoveel mogelijk te voorkomen dat deze groep studenten getalsmatig om zich heen gaat grqpen. En de onderwijskundige eisen die de nieuwe tweefasen-wet stelt helpen de faculteiten daarby een hancQe. Wat Onderwijsresearch nu verder gaat doen met deze enquête? „De gegevens op een rijtje zetten en kontakt opnemen met de invullers waar zy de helpende hand kan bieden met de onderwijskundige invulling van de propedeuse. Verder wordt er gewerkt aan een landelijk documentatiesysteem zodat de faculteiten informatie kunnen krijgen wanneer zich problemen, bijvoorbeeld bij de selektie, voordoen. Bemaert tenslotte is enthousiast over het goede onthaal dat de Produkten van de werkgroep onderzoek w.o. van de onderwijskommissie van de Academische Raad te beurt vaUen zoals nu de gele brochure met adviezen voor de propedeuse. In zo'n COVWO (onderwij scie) zitten immers de disciplines zelf afgevaardigd. Het is de COVWO die 't hem doet.
/IMmaakte schatting tot '85
Cijfers vervuiling vallen mee Het Instituut voor Milieuvraagstukken (IVM) heeft in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid en Milieuhygiëne een onderzoek Verricht naar de relatie tussen consumptie, milieuverontreiniging en energieverbruik. In dit onderzoek staat een prognose voor de vervullingssituatie in 1985, wanneer het beleid niet wordt gewijzigd. Daarnaast geeft men nog enkele beleidsmaatregelen aan die getroffen kimnen worden om de verontreiniging ten gevolge van consumptie te verminderen. Deze maatregelen zijn echter alle reeds eerder genoemd.
Als uitg£mgspunt voor de raming heeft men het jaar 1973 gekozen. Door de veranderingen die sindsdien ziJn opgetreden in het onderzoek op te nemen, kon er een prognose gemaakt worden van de vervuUingssltuatie in 1985. Volgens het onderzoek neemt de luchtverontreiniging in de periode 1973-'85 slechts met vier procent toe, maar de verdeling over de verschillende vuUsoorten zal sterk veranderen. Het beleid van de overheid kan een bijdrage leveren deze stijging te beperken. Door de uitbreiding van de waterzuiveringscapaciteit zal de watervervuiling in inwoners-equivalenten in 1985 met 40% gedaald zijn ten opzichte van 1973. Volgens het onderzoek zal het wasmiddelenfosfaat-probleem, rekening houdend met de gemaakte vooronderstellingen, in 1985 opgelost zljn. De ontwikkeling van de hoeveelheid vast afval zal in dezelfde mate toenemen als de consumptie. Er kan een
Hans Vos van het Instituut voor Milieu-vraagstukken.
vermindering van deze trend worden verkregen door hergebruik van glas, blik en kunststoffen.
Beleid: weinig nieuws Naast een prognose voor het jaar 1985 geeft dit onderzoek ook enige beleidsmaatregelen, die getroffen kunnen worden om de verontreiniging ten gevolge van de consumptie te verminderen. Deze maatregelen bieden weinig nieuws. Men pleit voor het terugdringen van het particuliere autogebruik, maar technische maatregelen zoals verlaging van het loodgehalte in benzine en wijzigingen in de constructie van motoren zijn volgens het rapport in eerste instantie effectiever. Daarnaast komen ook de spuitbussen en het clandestien lozen van motorolie aan de orde. Ook de maatregelen om de hoeveelheid vast afval te beperken, vermindering door een langere levensduur van consumptiegoederen, hergebruik van afvalstoffen en een goede verwijdering van het restant, zijn niet nieuw. Hans de Vos van het IVM hierover: „Ons onderzoek is in de eerste plaats opgezet om te kijken wat de vervuiling is door de consumptie en de produktie van consumptiegoederen, zodat je een totaalplaatje krijgt. Een andere vraag in het onderzoek was hoe je de vervuiling zou kunnen aanpakken. We noemen een aantal concrete maatregelen die inderdaad oude bekenden zijn en geven een idee over de omvang van de vervuiling van de verschillende categorieën. Maar wat nog weinig was uitgezocht was, hoe de verschillende maatregelen moeten worden aangewend dat ze ook effect sorteren. Onder de titel „Consumptieve aktiviteiten. Milieuverontreiniging en Energieverbruik" zal dit rapport door de Staatsuitgevery uoorden uitgegeven. H.E.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981
Ad Valvas | 434 Pagina's