Ad Valvas 1981-1982 - pagina 280
ÄD VALVAS — 5 MAART 1982
4 "--fe
KLElfs £ELDb Minderheden
VU-dont-tandarts Annelies Jorna in de weer met asststen
Kooten.
Voordeliger naar de tandarts bij herboren VU-dont Eindelijk heeft de VU weer een tandartsenvoorziening voor studenten, de VU-dont. Sinds september '81 werkt tandarts Armelies Joma met assistente Koggie van Kooten in het oude VU-dont-domein, de kamer van de vakgroep Preventieve en Sociale Tandheelkunde. Indertijd, in 78, is het VU-dontproject gestopt omdat men geen eigen ruimte toegewezen kreeg van het CvB en de kamer niet langer meer alleen voor VUdont beschikbaar was. Is er dan niets veranderd? Toch wel. Begin maart betrekken Armelies en Koggie een nieuwe eigen kamer in het Provisorium en komt tandarts Arie de Jong de andere helft van de werkweek in dienst. In principe wordt de voorziening op de oude manier voortgezet. Een belangrijk verschil is echter dat het betalingssysteem veranderd is. Vroeger werkte men met een abonnementensysteem. Patienten kregen voor het betaalde abonnementsgeld een aantal uren behandelmg. Nu is het systeem hetzelfde als by een particuliere tandarts: de patient betaalt per verrichting. Er is een tariefsysteem opgesteld, waarin elke behandeling wordt uitgedrukt in één of meer punten. Jaarlijks wordt door de werkgroep VU-dont van de RSA aan deze punten een bedrag toegekend, op basis waarvan betaald moet worden. Er zijn vaste prijzen voor vullingen, kronen en bruggen en die moet iedereen betalen al naar gelang ze m zijn of haar mond geplaatst worden. AUeen VU-studenten kunhen patient worden. Aan de toestand van het gebit worden geen eisen gesteld. Om patient te worden moet een inschrijfformulier VEin de RSA worden ingevuld en ƒ 130,— als aanbetaling wordon gestort. Als beide binnen zijn wordt de eerste afspraak gemaakt. Dan wordt een zogenoemd behandelplan opgesteld. Er wordt gekeken naar de toestand van het gebit en er worden röntgenfoto's gemaakt. Op grond hiervan stelt de tandarts vast wat er volgens hem of haar zou moeten gebeuren. Na dat eerste bezoek kan de patiënt beslissen of hij of zij inderdaad de aangeraden behandeling wil ondergaan. Het maken van dit plan kost J 35,—. Van de betaalde ƒ 130,— is op d it moment dus nog ƒ 65,— over. Als b handeling volgt en er bijvoorbeeld twee vullingen worden gelegd, is de
Bemardine Mac-Lean ƒ 130,— op en wordt de patiënt verzocht wederom ƒ 130,— over te maken naar de RSA. Het voordeel van deze regeling is tweeërlei; de patiënt krijgt niet ineens een enorm gepeperde rekening, maar kan geleidelijk betalen en VU-dont loopt weinig risico met haar debiteuren. Annelies Joma: „Dat is vroeger wel gebeurd. Overigens moet een kroon of brug ook van tevoren betaald worden. Als je probeert zo voordelig mogelijk te draaien en mensen betalen niet, moet je dat bedrag uit gaan smeren over mensen die wel betalen en dat is geen leuke oplossing". Het streven van de stichting is om quite te draaien. Als de verbouwingskosten, materiaalkosten en de salarissen (de tandartsen verdienen evenveel als (vergelykbare) aan de VU werkzame tandartsen) eruit komen Is het al prima. Dit heeft tot gevolg dat VU-dont tegen lage tarieven kan behandelen. Naast de gewone (hogere)prijs van een vulling brengt de tandarts dan vaak nog verdoving in rekening. Dat is bij VU-dont niet het geval, ledere patient kan zelf bepalen of hü of zij verdoofd wil worden en dat maakt niets uit In de prijs. Een kroon kost bij VU-dont ongeveer ƒ700,—, nog veel geld dus. Annelles Joma: „Die materiaalkosten hou je nu eenmaal. Bij de opzet van het behandelplan proberen we alles zo goedkoop mogelijk te doen. Als het enigszins kan vullen we met amalgaan, desnoods In combinatie met kleine schroefles om de vulling vast te houden als het gat heel groot is Dat kan een tijd goed blijven zitten. Je kunt zo'n amalgaankroon zien als overbrugging tot de tijd dat mensen
zijn afgestudeerd en wel genoeg geld hebben voor een echte kroon". In principe werken belde tandartsen een halve werkweek, In het verleden heeft Annehes ook wel meer gewerkt. „Omdat ik patiënten had b« wie de hele boel op springen stond. Meestal doe ik eerst de meest noodzakelijke dingen en daarna de minder noodzakelijke dingen op lange termijn. Maar ja, af en toe zijn er mensen die 4 jaar studeren en ook 4 jaar niet naar de tandarts zijn geweest. De meeste mensen gaan als ze bij hun ouders wonen nog wel trouw elk half jaar.^ Maar als ze in Amsterdam komen denken ze pas weer aan de tandarts als ze pi)n hebben". Spoedgevallen Voor aantoonbare spoedgevallen is er voor patiënten van VU-dont een bepaalde weekenvoorziening. Voorwaarde is wel dat je elk half jaar op contrctle bent geweest. Verzorgen studenten hun gebitten beter of slechter dan de gemiddelde Nederlander? Annelies: „Daar heb ik met veel kyk op omdat Ik pas in mei 81 ben afgestudeerd en nog niet veel ervaring met andere patiënten heb. Maar mijn idee is dat het weinig uitmaakt. Je hebt er hele goede en hele slechte gebitten tussen zitten. Het leuke van studenten is dat het gemakkelijk overkomt als je dingen uitlegt en ze ook snel gemotiveerd zijn om hun gebit goed te verzorgen. „Nieuweling Arie de Jong voegt daar aan toe: „Ik hoop dat mensen ervan doordrongen raken dat het zuiver een kwestie is van goede mondhygiëne. Voor de rest is ons werk Immers alleen maar opknappen van wat door de patiënt verwaarloosd is". Er is nog veel werk te doen bij VUdont. Niettemin ziJn nieuwe patiënten welkom. Opgave bij RSA, combinatiegebouw Uilenstede, tel.5484525. De nieuwe behandelruimte van VU-dont bevindt zich in Provisorium 1, kamer A24 tot en met A28, tel. 5483831.
Onderzoek naar behoefte aan VU-bibliotheek Momenteel is het ITSWO aan de laatste onderzoeksopdracht van het CvB bezig. Doel van het onderzoek is de vaststelling van de bibliotheekbehoefte van (potentiële) gebruikers van de VU-bibliotheken. In het kader van dit onderzoek wordt de komende week een vragenlijst toegestuurd aan het wetenschappelijk personeel. Een week later zijn de studenten aan de
beurt. Bij de studenten zal gebruik gemaakt worden van een steekproef, terwijl alle leden van het wetenschappelijk personeel worden benaderd. Medewerking van alle betrokkenen is van groot belang voor het welslagen van het onderzoek. Binnenkort zal er in Ad Valvas aandacht besteed worden aan het onderzoek en het kader waarin een en ander plaatsvindt.
Onlangs volgde minister Van Kemenade het advies van de Academische Raad op om m Amsterdam (VU en UvA) en Utrecht een leerstoel culturele minderheden in te steUen. Maar daar blijkt niet een ieder even gelukkig mee te zijn. De Tweede Kamerfraktie van de WD, komt zoals altyd, ook nu weer voor de achtergestelden in de samenleving op. De W D fraktie heeft in de personen Evenhuis en Scherpenhmzerl de mmister schriftelijk gevraagd terug te komen op zyn besUssmg een leerstoel in Utrecht te vestigen. Zy vinden dat de leerstoel ondergebracht zou moeten worden aan de Leeuwardense dependance van de Groningse universiteit, omdat volgens hen in het verleden toezeggingen gedaan zijn, dat de Fnese agogische akademie een volwaardige faculteit culturele minderheden, emancipatie en ontwikkelingswerk zou krijgen.
Vrouwen De Rijksuniversiteit in Leiden telt onder haar eerstejaars 1425 vrouwen en 1417 marmen. Het is voor het eerst in ons land dat een grote instelling voor wetenschappelijk onderwijs dat het nieuw aangekomen legertje studenten voor het merendeel uit vrouwen bestaat. Dit blijkt uit gegevens van het centraal bureau voor de statistiek. Voor heel Nederland geldt, dat 37 procent van de eerstejaars van het lopende studiejaar uit vrouwen bestaat, het kwam wel eerder voor dat meer vrouwen dan mannen belangstelling hadden voor een bepaalde studierichting of faculteit. Dit komt duidelijk tot uiting in Maastricht, waar het overgrote deel van de eerstejaars voor sociale gezondheidkunde uit meisjes bestaat. De Rijksuniversiteit Limburg startte in '76 met een medische faculteit, waaraan later die van sociale gezondheidkunde is toegevoegd.
Economie Minister dr. J.A. van Kemenade (onderwijs en wetenschappen) heeft op donderdag 18 febmari 1982 het college van bestuur van de KathoUeke Hogeschool Tilburg toegezegd, dat hij zal pogen de nadelen van vestiging van een faculteit economie in Maastricht voor Tilburg zoveel mogelijk te beperken. Het bestuur van de hogeschool had in dat gesprek zijn grote zorg uitgesproken over de nadehge effecten die de uitbreiding van de Rij lisuniversiteit Limburg zou kunnen hebben voor de Tilburgse instelling van wetenschappelijk onderwijs. De toezegging van de bewindsman ten aanzien van de vestiging van een faculteit economie in Maastricht wil luj echter wel gestand doen. Wel wil hij bekijken of de mogelijkheden om tot een goed landelijke spreidingsbeleid te komen voldoende zijn, of dat er nadere wettelijke regelingen nodig zijn. Van Kemenade zal de instellingen van wetenschappelijk onderwijs in Maastricht, Tilburg en Rotterdam vragen onderling te overleggen, hoe de uitbouw van de economie-faculteit in Limburg gestalte moet krijgen, qua omvang, snelheid en aard, zodanig dat de belde andere insteUlngen en met name Tilburg, zo min mogeliik worden geschaad. Vervolgens zal de minister op basis van de resultaten van dat overleg, deze kwestie in de Academische Raad aan de orde stellen. • de minister onderschrijft de wens van de Katholieke Hogeschool Tilburg, om by de verdeling van de voor de groei-instellingen beschikbare middelen, duplicatie van de elders aanwezige faciliteiten te voorkomen. Tilburg wil In de plaats daarvan nieuwe activiteiten binnen het wetenschappelijk onderwijs creëren. De minister zal daarbij naar vermogen steun verlenen.
GerdJunne De vakgroep mtemationale betrekkingen aan de Universiteit van Am-
sterdam gaat opnieuw ijveren voor de benoeming van de Westdultse politicoloog dr. Gerd Junne tot hoogleraar. Daartoe werd donderdag 25 februari rond het middaguur een demonstratie op het binnenhof in Den Haag gehouden. De vaste kamercommissie van onderwijs zal dan opnieuw een verzoek ontvangen tot onmiddellijke benoeming van Junne tot hoogleraar internationale betrekkingen aan de UvA. De benoemingskwestie speelt al enkele jaren aan de Universiteit van Amsterdam. In 1978 weigerde minister Pais (onderwijs en wetenschappen) Junne tot hoogleraar te benoemen, onder meer omdat met zou zyn gebleken dat de poHticoloog over voldoende wetenschappelijke kwaliteiten beschikte. Junne was met steun van de subfaculteit pohticologie en het universiteitsbestuur door een benoemmgscommissie voorgedragen als hoogleraar. Om de weigering van minister Pais te omzeilen besloot de UvA destyds de westduitser aan te stellen tot wetenschappelijk hoofdmedewerker bij de vakgroep internationale betrekkingen, „in afwachtmg van zijn definitieve benoeming". De actievoerders zeggen dat het formeel niet vervullen van de hoogleraarspost kwalijke kanten heeft. Een vakgroep zonder hoogleraar heeft minder recht van bestaan, omdat volgens de wet de hoogleraar de verantwoordelijkheid draagt voor het onderzoekbeleid en de onderwijsprogramma's. „De onduideiyke situatie rond de leerstoel mtemationale betrekkingen is een slechte zaak voor zowel de vakgroep en de subfaculteit politicologie als de gehele Universiteit van Amsterdam", aldus de actie „Gerd Junne nu benoemen". Volgens de vakgroep zijn de ervaringen met dr Junne zo goed, dat niemand hem meer kwijt wil. Door en na zijn komst is er een sterke stimulans gegeven aan de verandering en vernieuwing van de onderwijsvorm en -inhoud. Sinds 10 januari ligt er op het ministerie van onderwijs en wetenschappen een hernieuwd verzoek van het college van bestuur van de UvA om Junne alsnog te benoemen. Tot nu toe is niets van minister van Kemenade vernomen, terwijl de benoeming niet meer kost dan het zetten van een handtekening, aldus de actie „Gerd Juime nu benoemen".
Prikklok In antwoord op vragen in de Tweede Kamer over de prikklok op de universiteit heeft minister Van Kemenade gezegd voor de zomer met voorstellen te komen voor werktijdregistratie voor al het universitaire personeel, dus ook voor hoogleraren en wetenschappelijk medewerkers. Het item prikklok is weer in de belangstelling gekomen, doordat enige tijd geleden een aantal diensthoofden aan de UvA pleitten voor de prikklok om het om het kantjeslopen tegen te gaan van het technisch-administratief personeel. De kamerleden Mertens (D'66) en Beinema (CDA) wilden ook controle voor de hogere heren, wat ze nu blijkbaar voor elkaar krijgen.
Respijt Minister van Kemenade ziet geen kans zijn voornemen om hoogleraren reeds op 65-jarige leeftijd te pensioneren al per 1 augustus door te voeren. De benodigde wettige maatregelen kan de bewindsman niet tydig rond krrijgen. Nu wordt gestreefd de maatregel per 1 januari 1983 te laten ingaan.
Nicaragua Twee landbouwkundigen van de Landbouwhogeschool in Wageningen vetrekken begin volgende maand voor twee jaar naar Nicaragua om mee te helpen aan de dringend noodzakelijke bestrijding van schimmelziekte in de koffie- en groenteteelt. Die bestrijding is van zeer groot belang voor de export uit Nicaragua en voor de binnenlandse voedselvoorziening. De twee medewerkers van de Landbouwhogeschool, beiden plantenziektekundigen, zullen bovendien proberen het onderwijs in de plantezlektekunde aan de nationale universiteit van Nicaragua uit te bouwen. De revolutionaire regering van het land vroeg al in 1980 om hulp uit Wageningen. Het ministerie van ontwikkelingssamenwerking zegde naar aanleiding van dat verzoek 700.000 gulden toe voor een proeftjrojekt van twee jaar. Blijkt dat project vruchten af te werpen, dan behoort een omvangrijker project volgens mededelingen van de Wageningse Landbouwhogeschool zeker tot de mogelijkheden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981
Ad Valvas | 434 Pagina's