Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1981-1982 - pagina 427

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1981-1982 - pagina 427

8 minuten leestijd

5

AD VALVAS — 25 JUNI 1982

Drie engelse kunstenaars in het Exposorium De zomertentoonstelling in het Exposorium van de VU (restaurant en westhal hoofdgebouw), die tot eind augustus is te zien, omvat werk van

drie Engelse kunstenaars: de bekende schilder-tekenaar David Hockney en de twee jonge schilders Russell Morris en Joseph O'Reilly. De

tentoonstelling begon een paar weken later dan gepland. Het schip dat een gedeelte van het werk naar Nederland zou vervoeren bleek richting Falkland EUanden te varen.

kum" en „Lieve Hemel" schilders, hoewel de anekdote de overdadige nostalgie die bij die groep m de meeste gevallen voorkomt, bij O'Reilly ontbreken. De schilderijen ademen een hoogzomerachtige sfeer uit, die verkregen wordt vooral door het licht, waaronder de voorgestelde Objekten worden bedolven. O'Reilly's meest recente werk is losser dan voorheen geschilderd, waardoor het aan kracht heeft gewonnen. Inlichtingen over de tentoonstelling zijn te verkrijgen bij: John Vneze,

Exposonumkommissie, Hoofdgebouw kamer OD-03, tel. 548(4327). John Vrieze

Homostudies

Het documentatiecentrum homostudies, Weteringschans 102, zal gedurende de maanden Juh en augustus gesloten zyn voor bezoekers. Vanaf vrijdag 3 september zal het weer geopend zijn. Bezoek wel mogelijk na tel. afspraak: Jack van der Wel, tel. 278964 of Ko van Staalduinen, tel. 257270.

Hoogtepunt van de tentoonstelling is Cavafispoëet van 'tonheroische de indrukwekkende serie illustraties Constantijn Cavafis, door wiens gedichten David Hockney zich bjj zijn Cavaly etchings liet inspireren is een Griekse dichter die leefde van 1863 tot 1933. Hy is vooral de dichter van het schijnbaar onheroische, triviale leven van alledag. In de „gewone" dagelijkse realiteit ontdekt Cavafis meer heroïek en pathos dan in dramatische politieke ontwikkelingen. De voornaamste bronnen van ztjn Inspiratie vormen terloopse voorvallen in de marge van de oude geschiedenis en homo-erotische ervaringen, in zijn tyd zeker nog een taboe. Anders dan zijn tijdgenoten in Griekenland, die het bewustzijn van herwonnen onafhankelijkheid verdiepten door te refereren aan de glans van de klassieke Griekse traditie, vond Cavafis ztjn thema's niet bij Pericles of Homerus. Cavafis, die zelf in Alexandrie leefde, voelde zich meer thuis in de panhellenistische cultuur met haar Griekse, joodse, christeUjke, „heidense" en barbaarse elementen. Zijn wereld is meer die van wat de Engelse schoolmeesters zouden omschrijven als „decadent". Het is een wereld zonder epos, lyriek en grandeur, maar in werkelijkheid niet minder heroisch. Als hiJ bijvoorbeeld een mihtaire parade beschrijft, waarin machthebbers als Julius Caesar en Antonius schitteren wordt Cavafis getroffen door de kleurig versierde schoentjes van de koningskinderen. De dichter herschept een sfeer waarin schijnbare details in de marge belangrijk worden. Niet Cleopatra schittert in de parade, maar een van haar zoontjes. His shoes were tied tvith white ribbons Embroidered with rosy-coloured pearls They called htm rather more than the little onto. Him they called King of Kings. (vertaling Stephen Spender en Nikos Stangos) En als Cavafis het bijvoorbeeld over een uiterst gewichtige politieke gebeurtenis als de slag bij Actium heeft, wordt hij getroffen door de onverschUlige cynische reaktie van het gewone volk op de beslissende slag. Bü Cavafis geen liefdesdrama's, maar een typering van de erotische fantasieën van een jongen thuis in z'n bed m een geestdodend dorp. Voor Cavafis gebeuren de belangrijkste dingen in de kamers van een tweederangs hotelletje of in een winkeltje in het achterafetraatje, waar de binnenkomende klant verliefd raakt op de welgevormde knaap achter de toonbank. Cavafis vmdt de absolute schoonheid op de meest onwaarschijnlijke plaatsen en is jaloers op onvermoede gelukkigen zoals „The Mirror in the hall" die zo fortuinlijk was jarenlang de gelaatstrekken van duizenden bezoekers ongeremd gade te slaan. Cavafis is tevreden en gelukkig met de eenvoudige ervaringen van vreugde en droefenis van alledag. Het rijk der illusies is door hem nooit betreden. Naast dit artikel het gedicht „In een geestdodend dorp" m Nederlandse vertaling, dat op de expositie is te vinden naast een lïaaie ets van Hockney van twee verhefde jongens. Jaap Kamerling

van Hockney bij een aantal gedichten van de Griekse schrijver C.P. Cavafis. Deze serie kon naar de VU worden gebracht dank zij de medewerking van de British Council. David Hockney (1937) is een van de populairste Engelse kunstenaars van deze eeuw. Zijn geweldige succes valt enerzijds te verklaren uit ziJn figuratieve, haast illustratieve stijl en de algemene thematiek van zijn werk: vrije tijd, exotisch leven en vooral ook (homo-)erotiek. Anderzijds is luj als tekenaar en schilder een meester. Zijn tekenlijn is adembenemend, zijn kleurgebruik een lust voor het oog. De Cavafis-illustraties zijn een goed voorbeeld van zijn genre en van zijn tekentalent. De serie dateert uit 1966. Hockney liep aanvankelijk met het veel ambitieuzer plan rond, een grotere reeks gedichten van Cavafis te illustreren. Toen dit ondoeiüljk bleek besloot hij zich te beperken tot die gedichten, waar het thema homofiele liefde het sterkst naar voren komt. Ten behoeve van de uitgave het hij een nieuwe vertalmg maken door Nikos Stangos en de bekende literator Stephen Spender. De illustraties zijn enigszins onkonventioneel, in de zin dat Hockney ze niet gemaakt heeft by specifieke gedichten. De afeonderlijke gedichten heeft hij bij de illustraties gevoegd pas nadat de etsen waren voltooid. De etsen zijn daarom geen letterlijke weergave, maar eerder een visueel equivalent van de stemming van Cavafis' homo-erotische gedichten. Typerend daarbij is dat het aantal van de gedichten dat geïllustreerd werd afwijkt van het aantal illustraties dat gemaakt is. De etsen zijn bijna geheel gekoncipieerd in termen van ly'n. Contouren van figuren en voorwerpen worden uitermate spaarzaam weergegeven. De Hin is gekoncentreerd en bijzonder expressief In dat opzicht meent Hockney zelf dat de sene tot het knapste behoort van wat Mj gemaakt heeft. Bescheidenheid is overigens niet één van Hockney's kenmerken. Op 39jarige leeftijd, in 1976, pubhceerde hij een autobiografie, David Hockney by David Hockney (Nikos Stangos, red., Thames Hudson). Beslist niet minder interessant en aanbevelenswaardig is een monografie over Hockney's werk door Marco Livingstone, die vorig jaar bi) Thames Hudson is verschenen.

Russell Morris

, ..»«-c-^

,/

Portret van Cavafis geetst door David Hockney

In hetgeestdodenddorp' In het geestdodend dorp waarin hij werkzaam is, bediende in een handelssaak, heel jong - en waar hij. moet wachten tot het een maand of twee, drie verder is, een maand of twee, drie verder, en het wat minder druk is,

zodat hij naar de stad kan gaan en zich onmiddellijk in haar vertier en haar vermaak kan storten; in het geestdodend dorp waar hij moet wachten is hij vanavond in zijn bed gevallen, ziek van liefde, heel zijn jeugd ontvlamd door het lichamelijk verlangen, heel zijn mooie jeugdigheid in mooie spanning. En in zijn slaap kwam het genot tot hem; in zijn slaap ziet en bezit hij de gestalte, het lichaam dat hij begeerde. ^ (vertaling: G.H. Blanken

De twee jonge schilders Russell Morns en Joseph O'Reilly staan, in tegenstelling tot Hockney, nog aan het begm van hun kunstenaarskamère. Beiden heben hun opleiding gevolgd aan de ShefBeld Polytechnic, onder leiding van Brian Peacock (wiens werk een paar jaar geleden in het Exposorium was te zien). De belangstelling van Russell Moms (1957) gaat uit naar het tekenen van mensen in stedelijke omgevmgen, van straatbeeld tot diskotheek. Daarbij houden hem vooral beweging en het effekt van een veelvoud aan lichtbundels bezig. Morris maakt gebruik van gebroken tekentjes, die de contouren van de figuren m het geheel opnemen en die tegelijkertijd de dynamiek benadrukken. Zyn kleuren zijn bnijant. Op schilderijen en tekeningen die dancings uitbeelden, is een kakafome van kleine neon-licht explosies te zien, waartui zo nu en dan een figuur te voorschijn komt. De dansende figuren zijn in vele gevallen negers.

VU-orkest met Jaap van Zweden Woensdag 30 juni geeft, zoals we reeds meldden het VU-orkest een extra concert in het Concertgebouw met medewerking van Jaap van Zweden (zie foto). Het orkest speelt stukken van Mozart, Sjostakomtsj, Van Anrooy en Ysaye. De kaartverkoop ts op 24 juni gestart (f 13.50 en ƒ 8,50 voor CJP en Pas-65) aan de kassa van het Concertgebouw (van 10.00-15.00 uur) of telefonisch 718345. Op 28 juni geeft het VU-orkest hetzelfde concert in Middelburg, op 2 juli in Hoorn en op 4 juli m Haarlem. De solist Jaap van Zweden, die in 1980 werd benoemd als concertmeester van het Concertgebouw, werd geboren in 1960. Hij studeerde by Louise Wijngaarden en Davinia van Wely in Amsterdam, waar hij winnaar werd van het Oscar Back Jeugdconcours. In 1977 zou hij de eerste prijswinnaar worden van het grote Oscar Back Concours. Na dit succes verliet hij Nederland om in New York aan de Juillard School of Music te gaan studeren bij Dorothy Delay. In Nederland trad Jaap van Zweden als solist op met verscheidene orkesten. In oktober 1979 speelde hij het vioolconcert van Mendelssohn met het Concertgebouw Orkest. In 1980 ging hij met dit orkest mee op tournee in Mexico, waar hij soleerde in het vioolconcert in G gr.t. van Mozart. In 1981 speelde hij met het Concertgebouw Orkest het vioolconcert van Brahms. In januari 1982 stond een tournee door Oost-Duitsland op het programma met de Dresdner Staatskapelle onder leiding van Hans Vonk.

Joseph O'Reilly Traditioneler in aanpak en voorstelUng is het werk van Joseph O'Reilly (1958). Op de tentoonstelling toont hij stillevens met bloemen, eieren, stoelen e.d. Zijn schüderijen doen enigszms denken aan de Nederlandse „Mo-

Deze ets „illustreerde" Hockney later met Cavafis' gedicht ,Jn despair".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981

Ad Valvas | 434 Pagina's

Ad Valvas 1981-1982 - pagina 427

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981

Ad Valvas | 434 Pagina's